WETBOEK VAN STRAFRECHT VOOR INDONESIE 1
4 15 Oct. 1915 No. 3 RENT LOOR INDONESIE. KB.v. ct. 1915 No. 33.) 8. 15—732 zis. 17407 ean fs Oee anne ) 732 is. 17-497, 645. (iwg. 1 Jan. 1918.) Zie KB. ter afkondiging en Invoeringsverordening achter dit wetb EERSTE BOEK. ile ALGEMEENE BEPALINGEN TITEL I. Omvang van de werking der wettelijke strafbepalingen Art. 1. (1) Geen feit is strafbaar dan uit kracht voorafgegane wettelijke strafbepaling. (CP. 4; AB i van eene daaraan N. (2) Bij verandering in de wetgeving a hee tad Ed ao) Sw. begaan is, worden de voor den verdachte unsti Q b Re het feit (S. 45-135 jo. 46—79, art. 18*.) gunstigste bepalingen toegepast. 2. De Indonesische wettelijke strafbepali ij die zi HE dt i palingen zijn toepasselijk op ied ae, zh binen Inonesé aan eonigatratinarterhldigmeak Bd 3, De Indonesische wettelijke st HEE x dic zich buiten Indonesië Dn pies pee ee P ee op ieder 3 Ae feit schuldig maakt. (AB. 25; Sw. 8v *95.) vaartuig aan . (Gew. S. 26—35! 9: +27 _O4p- 20 £09 \ 7 wettelijke straf pete ia tree one 38-693.) De Indonesische 4 nesié schuldig maakt : IJ passelijk op ieder, die zich buiten Indo- ane! a yee : Bra ia eo de eee ee omschreven in de artt. 104—108, 110, 111bdis, 2°, aan eenig misdrijf te ; a0 g misdrijf ten opzichte van munt ië be x biljetten, of ten opzichte van oad of Kar er Ate of bank: Regeering uitgegeven of epi; Sis outa ee e Indonesische 3°, aan valschheid in schuldbrieven of certificate # van Tudanesté: van conloewest of eaten van schuld ten laste uitge : ukken behoorende, en de bewijzen abe oh eae cee van deze stukken, inbegrepen, of aan het opzettelijk en onstond (Se ages Her} of vervalscht stuk als ware het echt 4°. * at) Ee En . en misdrijven, omschreven in de artt. 438, 444446 voor betreft het bren ee en aan dat omschreven in art. 447 voor zooveel 129 Sw. 9; Sy oe een vaartuig in de macht van zeeroovers. (RO. (CG ; : lasing 3031; 81-240.) (1) De Indonesische wettelijke straf- 5 buiten Ind, ijn toepasselijk op den Nederlandschen onderdaan die zich ieee onesië schuldig maakt: (AB. 4; Cons. 22.) tweede Boek der misdrijven, omschreven in de Titels I en II van het And on in de artt. 160, 161, 240, 279, 450 en 451 ; gen als mis anes hetwelk door de Indonesische wettelijke strafbepalin- het begaan is J ronal beschouwd en waarop door de wet van het land waar Ql Datvervolsing bs cae eee Plaats hebben 8 oe ter zake van een feit onder No. 2 bedoeld kan ook landsch cadena ae ien de verdachte eerst na het begaan van het feit Neder- 8. De toe sae oro (Ned. ond. lv. ; AB. 4; Sw. 9; Sv. 13 ; Cons. 22.) dat de doodst eel held van art, 5, eerste lid, 2° wordt in zoover beperkt, de wet van he i niet kan worden opgelegd ter zake van cen feit waarop door ; T. De In aa land waar het feit begaan is, de doodstraf niet is gesteld. den Indonesian wettelijke strafbepalingen zijn toepasselijk op 6 Maakt Chen ambtenaar, die zich buiten Indonesië schuldi T aan e, * ah ig Weede Bone even Sone in Titel XXVIII van het (Gene - 2v. 9, 92; Sv. 13.) bepalingen ee 28—230 ; 35—492, 565.) De Indonesische wettelijke straf- 7 Ndonesiach 3 toepasselijk op den schipper en de opvarenden van een Schuldig mak aartuig, dic zich buiten Indonesié, ook buiten boord, an het ia aan een der strafbare feiten, omschreven in Titel XXIX a e Boek en Titel [X van het Derde Boek, zoomede in de
1148 WETBOEK VAN STRAFREOHT. BOEK 1, TITEL 1, 2, N. algemeene verordeningen omtrent de zeebrieven en schee | Sw. nesié en in de Schepenordonnantie-1927. (K. 309, 3lly., 341 A Sw. 2v., 9, 93, 95; Sv. 18; S. 34T8* jis. 35-89, 565, 37-629, 639, 92° : 492* jis, 35-565, 37-591, 38—1, 2.) BDE 9, De toepasselijkheid der artt. 2—5, 7 en 8 wordt beperk uitzonderingen in het volkenrecht erkend. (AB. 15.) Pony cove de TITEL II. Straffen. 9 10. De straffen zijn: (Sw. 69.) a. hoofdstraffen : 1°. doodstraf, (Sw. 6, 11, 67.)
2°. gevangenisstraf, (Sw. 12—17, 24v., 27v., 32v., 38, 42, 67; Inv. Sw. 2.)
3°. hechtenis, (Sw. 18—33, 38, 4lv.; Inv. Sw. 2v.)
4°. geldboete ; (Sw. 30—33, 38, 42.)
b. bijkomende straffen:
1°. ontzetting van bepaalde rechten, (Sw. 35v., 38, 47°.)
2°. verbeurdverklaring van bepaalde voorwerpen, (Gw. 167 ; ISR. 145; Sw. 3942.)
3°. openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak. (Sw. 43, 47°.)
- De doodstraf wordt door den scherprechter uitgevoerd op een scha- vot door den veroordeelde met een strop om den hals aan eene galg vast te maken en een luik onder zijne voeten te doen wegvallen. (Sv. 339; IR. 329 ; RBg. 630 ; Bb. 6839 ; S. 45—123 ezecutiev. d. doodstr.* bl. 1296.)
10 12. (1) De gevangenisstraf is levenslang of tijdelijk.
(2) De duur der tijdelijke gevangenisstraf is ten minste een dag en ten hoogste vijftien achtereenvolgende jaren.
(3) Tijdelijke gevangenisstraf kan voor ten hoogste twintig achtereen: volgende jaren worden opgelegd in de gevallen waarin op het misdrijf hetzij de doodstraf, levenslange en tijdelijke gevangenisstraf, hetzi levenslange en tijdelijke gevangenisstraf ter keuze van den rechter zijn gesteld, en in die waarin wegens strafverhooging ter zake van Bae loop van misdrijven, herhaling van misdrijf of het bepaalde bij a de tijd van vijftien jaren wordt overschreden. (Sw. 57, 104, 106, 202% 1082, 1112, 1242, 1302, 1402, 187-3°, 1942, 196-3°, 198-2°, 200-3", ’ 2042, 339v., 486v.) : a Ae
- Zij kan in geen geval den tijd van twintig jaren le) be .
13 13, De tot pavadgenisstiae veroordeelden worden „verdeeld in klassen (Sw. 29.) richten
14 14. De tot gevangenisstraf veroordeelde is verplicht tot het hriften ton van den hem opgedragen arbeid, overeenkomstig de voorse Tl uitvoering van art. 29 gegeven. ‘
Bij S. 26—251 jo. 486, io 1 Jan. 1927 zijn ingevoegd de art. Had dn
14a 14a. (1) In geval van veroordeeling tot gevangenissen ingende hoogste een jaar en in geval van veroordeeling tot hechtenis, je het bevel hechtenis daaronder niet begrepen, kan de rechter daarbij ve terlijke uit geven dat de straf niet zal worden ondergaan, tenzij by ree rdeelde zich spraak later anders mocht worden gelast op grond dat de ve strafbaar voor het einde van een bij het bevel te bepalen prooien ne bijzonder? feit heeft schuldig gemaakt of gedurende dien proef tij SE nageleefd. voorwaarde welke bij het bevel mocht zijn gesteld, niet hee zaken v&P
(2) Dezelfde bevoegdheid heeft de rechter, behalve ‘tot geldboete, ’s Lands middelen en pachten, in geval van veroordegl2e tevens uitge doch alleen indien hem blijkt, dat de betaling der boete 0 nd bezwaar sproken verbeurdverklaring voor den veroordeelde ove Ee voor de toepas: oplevert. Opiummisdrijven en opiumovertredingen wa Peschouwd; or sing van dit lid alleen als betreffende ’s Lands midde Iaaling tot geldboe? zoover ten aanzien daarvan bepaald is dat bij veroosde, fe 4 het bepaalde bij art. 30, tweede lid, buiten toepassing pa “oor Z00ver e
(3) Het bevel ten aanzien van de hoofdstraf strekt bijkomende strafed: | rechter niet anders bepaalt, ook uit tot de opgelegde ie ne nauwkeung
(4) Het bevel wordt niet gegeven, tenzij de rec
WERKING DER WETTELIJKE STR. " FEN. 1149 onderzock de overtuiging heeft gek den gehouden op de nalevin wand regen, dat voldoende toezicht k ving van de algemeene AE N deelde geen strafbaar feit zal begaan a voorwaarde, dat de veroo S . indien Geze gesteld mochten zijn ‚en van de bijzondere voorwaarden a (5) De uitspraak houdende het in het eerste lid redengevende feiten of omstandigheden oy igi bedoald bevel berst de Taf. (1) De proeftijd: bedraad nnie ann 504, 505, 506 en 5 aagt bij misdrijven en bij de i , 505, 506 en 536 bmsshie inte e eeen ey ein de artt. 492, 14b ren ge an gen ten hoogste twee dat n hoogste drie jaren, bij 2) De proeftijd gaat in zoodra de ui nn en op wettelijke wijze ter kennis van En een a Sot ee seen (3) De proeftijd loopt niet gedurende d rdeelde is gebracht. re ee is ontnomen. en tijd dat den veroordeelde i ij het bevel bedoeld in gore van veroordeeling tot be Te gegeten benalygin Me at de veroordeelde geen strafbaar feit pak e algemeene voorwaarde waarde stellen dat de veroordeelde de door h gaans we bizondere yoy schade, geheel of tot een daarbij te b slk et strafbare feit veroorzaakte te Or termijn, korter dan den prosttid. ee Ener erb) n geval van ver i pation Met he rae ia Gatien eroordecine hetzij tot gevangenisstraf van langer d , hetzij tot hechtenis opgelegd t k ? e artt. 492, 504, 505, 506 en 536 omdehten he a ee bevuerd’ba zijn bevel coltlanidere bijdand ven overtredingen, is de rechter den veroordeelde betreffende, te stall nd gee oer ee Ne es ot ce bij dat bevel te bepalen peficeltetdnat ig iben Bt Boor t arvan hee te voldoen. net beperken, aarden mogen de godsdienstige of staatkundige vrijheid . (1) Met het toezi i ambtdnaee aie, bag i aes der voorwaarden is belastde 14d gegen Rca eared eae tenuitvoerlegging mocht worden e rechter kan, indi ij i ij zij eens GH Eanohest® ae oe hij oe termen vin dt, bij zijn bevel aan aan de B a ree tspersoonlijkheid bezittende instelling, deren beten Dan aldaar gevestigde inrichting of aan een bijzon- der bijzond pdragen aan den veroordeelde ter zake van de nalevin, (3) Voor De on hulp en steun to verleenen. 4 RRA Eee nadere regeling van dat toezicht en dien bijstand dieet Ree SOE van de instellingen en houders van inrichtingen, rastzesteld bi onde Le ven eke be worden belast, worden e. D Hee trent eee in eersten aanleg heeft gevonnist, kan, hetzij na 14g } dd vermaeld, beta oorstel van den ambtenaar in het eerste lid van art. tijd in de rtl verzoek van den veroordeelde, gedurende den proef. — heen 3) ijzondere voorwaarden of in den termijn waartoe deze verleen can 6 I ina den proeftijd zijn beperkt, wijziging brengen, hot masai Sn nd aan een ander dan degene die daarmede te voren geschiedt Lo agen of den proeftijd eenmaal verlengen. Die verlenging Proeftijd be en hoogste de helft van den langsten termijn waarop de 14f (1) AS had kunnen worden. die in ee nverminderd het bepaalde bij het vorige art. kan de rechter, 14h den sn aanleg heeft gevonnist, na ontvangst van een voorstel van deelde zich 2 in het eerste lid van art. 14d vermeld, indien de veroor- gemaakt De urende den proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig | der anders r zake daarvan onhemoepelijk is veroordeeld, of indien een | vóór het ei voonmaagden niet is nagelee d, dan wel indien de veroordeelde | ade nde van den posts terzake van een vóór het ingaan daarvan ging nee ae feit onherroepelijk is veroordeeld, last tot tenuitvoerleg- sohuwin 9 bepalen, dat den veroordeelde van zijnentwege eene Waar Tae 5 ee worden toegediend. Beschie Ten atste geval bepaalt hij tevens de wijze waarop zulks zal moeten 2 : ) De last tot tenuitvoerlegging kan niet meer worden gegeven wanneer
1150 WET BOEK VAN STRAFRECHT. BOEK N. de proeftijd i en | Ke oes Wcklayeretreken, tenzij de veroord en de eet tene den proeftijd began ratte We nog ter zake En En onherroepelijke en er base fits aanva e veroordeeli seeoscelul (sce binnen vee oes ke van het ok age £ eindigt gd | worden ee epelijk is geworden et ee maanden nada fon goer ; , ot tenuitv rd Roe eer Afdeeling van Hoofdstuk I ga nn jo. 456 zijn de vol 1 ee | Art n de vo gende bepali Wee m on a an’ de vo 5 rw Erde abk ingen vastgesteld él ree vite houdende he L ie | ten spoedigst trafrecht, wor er ee im art lta legging m gste vanwege den’ ordt, nadat zij ont seers ek jen | aordeeld ocht worden gege ambtenaar, die, w RN geworden | e in gegeven, het „ die, wanneer las eee | kenni in persoon, m KE vonnis doet iteerdn de tros | sgeving af ‚ met bekendmaki oet execute En alle tot dat b gegeven, houdend aking van den i We den er | GCSE pete) betrekkelijke b e de straf waarto A en ene wete eA verzoek van den eslissingen. re es | : eld e | de veroord an Strafrecht, w ii den tod eelde de schrijf ordt bij den rechte Ohe | aan den rechter wrijfkunst niet m sek enh send, tnd (2) De re voordragen, die d achtig is, kan hij inversfelenioucen | gemaakte San cede tonsa ao rt. 1, die ng doen toek srzoekschrift « Hel es : zijn advie! hem het verzoeksch ren boeke tnbenan eis ‘ a OS Eeen sm eee mesa ae vermeld ín in art. 14e of oy ae na de ontvangst, hetzij Ae | in het vorige artik en het Wetboek take rant nent yan Pee oe der BRT bepaalt ER neg ven et ad iten w Hie eme Fa hter, tenzij le ee | en nate re behaadeling vitae om het KEUTER Heb ve 7k nen van bijsta digste den veroord n dag voor het onder aan | roepen, ond: nd is belast, tijdig eelde eu dengene, di Beto het verles makine er afgifte van een £ Py tot het bijwonen var ot ontierzoek opte (ee inhond ae 5, pecker t van het Ee paratel a aie cond: bevoegd Ee ambtenaar in act 1 cat | see words te aint goskundigen te dedalo os fn om bg, net onderzoek ‘deeide, beve . De rechter ka Oe ee : fe nt Ben go dan niet op en ne eis elast, kunnen voo de en degene, die me fut verleenen van bietan | Ee Hetzelfde ARNE van ereen ti Stul ee 5 | €s.6 en de Radeniv. oorzoover betr ODE jee tao | pien Indofienside n Justitie ten le He EE oeerivoenAt ol D0 en peralanerlng door di praktijk elende barn adv oerkigart tot de etreft de andere en veroordeelde te zij1 inden, dere yen, v0 zone 147 Genres door den Fae en sO Made a Se ney sen, bijzonde de re aes cele vindt gemachtigde. VS ne a | eN el > plaat ge jn olde de den renee Jnatseme’ gesloten deuren. Nochtans hap e rechter beslist ae het onderzoek in h ee eee, an ol eis vinden. | b (2) Wanncer bij net: in hoever aan anor zal “orden va ia escheiden, door wie et betrokken colle Sat ae zal Nop ambuensa wordt uitgeoefend. i n het openbaar instr Sei dat cot ge. of er t zake gehoord. Als 8 deze bij net onderzo tee rogue eu a cae a rake ee Bassen ek tegenwoordig eu wordt hij ter ee a deze mede to Voschouwen 40 SS TO us + er en de hoofddjak voie "ran de bevelen Me, book acne of djaksa handelen ten deze ip AE ea de en degene, die TG vermeld in art. !. ne denn zhi tegenwoordig zijn WE verleenen van bijstand Is bere n zich voorz : ft REO En as. Sen van J Verde aoe betreft het Hooggerechtshof van none i Dre ae aa oop een advocaat of procureur pinnen B een ore eeste Heen AE go0Ver On de Cae mene ‚ gemachtigde als ra betreffend neet er nde colleges 4 betrokken Sat leas ter een ed Dr gelaende BEP bi he ) Dei 5 recht onde a ij rooocomstulc® 5 a B eha eben: overeenkomstige toepassing, het onderzoek oor denamb tense t zen of verzoeken kunnen geduren ; 3 roost omen rin het tweede lid bedoeld of door dee 4 bee avien vermeld in art. 3 rad en hee Delioald mele In. 8 a van deze Afdeeling: de voorste af- eee “ toeld in de att. 142 en 14f van het wetboek van SO beslissingen zij er artt. worden afgew ven Zia Telen 4 “ s de gert worde Laten vee Zn mere omkleëë: : en. |
EROORDEELING. ) 1151
(2) Alleen indien de beslissing i zij iD net openbaar heerden last tot tenuity
(3) De inhoud der beslissing score oerlegging, wordt vermeld, onverwijld bekend gemaakt t vanwege den amb N. cen afschrift dier beslissing aan der Art den veroordeeld tenaar in art, 1 5% js belast, zoomede aan dengene die ine die met het vane onder afgifte van
- (1) Indien het worn area i beslissing dgarraninas van bijstand aan den veroordeelde in persoon bedoeld, bij verstek is wordt ontheven, van een afschrift daarvan. worden bekend geina Bewegen zal het
(8) De bij verstek veroordeelde kan bi BAD Aen MENG den dag der bekendmaking van k ot binnen den tijd van d rechter openstaande middel va net tegen dat vonnis bij rie weken na daartoe schriftelijk gemachtigd ns voor RDE gebruik mak den betrokken
(3) (Toeg. S. 34—172 jo 337.) De b een ar of door een toepassing voor ler PAPER epaling v 3 iwereenkomstiz Reine bark rechter, Woe van He rouge lid is niet van plgging Di Ae Landmacht ofdstuk van den tweeden titel eat deed
: ot het doen = ve echts- in de artt. 1, 3 en 4, Der caine ee en ‘oprospi mitsgaders ds dienaren wad a : ik berocet en verplicht eninge hesogd oogere ambtenaar of bear b vbare macht, met dien vel Ark aan een hem ondergesci ik nbte bevoegd is den hem daa heben, dat de
(2) Vau de cedi SCHIL ten dienaar van de openbare rtoe gegeven last doede MEER dane bekendmaiingen enn \ eonacht over te dragen. het eer, verslag gedaan aan Sanam tEie: tn ef
(3) Bij raes HE gaf. elke den last tot
wordt door bij e zoodanigen als
inswions tg oh a rechter een daartoe Er a lid bedoeld,
(4) (Toeg. S Par te melding moet worden oe et. U aungewezen, weapniioar.den.ciiil ball 0. 337.) Indien bet vonni ray Erde opvochingen mede bevone en verni doen va ue bekeod maken ce pacer dienaren van de lasti verplicht de provoost-geweldigen en
zaamheden betreft e macht, ook wat de in dit art. bed 1 db (Gew 8. 26 951 jo. 486.) U) De mieren: jae be kan, wanneer twee /der poet ee ) ( ) De tot gevangenisstraf veroordeelde 15 ste negen maanden daarv zijn werkelijken straftijd en tevens ten min- den gesteld. Ingeval de an zijn verstreken, voorwaardelijk in vrijheidwor- eenvolgens moet onder veroordeelde meerdere gevangenisstraffen ac hter-
(2) Bij deze eb onde et ato zij ten deze als één straf aangemerkt, oordeelde bepaald ijheidstelling wordt tevens een proeftijd voor den ver- durende den proeftijd worden voorwaarden gesteld waaraan deze ge- |
(3) (Gew. S. 39 V7 zal moeten, voldoen. overblij vend a dee ) De proeftijd duurt een jaar langer dan het ray loopt niet gedu ‚van den werkelijken straftijd van den veroordeelde.
eid is ontnemen aes den tijd, dat den veroordeelde rechtens zijn vrij-
15a. (Toeg. S. Sy, 15a’, 165, 17; S. 17-149, Bl. 1513.) stelling wordt als cm 51 jo. 486.) (1) Aan de voorwaardelijke inyrijheid- 164 geen strafbaar feit comers voorwaarde verbonden, dat de veroordeelde
(2) Aan de vo zal begaan, noch zich op andere wijze zal misdragen. zondere voorwaa: ogenen invrijheidstelling kunnen bovendien bij- den verbonden hs zend het gedrag van den veroordeelde betreffende, wor- alee nee beat die voorwaarden de godsdienstige of staatkundige
) Met h Ee | Naar veren toezicht op de naleving der voorwaarden is belast de ambte-
(4) Op de is het eerste lid van art. 14d. p toezicht in het ie eving der voorwaarden kan bovendien een bijzonder op het verleen even worden geroepen, hetwelk uitsluitend mag gericht zij
(5) (Gew Ca van hulp en steun aan den veroordeelde,
\oorwaarden 189577.) Gedurende den proeftijd kan in de gestelde en o wijziging worden gebracht, kunnen deze voorwaarden wor- k pgeheven k 5 oe Ben alsnog een ee alsnog bijzondere voorwaarden worden gesteld, pet bijzon ee pijzonder toezicht in het leven worden geroepen en kan last, worde oezichtaan een ander dan denger die daarmede te voren was Tr en (Sw. 16%; 8, 17—749 art, 12 j0.8.30—77 art IL) Mtgereikt Se voorwaardelijk in vrijheid. gestelde wordt cen vorlofpas | al van toe te alle hem gestelde voorwaarden zjn uitgedrukt. Ed | teit herh: t (Ss ae het voorgaande lid wordt hem een nieuwe verlof- b. (Toeg Ws NS 17—749*.) ie aa oeg. S. 26—251, 486 ; gew. S- 39-77.) (1) De voorwaardelijke 158 ——
1152 WETBOEK VAN STRAFRECHT. BOEK 1, mrer, 2,
N. invrijheidstelling is herroepbaar ingeval de veroordeeld
Sw. proeftijd handelt in strijd met de in zijn verlofpas uitgedrukte wende den den. Zij kan, indien een ernstig vermoeden van zoodanig handelen Deen door den Directeur van Justitie worden geschorst. (Sw, 1623) arses
(2) De tijd, verloopen tusschen eene invrijheidstelling ree eene h vatting van de tenuitvoerlegging der straf, wordt niet in rekenin ney bracht op der duur der straf. 8 Re
(3) De herroeping kan niet meer geschieden, wanneer sedert het eind van den proeftijd een termijn van drie maanden is verstreken, tenzij de veroordeelde vóór den afloop daarvan ter zake van een gedurende BE proeftijd begaan strafbaar feit is vervol gd en de vervolging met eene onher- roepelijke schuldigverklaring eindigt. Alsdan kan de voorwaardelijke invrijheidstelling ter zake van het begaan van dat feit nog binnen drie maanden, nadat de schuldigverklaring onherroepelijk is geworden, worden herroepen.
16 16. (Gew. laatstel. S. 3977) (1) De besluiten van voorwaardelijke invrijheidstelling worden, op voorstel of na ingewonnen bericht van den beheerder der gevangenis, waarin de veroordeelde zich bevindt, genomen door den Directeur van Justitie, na ingewonnen bericht, voorzoover be- treft de Gouvernementslanden van Java en Madoera, van den assistent- resident en elders van het hoofd van plaatselijk bestuur, uit wiens ressort de veroordeelde afkomstig is. Die besluiten worden niet genomen dan | nadat het Centraal College voor de Reclasseering, welks taak door den Gouverneur-Generaal geregeld wordt, gehoord is. :
(2) De besluiten van herroeping van voorwaardelijke invrijheidstelling zoomede die, welke uit de toepassing van het bepaalde bij art. 15a, vijfde lid voortvloeien, worden genomen door den Directeur van Justitie op voorstel of na ingewonnen bericht, voorzoover betreft de Gouvernements- landen van Java en Madoera, van den assistent-resident en elders van het hoofd van plaatselijk bestuur, binnen wiens ressort de veroordeelde zich bevindt. Die besluiten worden niet genomen dan nadat het Centraal College voor de Reclasseering gehoord is. zi
(3) Zoolang de bevoegdheid tot herroeping van de voor yaerdelt e invrijheidstelling bestaat, kan de voorwaardelijk in vrijheid geste ie ten aanzien van wien een redelijk vermoeden bestaat, dat hij gedi, zi den proeftijd in strijd heeft gehandeld met de in zijnen verlofpas Be drukte voorwaarden, in het belang der openbare orde worden sone oak den, in de Gouvernementslanden van Java en Madoera op, beve eae den assistent-resident en elders van het hoofd van plaatselijk Pe aan binnen wiens ressort hij zich bevindt, onder verplichting om aaa onverwijld kennis te geven aan den Directeur van Justitie. ache
(4) De aanhouding is gedurende ten hoogste zestig dagen EEDE Volgt in aansluiting aan de aanhouding een schorsing of een enen van de voorwaardelijke invrijheidstelling, dan wordt de tenu! (Sv. 15, ging der straf geacht te zijn hervat op den dag der aanhouding. 17: S. 17-749. bl. 1513.) grad ende 7 17. (Gew. S. 26—251 jo. 486.) Het formulier der verlo Eeeetten bij verdere voorschriften ter uitvoering van de artt. 15, 15a en 10% ordonnantie vastgesteld. (S. 17—749*.) oogste [8 18. (1) De Bui der hechtenis is ten minste een dag en ten hoo een jaar. (Sw. 97.) . n opge (2) Zij kan voor ten hoogste een jaar en vier maanden wor pe legd in de gevallen waarin wegens strafverhooging ter ET bij art. 52, loop van misdrijven, herhaling van misdrijf of het bepaa de tijd van een jaar wordt overschreden. (Sw. 65, 488.) r maanden te (3) Zij kan in geen geval den tijd van een jaar en vie ah boven gaan. A serric 20 19. i) De tot hechtenis veroordeelde is verplicht tot es riten ter van den hem opgedragen arbeid, overeenkomstig de voo Rn uitvoering van art, 29 gegeven. tot gevangen!” | (2) Hem wordt lichtere arbeid opgedragen dan aan den straf veroordeelde. _h
20, (1) (Gew. S. 25—- 8 1153 | . 28 28.) Bi worden, dat den tot ge ij de rechterlij : vaind hr edaelde bale este of he uitspraak kan ‚ door het H tenis bepaald kan worden de 5 oofd van pl van ten h Pp N Sadi uren buiten den werk an plaatselijk best oogste een SS : (2) ndien de veroordeeld erktijd in vrijheid stuur (!) vergund me paling is gemaakt, anders ee ten aanzien van ee door te brengen niet op den bepaalden tijd e n om redenen van an eene zoodanige hee de hem opgedragen werk n de aangegeven pl zijn wil onafhankelij ind straf werkzaamheden t Pp aats aanwezie i elijk, (3) Het a era wijze e verrichten buderveat Hak ave st bDepaa il 5 , ij | het plegen van nie Aer fers din riette tee ij verder schuldige gevangenisstraf og. gern Awa sen i selijk, indien. tijden at. (Gew. S. 50-812) ey eee heeft ae ee sedert AA waarin de veroorde 2.) Hechtenis wordt i Tieten onan he ger) enzij hem op zijn verzoek ij gebreke van ing van de rech- haar elders te Se den Sen door den Directeur rooms verblijf houdt, Pe A Hechtenis welke onder itie vergund wordt ee ie eene vrijheidsstraf on seas moet worden door een ng van gev 3 ergaat in een 3 veroor- x gevangenisstraf gesticht, b 26 erzoek terstond na het ei raf, van hechtenis of van bei ears sticht worden ondere eindigen van die vrijheidsst eae kan op diens {2 De, hechtenis wvelkcosdi ded icht, uitsluitend i e dientengevolge word . | andert daardoor sehen tot de uitvoering der in een ge- bes De tot edito aard. (Sw. 28, 41°.) gevangenisstraf, ver- sverbeteri veroord a es : stellen Benne verschaffen ao gelder ee zich op eigen kosten eeni voorschrif! ereenkomstig b ; eenlge ee eee honen me verplicht wo pag ee en de tot hech eslichtenregl. artt. 93v.) van rden arbeid te v th jechtenis veroordeeld: 19 een gesticht, b e verrichten, zoowel binnen als bui Er „29; Gesticht estemd tot het opnemen va jbl: 95. Arbeid bui rata 36 ter, 57v.) n veroordeelden. (Sw. 14, Tage m dem eee ‘ = s uren van een zoodanig gesticht wordt niet opge- 2, 4 ee veroordeelden 3° ve ; ee oles mae te zijn = e daarvoor na gene skundi . i Waans ag iy: : 24 Pa eT undig onderzoek ongeschikt Uke of m et oordeel van di 3 wordt bij de tschappelijke EN On a deo tae ar eaten: geen arbei rechterlijke uit: en daarvoor termen bestaan, van d buiten de spraak bepaald, dat aan den veroordeelde ore eee zal orden oe gee Ee, Bone dens ur dental opgedragen. Sw. 2dv.; Gesti 4 bee eee BN les Mees en der en 21 28, ee aal He ye weken, maanden en jaren, n er 4 . . jtftonderlijke.afdecling hechtenis kunnen in hetzelfde gesticht mits 19 hetzij 0) De Banen worden ondergaan. (Gestichtenr. 36.) many echtenis, eae der gestichten, waar hetzij gevangenisstraf, 22 dann inrichting en fh price worden ondergaat, glsmede de regeling arbei ee aaulblacse st beheer dezer gestichten, van de verdeeling der deel mee da huiswesti van den arbeid, van de belooningen voor den van de ji van het onde ing der buiten de gevangenis verblijvende veroor” Stemmi igging, van a deg van de godsdienstoefeningt yan de tucht, (2) me met dit)-w ee ae van de kleeding geschiedt in overeen” de uishoudelijke etboek bij ordonnantie. 30. a) Directeur reglementen voor die gestichten worden Z00 noodig ~~) Het bedra OE Vastgesteld. (Sv. 14 105 S. 17—708.) ©) tn ae g der geldboete is ten minste vijf en twintig cents. 23 ie bl. agg. de DIt e Seng Mad. den ass.-res. (S- 31-168, 423.) „ leze men residentie ipv- gewest: g, 38—370 jo. 264,
1154 WETBOEK VAN STRAFRECHT, BOEK 1, TrrTEL 2, en N. (2) (Gew. S, 26-251 jo. 486.) Bij veroordeeling tot gel Sw. ie boete, bij ; Be geldboete wordt ee zi ee aye betaling, verv angen door hechtenis, (Sw. 41, (3) (Gew. S. 26—251 jo. 486.) De duur der vervangend a ten minste een dag en ten hoogste zes maanden. (Sy. a hechtenis i (4) Die duur wordt in de rechterlijke uitspraak in dier voe | ge bepaald, | dat voor eene opgelegde boete van een halven gulden of minde | dag, voor eene opgelegde boete van een hooger bedrag niet meer d ist | dag voor elken halven gulden der opgelegde boete en voor het overnite vend gedeelte daarvan in de plaats treedt, (Sw. 97; Inv. Sw. 45.) ae (5) (Gew. S. 26-251 jo. 486.) De hechtenis kan voor ten hoogste acht maanden worden opgelegd in de gevallen waarin wegens samenloop van misdrijven, herhaling van misdrijf of het bepaalde bij art. 52 het maxi. mum der geldboete wordt verhoogd. : S (8) A sare : geen geval den tijd van acht maanden te boven gaan. 24 31. (1) De veroordeelde kan de hechtenis ondergaan zonder den ter- | mijn van betaling af te wachten. (Sw. 302.) (2) Hij is altijd bevoegd zich van de hechtenis te bevrijden door be- taling van de boete. | (3) (Gew. S. 26251 jo. 486.) De betaling van een gedeelte der boete hetzij vóór de uitvoering der hechtenis hetzij nadat deze is aangevangen, bevrijdt van de uitvoering van een evenredig gedeelte der vervangende straf. (Sw. 30, 33, 41°; Inv. Sw. 4°.) 26 32. (1) De gevangenisstraf en de hechtenis gaan, voor zooveel elke dezer straffen betreft, in: ten aanzien van veroordeelden die zich voor- | loopig in verzekerde bewaring bevinden, op den dag waarop de rechter- lijke uitspraak in kracht van gewijsde is gegaan, en ten aanzien van andere veroordeelden op den dag der tenuitvoerlegging van de rechter- lijke uitspraak. (Sv. 332v., 335v., 338.) (2) Zijn bij dezelfde rechterlijke uitspraak gevangenisstraf en hechte- nis opgelegd ter zake van feiten, waarvoor of voor één van welke de ver- | oordeelde zich voorloopig in verzekerde bewaring bevindt, en erlangt die uitspraak voor alle veroordeelingen op hetzelfde tijdstip kracht van gewijsde, dan gaat de gevangenisstraf in op dat tijdstip en de hechtems onmiddellijk nadat de gevangenisstraf is ondergaan. 4 27 33. (1) Bij de rechterlijke uitspraak kan worden bepaald dat de ae | door den veroordeelde vóór den dag waarop die uitspraak in kracht, Ve gewijsde zal zijn gegaan voorloopig in verzekerde bewaring doorgep re: bij de uitvoering van de hem opgelegde tijdelijke igevangenisstre + PH tenis of geldboete geheel of gedeeltelijk zal worden in mindering £¢ En he wat de geldboete betreft volgens den in het derde lid van art. 31 bep den maatstaf. rdachte (2) (Ing. S. 34-558, 587.) De tijd, gedurende welken een Ve eden zonder schriftelijk bevel is aangehouden, zal niet in mindering gebracht tenzij dit in het vonnis uitdrukkelijk is bepaald. dit art. 20 (3) (Gew. S. 34—558 jis. 587 en 38-278.) De bepalingen van zy ro feiten, ook toepasselijk ingeval, bij gelijktijdige vervolging wegens me feit dan de veroordeeling wordt uitgesproken ter zake van een ener bevindt. waarvoor de veroordeelde zich voorloopig in verzekerde bee tot ge: 33a. (Ing. S. 33-1; gew. 34—172, 337.) Indien door ee in vere: vangenisstraf of hechtenis veroordeelde, die zich voorloop!8 van zulk kerde bewaring bevindt, of door een derde: met instore oat de tijd, een veroordeelde een verzoek om gratie wordt ingediend, eri cak en die verloopt tusschen den dag van inlevering van dek als straftijd dien, waarop de Gouverneur-Generaal terzake beslist, De neden van aangemerkt, tenzij de Gouverneur-Generaal, de onge elt dat die het geval in aanmerking nemende, bij zijn beslissing oe oratieregeling) tijd geheel of ten deele als straftijd zal medetellen. (S. 33 a yergaaD de 34. Bij ontvluchting van een veroordeelde tijdens hen de plaat® zijne straf, wordt de tijd dientengevolge doorgebracht bu [
EENES Sen STRAFFE ae hi zijne straf m N. gur der straf. (S lope onde 36, (1) De A rgaan, niet in 1155 eene andere alee ten waarvan d rekening geb 4 uitspraak k gemeene veror e schuldi racht | an w erorde: dige . op d 1°. het see ontset an bepaald in de bii di en N. 9°. het dienen en van HE yn: e gevallen it wetboek Sw. Rik het it bij de : en of va j ’ bij rechte of 28 stan iezen end gewapende n bepaald rlijke ingen gehoud e verkiesb macht ; e ambten ; Doan van. de fat enlarge ; (Sw. 92.) van ien van RAe ij krachtens 4 : ‚ Loe ie Sman ¢ alg den eigen ae Ree voogd, ol gerechtelijk bewi see MENS 5°. de vaderlijk Ds; (Bw. 355 ator, of toezi windvoerde (gw. 37, 91; Bw. 2 macht, de ve 359, 433, peziende curator ren het zijn a pe It) 298v., 307v are! en de Re, Qrsteanderen Le oefening ‚319a v., 345, re Persen ene (2) De bevoe Eran be ] , 379v., 433, kinderen ; ik ambt eden en beroepen, (C ‚462; S, 21 ening Ai and ontzetten b rechter EA P. 42; Sw. 227; wezen. (G ere macl estaat ni een amb 27; Bw. 3 "Onit ro macht ij ltaating voer lenen bs kleeden ZE Een ‚ 150v.; RO voor die zemeene ve 2 in het a ge BR om ae PO ey Ae wegens eeni oek oms macht te di of bepaalde an 27.) dige ee mg ambt a chreven, w ienen kan, bi e ambten te n bijz smisdrijf of » orden wi , behalvei e be- 9 v ond jf of weg tges ve in de 29 rangers lore ambtsplicht bd en bij vero ee ae 413v.) genheid of BEEN Aen eo HUE . arbi} hij ok { » aoe el hem door br a gebruik one noch iden voogdij, de cur de vaderlijke mach geschonken. (Sw ue deren al ateel zacht (t E ek Mmschrey 3 over De an de maa ) es van de voogdij Mie en, w ‚kan, b e curat gdij, de pen 1 uders of sat worden uitge ‚behalve in de eele, zoowel ove 30 as tnerjerige. ean ae Oe ine bi Ken in hot Tweode ud 7 9.00 an eeni yk m eun jar ers of eeni ‚telijk met een g van: ndr lege ee UL, XIX en X e n ay 0 (2) (Zo en XX Bie omschreven Ae gezag onderwo en mi ntzetti eg. S. 27-4. - het Tweed in de Titels SL n minder- ae wie AS kan door weil. 421; SAVED (Sw. 91.) I, XIV, XV, etti sin het straft 20.) De in h Ae er fie ane delen Burgerlijk eh niet worden = Ee ook lid bedoelde den delijke neon ve voorkomende ln ety hen de Be Wantees 9) i) oogdij en curateele a tee op de ont- 1° Bie den Sone Si treoht oepassing zijn. Vi {=} 8 en Ë “ae het muprdealt t volgt: wordt uitgesproken, b Boe diay ven; g tot de doodstraf of tot | eren 0 a ae een mrercondecling . evenslange gevangenisst af if Jaren Me cos ee tijdelijke gevangeni raf, 2 he er en ae ape Dover! seen a hoofdstraf ten Soe a tot hechtenis, @) De geste leegte geldboete eten Wo Bt jaren , voor oh, 29. a ation in op den d een tijd van ten minste Hwee van | 1) V. oer gel ag waarop d A kun „(0 Voorwerpen egd. (Sw. 22: Sv. en uitspraak ken nen verkre , den. veroord al „ 3327.) (2) a worden gen of waa: eelde toebehoorende 4 , Wegens IJ ver verbeurd rmede misdrijf 0 2 joor „middel 33 ken B ee edad pzettelijk 18 gepleegd. dnek ‚ns misdrijf, ni v ; ae) Ve € bij eine kan gelijke niet niet opzettelijk geplee hula; rbeu telijk rbeurdverklarin P gd, of tchuldige die ter bs , voorschrift b B worden. uitgespr C ie t aring kan w epaalde gevalle Ee 31 ) On er beschi an worden wi ue Ne der „de chikking van d uitgesproken ten leen Ti d vrs ce vader ¢ Regeering is 895 en
- magt’’ gise8 teld, doch all wordt verstaan a een „de ouderl. magt”: $.21—
1156 WETBOEK VAN STRAFREOHT, BOEK 1, TITEL, 2, 3, 4, 5, gg SM, 20 45¥.5 CP. 1, 464, 470) ay Leo 40. Bij bezit, in- of vervoer van goederen in strijd :
bia betreffende ’s lands middelen en pdolitens met die ser gecallen zicht op de scheepvaart in bepaalde gedeelten van Indonesië en ae die tot verbod van in-, uit- en doorvoer van goederen, door een ers ad beneden den leeftijd van zestien jaren, kan de rechter, ook indien de schul- dige zonder toepassing van eenige straf aan zijne ouders, zijn voogd of zijn verzorger wordt teruggegeven, de verbeurdverklaring van de aange. haalde goederen uitspreken. |
34 41. (Gew. S, 26—251 jo. 486.) (1) Verbourdverklaring van niet in beslag genomen voorwerpen wordt, ingeval die voorwerpen niet worden uitgele- verd of het geldelijk bedrag waarop zij bij de uitspraak geschat worden, niet | wordt betaald, vervangen door hechtenis. (Sw. 302; Sv. 3382 ; Ldg. 535.)
(2) De duur dezer hechtenis is ten minste een dag en ten hoogste | zes maanden. | (3) Die duur wordt in de rechterlijke uitspraak in dier voege bepaald, | dat voor een geldelijk bedrag van een halven gulden of minder een dag, | voor een hooger bedrag niet meer dan een dag voor elken halven gulden
en voor het overblijvend gedeelte daarvan in de plaats treedt.
(4) Op deze hechtenis is art. 31 van toepassing. | (5) Ook de uitlevering van de voorwerpen bevrijdt van de hechtenis. | (G. 167; ISR. 145 ; Sv, 347.)
35 42. Alle kosten van gevangenisstraf en hechtenis komen ten laste, alle opbrengst van geldboeten en verbeurdverklaringen ten bate van den lande. (CP. 466 ; Sw. 43.)
36 43. In de gevallen waarin de rechter krachtens dit wetboek of eene andere algemeene verordening de openbaarmaking zijner uitspraak ge- last, bepaalt hij tevens de wijze waarop aan die last op kosten van den veroordeelde uitvoering wordt gegeven. (Sw. 67, 128, 206, 361, 377, 395,
| 405; Sv. 338.) TITEL III. . Uitsluiting, vermindering en verhooging der strafbaarheid.
37 44. (1) Niet strafbaar is hij die een feit begaat dat hem wegens se gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke storing zijner verstandelijke v mogens niet kan worden toegerekend. . ikkeling
(2) Blijkt dat het begane feit hem wegens de gebrekkige ontw! ae of ziekelijke storing zijner verstandelijke vermogens niet a ae toegerekend, dan kan de rechter gelasten dat hij in een Serta es gesticht worde geplaatst gedurende een proeftijd, den termijn jaar niet te boven gaande. (CP. 64; Krankz. 16, 27.) Europee-
(3) Het bepaalde in het voorgaande lid geldt alleen voor de standige sche rechtbanken en voor de landraden en de daarmede gelijk Indonesische rechtbanken. 5 ‘arigen persoon
- Bij strafrechtelijke vervolging van een oe tk heeft wegens een feit, begaan voordat hij den leeftijd van zestien J bereikt, kan de rechter: (CP. 66.) _ Ka d of zijn ver”
38 hetzij bevelen dat de schuldige aan zijne ouders, zijn ene straf, zorger zal worden teruggegeven, zonder toepassing van © drijf, dan wel
39 hetzij, indien het feit valt in de bepaling van een 99, 490, 492 in die yan eene der overtredingen, omschreven in de a 5 18 se 496, 497, 503-505, 514, 517-519, 526, 531, 532, 536 en 08 & schuldig: nadat nog geen twee jaren zijn verloopen sedert eene ye agen of aan verklaring van denzelfden persoon aan eene dezer over ae schuldige ter eenig misdrijf onherroepelijk is Hgowonden} bevelen oF toepassing VAL beschikking van de Regeering zal worden gesteld, zonder eenige straf, rs SES dat de
hetzij den schuldige tot straf veroordeelen. n, dat
- ( Gew. 3. 25—1 a 152.) (1) Indien de rechter heeft here al hij * schuldige ter beschikking van de Regeering zal worden En aldaar, of late?
hetzij in een landsopvoedingsgesticht geplaatst, ten ein a
jd BAARH. POGING ‚D | op ance wijze, van Regeeringsw EELNEMING, 1157 etzij ter opvoedi gswege in zijn ; | bijzon Aa aa pep mea aan ea ne worde voorzi bezittende vereeniging, of aan a ldaar gevestigde Ben gevestigd ¥ van weldadigheid, ten einde pes alias gevestigde 5 tspersoonlijkheid Sw. ringswege in zijne opvoeding w r deze, of later op and ichting of instellin fe het eene en het an mah: voorzien ndere wijze, van Roges (t) jaren zal hebben bereik uiterlijk tot hij = : (2) Bepalingen ter nity ee ij den leeftijd van achtti ordonnantie vastgesteld oering van het eerste lid Bi 47, (1) Elia halm van dit art. worden bij ae B der hoofdstraffen, je nobles tot straf veroord @) G te p het strafbare feit gesteld aes mordghe = 89 2) Geldt het een misdrij ‚ met een derde levenslange dl waarop de doodstraf of ; P ter | van ten hoogste vijfti raf is gesteld, dan een misdrijf waa DOgste vijftien jar wordt gevangeni Top : (3) De in art. 10 on es (Sms) genisstraf opgelegd en niet ‚ Len cg _48, nd 7; IR. 62; ee ne straffen wor- is gedrongen. (CP. 64.) hij die een feit begaat waartoe ij aa} Niet ateafbanr ia hindi hij door overmacht 40 bood ike verdediging van ij die een feit begaat, geboden d gen oogenblikkelijk eigen of eens anders lijf n door de nood- $ ding. ike of onmiddellijk dreigend ijf, eerbaarheid of goed @) Niet strafbaar is d Pe ode: verdediging. indi 8 de overschrijdi en: en "50, Niet strafbaar is hij aanranding ve vaneen: horige lijk b pees Strat bees is hij die een felt Me (Sw. 341v.; CP. 328v.) 51, (1) Niet Bos Es 321) er uitvoering vaneenwette- 42 ee a j Ae ambtelijk bevel, ge. aar is hij die een feit begaat ter uitvoeri (2) Een onb , gegeven door het daartoe be vocring eT 43 op, tenzij het bevoegd gegeven ambtelijk bev rode gezag. werdibeseh oor den ondergeschikto t evel heft de strafbaarheid niet geschikt 1ouwd en de syn e goeder trouw als bevoegd gegeven eid was gel ing daarvan binnen den kring zij ee tien pas baan: (Sw. 14 190 198 462 CP 327 7 zijner onder- zond legen: (Sr. Let begaven pike scheids me bi ee van eon strafbaar Toit ot = Beschonken t, van macht, gele EI eben van een strafbaar feit Gjstonken, kan: derstraf met En hem door zi ig, ; CP. 166v., 198, 462.) rden verhoogd. (Sw: 12, 18, TITEL IV | 53. (1 Poging. dant: (1) Poging tot misdrijf i : weenie En dood ne aes je strafbaar, wanneer het voornemen des #0 lik, ing al leen ten gevol bs Rig uitvoering heeft geopenbaard en de uit- (2) a voltooid. (Sw eae eae van zijnen wil onafhanke- po ‘ maxim i , , . Bing met een Dudes hoofdstraffen op het misdrijf gesteld wordt bi Be Geldt het e rde verminderd. 9 AE leg a enge gev Kd waarop de doodstraf of een misdrijf waarop d van ten hoo sstraf is gesteld, dan wordt gevangenisstraf opge: bre Hikona vijftien jaren ide rs e en 54 misdrijf. (Sw Pr zijn voor poging, dezelfde als voor het vol- oging tot overt Dede 3024, 3518, 35275 CP. Qv.) 4 ng is niet strafbaar. (Sw. 60 ; Inv. Sw. 4°.) 46 je gab tems TITEL V. woe (1) (Gew. eming aan strafbare feiten. Len Bestradt, 5 . 25-197 jo. 278.) Als daders van een strafbaar feit 41
) die he “ee (1) et feit pl ; 1 e:Achttien” plegen, doen plegen of medeplegen : EO iil a att veratig”” krachtens S- 261 Jo. 152, 1.78.
| 1158 WETBOEK VAN STRAFRECHT. BOEK 1, TITEL 5, 6. _ Sw. geweld, bedreiging of misleiding of door het verschaften ete aanzien, | middelen ofinlichtingen het feit opzettelijk uitlokken. (Sw. 1635.0 reid, | (2) Ten aanzien der laatsten komen alleen die handelingen thee bv.) | king die zij opzettelijk hebben uitgelokt, benevens hare gevolgen rn | | 57, 58 ; CP. 59v., 102, 203, 217, 293, 313, 380.) 7 LAL S| | 48 56, Als medeplichtigen aan een misdrijf worden gestraft: (Sw. 58, 86 | | 1°. zij die opzettelijk behulpzaam zijn bij het plegen van het misdrijk) | 2» zij die opzettelijk gelegenheid, middelen of inlichtingen verschas | tot het plegen van het misdrijf. (Sw. 57v., 60v., 86, 236v. ‚CP. 59v.) | 49 57. (1) Het maximum der hoofdstraffen op het misdrijf gesteld wordt | bij medeplichtigheid met een derde verminderd. (Sw. 434.) | | (2) Geldt het een misdrijf waarop de doodstraf of een misdrijf waarop I levenslange gevangenisstraf is gesteld, dan wordt gevangenisstraf opgelegd | | van ten hoogste vijftien jaren. 7 | | (3) De bijkomende straffen zijn voor medeplichtigheid dezelfde als voor | het misdrijf zelf. | (4) Bij het bepalen van de straf komen alleen die handelingen in aanmer: | king die de medeplichtige opzettelijk heeft gemakkelijk gemaakt of bevor- derd, benevens hare gevolgen. (Sw. 552, 58 ; CP. 59.) 50 58. De persoonlijke omstandigheden waardoor de strafbaarheid uitge- | sloten, verminderd of verhoogd wordt, komen bij de toepassing der straf- i wet alleen in aanmerking ten aanzien van dien dader of medeplichtige | wien zij persoonlijk betreffen. (Sw. 552, 574.)
51 59. In de gevallen waarin wegens overtreding straf wordt bepaald tegen bestuurders, leden van eenig bestuur of com missarissen, wordt geene straf uitgesproken tegen den bestuurder of commissaris van wien blijkt dat de overtreding buiten zijn toedoen is gepleegd. (Sw. 398v.)
52 60. Medeplichtigheid aan overtreding is nict strafbaar. (Sw. 54.)
53 61. (1) By misdrijven door middel van de drukpers gepleegd wordt de uitgever als zoodanig niet vervolgd, indien het gedrukte stuk zijn naam cn woonplaats vermeldt en de dader bekend is of op eerste aanmaning na den rechtsingang door den uitgever is bekend gemaakt. Nave: fart
(2) Deze bepaling is niet toepasselijk, indien de dader op het tijdstip a) uitgave strafrechtelijk niet vervolgbaar of buiten Indonesié gevestig was. (G. 7; ISR. 164; Sw. 56, 62, 78, 483v.; CP. 283v.) apie
54 62. (1) Bij misdrijven door middel van de drukpers gepleegd wor ie drukker als zoodanig niet vervolgd, indien het gedrukte stuk zijn DEES woonplaats vermeldt en de persoon op wiens last het stuk is g druk. bekend is of op de eerste aanmaning na den rechtsingang door den ker is bekend gemaakt. i ens last
(2) Deze bepaling is niet toepasselijk, indien de persoon op ek niet het stuk is gedrukt, op het tijdstip van het drukken strafree ISR 66, vervolgbaar of buiten ee gevestigd was. (G. 7, 55, 98; id 164 ; Sw. 56, 61, 78, 484v.; CP. 283v.)
TITEL VI. … Samenloop van strafbare feiten. at sleohts
55 63. (1) Valt cen feit in meer dan ééne strafbepaling, dan Vous hoofd: ééne dier bepalingen toegepast, bij verschil die waarbij de zwaa straf is gesteld. (Sw. 69. mee Me : It, eene
(2) Indien voor een tnt dat in eene algemeene straf Dr (5:
| bijzondere sträfbepaling bestaat, komt deze alleen in aan 48—17 art. 9*.) : ie “irons Dap njadrye of
56 64. (1) Staan meerdere feiten, ofschoon elk op zich ze eten worden overtreding opleverende, in zoodanig verband, dat 21) gr 4 ééne straf: beschouwd als ééne voortgezette handeling, dan wordt ee is gesteld oe toegepast, bij verschil die waarbij de zwaarste hoofd: ob
w. 69.) af raf bep*
(2) (Gew. 8. 26-359 jo. 429.) Tnsgelijks wordt slechts cen ste en gn toegepast, bij schuldigverklaring aan valschheid of munts “
MING. SAMENLOOP VA : N STR het gebruikmak AFBARE of hennis jer het voorwer FEITEN, 1 (3) (Toeg. 8. 3 epleegd is. (S p ten opzich 159 ‚31-240 dE en artt. 364, 373, 379 en h .) Worden ech -» 253v., 26 aarvan de gepleegd en bedraagt et eerste lid v ter ‘de’ misd jv.) valschheid N tte handeling t gt de gezame van art. 407 drijven omsch N. den onders h 5 oegebracht nlijke waa ‚in voort reven ind Sw. | cheidenlijk e vermo rde van h gezette hi ide toegepast IJ de strafb gensnad et do 5 andelin er) ee epalingen ge meer dan 1% die voor Pendel: ij samenloop va r artt. 362 5, dan wor: gen moeten an meerd f ‚ 372, 378 es waarop gelijk worden b ere feiten di en 406 el gen) soortige Ì eschouwd n die als , proken. ge hoofdstraffen zij ERE. zich zelv (2) Het maxi en zijn gesteld ere misdrijy: etstaarnde 5 straffen re) d fs imum dezer st « wordt één <7 opleveren oy zwaarste Tate gesteld pel is het vereenigd b estraf uitge- 66 ximum. (SW ‚doch ni ed ae oy mincing Be ae ER These deg ven denon 5 gen moeten w p van meerd „68, 70 ; Sv erde bove aarop ongelijl n worden t ere feiten di . 167.) n het uitgesproken üksoorkign er sne ih zn nee op zich zelve staan mee ‚doch m affen zij ere misdrij d 5 2) een eran 8 ele aahorie gesteld, Beke opleveren Se mum abs besten wend refien. … in duurde hdzsls o dier straffen Sv. 167 ) Bp betters pa eee berekend . urende met niet 67. Bi e vervangend naar den duur kunnen payeroordeeling tot d mm \ hechtenis. (Sw. gaen maxi- van be rnevens gee e doodstraf , 65, 67—70; voorwerpen ide, rechten pas dere hiken levenslange gevangeni Br hdd poet Aa eurdverklari orden opgelegd d ngenisstraf 5 68, ih. aarmaking are pied van reeds i ad an ontzetting 59 ey (ln de. geval e rechterlijke uits ae pe 1° enden eid der artt. 65 praak. (Sw. 12° Pri straff olgende b . 65 en 66 geld , ie straf, in a pain: A alingen : en ten aanzien van bijko 6 eo en te uur d g van d : 0 hoofdstn ed hoogste e opgelegde en rechten worden fen LAN dan geldb vijf jaren to bov: straf of hoofdstraf opgelost in 9°. eee vijf en is opgelegd fen. gaande, of ieevalig ten minste miadriif Straffe n; (Sw. 38.) „in ééne straf van ten 3 andere 38 ifefaonderiie ontzetting van verschi ee ke den, ev, straffen va en zonder vangend rechten. word voor el aa de ab verbeurd verkla: dering opgelegd; en voor elk 8) Den eats angentie Sige eine: bepaalde voorw Tm ache straffen fronderlijk RE a mige dier deed Or a ve x rminderi rerpen, oo (1) D anden niet a wangends hechtenis: eal opgelegd (5, By By seep ere en geen On. ha amenlijk den tid ten, ko aar den r r de volgorde v: van ongelijksoortige ho fd i bel?) De t bij de srs ae de keuze a ee aw ge e b zelijki schen meerd A oe ar puck elike ang re de zwaarste dare hoofden e gn 8 ve maxi van elijks . nmerking. Tros betrekkelijke duur gelijksoortige hoofden wordt Ov; ° (1) Bii raffen w zoowel van on ss 8 fe oa eenheden an ong asi gee - © : - m : elke overtred pone ea ae eon 66 bedoeld, hetzi wee 8 850) Ne Sheer soak E egd. vist maanden, die van ver pores ee gen ogen de strafi 10 pe Ri „‚die,van.v tenis te zamen den ty engen van bis, cee boven ervangende hechtenis te en tijd van een jaar en | 302, de Rene S. 31-2 gaan. (Sw. 30, 41 68-2° zamen den tijd ven acht dien eerste ty 65, 66 e 40 „gew. S. 34-644.) T :) ä ; £ verst id, 352 364 70 worden de misd ee van de toepassing ando dat voor 373, 379 en 482 bes rijven omschrov™™ in de artt. voor zoover Ae e chouwd als overtredingen, saa genisstraffen worden opgelegd deze
| 1160 WETBOEK VAN STRAFRECHT. BOEK 1, TITEL 6, 7, 8, | Sw. boven gaan. : tanden niet mogen te 63 TL. (1) (Gew. S. 46—76.) Indien iemand, na veroordeeli | opnieuw wordt schuldig verklaard aan misdrijf of overtsedine oe mer : | veroordeeling gepleegd, wordt de vroegere straf in rekening gehan | met toepassing der bepalingen van dezen titel voor het geval van elijk’ I tijdige berechting, behoudens het bepaalde in het volgende dae ijk. | (2) (Toeg. S. 46—76.) Indien iemand, na veroordeeling tot levenslange | gevangenisstraf, opnieuw wordt schuldig verklaard aan misdrijf, vóór die veroordeeling gepleegd en waartegen de doodstraf is bedreigd, kan de doodstraf worden opgelegd. (Sw. 63v.) | TITEL VI. } Indiening en intrekking der klachte bij misdrijven alleen op klachte vervolgbaar. . (Sw. 284, 287, 293, 313, 319-323, 332, 335, 367, 369v., 376, 394, 404, 411 485; Sv..l0v.; Aut. 31—34.) | 64 72. (1) Zoolang hij tegen wien een alleen op klachte vervolgbaar mis. | drijf gepleegd is, den leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt en | tevens minderjarig is, of zoolang hij, anders dan wegens verkwisting, is | onder curateele gesteld, is zijn wettige vertegenwoordiger in burgerlijke zaken de tot klachte gerechtigde. (Bw. 299v., 383, 433, 452; Sw. 284°.) 4 (2) Indien deze ontbreekt, of de persoon is tegen wien de klachte moest | geschieden, dan kan de vervolging plaats hebben op klachte van den toe- zienden voogd of curator of van het college met de toeziende voogdij of curatecle belast, van de echtgenoote, van een bloedverwant in de rechte linie of, bij gebreke van deze, op klachte van een bloedverwant in de zijlinie tot den derden graad ingesloten. (Bw. 310, 370, 452 ; Sw. 220, 284° ; Sv. 8.) 65 73, Indien hij tegen wien het misdrijf is gepleegd, binnen den in het volgende art. gestelden termijn overlijdt, kan, zonder verlenging vann termijn, de vervolging geschieden op klachte van de ouders, van de kin fe ren of van den overlevenden echtgenoot, ten ware blijken mocht dat de overledene eene vervolging niet gewild heeft. (Sw. 284°, 320v.) di 66 74, (1) De klachte kan slechts worden ingediend gedurende Len den nadat de tot klachte gerechtigde kennis heeft bekomen van he re pleegde feit, indien hij binnen Indonesië, of gedurende negen maden nadat hij daarvan kennis heeft bekomen, indien hij buiten Indo verblijf houdt. (Rv. 12; Sw. 97; Sv. 8, 10.) U: d, . (2) Indien op het tijdstip, waarop hij, tegen wien het misdrijf is gep tot klachte gerechtied wordt, de in het eerste lid bedoelde term Je aehts | verstreken is, blijft hij na dat tijdstip ‘tot het indienen van iil ont slechts gedurende zooveel tijd bevoegd als er nog aan dien ter breckt. (Sw. 2939.) 2 dag 67 75. Hij die de klachte indient, blijft gedurende drie fe den na den der indiening bevoegd haar in te trekken. (Sw. 97, 284°.) TITEL VIII, Verval van het recht tot strafvordering en van de straf. chterlijke 68 76. (1) (Gew. S. 37-240.) Behoudens de gevallen Meee worden uitspraken voor herziening vatbaar zijn, kan niemand Rak ewijsde van vervolgd wegens een feit waarover te zijnen aen ens Ca of in den Indonesischen rechter, of van den rechter in Ne der Indonesi: Suriname of in de Ned. Antillen, onherroepelijk is beslist. On gin streken schen rechter worden hier medé verstaan de inheemsche ee volken 18 | waar het recht van zelfbestuur aan de Indonesische AOR genot harel gelaten, zoomede waar de Indonesische bevolking ae 529%; 32-80" ) eigene rechtspleging is gelaten. (Sw. 283; Sv. 356v.; 8.3 dan heeft te8°” (2) Is het gewijsde afkomstig van eon anderen een plaats in ge denzelfden persoon wegens hetzelfde feit geene vervolging val van: / 1°. vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging ; *
SAMENLOOP. IND 7 ‚ VERVAL 9°, veroordeeling g STRAFY. STR der straf. (Sv. oe KOOR door geheele ui AF. 1161 17. Het recht 7 uitvoerin ‘ tot straf ) 8, gratie ga (Sw. 83, 103: mre vervalt döortd of verjaring N „ (1) Het recht (stat v.; IR. 36 or den dood ‘Sw 1°. in één jaar ot strafvordering Tv; RBg. 681 vanden ver. 60 | middel van de nik oor alle oven eer door verj 2 bt | 9°. in zes ja pers gepleegd ; gen en voor d Jaring : | | gevangenistra adrie. de misdrijven waa: e misdrijven door 70 Selin twaalf jaren v meer dan drie jar rop geldboete, hechteni straf van meer dan dri oor alle were fr rah is gesteld ; , hechtenis of 4°, in achttien jar ie jaren is gesteld ; waarop tijdelijke lange gevangenisst af voor alle misdrijve gevangenis- (3) Ten aanzi raf is gesteld. ijven waarop de dood leeftijd van snbttien, 4 een persoon, die vóór h BOE vermeld, Ee jaren nog ni ji óór het b heet. ie 1618 geen vreden beveiktjeendt élks a ae 79, D „8 ; Sw. 80 : e van di er boven MD orm an veri o eh F 1° ? ou : n op d On Mi 9. a0n jo. 28) bi va Sp dag cee tarp at . v; . Yq werp ten Dpetob wien dien wird schheid of muntschenni (Sw 94 te waarva Pp gebruik 18 vangt de 9° Ae 253v., 263v.) n de valschheid of oe van het voor- dag na die dpe omschr ; chennis gepleegd is; lijk het saad bevrijding; of even in de artt. 328, 329 eed: So hig rae reg ee a den aisle korea nas’ 28-376.) bi egen wien onmiddel- lin on’ met 55 .) bij de o : bop rt gene toch seen ores rlijke eningen vse evolge de bepa- overgebrai n stand ter gri gen, voorschrijvend d d epa h cht, de griffie van een dg at registers va eol chad (Beos. Se ere len worn serrate Tat daad van ee BS. 285.) e overtreding blijkt, be bekend volging stuit Est Me Oke wijze eS hem op Seebuee ie mits die daad den 72 81 De de stuiting EET akt zij. e verordening daarvoor » De schorsi ngt een ni sare ie sesh achorst de ve pen gt con mien Tel van en Tt ee (1) Het st nts! (Sw. 2845, AV AE Ken Hee praejudicieel 73 betalin ndere hoofdst £ t_ strafvordering A ut vervolging I het bana ce glen dan geldboete Er dingen lige 74 orden; g heef : m der b ' ds ijwilige stellen © noe ae gehad, op een do Kosten indien er ree (2) T aangewezen EL van den bij algemeene Te miser nevens geldb a doe de teven 5 oete verb . A den afgeven of de ve Op en de ge aan | (3) Ta 8 e waarde waarop zij gond, voorwerpen Wor (3) In schat zi p zij door den in het eerste lid bedoeld die verh de gevallen ijn, worden voldaan. (Sw. 41.) ene Wegens ooging ook waarin de straf wordt verhoo d w herhaling, i van di dewros van toepassing, wannee h gd wegens Her. ling, 18 (4 it art. is ger gepleegde Vana r het recht tot strafvordering ee De en ing volgens het eerste en tweede li he ON, die vó ingen van di Ae : vg niet aes han Ree ay gld niet voor een. minderjarigen vore et Se bereikt, (Sv. 410 ie eit den leeftijd van zestien jaren e uit j 5 a (ly ae (Sw. 77, 103 5 je ‘qo straf vervalt door den dood van den 16 drie De ee recht tot uit ; DV. 399; IR. 368; RBg. 689.) ven dba dezer verj voering van de straf vervalt door verjaring: 16 le Sea pij overtredingen twee jaren, bij mis- e drukpers gepleegd vijf jaren, en bij andere
| | 1162 WETBOEK VAN STRAFRECHT. BOEK 1, TITEL 8, 9. || N. misdrijven een derde langer dan de termijn der verjaring | Sw. _ tot Se ordering: (Sw. 78.) yee van het recht (3) In geen geval is de termijn der verjaring korter dan de duur der | opgelegde straf. | Il (4) Het recht tot uitvoering van de doodstraf verjaart niet, Ii 77 85. (1) De termijn van verjaring vangt aan op den dag na dien waaro | | de rechterlijke uitspraak kan worden ten uitvoer gelegd. 4 | (2) Bij ontvluchting van een veroordeelde tijdens het ondergaan van | | zijne straf, vangt een nieuwe verjaringstermijn aan op den dag na dien | der ontvluchting. Bij herroeping eener voorwaardelijke in vrijheidstelling | vangt een nieuwe verjaringstermijn aan op den dag na dien der herroe- | ping. (Sw. 15, 34; Sv. 297.) (3) De termijn loopt niet gedurende de bij algemeene verordening | bevolen schorsing der tenuitvoerlegging, noch gedurende den tijd dat de veroordeelde, zij het ook ter zake van eene andere veroordeeling, in i verzekerde bewaring is. (Sv. 336y., 356v., 396v.) | TITEL IX, | Beteekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen, | 78 86. Waar van misdrijf in het algemeen of van eenig misdrijf in het i bijzonder gesproken wordt, wordt daaronder medeplichtigheid aan en poging tot dat misdrijf begrepen, voor zoover niet uit eenige bepaling N het tegendeel volgt. (Sw. 53, 56.) 79 87. (Gew. S. 30—31.) Aanslag tot een feit bestaat, zoodra het. voornemen | des daders zich door een begin van uitvoering,-in den zin van art. 53, heeft i geopenbaard. (Sw. 53, 104—108, 130, 140: CP. 88.) | 80 88. Samenspanning bestaat zoodra twee of meer personen overeengeko- | men zijn om het misdrijf te plegen. (Sw. 110, 111 bis, 116, 125, 164, 169v., 184v., 214, 324v., 363, 365, 368v., 438v-, 450v., 457v., 462, 504v.; CP. 89.) 80 88 bis. (Ing. S. 3031.) Onder omwenteling wordt verstaan het ver- bis __nietigen of op onwettige wijze veranderen van:den grondwettigen regee- | ringsvorm, de orde van troonopvolging of den wettigen regeeringsvorm van Indonesië. (G. 10v., 202v ; Sw. 107v., 111 bis.) in 81 89. Met het plegen van geweld wordt gelijkgesteld het brengen | | : REGE 170, 173, een staat van bewusteloosheid of onmacht. (Sw. 55, 146v., 450v.) 175, 211y., 285, 289, 293, 300, 330, 332, 335, 365, 368, 438v., 444, SV: 82 90. Onder zwaar lichamelijk letsel wordt verstaan: (Sw. 184, M 29lv., 306, 333v., 35lv., 358, 360. 365, 459v.) a taat ziekte of verwonding die geen uitzicht op volkomen genezing © of waardoor levensgevaar ontstaat; | ‘ voortdurende odeeschivensia tot uitoefening van ambts- of ee bezigheden 5; ; i é | verlies van het gebruik van eenig zintuig ; | verminking ; | verlamming ; jer weken | verstoring Bo verstandelijke vermogens die langer dan vier i geduurd heeft; afdrijving of dood van de vrucht eener vrouw. ht van het hoofd 91. (1) Onder vaderlijke macht wordt begrepen de mac aoe der familie. (+) . 1: (2) Onder es wordt begrepen het hoofd, der familie ce overest (3) Onder vader wordt begrepen hij die eene met de vaat af | komende macht uitoefent. cine TAB yee vaderlijk? (4) Onder kind wordt begrepen hij die onder eene ‘ ile overeenkomende macht staat ! den begrepe? es | 84 „92. (1) (Gew. Ss 31-240.) Onder ambtenaren wort ehouden vo ( personen verkozen bij krachtens algemeene verordening den jrrachter™ om kiezingen, zoomede alle personen die uit anderen hoo ‘vinciale raden je eene verkiezing lid zijn van den Volksraad, van de pro: art. 124, twe van de raden ingesteld ingevolge art. 121, tweede lid en 27-31" Ul: 395 (*) Onder ,,vaderl, magt” te verstaan „ouderl. magt": 5.2! e
VE mn SURAPVORDEBING, PEERING vermeng : s RIN id der £ NG. B | nd. ET | en alle a Staatsreg ; EEKENIS 7 onesi gelin UITD: | wettig gezag sche ar voort RUEK | (2) Onder oefenen one de alle led ae: | rechters ; r ambtena oofden en van 1163 | benev ; onder recl ren en van vree Sad WE | | op Al ‘6 Bradt zij ond rade Oerle | tenaren a os en en de ic amine worde Bialas zes c : > gew den v rati n b a | ee bte ed cen re Ing. g Tes 168, cht bohooten worden acht en | 93 ae dre dE a nen, | daa B coe (K. € Onder. k NEA rvangt pper is 6.) koo solo amb- (2) De is elk geza pman wordt ‚3562, 413v van arenden zij gvoerd verst ‘4 ad | near, allen die zi er van een va aan ieder, die ! nell pelin met ich a. artui 84 | We Por gen zijn a an boord : g of die d nen ait Onder Ee bevinde llen die zi bevinden, m eze 85
- 1 1 . hin a elena 34] ches echeepsa et uitzondering a unnin Nederlan Zoas „Sw ciere
- ( Boonen en wet bet Ae ee Agrees tach (je 5. dn Bed der ee de afeitt die oe 3807.) tre vaartui EN „8, 438 Nederla gitte aartul ae Bg ee gens anes eae ae ee vlag KI zeobrieven ee gen dn a en sie Onda dons zeeschepen beent wel tijd cepspasse de algeme schepen word deli (1) (G voorzi elijk n in I ene vi orden ae des en et Belle nder vii 4172. 3 _S. verm | e plaats an zeebri om= (2 e ce ijand w , 337.) eld bij trede leven An ender coe 8 ordt JB whl, 8.) nde BEK EN A rlog wo eigende is. begrepen roe begr ge eee ae ae rden b is. (Sw. 124 ‘ anderde opsta. pili ge oa anne ee” (G rt van hete oorl orlog wo eroorlo elijkheden ; og rdt ge. (Sw. me
- Ds ae is sane sales dt de Ga 8) et es maand Ee dag waves eo: en core te best waarin oorlo i 438.) oo Sd esa a seal ee ORES op : Door ijd van » versta. 236v 36 et leger ae ra de mobi gang. nacht dertig d an een AA 63, 387v.) „gemobiliseerd DIE “28. Onder bondt ig dagen. EN sand is. ee a er inking 305). de tijd eel er 30 ming ae gorau 88 ti 0 ang be: ng ‘ n zon eran ase! 65. mt eae ang laste of d begrepen f 3 sondergang en ee slo (ls bode (Sw. het ove door bene ret ingaand se t nie der wv. 167v rsehrijden- opzettelijk oor eene bes t val : jden v: y taa „is, t bestemde sleu 235, 363 BC) ea sg ae openin nde 88 en nde ee en ae 8 ane 3 word „(Sw ‚pen all : Soe re Gears 373, en ersten vat 235, OE van het geve Deed , 407, 494 enhoovige diert 65; OP. Lacan 90 nga. b Re ene “ 0.) (1) On ae 501, 549 eeu ers fo) 0 Sei pe RR er Oe we a onwe Nder e ings-, o eid, en ngen, geleidi werken worden 1 rk leetri nde daar ng, omyormi ver- 02, Kens triciteits rsteunings mede in erb To of leve- 90 uiten 5 werken wo - en ine staande peveili ter 1 i werking rden niet sch gra ‘ poy (Gen gesteld bij S 20 egraai- en tele- sel k zij ew. S $1 Sean liften ston . 31—24 otbepall ono an bee ioe eee 0.) D ing RB best raf . passelijk 6 bepalin A 5. 681, ie gesteld op feiten gen der eerst? acht Ti U Vene bij ordon: tenzij bij waarop bij and pt Titels van dit ; Inv. Sw onnantie & Q de. web. Di) a westelijke voor. dl ae arash; 8 bepaald. Eos maatrege r H 8. 93—304*.) k v; or
| 1164 WETBOEK VAN STRAFRECHT. BOEK 2, TITEL J. | NE TWEEDE BOEK. | MISDRIJVEN, | | TITEL IL | Misdrijven tegen de veiligheid van den staat. (Sw. 5.) \ (Cf. S. 30—31 art. 9, bl. 1315 | 92 104. De aanslag ondernomen met het Soha m d | regeerende Koningin of den Regent van het leven of de vrih ae de } ven of tot regeeren ongeschikt te maken, wordt gestraft et a a as a ser euslange gevangenisstrad of tijdelijke van ten hoogste bwintiy. ra | - 10v., 36v. ; Sw. 41, 35, 87, ay | 487; CB. 86) W 35, 87, 110, 128, 130v., 140, 164v., 328y., 338v., 4 105. De aanslag ondernomen met het k Generaal of den waarnemenden Gone ef poe sant de vrijheid te berooven of tot de uitoefening van de regeering on eachikt { te maken, wordt gestraft met de doodstraf of levenslange gevan eist | of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren. (Sw. 4 87 3 | BaO Ted 487) gj (Sw. 44, 87, 110, 128, 130v., 133, i} 93 106. De aanslag ondernomen met het i | oogmerk om het dgeb | van den staat geheel of gedeeltelijk onder Bonde en en | gen of om een deel daarvan af te scheiden, wordt gestraft met levens- | lange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren. (G. 1, 3; | 4 Sm 85, 87, 110, 128, 130v., 140, 164v.) “aaa 107. (Gew. S. 3031.) (1) De aanslag, ondernomen met het oogmerk om omwenteling teweeg te brengen, wordt gestraft met gevangenisstraf : van ten hoogste vijftien jaren. = (2) Leiders en aanleggers van een aanslag als in het eerste lid bedoeld, | worden gestraft met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten | hoogste twintig jaren. (G. 10v., 203v.; Sw. 41, 35, 87, 88 bis, 108, 110, 111 bis, 128, 130v., 140, 164v.; CP. 87.) | 108. (Gew. S. 30—31.) (1) Als schuldig aan opstand wordt gestraft met ! Bevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren: | 1°. hij, die de wapenen voert tegen het in Indonesië gevestigde gezag; 2°. hij, die met het oogmerk om zich tegen het in Indonesië gevestigde gezag te verzetten, optrekt met of zich aansluit bij een bende, die de wapenen voert tegen dat gezag. (2) Leiders en aanleggers van een opstand worden gestraft met levens- lange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren. (Sw 47, 123, 88, 106, 110, 111 bis, 128, 164v., 487.) 109. Vervallen ingevolge S. 30—31. der 96 _ 110. (Gew. S. 30—31; 45—135.) (1) De samenspanning tot a het in de cate 104—108 omschreven misdrijven wordt gestraft gelij misdrijf. (2) Dezelfde straf is toepasselijk op hem, die, met het oogmerk om Pte ae a de artt. 104—108 omschreven misdrijven voor te bereiden © evorderen : : 1°. een ander tracht te bewegen om het misdrijf te plegen, ee plegen of mede te plegen, om daarbij behulpzaam te zijn of om gelegenheid, middelen of inlichtingen te verschaffen ; het mis 2°. gelegenheid, middelen of inlichtingen tot het plegen van drijf zich of anderen tracht te verschaffen; 7 pestemd „3% voorwerpen voorhanden heeft waarvan hij weet, dat 70 zijn tot het plegen van het misdrijf ; 4 temd zijd 4°, plannen voor de uitvoering van het misdrijf, welke He of onder om aan anderen te worden medegedeeld, in gereedheid breng ; zich heeft; gitvoering 5e eenigen maatregel van regeeringswege genomen om ue peletten: te van het misdrijf te voorkomen of te onderdrukken, tracht t® belemmeren of te verijdelen.
| LL MISDRIJVEN TEGEN DE VEILIGHEID vaN DEN STAAT. 1165 en 3) De voorwerpen, in het v ; ° me Sabien mp d. oorgaande lid onder 3 bedoeld, kunnen a 5 | 4) Niet strafbaar is hij, van wien blij ze : we is Ss het voorbereiden of bevorderen ie ee oe RIE algemeenen zin. (Sw. 4v., 35, 88, 125, 128 164y. ; cp Eenden in vervallen krachtens S. 45—135. +3 UF. 86v., 125.) Lid 5
- (1) Hij die hetzij met eene buitenl , i met een Indonesisch vorst of volk in ns. ais ae a ey a merk om hen tot het plegen van vijandelijkheden of tot het cee ee A een oorlog tegen den staat te bewegen, hen in het daartoe o = Ma
f voornemen te versterken, hun daarbij hulp toe te zeggen of bide voor: J bereiding hulp te verleenen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren.
(2) Indien de vijandelijkheden worden gepleegd of de oorlog uitbreekt wordt de doodstraf of levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van A hoogste twintig jaren opgelegd. (Sw. 35, 88, 128, 165 ; CP. 76.) |
111 bis. (ng. S. 30—31.) (1) Met gevangenisstraf van ten hoogstezes 97 jaren wordt gestraft : bis
le, hij, die met een buiten Indonesië gevestigd persoon of lichaam in verstandhouding treedt, met het oogmerk om een zoodanig persoon of lichaam tot het verschaffen van steun aan het voorbereiden, bevorderen of teweegbrengen van omwenteling te bewegen, om een zoodanig persoon of lichaam in het daartoe opgevatte voornemen te versterken ofaan een zoodanig persoon of lichaam daarbij hulp toe te zeggen of te verleenen, of om omwenteling voor te bereiden, te bevorderen of teweeg te brengen ;
2e, hij, die eenig voorwerp invoert, dat geschikt is tot het verschaffen van stoffelijken steun aan het voorbereiden, bevorderen of teweegbren- gen van omwenteling, indien hij weet of ernstige reden heeft om te ver- moeden dat het daartoe bestemd is ;
3e. hij, die eenig voorwerp onder zich heeft of tot onderwerp eener overeenkomst maakt, dat geschikt is tot het verschaffen van stoffelijken steun aan het voorbereiden, bevorderen of teweegbrengen van omwen- teling indien hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat het daartoe bestemd is en dat het voorwerp of eenig ander voorwerp, waar- voor het in de plaats is getreden, hetzij met die bestemming is gevoerd. hetzij door of vanwege een buiten Indonesië gevestigd persoon of lichaam daartoe is bestemd. . ;
(2) De voorwerpen, waarmede of met betrekking tot welke dede het voorgaande lid onder 2e en 3¢ omschreven misdrijven zijn begaan, kunne worden verbeurd verklaard. oe.
Bij S. 30-31, art. 9 is bepaald : De ambtenaren, die in het alpen
belast zijn met het opsporen van strafbare feiten, zijn te allen hij ri ter in beslagneming de uitlevering te vorderen van al ae aes aoe tot bewijs of redelijkerwijs vermoed kan worden bester eee a olen ol Ge te hebben tot het i a pee ed Kee ! is van het Wetb. v. Strafr. omschreven . sker- Zij hebben te allen tijde vrijen toegang tot alle plaatsen, waar OEE wijs vermoed kan worden dat een zoodanig Giro ae desnoods Wordt hun de toegang geweigerd, dan verschaffen 21) 2 met inroeping van den sterken arm. 63 : ‘ ‚of 98 _ 112, (Gew. 8. A Hij dio opzettelijk bescheiden, re inlichtingen omtrent eenige zaak waarvan hij weet dat de Er maakt, | door het belang van den staat wordt en eend, Vort of volk | hetzij aan eene buitenlandsche mogendheid. een In de doodstraf of levens- J mededeelt of in handen speelt, wordt gestraft met intig jaren. (Sw. 35, sae gevengenisstraf of tijdelijke a ten hoogste twint
» ind, 128, 165, 322; CP. 78, 50.) F iden, ten,
- (Gew. ees Hi die opzettelijk, gelo, benee Aare Blanaen, teekeningen of voorwerpen, betre cee nn zich hebbende
ediging of de uitwendige veiligheid van Indonesië, O08 den vorm en of van den inhoud van zoodanige geheime se nis dragende, deze ee 9 Samenstelling van zulke geheime voorwerpen
1166 WETBOEK VAN STRAFRECHT. BUGK 2, TITEL 1. stukken of voorwerpen, of den inhoud, den vorm of d Ae ce a e sa i
daarvan geheel of gedeeltelijk hetzij openbaar maakt, hetzij on ee die niet tot kennisneming daarvan bevoegd zijn, mededeelt of in h sae speelt, wordt gestraft met de doodstraf of levenslange gevan of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren. (Sw. 1l4v., 119v 124 8, 164v., 240, 322.) Lid 2 vervallen krachtens S. 45—135. My id 3
114, Hij aan wiens schuld te wijten is, dat de in art. 113 bedoelde ge- heime stukken of voorwerpen, met het bewaren of opbergen waarva hij belast is, hun vorm of hunne samenstelling geheel of gedeeltelijk open. baar zijn geworden of in het bezit of ter kennis zijn gekomen van anderen niet tot kennisneming daarvan bevoegd, wordt gestraft met gevangenis- straf van ten hoogste een jaar en zes maanden of hechtenis van ten hoog- ste een jaar of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden. (Sw. 128.)
(Gew. S. 45—135.) Hij die geheel of gedeeltelijk van geheime stukken of voorwerpen als bedoeld in art. 113, waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden, dat zij niet voor zijne kennisneming bestemd zijn, inzage of kennis neemt, afschriften of uittreksels, in welk schrift of welke taal ook, afdrukken, afbeeldingen of nabootsingen maakt of doet maken of die stukken of voorwerpen niet aan een ambtenaar der justitie of politie of van het binnenlandsch bestuur ter hand stelt als hij in het bezit daarvan is gekomen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren. (Sw. 116, 120, 128, 164v.)
(Gew. S. 4ó—15ó:) (1) De samenspanning tot het in art. 113 omschreven misdrijf wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren. :
(2) De samenspanning tot het in art. 115 omschreven misdrijf wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren. (Sw. 88, 128. 165.)
- (Gew. laatstel. S. 45—135.) Met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren wordt gestraft hij die zonder daartoe bevoegd te zyn:
le. opzettelijk een inrichting van de land- of zeemacht of een oorlogs- vaartuig betreedt langs een anderen dan den gewonen toegang ;
2e. opzettelijk zich begeeft op een terrein, hetwelk door of yanwere den Gouy.-Gen. dan wel door het Militair-Gezag, is aangewezen 46 militair terrein, waarvan de toegang is verboden ; Bes 1
3e, opzettelijk een fotografische opname of een teekening dan Bi andere gegevons of aanwijzingen vervaardigt, verzamelt, de ak verbergt, vervoert omtrent een terrein als bedoeld onder 2e met a! We zich aldaar bevindt. (Sw. 120, 128, 165, 570.) t. is
Bij S. 36-426 Verordening Toezicht Luchtvaart® de ord. in S. 21—469 jo, 25-618 ingetrokken en voorts bepaald in |) oy
art, 139. (1) Het is verboden in het rechtsgebied var Indones™ © on luchtvaartuig een fotografietoestel mede te voeren, tenzij in. {00 worden toestand dat daarmede tijdens de vlucht geen opnamen knpnet yy. Ee en het toestel buiten het bereik van de inzittenden van 4 vaartuig is opgeborgen. : t der
(2) De Legercommandant kan, na overleg met den Commande? ver Zeemacht, met ontheffing van het in het eerste lid bedoelde jt een lucht: gunning verleenen tot het maken van fotografische opnamen U vaartuig. ftelijk voor een
„(3) De in het vorige lid bedoeme vergunning wordt RRS verleepins of meer vluchten dan wel tot wederopzegging verleend. AAL vergunning van de vergunning kunnen voorwaarden worden verbonden. 45
‚kan te allen tijde worden ingetrokken. nentvaartulg te
(1) ‘Het is verboden een fotografische opname uit cen ï te handelen in makeu in strijd met‘een yerleende vergunning, dan we vand Aer striid, met de daaraan, verbonden „voorwaarden. Ean heteen
art, 140. In geval van buitengewone omstandigheden, tt ondorworsg: per luchtvaartuig door den Govuverneur-Generaal Ene artt. 1380 ete aan andere beperkende bepalingen dan die, vervat in onde of gold big ‚ art, 149, (1) Met hechtenis van ten hoogste drie maa die zich Ce ear van ten hoogste vijfhonderd gulden wordt gestraft heien ( Das rediD8 maakt aan overtreding van het bepaalde bij de artt. 7 kt aan overde nil. 139 lid (1) en 141, zoomede hij, die zich schuldig maa ip, zooniede tae van een krachtens de artt. 74 enz. of 110 gegeven Tof 143 lid 08E die eon krachtens art. 104 lid (2), 139 leden (3) en 4). Of 278 ay voorwaarde niet nakomt, ae arte Ln
(2) Het fotografietoestel, waarmede een overtredsns pes of lid (2) is gepleegd, kan worden verbeurd verklaard.
! 118. (Gew. S. 45—135.) Met gevangenisstraf 3 = i wordt gestraft hij die, sotiden daketos de leden 2 fotografische opname, een opmeting, afbeelding of beschrijving of een : corer rere annie SE melt, js ‚ verbergt, vervoe etreffend i : militair belang. (Sw. 120, 128, 165, 570.) pon. di seers Mp 119. (Gew. S. 45—135.) Met gevangenisstraf van ten hoogste vijf jaren wordt gestraft : ’ le. hij die iemand opneemt, wetende of redelijkerwijs moetende ver- moeden, dat deze zonder daartoe bevoegd te zijn voornemens is dan y wel tracht kennis te bekomen van geheime stukken of voorwerpen als bedoeld in art. 113 of zich op de hoogte te stellen van de ligging, den bouw, den aanleg, de inrichting, de bewapening, de approviandeering, de munitie uitrusting of de bezetting van verdedigingswerken of eenige andere zaak van militair belang ; ge. hij die voorwerpen verbergt van welke het hem bekend is of waarvan hij redelijkerwijs moet vermoeden, dat zij bij de uitvoering van een voornemen als onder 18 bedoeld op welke wijze ook moeten dienstig zijn. (Sw. 120, 128, 165.) 120. (Gew. S. 45—135.) Indien het plegen van eon der in de artt. 115, { 117, 118 en 119 omschreven misdrijven gepaard gaat ‘met aanwending van bedriegelijke middelen, zooals misleiding, vermomming, aanneming van valsche namen of hoedanigheden, dan wel.met aanbieding of aan- neming, voorspiegeling of belofte van geschenken, voordeelen of beloo- | , ningen, in welken vorm ook, of met geweld of bedreiging met goweld, kunnen de vrijheidsstraffen worden verdubbeld. (Sw. 128, 165.) : 121. Hij die eene hem van Regeeringswege opgedragen onderhandeling 99 met eene buitenlandsche mogendheid, een Indonesisch vorst of volk opzet- telijk ten nadeele van den staat voert. wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren. (Sw. 35, 52, 124, 128, 165.) sf 100 „122. (Gew. S. 45—135.) Met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren wordt gestraft: : 3 1°. hij die, Ee geval van een oorlog waarin Nederland niet rn a opzettelijk eenige handeling verricht waardoor de Gkjdieneid bne staat wordt in gevaar gebracht, of eenig bijzonder or Mi a Sankt ving der onzijdigheid van Regeeringswege gegeven en bekend ge opzettelijk overtreedt’; (Sw. 96%, 450v., 469 ; CP. 84v.) al ecoiin 2°. hij die, in tijd van oorlog, eenig voorschrift van Meet Sino east: mk belang der veiligheid van den va On, en bekend gemaakt, oP telijk overtreedt. (Sw. 35, 96, 128, 165.) ie Sree eer 123. (Gew. Se bes) De Nederlandsche onderdaan die td 101 krijgsdienst treedt bij eene buitenlandsche mogendheid, wetende EE met Nederland in oorlog is, of in het vooruitzicht van sas ue ate Nederland, wordt, in het laatste geval indien de oorlog he Rk Eras met de doodstraf of levenslange gere. or ie poe oogste twintig jaren. (Sw. 35, 96, , ED ES is- 102 124. (Gow. 15-135) (1) Met de doodstraf of lovensiange Bove nj, dio straf of tijdelijke van ten hoogste twintig hed hb Ala staat tegen- opzettelijk in tijd van oorlog den vijand Alper ee : eN ; 125, 128v. ; CP. 77.) . over den vijand benadeelt. (Sw. 96, 140, dt. verstaan 7 (2) Onder hulpverleening aan den vijand wor ht brengen, vernielen, 1°. het aan den vijand verraden, in 's vende mse t ae "of bezette beschadigen of onbruikbaar maken van *eenig® dedi ingswerk, eenig Plaats of post, eenige militaire inrichting. joa ipa kr voorraad of middel van gemeenschap, eenig magazijn enig deel daarvan, eenig eenige krijgskas, of wel de vloot of het loer f eenige andere zaak van middel tot vervaardiging van krijgsbehoeften of © f er idelen van eenige militair belang dan wel hot belemmeren, te vetting of ander — * tot afweer of aanval beraamde of uitgevoer, “ng in uitvoer zijnd werk wiliteir of in het belang van de landsverdediging muiterij of desertie 2°. het teweeg brengen of bevorderen van oproer, dn Ceder het krijgsvolk ; - nn
1168 WETBOEK. VAN STRAFREOHT. BOEK 2, TITEL 1, 2 ene ee
. 3°. het aan den vijand mededeelen of in ha :
We eek pie eens of beschrijving van militabewete cree ee
ichting betreffende militai eweri nige aoe ing fs e militaire bewegingen of ontwerpen; (Sw. 112, 4°. het den vijand dienen als verspieder of het of voorthelpen van een verspieder dee vijands ; (Sw. 196.38 NEE 5°. het bevorderen of verspreiden van vijandelijke propa: Ee 8.) ‘ 6°. het = hen bloot stellen aan opsporing, vervolging vrijheids erooving of -beperking, eenige straf of eenigen maatr 5 wege den vijand of dias eae : sregel. door of van. 7°. het den vijand ter beschikking stellen van eenig goe verrichten van eenige daad ten pera van den jana Ae sey beletten of verijdelen van eenigen tegen den vijand gerichten maatregel. (Sw. 96, 125v., 128v., 160v., 164v., 236v.; CP. 77.) a 124 bis. (Toeg. S. 45—135.) Met de doodstraf of levenslange gevangenis. straf of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren wordt gestraft hij die opzettelijk in tijd van oorlog oproer, verzet of staking onder de personen werkzaam in een bedrijf ten behoeve van de landsverdediging teweeg brengt of bevordert of daartoe aanzet.
03 125, (Gew. S. 45—135.) De samenspanning tot een der in de artt. 124 en 124 bis omschreven misdrijven wordt gestraft gelijk het misdrijf. (Sw. 35, 88, 128v., 164v.)
04 126. (Gew. S. 45—135.) Met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren wordt gestraft hij die, in tijd van oorlog, zonder oogmerk om den vijand hulp te verleenen of den staat tegenover den vijand te benadeelen, opzettelijk : «
1°. eenige zaak van militair belang vernielt, beschadigt of onbruik- baar maakt ;
2°. desertie van een krijgsman, in dienst van den staat, te weeg brengt of bevordert ;
3°. een verspieder des vijands opneemt, verbergt of voorthelpt ;
4°. vijandelijke propaganda bevordert of verspreidt. (Sw. 96, 124, 129, 160v., 165, 286; CP. 83.) t .
106 127. (1) (Gew. S. 45—135.) Hij die, in tijd van oorlog, eemige edie: gelijke handeling pleegt bij levering van benoodigdheden ten dienste val de vloot of het leger, wordt gestraft met de doodstraf of levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren. de
(2) Met dezelfde straf wordt gestraft hij die, met het opzicht sae te levering der goederen belast, de bedriegelijke handeling opzettelijk toet”: (Sw. 41, 35, 43, 52, 96, 12Sv., 165, 388; CP. 430v.) res
108 128. (1) Bij veroordeeling wegens een der in de artt. 104 en 105 orien ven en kan ontzetting van de in art. 35 no; 1—5 vermelde rec worden uitgesproken. (Sw. 145+. :
(2) (Gew. 8. 30—81.) Bij mad wegens een der in de rtl 108, 110-125, omschreven misdrijven, kan ontzetting van de in ar” no. 1—3 vermelde rechten worden uitgesproken. ‘ sdrijf, kan de
(3) Bij veroordeeling wegens het in art. 127 omschreven nn ae hij het schuldige worden ontzet van de uitoefening van het beroep nie en kan misdrijf begaan heeft, en van de in art. 35 no. 14 vermelde ae “43, 165.) openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak worden gelast. (© ven feiten,
07 129. De straffen gesteld op de in de artt. 124—127 oms® £ met betrek: zijn toepasselijk indien een dier feiten wordt gepleegd tegen © chappelijjker king tot de bondgenooten van den staat in een gemeens oorlog. (Sw. 96, 165 ; CP. 78v., 81.) « …
TITEL IT. rdigheid Misdrijven tegen de Koninklijke waardigheid en tegen de "van de Gouverneur-Generaal. (Sw: 5), rogeerend?
08 130. (1) De aanslag op het leven of de vrijheid van eee ¢roon0pvor Koningin, van den gemaal der regeerende. Koningin, es met gevangen? ger of van een lid van het Koninklijk huis, wordt gestr straf van ten hoogste vijftien jaren. af
MISDR. VEILIGHEID STAAT. KONINKLIJKE WAARDIGHEID. 1169 ———— (2) Indien de aanslag op het leven den voorbedachten rade wordt ondernomen, Rey LAR gene Ree i straf of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren opgelegd ge gevangenis- Ws (3) Indien de aanslag op het leven met voorbedachten rade ondernomen den dood ten gevolge heeft, wordt de doodstraf of levens.ange evangeni straf of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren opgelegd pee bet a 87, 104, 13lv., 139, 140, 165, 328v., 338v., 487; CP. 87) 131. Elke feitelijke aanranding van den persoon des Konings of der 109 Koningin, die niet valt in eene zwaardere strafbepaling, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste acht jaren: (Sw. d-1°, 35, 104, 130 ; 132, 141, 165, 335v., 35lv., 487.) U HRM 132, Elke feitelijke aanranding van den persoon van den gemaal der 110 regeerende Koningin, van den troonopvolger, van een lid van het Konink- lijk huis of van den Regent, dio niet valt in eene zwaardere strafbepaling, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zeven jaren. (Sw. 4-1°, 35, 104, 130v., 139, 141, 165, 335y., 351v., 487.) 133, Elke feitelijke aanranding van den Gouverneur-Generaal of van den waarnemenden Gouverneur-Generaal, die niet valt in eene zwaardere strafbepaling, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zeven jaren. (Sw. 4-1°, 105, 139, 165, 487.) 134, Opzettelijke beleediging den Koning of der Koningin aangedaan, 111 wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldhoete van ten hoogste driehonderd gulden. (Sw. 35, 135, 139, 142v., 310v.,'315, 488.) 135. Opzettelijke beleediging den gemaal der regeerende Koningin, den 112 d troonopvolger, een lid van het Koninklijk huis of den Regent aangedaan, | wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijf jaren of geldboete van ten hoogste driehonderd gulden. (Sw. 35, 134, 139, 142, 310v., 315, 489.) 136. Opzettelijke beleediging den Gouverneur-Generaal of den waarne- menden Gouverneur-Generaal aangedaan, wordt gestraft met GO straf van ten hoogste vijf jaren of geldboete van ten hoogste riehonderd gulden. (Sw. 139, 207, 310, 315, 321, 483v., 488.) zb 136 bis. (Ing. S. 39—134.) Onder opzettelijke beleediging in de artt. 134, 135 en 136 wordt mede begrepen het in art. 315 omschreven. feit, indien dit buiten tegenwoordigheid van den beledigde is gepleegd, hetzij in het openbaar door feitelijkheden, hetzij niet in het openbaar, GN tegenwoordigheid van meer dan vier personen, dan wel in tegenwoordig- heid van een derde, die daarbij zijns ondanks aanwezig 18 en ae Erie: : aanstoot neemt, door feitelijkheden, dan wel mondeling of bij Pek ea 113 137. (1) Hij die cen geschrift of afbeelding, waarin eene belee iging voorkomt voor den Koning, de Koningin, den pa a ee Koningin, den troonopvolger, een lid van het Koninklijk d ley Hisar. Regent, met het oogmerk om aan den beleedigenden inhoud ruc idt heid te geven of de ruchtbaarheid daarvan te vermeerderen, ngenisettat openlijk ten toon stelt of aanslaat, wordt gestraft met Be hoogste van ten hoogste een jaar en vier maanden of geldboete van te 5 riehonderd gulden. ee ij h (2) Indien aa schuldige het misdrijf in zijn beroep begaat en eee het plegen van het misdrijf nog geen twee jaren zijn vele onhe: vroegere veroordecling van den schuldige wegens gele orden ont- pelijk is geworden, kan hij van de Doeg Mes jn DeRob zet. (Sw. 35, 144, 207, 310v., 315, 321, 4837, 409) igi | 138, (1) Hij die een geschrift of afbeelding, waarin O°" ne | voorkomt voor den Gouvorneur-Gencraal of den ae takoud rucht- Neur-Generaal, met het oogmerk om aan den beleedigen der 2 verspreidt, ; baarheid te geven of de ruchtbaarheid daarvan ee netbe van openlijk ten toon stelt of aanslaat, wordt gestraft met Are hoogste drie- he hoogste een jaar en vier maanden of geldBoete van en o Onderd gulden. zeit B ‘er, tijdens (2) Indien de schuldige het misdrijf in zijn bo Reval eene het plegen van het misdrijf, nog geen twee jaren ZIjn lik misdrijf onherroe- Vroegere veroordeeling van den schuldige wegens 66
1170 WETBOEK VAN STRAFRECHT, BOEK 2, TITEL 3, 4. en
A pelijk is geworden, kan hij van de uitoefening van dat beroe
w. _ zet. (Sw. 160v., 207, 310v., 315v., 321, 483v., 488.) P Worden ont.
4 139. (1) Bij veroordeeling wegens het in art. 130 omschreven misdrijf k
ontzetting van de in art. 35 no.1—5 vermelde rechten worden uit nee
(2) Bij veroordeeling wegens een der in de artt. 131—133 Ren misdrijven, kan ontzetting van de in art. 35 no. 1—4 vermelde B worden uitgesproken. ° BSE
(3) Bij veroordeeling wegens een der in de artt. 134—15 misdrijven, kan ontzetting van dein art. 35 no. 1-3 vom worden uitgesproken. (Sw. 145.) wes
TITEL UI. Misdrijven tegen bevriende Staten en tegen hoofden en vertegenwoordigers van bevriende Staten. (*)
139 a. (Ing. S. 21-103 jo. 640.) De aanslag ondernomen met het oor- merk om het grondgebied van een bevrienden staat of van eene kolonie of ander gebiedsdeel van een bevrienden staat geheel of gedeeltelijk te ont- trekken aan de heerschappij van het aldaar gevestigd gezag, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijf jaren. (Sw. 87, 139 c.)
139 b. (Zng. S. 21-103 jo. 640.) De aanslag ondernomen met het oog- merk om den gevestigden regeeringsvorm van een bevrienden staat of van eene kolonie of ander gebiedsdeel van een bevrienden staat te vernic- tigen of op onwettige wijze te-veranderen, wordt gestraft met gevangenis. straf van ten hoogste vier jaren. (Sw. 87, 139c.)
139 c, (Ing. S. 21-103 jo. 640.) De samenspanning tot een der in de artt. 139a en 139b omschreven misdrijven wordt gestraft met gevangenis- straf van ten hoogste één jaar en zes maanden. (Sw. 88.)
115 140. (1) De aanslag op het leven of de vrijheid van een regeerend vorst of ander hoofd van een bevrienden staat wordt gestraft met gevangenis- straf van ten hoogste vijftien jaren.
(2) Indien de aanslag op het leven den dood ten gevolge heeft of met voorbedachten rade wordt ondernomen, wordt levenslange gevangenis: straf of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren opgelegd.
(3) Indien de aanslag, op het leven met voorbedachten rade onderno- men den dood ten gevolge heeft, wordt de doodstraf of levenslange gevan genisstraf of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren opgelegd. (Sw. 35, 87, 104v., 130, 141, 145, 328v., 338v., 487.). ; A
116 141. Elke feitelijke aanranding van den persoon van een regecrent vorst of ander hoofd van een bevrienden staat, die niet valt in eene ee dere strafbepaling, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoog zeven jaren. (Sw. 35, 13lv., 140, 145, 335v., 3ölv., 487.) fd van
117 142, Opzettelijke beleediging een regeerend vorst of ander hoo f van een, bevrienden staat aangedaan, wordt gestraft met gevangenissen, gen ten hoogste vijf jaren of geldboete van ten hoogste drie honderd gut = (Sw. 35, 134v., 143, 145, 310v., 488.) . wees buiten:
118 143, Opzettelijke beleediging eenen vertegenwoordiger van Con danig: landsche mogendheid hij de Nederlandsche Regeering 12 as ogste vif heid aangedaan, wordt gestraft met gevangenisstraf van hee ij ae 134» jaren of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden. (OW. 57»
142, 145, 310v., 488.) “a neee ‘peleediging
119 144, (1) Hij die een geschrift of afbeelding, waarin een® | inden voorkomt voor een regeerend vorst of ander hoofd van ‘he mogendheid staat of voor een vertegenwoordiger van eene buitenlands? : oogmerk om bij de Nederlandsche Regeering in zijne hoedanigheid, pete Sachtbaarheid aan den beleedigenden inhoud ruchtbaarheid te geven of 99 A of aanslaat, daarvan te vermeerderen, verspreidt, openlijk ten toon 8% n maanden of wordt gestraft met gevangenisstraf van ten „hoogste negen @"" ae geldboete van ten hoogste drie honderd gulden. ton er, tijden? _ (2) Indien de schuldige het misdrijf in zijn, beroep pee gedert eene het plegen van het misdrijf, nog geen twee jaren zijn Vor An onherr9® vroegere veroordeeling van den schuldige wegens gelijk miso™
() Opschrift gew. S. 21—103, 640. a
MISDR, BEVRIENDE STATEN UITOEF, STAATSPLIOHTEN. 1171 Ne a | lijk is geworden, kan hij van de uitoefenine zt | Pe (Sw. 35, 137, 310v., 321, 483v., 488.) Ms dat beroep worden ont- ay | 145. (1) Bij veroordeeling wegens het in art. 140 omschreven miedrit , ontzetting van de in art. 35 no. 1-5 vermelde rechten cet Sheet eae 120
(2) Bij veroordeeling wegens het in art. 141 omschreven misdrijf, ani
(3) (Gew. S. 21-103, 640.) Bi veroordeeling wegens een i 1392, 1396, 139c, 142 en 143 omschreven misdrijven, kan ne de in art. 35 no. 1-3 vermelde rechten worden uitgesproken: (Sw. 139.) |
; TITEL IV. | Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
- (Gew. S. 21-240.) Hij die door geweld of bedreiging met geweld ì21, eene vergadering van den Volksraad, van cen provincialen raad of vaneen 123 raad ingesteld ingevolge art. 121 tweede lid, dan wel ingevolge art. 124 tweede lid der Ind. Staatsreg. uiteenjaagt, tot het nemen of niet nemen van eenig besluit dwingt, of den voorzitter of een lid uit die vergadering verwijdert, wordt gestraft met-govangenisstraf van ten hoogste negen jaren. (Sw. 35, 89, 153, 173, 175; 211v.,-333, 335v. ; ISR. 62v.; Prov. ord. 40v.; Reg. ord. 35v., 48v. ; Stadsg. 47v. ; CP! 121.)
147, (Gew. S. 31-240.) Hij die door geweld of bedreiging met geweld 122, opzettelijk den voorzitter of een lid van den Volksraad, van een provin- 124 © cialen raad of van een raad ingesteld ingevolge art. 121 tweede lid, dan
| wel ingevolge art. 124, tweede lid der Ind. Staatsreg. verhindert de ver-
gadering bij te wonen of daarin vrij en onbelemmerd zijn plicht te vervul- | len, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren en acht maanden. (Sw. 35, 89, 153, 2llv., 333, 335v. ; CP. 121.) d
148, Hij die, bij gelegenheid eener krachtens algemeene verordening 125 gehouden verkiezing, door geweld of bedreiging met geweld opzettelijk iemand verhindert zijn kiesrecht vrij en onbelemmerd uit te oefenen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en vier Maan: den, (Sw. 35, 89, 153, 333, 835v. ; CP. 109.) 3 126
149, (1) Hij die, bij gelegenheid eener krachtens algemeene veg gehouden vorkiezing, door gift of belofte iemand omkoopt om zijn a recht hetzij niet, hetzij op bepaalde wijze uit te oefenen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste negen maanden of geldboete van ten
oogste drie honderd gulden. : ae Be ‘
(2) Dezelfde straf woul toegepast op den kiezer dio zich Baie . belofte tot een of ander laat omkoopen. (Sw. 35, 153, 209v., 418v.; oY a 197
Hij die, bij gelegenheid eener krachtens algemeene vero oke gehouden verkiezing, eenige bedriegelijke handeling pleeg) w en de stem van een kiezer van onwaarde wordt of een ander a ae GE den kiezer bedoelde persoon wordt aangewezen, ordt EP 11e) vangenisstraf van ten hoogste negen maanden. (Sw. 35, ee uk 128
Hij die opzettelijk zich voor een ander ici th dene te
h krachtens algemeene verordening gehouden. verkiezing dee, enden | cae met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en Vl
Ww. 35, 153. we
- Hij aye bij gelegenheid eener krachtens en KA gehouden verkiezing opzettelijk eene plaats gehad De ne lenten verijdelt of eenige bedriegelijke handeling benden vettig ingeleverde Ming een andere’ uitslag. wordt gegeven dan door ce ¥ u zijn verkregen, stembiljetten of door de wettig uitgebrachte stemmen zou 27 Yer “ars |
2 Wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste an “misdrijf, 130
| 153, (1) Bij veroordeling wegens het in art. 106 OMe en worden uit: kan ontzetting van de in art. 35 no. 1—3 vermelde rechter Eesproken. : 147—152 omschreven
(2) Bij veroordecling wegens cen der in do artt. A wor taiadrijven, kan nekt de in art. 35 no. 3 vermelde rechten den uitgesproken. … k
1172 WETBOEK VAN STRAFRECHT. BOEK 2, TITEL 5, ee : TITEL V. Ws Misdrijven tegen de openbare orde.
153 bis, 153 ter. Ing. S. 26—139 jo. 140; vervallen S. 48—169
154, (Gew. S. 18-292, 293.) Hij die in het openbaar uiting geeft gevoelens van vijandschap, haat of minachting tegen de Regeerin aun Nederland of van Indonesié, wordt gestraft met gevangenisstraf ven ten hoogste zeven jaren of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden (Sw. 155v., 207.) ;
- (1) (Gew. S. 18-292, 293.) Hij die een geschrift of afbeeldin waarin gevoelens van vijandschap, haat of minachting tegen de eae! ring van Nederland of van Indonesië tot uiting komen, met het oogmerk om aan den inhoud ruchtbaarheid te geven of de ruchtbaarheid daarvan te vermeerderen, verspreidt, openlijk ten toon stelt of aanslaat, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren en zes maanden of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden.
(2) Indien de schuldige het misdrijf in zijn beroep begaat en er, tijdens het plegen van het misdrijf, nog geen vijf jaren zijn verloopen, sedert cene vroegere veroordeeling van den schuldige wegens gelijk misdrijf onher- roepelijk is geworden, kan bij van de uitoefening van dat beroep worden ontzet. (Sw. 154, 156v., 207.)
- (Gew. S. 18-292, 293.) Hij die in het openbaar uiting geeft aan gevoelens van vijandschap, haat of minachting tegen een of meer groe: pen der bevolking van Indonesië, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden. (Sw. 154v).
Onder groep in dit en in het volgend art. wordt verstaan elk deel van de bevolking van Indonesië dat zich door ras, landaard, godsdienst, herkomst, afstamming, nationaliteit of staatsrechtelijken. toestand onderscheidt van een of meer andere deelen van die bevolking. _
- (1) (Gew. S. 18-292, 293.) Hij die een geschrift of afbeelding, waarin gevoelens van vijandschap, haat of minachting tusschen of tegen groepen der bevolking. van Indonesië tot uiting komen, met het hei
| merk om aan den inhoud ruchtbaarheid te geven of de ruchtbaarhel daarvan te vermeerderen, verspreidt, openlijk ten toon stelt of aspen) wordt gestraft met gevangenisstraf van. ten hoogste twee Jaren ene maanden of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden. dans
(2) Indien de schuldige het misdrijf in zijn beroep begaat en a lene het plegen van het feit, nog geen vijf jaren zijn vonsopen Eee vroegere veroordeeling van den schuldige wegens gelijk misdry 3) n ont- pelijk is geworden, kan hij van de uitoefening van dat beroep worde zet. (Sw. l5dv., 321.) vie „lid van
(Gew. S. 27—256 jo. 383.) Hij, die eene verkiezing van *Tndonesié eenig in het buitenland ingesteld staatkundig lichaam ™ in het bui- doet houden, of aldaar zoodanige, hetzij in Indonesië bee “wordt ge tenland te houden verkiezing voorbereidt dan wel bevorder jdboete van straft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of ge ten hoogste vijfhonderd gulden. (Sw. 159.) ‚ne, hetzij
(Gew. S. 27-256 jo. 383.) Hij, die deelneem? oe mah ale in in Indonesié hetzij in het buitenland gehouden ver i ‘ten hoogste art. 158 bedoeld, wordt gestraft met gevangenisstraf Ti (Sw: 158.) zes maanden of geldboete van ten hoogste honderd gt 4 geschrift of
159 2. (Ing. S. 48-169.) Hij, die opzettelijk in Wool” door. andere afbeelding verstoring van de openbare orde door Sr om verwerpitg of feitelijkheden of door bedreiging met geweld, dan We Ag, met gevan aanranding van het wettig gezag aanprijst, wordt Ser eR hoogste ane genisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van 185 honderd gulden. : ding, ©
159 b. te S. 48-169.) Hij, die een geschrift a afbotjined of verstoring der openbare orde door geweld, door an en aanrandiDg ¥ door bedreiging met geweld of omverwerping dan,
MISDRIJVEN TEGEN DE OPENBARE ORDE, 1173 a het wettig gezag wordt aangeprezen, met het oo : ruchtbaarheid te geven of de ruchtbaarheid ireen mr en verspreidt, openlijk ten toon stelt of aanslaat, wordt gestraft met ge. Ww. vangenisstraf van ten hoogste vijf jaren of geldboete van ten hoopsts driehonderd gulden. Met gelijke straf wordt gestraft, hij, die de inhoud van een zodanig geschrift met gelijk oogmerk openlijk ten gehore brengt.
- (Gew. S. 30-81.) Hij, die, mondeling of bij geschrifte in het open- 131 baar tot eenig strafbaar feit, tot gewelddadig optreden tegen het open- baar gezag of tot eenige andere ongehoorzaamheid, hetzij aan een wette- lijk voorschrift, hetzij aan een krachtens wettelijk voorschrift gegeven ambtelijk bevel opruit, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten
| hoogste zes jaren of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden. (Sw. 55-1-2°, 124, 126-2°, 154v., 161, 236v., 461; CP. 102, 202v., 217, 285, 289, 293.)
161, (1) (Gew. S. 3031.) Hij, die een geschrift, waarin tot eenig straf. 132 baar feit, tot gewelddadig optreden tegen het openbaar gezag of tot eenige andere in het vorige art. omschreven ongehoorzaamheid wordt opgeruid met het oogmerk om aan den opruienden inhoud ruchtbaarheid te geven of de ruchtbaarheid daarvan te vermeerderen, verspreidt, openlijk ten toon stelt of aanslaat, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoog- ste vier jaren of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden.
(2) Indien de schuldige het misdrijf in zijn beroep begaat en er, tijdens het plegen van het misdrijf, nog geen vijf jaren zijn verloopen, sedert eene vroegere veroordeeling van den schuldige wegens gelijk misdrijf
| onherroepelijk is geworden, kan hij van de uitoefening van dat beroep | worden ontzet. (Sw. 35, 55-1-2°, 160, 483v.; CP. 102, 205v., 217, 285v., 293.)
161 bis. (Jng. S. 23-222 jo. 483.) Hij die, met het oogmerk om versto- ring van de openbare orde of ontwrichting van het economisch leven der maatschappij te veroorzaken, dan wel wetende of redelijkerwijze moetende vermoeden, dat daarvan verstoring van de openbare orde of ontwrichting van het economisch leven der maatschappij het gevolg zal zijn, te weeg brengt of bevordert, dat meerdere personen nalaten of, ondanks more gegeven last, weigeren werkzaamheden te verrichten, waartoe ee De verbonden hebben of uit kracht van hunne dienen vor on on zijn, wordt gestraft met govern Ee an vijtsjaren 0 geldboete van ten hoogste duizend gulden. (Sw. 10Uv. EN eH
162, Hij die in het Opeabast, mondeling of bij geschrifte, Cd rd 133 tingen, gelegenheid of middelen te verschaffen om eenig 8 ee ae Seca plegen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten Reo 5 21 63, 299.) den of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden. Sy inli chtingen, 134
- (1) Hij die een geschrift waarin wordt pana cr tat te plegen: gelegenheid of middelen te verschaffen om eenig stra! Daar Alaf:de EE met het oogmerk om aan dat aanbod ruchtbaarheid en nf baarheid daarvan te vermeerderen, verspreidt, pe “Pie hoogste vier of aanslaat, wordt gestraft met gevangenisstra re drie honderd gul- ae ee en twee weken of geldboete van ten hoogs
| en. (Sw. 162.) eter , tijdens
(2) Indien de schuldige het misdrijf in zijn. betas EN aut aes het plegen van het misdrijf, nog geen vif pels ay ens gelijk misdrijf eene vroegere veroordeeling van den schuldige * an dat beroep wor- snherroepelijic is geworden, kan a re de uitoefening 5
en ontzet. (Sw. 35, 56-2°, 483v. en : der in art.
163 bis. ae, S. 25-197 jo. 278.) (1) Hi, die Foor egen om een bia 55 onder 2 vermelde middelen een ander vee £ eene strafbare poging Misdrijf te begaan, wordt, indien het misdrijf © err van ten hoogste daartoe niet is gevolgd, gestraft met gevangeniss den, echter zes 8 gt, 5 te driehonderd gulden, eC
Jaren of geldboete van ten hoogs Sdere straf wordt uitge- Met dien verstande dat nimmer eene zwaa Hf. of, indien zoodanige Sproken dan ter zake van poging tot het ge kan worden opgelegd. Poging niet strafbaaris, terzake van het misdrijf ze” indien het misdrijf
(2) Deze bepaling is op hem niet van toepassing,
SB Z
1174 WETBOEK VAN STRAFRECHT. BOEK 2, TITEL 5. sn N. of een strafbare poging daartoe niet is gevolgd teng SG digheden, van si wil afhankelijk. gevolgd tengevolge van omstan. 5 164, (Gew. S. 27—123 ; 30-81.) Hij die, kennis drag : samenspanning tot een der in de artt. 104—108, 113, Tia, jo yee 187 bis bedoelde misdrijven op een tijdstip waarop het plegen va d sl misdrijven nog kan worden voorkomen, opzettelijk nalaat daarvan voldoende kennis te geven hetzij aan de ambtenaren der justitie of obti 8 hetzij aan den bedreigde, wordt, indien het misdrijf is gevolgd pi re met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en vier maanden of eld boete van ten hoogste drie honderd gulden. (Sw. 88, 110, 116, 125 166, Sv. 6v., 51; CP. 103v.) Pre i 136 165. (1) (Gew. S. 30—31 ; 31-240.) Hij die, kennis dragende van een voornemen tot het plegen van een der in de artt. 104—108, 110-113 en | 115—133 omschreven misdrijven, tot desertie in tijd van oorlog, tot mili- tair verraad, tot moord, menschenroof of verkrachting, tot een der in Titel VII van dit Wetboek omschreven misdrijven voor zoover daardoor | levensgevaar wordt veroorzaakt, tot een der misdrijven omschreven in | de artt. 224—248, 250, of tot een der misdrijven omschreven in de artt. | 264 en 275 voor zooveel betreft voor omloop bestemd kredietpapier, op | een tijdstip waarop het plegen van deze misdrijven nog kan worden voor. komen, opzettelijk nalaat daarvan tijdig voldoende kennis te geven hetzij ' aan de ambtenaren der justitie of politie, hetzij aan den bedreigde, wordt, \ indien het misdrijf is gevolgd, gestraft met gevangenisstraf van ten hoog: ; ste negen maanden of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden. (Sw. 166, 187v., 285, 328, 340, 342v.; Sv. 6v., 51 ; CP. 103v., 108, 136, 144.) (2) Dezelfde straf is toepassclijk op hem die, kennis dragende van | eenig in het eerste lid vermeld reeds gepleegd misdrijf waardoor levens: | gevaar is ontstaan, op een tijdstip waarop de gevolgen nog kunnen: worden i afgewend, opzettelijk nalaat daarvan gelijke kennisgeving te doen. — 137 166. De bepalingen van de artt. 164 en 165 zijn niet van toepassing op hem die door de kennisgeving gevaar voor eene strafvervolging zou doen ontstaan voor zich zelven, voor een zijner. bloed verwanten of aan- | gehuwden in de rechte linie of in den tweeden of derden graad der ou: | linie, voor zijn echtgenoot of gewezen echtgenoot, of voor een ance | wiens vervolging hij zich, uit hoofde van zijn ambt of beroep, Tart | afleggen van getuigenis zou kunnen verschoonen. (Sw. 221v., 367, 31 | 376, 394, 404, 525; Sv. 7, 51, 145v.; CP. 107.) NS Bier ‚138 167. (1) Hij die in de woning of het besloten lokaal of erf, bij Pr Ever. in gebruik, wederrechtelijk binnendringt of, wederrechtelijk @ rence nds | toevende zich niet op de vordering van of vanwege den ech oogst” | aanstonds verwijdert, wordt gestraft met gevangenisstraf van Ee | negen maanden of geldboete van ten hoogste drie honderd gu braak af | (2) Hij die zich den toegang heeft verschaft door middel van en inklimming, van valsche sleutels, van een valsche order of la anders kostuum, of die, zonder voorkennis van den rechthebbende cht wordt dan ten gevolge van vergissing binnengekomen, aldaar by SOB) | aangetroffen, wordt geacht te zijn binnengedrongen. aat geschikt f (3) Indien hij bedreigingen uit of zich bedient van se igstraf van ten | om vrees aan te jagen, wordt hij gestraft met gevangen? Î hoogste een jaar en vier maanden. kunnen met gen } (4) De in het eerste en derde lid bepaalde strafien A6 ersonen het | derde worden verhoogd, indien twee of meer vereenigde is 65 429.) gt $s 235, 363, 309 ader | misdrijf plegen. (G. 165; Rv. 448, 595 ; Sw. 168, 299, lokaal weder / 139 168.-(1) Hij die in een voor den openbaren dienst bees de, zich me i rechtelijk binnendringt of, wederrechtelijk aldaar vertoovens verwijder» | op de vordering van den bevoegden ambtenaar pk as maanden © } wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste Vg gulden: 8 sf 5 d honder k of { twee weken. of geldboete van ten hoogste OF@ | 4.) van bro ch | (2) Hij die zich den toegang heeft verschaft door ™! der of een % en | inklimming, van valsche sleutels, van een valsche OPS | htenaet i kostuum, of die, zonder voorkennis van den bevoegden p H <x
MISDRIJVEN TEGEN DE OPENBARE ORDE. 1175 EE anders dan ten gevolge van vergissing bi a wordt aangetrofien, wordt geach t beaten nacht N, (3) Indien hij bedreigingen uit of zich bedient van mididelee Ww. ee Sw. om vrees aan te jagen, wordt hij gestraft met gevangeriast Ae ikt hoogste een jaar en vier maanden. 8 A een
(4) De in het eerste en derde lid bepaal : derde worden verhoogd, indien twee of see ae oe Hat misdrijf plegen. (G. 165 ; Sw. 167, 285, 363, 429, eee re ls
- (Gew. S. 19-27, 561 ; 35—85, 575.) (1) Deelneming aan ce = eeniging die tot oogmerk heeft het plegen van ste ven of aan oder ee
| bij aigemeene verordening verboden vereeniging, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren.
(2) Deelneming aan eene vereeniging, die tot oogmerk heeft het plegen van overtredingen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste negen maanden of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden. |
(3) Ten aanzien der oprichters of bestuurders kunnen deze straffen met een derde worden verhoogd. (G. 9; ISR. 165; S. 70—64* bl, 593;
CP. 265v., 291v.) :
170, (1) Zij die openlijk met vereenigde krachten geweld plegen tegen 141 personen of goederen, worden gestraft met gevangenisstraf van ten hoog- ste vijf jaren en zes maanden. (Sw. 336.)
(2) De schuldige wordt gestraft:
1°, met gevangenisstraf van ten hoogste zeven jaren, indien hij opzet- telijk goederen vernielt of indien het door hem gepleegde geweld eenig
lichamelijk letsel ten gevolge heeft; | 2°, met gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren, indien dat ge- weld zwaar lichamelijk letsel ten gevolge heeft ; (Sw. 90.)
3°. met gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren, indien dat ge- wel den dood ten gevolge heeft. (Sw. 487.)
(3) Art. 89 blijft buiten toepassing. (Sw. 336 ; CP. 96, 440v.)
- (Gew. 9. 47—180.) (1) Hij, die door het verspreiden van eon logenachtig bericht of logenachtige mededeling opzettelijk onrust ver- wekt onder de bevolking, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten
\ hoogste drie jaren. J :
(2) Hij die een bericht verspreidt of een mededeling verspreidt of doet, waardoor onrust onder de bevolking kan worden verwekt, wordt, indien hij redelijkerwijze moet vermoeden, dat dat bericht of die mode: deling logenachtig is, gestraft met gevangenisstraf van ten egte ne en zes maanden of goldboeto van ten hoogste driehonderd gulden.
‚ 15138.
- Hij We opzettelijk door valsche alarmkreten of dee at sat Me verstoort, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie w of geldboete van ten hoogste zestig gulden. (Sw. 503) rloofde 143
173, Hij die door geweld of bedreiging met geweld eene geoor oo Te
d : ; ; traft met gevangenisstra openbare vergadering verhindert, wordt ges 146, 174v.) van ten hoogste een jaar. (G. 9; ISR. 165 ; Sw. 89, 146, le of het maken 144 \ 174. Hij die opzettelijk door het verwekken van ded gestraft van gedruisch eene geoorloofde openbare vergadering EO van ten Hoog: met gevangenistraf van ten hoogste drie weken Jen: Sv. 161, 255.) Ste zestig gulden. (G. 9; ISR. 165; Sw. 173, ikken veld hetzij ‘cone geoor- 145
- Hij die door geweld of bedreiging met Bn geoorloofde gods- loofde openbare godsdienstige bijeenkomst, aan hindert, wordt gestraft dienstige plechtigheid of begrafenisplechtigheid vern” maanden. (G. 9, met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en Wer 174, 176. 4 173v., 176; CP. 261)
\ » 176; ISR. 165, 174; Sw. 89, 146, Liev, „wanorde of het maken 146
- Hij die opzettelijk door het verwekken van dadienstige bijeen-
van gedruisch hetzij eene geoorloofde open i he heid of begrafenis- komst, hetzij eene geoorloofde godsdienstige P den van ten hoogste
Plechtigheid stoort, wordt gestraft met gevangen! ten hoogste honderd ene maand en twee weken of geldboete Sw. 174 177, 217; CP. 261.) | twintig gulden. (G. 9, 174, 176; ISR. 165, 174; Sw. 17%) 7:
1176 WETBOEK VAN STRAFR ECHT. N. 177. Met i . gevangenisstraf van ten h i Sw. of geldboete van ten hoogste ee Mera pena 147 1°. hij die een bedienaar van den ilies gulden wordt gestraft: bie pa bediening bespot ; Sean cleigeorlootie; wasn: 2°. hij die voorwerpen aan eenen ee i ij de uitoefening van dien dienst dens he re en Vas; Sw. i764 OP. 262) » beschimpt. (G. 174v, ; ISR, . Hij die opzettelijk den geoorloof 0eg plaats of het geoorloofd heer ee age UGS verhindert of belemmert, wordt gestraft as samen hoogste eene maand en twee weken. of erf raden: veen ve ey: gulden. (Sw. 179.) : vree B HE 179. Hij die opzettelijk een graf schendt of ij ae eenig op eene begraafplaats Bhgeichel oe a image eschadigt, wordt gestraft met gevangenisstraf eN a eh (Sw. 406.) ek eon jess . Hij die opzettelijk en wederrechtelijk een lijk okee opereren of weggenomen lijk aant hae | B et gevangenisstraf van ten hoogste een j ier 0 Et fei geldboete xan ten Hooge drie pendent eee Bon 8 . Hij die een lijk begraaft veg % het oogmerk om het Sarno of He Be een pia Eh ee Mae goer met gevangenisstraf van ten hoogste nege Sig aes t ee | ten hoogste drie honderd Gilden (Sw. 5 ERE he dee TITEL VI. Tweegevecht 152 182. M i fee et gevangenisstraf van ten hoogste negen maanden wordt ge- 1°. hij die iemand tot eene ui i I uitdaging tot tweegevecht of tot het aan- neme i indi pe moyen eenn IBE aanzet, indien daarop een tweegevecht volgt : 2°. hij die ttelij itdagi indi 5 ee ial Dace gens ideen overbrengt, indien daarop een „Jet gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete yan: Brogt drie honderd gulden wordt gestraft hij die iemand in et, per phar of in tegenwoordigheid van derden verwijtingen doet of an Aan spotting prijsgeeft, omdat hij niet tot tweegevecht heeft wir rn g rae ie „omdat hij eene uitdaging heeft afgewezen. (Sw. 315.) een li (2) weegevecht wordt ten aanzien van hem die zijne tegenparty 8 chamelijk letsel toebrengt, gestraft met gevangenisstraf vanen ovgste megen maanden. (Sw. 351.) cern ee tegenpartij eenig lichamelijk letsel toebrengt, Warr! I Se. 361, 358) genisstraf van ten hoogste een jaar en vier m (3) Hil die eine tegenpartl i two genpartij zwaar lichamelijk letsel toebreng cee met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren. (SW. 90, $5! (4) Hij die zijne tegenpartij van het leven berooft, wordt gestraft mnt gevangenisstraf van ten hoogste zeven jaren of, indien het bege te op leven of dood was aangegaan, met gevangenisstraf van ten hoog eee (Sw. 338v., 344, 351.) oging tot tweegevecht is niet strafbaar. (Sw. 53, 351.) is 155 i 185. Op hem die in een tweegevecht zijne tegenpartij val been erooft of haar eenig lichamelijk letsel toebrengt worden de bep 340v» gn moord, doodslag of mishandeling toegepast : (SW: GORE 1°. indien de voorwaarden niet vooraf zijn geregeld ; (Se, Je van 2°, indien het tweegevecht niet plaats heeft m tegenwoordig wederzijdsche getuigen ; (Sw. 186.) onpartin 3°, indien de dader, opzettelijk en ten padeele van de teg a
MISDE. OPENBABE ORDE, TWEEGEVECHT, ALGEM, VEILIGHEID. 1177
waarden afwijkt. Sy. 186) mg Schuldig maakt of van de voor, a
- (1) Getuigen en geneeskundi i dj se wi
{ zijn niet ROGS B, (Sw 56, 185.) gen die een tweegevecht bijwonen, 156
(2) De getuigen worden gestraft :
1°. met gevangenisstraf van ten hoogste drie ; indi waarden niet vooraf zijn geregeld, of mee ene ed eine van het tweegevecht aanzetten ; (Sw, 55, 182, 185.) zetting
2°. met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren, indien zij, opzet- telijk en ten nadeele van eene of beide partijen, zich aan eenige. bedrie- gelijke handeling schuldig maken of eenige door partijen gepleegde be-
driegelijke handeling toelaten, of toelaten dat van de voorwaarden wordt afgeweken. (Sw. 185-3°,)
(3) De bepalingen omtrent moord, doodslag of mishandeling worden toegepast op den getuige bij een tweegevecht waarin eene der partijen van het leven is beroofd of haar eenig lichamelijk letsel is toegebracht, indien hij, opzettelijk en ten nadeele van die partij, zich aan eenige be- driegelijke handeling heeft schuldig gemaakt of eenige bedriegelijke han- deling heeft toegelaten, of heeft toegelaten dat ten nadeele van den ver- slagene of verwonde van de voorwaarden is afgeweken. (Sw. 90, 185, 338, 340v., 35lv.)
TITEL VO. | Misdrijven waardoor de algemeene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht. (Sw. 165.) \ 187. Hij die opzettelijk brand sticht, eene ontploffing teweegbrengt of 157 tene overstrooming veroorzaakt, wordt gestraft:
1°. met gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren, indien daarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten is; : are
2°. met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren, indien daar- van levensgevaar voor een ander te duchten is; :
3°. met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste twin- tig jaren, indien daarvan levensgevaar voor een ander te duchten is en
; het feit iemands dood ten gevolge heeft. (Sw. 35, 206, 336, 338, 382, 410, 496; OP. 95, 434v., 437.) .
187 bis. ( ing. S. 27— 123.) (1) Hij die stoffen, voorwerpen of negen vervaardigt, aanneemt, in handen tracht te krijgen, voorhanden hee rf verbergt, vervoert of binnen Indonesië invoert, waarvan hij weet o redelijkerwijs moet vermoeden dat zij bestemd zijn dan wel bij dee heid bestemd zullen worden tot het teweegbrengen van een ontplofling, Waarvan levensgevaar of gemeen gevaar voor goederen te neden nd Wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste acht jaren of hec MS van ten hoogste een jaar. shui . (2) De ondetedclaeher! van de stoffen, voorwerpen of een 2 het vorige lid bedoeld, tot het ences ene yan een ontploling,
Aar omschreven, heft de strafbaarheid niet op. i 187 ter, (Ing. S. 27—123.) De samenspanning tot een der in de cine ‘ 187 yen 187 bis omschreven misdrijven wordt gestraft met gevang Straf van ten hoogste vijf jaren. F ij : 188, Hij aan in Sien ontploffing of overstrooming te wijten 158 8, wordt gestraft: : 5
1°. met tn van ten hoogste vier maanden en of hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van En oe honderd gulden, indien daardoor gemeen gevaar }
Staat ; echtenis 2°, met gevangenisstraf van ten hoogste negen aaneen Sere
Yan ten hoogste zes maanden of geldboete van ten Hoog ees
| Sulden, indien daardoor levensgevaar voor een ander ents) NE | 3°. met gevan enisstraf van ten hoogste een jaar en vl dood ten | hechtenis 5 8 > indien het feit jemands doo
| van ten hoogste een jaar, 1
| S°volgo heeft. (Sw. 35, 206, 359v., 460v.; CP. 457¥.)
1178 WETBOEK VAN STRAFRECHT. BOEK 2, TITEL 7. eN N. 189. Hij die opzettelijk bij of in het v itzi Sw. reedscha pan of Sinechmiddelen oo a bluschge- : pp 1 € derrechtelijk verbergt of onbruik 159 baar maakt, of op eenige wijze de blussching van brand verhinde is 5 belemmert, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste ss ot jaren. (Sw. 35, 206, 336.) xen 160 190. Hij die opzettelijk bij of in het vooruitzicht van watersnood dij : ae § ijk- materialen of gereedschappen wederrechtelijk verbergt of onbruikbaar maakt, eenige poging tot herstel van dijken of andere waterstaatswerken verijdelt, of de aangewende middelen tot het voorkomen of stuiten van overstrooming tegenwerkt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zeven jaren. (Sw. 35, 206, 336 ; CP. 438.)
- Hij die opzettelijk eenig werk dienende tot waterkeering of water: loozing vernielt, onbruikbaar maakt of beschadigt, wordt, indien daar- van gevaar voor overstrooming te duchten is, gestraft met. gevangenis- straf van ten hoogste zeven jaren. (Sw. 35, 206, 336, 406. 408 ; CP. 437.)
161 191 bis. (ng. S. 51-240.) Hij die opzettelijk eenig electriciteitswerk bis _ vernielt, beschadigt of onbruikbaar maakt, stoornis in den gang of in de werking van zoodanig werk veroorzaakt, of een ten opzichte van zoo- danig werk genomen veiligheids- of herstellingsmaatregel verijdelt of bemoeilijkt wordt gestraft: 1°. met gevangenissiraf van ten hoogste negen maanden of geldboete van ten hoogste driehonderd gulden, indien daardoor verhindering of bemoeilijking van levering van electrischen arbeid ten algemeenen nutte ontstaat ; : 2°. met gevangenisstraf van ten hoogste zeven jaren indien daarvan | gemeen gevaar voor goederen te duchten is; 3°. met gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren, indien daarvan levensgevaar voor een ander te duchten is ; L 4°, met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren, indien daarvan levensgevaar voor een ander te duchten is en het feit iemands dood ten gevolge heeft. (Sw. 35, 101 bis, 206, 408.) : pare) i : 161 191 ter. ( Ing. S. 31-240.) Hij aan wiens schuld te wijten 18 dat een!g ter _eleetriciteitswerk wordt vernield, beschadigd, of onbruikbaar gemaa, dat stoornis in den gang of in de werking van zoodanig werk pistes’, Se dat een ten opzichte van zoodanig werk genomen veiligheids- of hers lingsmaatregel wordt verijdeld of bemoeilijkt, wordt gestraft : seven 1°, met gevangenisstraf van ten hoogste vier maanden en ie i if, of hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van renal exe drie honderd gulden, indien daardoor verhindering of bemoei tre ar
levering van electrischen arbeid ten algemeenen nutte of gemeen 8
voor goederen ontstaat; f hechtenis
2°. met gevangenisstraf van ten hoogste negen maanden 4 Gehonderd van ten hoogste zes maanden of geldboete van ten hoogste De gulden, indien daardoor levensgevaar voor een ander are maanden
3°, met gevangenisstraf van ten hoogste ecn jaa ie dood teD- of hechtenis van ten hoogste één jaar, net het feit 1ema
evolge heeft. (Sw. 35, 101 bis, 206, 409. verkeer
„62 192, Hij die opzettelijk eenig werk dienende voor het op jand- vernielt, onbruikbaar maakt of beschadigt, eenigen Sen: of van 200° of waterweg verspert of een ten aanzien van zoodanig Es rdt gestraft: danigen weg genomen veiligheidsmaatregel verijdelt, * naien daarvan
1°, met gevangenisstraf ten ten hoogste negen been 5 | gevaar voor de veiligheid van het verkeer te donna ‘indien dante | 2°, met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jar en het feit jomäl gevaar voor de veiligheid van het verkeer te dun OP. 437.) Heb | dood ten gevolge heeft. (Sw. 35, 206, 336, 406, 40 ' dienende von 363 193. Hij aan wiens schuld te wijten is dat een'é wer Sb of peschadië} | openbaar verkeer wordt vernield, onbruikbaar Aen ten aanzien, ver: | eenige openbare land- of waterweg versperd 0 „jigheidsmaatre8? zoodanig werk of van zoodanigen weg genomen. vel 6 ken ijdeld wordt, wordt gestraft : : „don en twee MES 19, met gevangenisstraf van ten hoogste vier maa
of hechtenis van ten hoogste drie maan ; 7 drie honderd gulden, indian daardoor eene hoogste aes 2°. met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en vier maanden of W. hechtenis van ten hoogste een Jaar, indien het feit iemands d dt gevolge heeft. (Sw. 35, 206, 350v., 409, 494.) prent
- (1) Hij die opzettelijk Sevaar veroorzaakt voor het openbaar ver- 164 keer door stoomvermogen of andere mechanische beweegkracht over een spoorweg of tramweg, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren.
(2) Indien het feit iemands dood ten gevolge heeft, wordt de schuldigo gestraft met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste twintig jaren. (Sw. 35, 187, 206, 336, 338.)
195, (1) Hij aan wiens schuld te wijten is dat gevaar ontstaat voor 165 het openbaar verkeer door stoomvermogen of andere mechanische be- weegkracht over een spoorweg of tramweg, wordt gestraft met gevangenis- straf van ten hoogste negen maanden of hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden.
(2) Indien het feit iemands dood ten gevolge heeft, wordt de schuldige gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en vier maanden of hechtenis van ten hoogste cen jaar. (Sw. 35, 206, 359v.)
- Hij die opzettelijk een voor de veiligheid der scheepvaart gesteld 166 teeken vernielt, beschadigt, wegneemt of verplaatst, zijne werking ver- ijdelt of een verkeerd teeken stelt, wordt gestraft :
1°. met gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren, indien daarvan gevaar voor de veiligheid der scheepvaart te duchten is; 4 |
2°. met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren, indien daarvan | gevaar voor de veiligheid der scheepvaart te duchten is en het feit het | zinken of stranden van een vaartuig ten gevolge heeft; f 3°. met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste twin- tig jaren, indien daarvan gevaar voor de veiligheid der scheepvaart te duchten is en het feit iemands dood ten gevolge heeft. (Sw. 35, 206, 336, 338; CP. 437.) a deuce "67 197, Hij aan wiens schuld vernieling, beschadiging, wegneming o } verplaatsing van een voor de veiligheid der scheepvaart gesteld enen of verijdeling zijner werking of het stellen van een verkeerd teeken te wijten is, wordt gestraft : . ,
1°. met govanvon itis van ten hoogste vier maanden en bd w den of hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van fe loon drie honderd gulden, indien daardoor de scheepvaart onvei k ‘ ee
| 2°. met gevangenisstraf van ten hoogste negen maanden o d ‘oh cd nis van ten hoogste zes maanden of geldboete van ten hoogste ij oR | derd gulden, indien het feit het zinken of stranden van cen vaartuig gevolge heeft; ‘ . 3°. met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en Le a nlenyot hechtenis van ten hoogste een jaar, indien het feit iemands doo gevolge heeft. (Sw. 35, 206, 359v.) ; . : 198. Hij die in. en wederrechtelijk eenig vasrtulg acon LS ) of stranden, vernielt, onbruikbaar maakt of beschadigt, vow Aen dent 7 Mis met gevangenisstraf van ten oostende ipreD ee | van levensgevaar voor een ander te duchten is; e.twin- | _ 2°. met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke te We he reen tig jaren, indien daarvan levensgevaar voor een OER 699-15°, 752; . het feit iemands dood ten gevolge heeft. (K. 53 a ai ij Sw. 35, 199, 206, 336, 338, 382, 410, 490; CP. 484v) rukt of 169 199. Hij aan wiens schuld te wijten is dat eenig Ai Bap estraft: Straadt, vernield, onbruikbaar gemaakt of beschadigde en of heontanie My met Sevangentestrativanitenslicoess ie hoogste drie honderd van ten hoogste zes maanden of geldboete van fino Sulden, indien daardoor levensgevaar voor een ander on! r maanden of 2°, met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en vie dood ten ge- hechtenis van ten hoogst ‘aar, indien het feit iemands do gste een jaar,
1180 WETBOEK VAN STRAFRECHT. BOEK 2, TITEL 7, 8. nen N. volge heeft. (K. 536—539, 699-15°, 752; Sw. 35, 198, 206, 359 Sw. 200. Hij die opzettelijk eenig gebouw of getimmerte verni. v.… 410.) 170 digt, wordt gestraft: De vernielt of bescha 1°. met gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren, indi gemeen gevaar voor goederen te duohten is ; es ean 2°, met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren, indien daar levensgevaar voor een ander te duchten is; a 3°. met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste twin- tig jaren, indien daarvan levensgevaar voor een ander te duchten is en het feit iemands dood ten gevolge heeft. (Sw. 35, 206, 336, 382, 410 496: CP. 437.) arta 171 201. Hij aan wiens schuld de vernieling of beschadiging van eenig ge- bouw of getimmerte te wijten is, wordt gestraft : 1°, met gevangenisstraf van ten hoogste vier maanden en twee weken of hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van ten hoogste drie- honderd gulden, indien daardoor gemeen gevaar voor goederen ontstaat ; 2°. met gevangenisstraf van ten hoogste negen maanden of hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden, indien daardoor levensgevaar voor een ander ontstaat ; 3°. met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en vier maanden of hechtenis van ten hoogste een jaar, indien het feit iemands dood ten gevolge heeft. (Sw. 35, 206, 359v.)
172 202. (1) Hij die in een put, pomp, bron of in eene ten algemeenen nutte of tot gezamenlijk gebruik van of met anderen bestemde drinkwater- | inrichting eenige stof aanbrengt, wetende dat daardoor het water voor het
leven of de gezondheid schadelijk wordt, wordt gestraft met gevangenis- straf van ten hoogste vijftien jaren. 5 | (2) Indien het feit iemands dood ten gevolge heeft, wordt de schuldige | gestraft met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste | twintig jaren. (Sw. 35, 206, 336.) } 173 203. (1) Hij aan wiens schuld te wijten is dat in een put, pomp, bron of in eene ten algemeenen nutte of tot gezamenlijk gebruik van of met anderen bestemde drinkwaterinrichting eenige stof wordt aangebracht, | waardoor het water voor het leven of de gezondheid schadelijk wor ; | wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste negen ese ij hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van ten hoogste | honderd gulden. huldige | (2) Indien het feit iemands dood ten gevolge heeft, wordt de se aan af | gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en vier maan | hechtenis van ten hoogste een jaar. (Sw. 35, 206, 359v.) f uitdeelt, 174 204. (1) Hij die waren verkoopt, te koop aanbiedt, aflevert 0 Wea dat wetende dat zij voor het leven of de gezondheid-schadelijk ee van i schadelijk karakter verzwijgende, wordt gestraft met gevangenis | ten hoogste vijftien jaren. dige | (2) Elien hes foit iemands dood ten gevolge heeft, wordt dee gestraft met levenslange govangenisstraf of tijdelijke 5818) twintig jaren. (Sw. 35, 43, 206, 336, 338, 386, 486, 501 ; CP. gelijk voor het 175 205. (1) Hij aan wiens schuld te wijten is dat waren, Sche rden, zonder leven of de gezondheid, verkocht, afgeleverd of ge js, wordt dat de kooper of verkrijger met dat schadelijk karakter den of pechten!s gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste negen maan = honderd van ten hoogste zes maanden of geldboete van ten hoogs 3 | gulden. ordt de schuld? | (2) Indien het feit iemands dood ten gevolge heeft, zó vier maanden ° gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een Jaar 43 hechtenis van ten hoogste een jaar. gw. 35, 39, 4 (3) De waren kunnen worden verbeurd verklaard. (SW. EE | 206. 359v., 386 ; CP. 318.) ijt zh : schreve MG 206. (1) Bij veroordeeling wegens eenig ID dezen i ue en het beroeP drijf, kan de schuldige worden ontzet van de RS 6 waarin hij het misdrijf begaan heeft. (Sw. 10, 35, 38.) ‘
| | MISDR. ALGEMEENE VEILIGHEID. OPENBAAR GEZAG. 1181 en
(2) Bij veroordeeling wegens een der in de artt. 204 en 205 omschr
md reg de rechter de openbaarmaking zijner uitspraak gelasten Ses : TITEL VIM. Misdrijven tegen het openbaar gezag.
Hij die opzettelijk in het o enbaar, mondelin ij i eene in Nederland of in Indonesié pestalie macht of az aaa openbaar lichaam beleedigt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en zes maanden of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden. (Sw. 310, 488.)
(1) Hij die een geschrift of afbeelding, waarin eene beleediging voorkomt voor eene in Nederland of in Indonesié gestelde macht of een aldaar gevestigd openbaar lichaam, met het oogmerk om aan den belee- digenden inhoud ruchtbaarheid te geven of de ruchtbaarheid daarvan te vermeerderen, verspreidt, openlijk ten toon stelt of aanslaat, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier maanden of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden.
(2) Indien de schuldige het misdrijf in zijn beroep begaat en er, tijdens het plegen van het misdrijf, nog geen twee jaren zijn verloopen, sedert eene vroegere veroordeeling van den schuldige wegens gelijk misdrijf onher- roepelijk is geworden, kan hij van de uitoefening van dat beroep worden ontzet. (Sw. 137v., 144, 155, 157, 282, 321, 488.)
209, (1) Met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren en acht maan- 177
| den of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden wordt gestraft :
1°. hij die een ambtenaar eene gift of belofte doet met het oogmerk om hem te bewegen in zijne bediening, in strijd met zijn plicht, iets te doen of na te laten ; A
2°. hij die een ambtenaar eene gift doet ten gevolge of naar aanleiding van hetgeen door dezen in zijne bediening, in strijd met zijn plicht, is gedaan of nagelaten. a,
(2) Ontzetting van de in art. 36 no, 1—4 vermelde rechten kan worden
- uitgesproken (Sw. 92, 149, 210, 418v. ; CP. 179v., 242.) i ae
- (1) Met gevangenisstraf van ten hoogste zeven jaren wo gestraft :
1°. hij die een rechter eene gift of belofte doet met het Dg om myo te oefenen op de beslissing van eene aan diens oordeel onderworpen zaak ; a ‘
9°. hij die aan een persoon, ingevolge wettelijk voorschrift als ween of als adviseur aangewezen om de terechtzitting van rr £ Aken van een gerecht bij te wonen, dan wel aan een hoofddja sa pas 8 eene gift of belofte doet met het oogmerk om invloed te ge senden diens uit te brengen advies of gevon beigepdn ome aan he van de rechtbank of van het gerecht onderworpe: :
(2) Indien die gift of belefie gedaan wordt met het oomen er ea
i macordeeling in eene strafzaak te verkrijgen, word deja 508 met gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren. (3) Ontzetting van de in art. 35 no. 1—4 vermelde Sara a worden uitgesproken. (RO. 13 ; Sw. 92, 149, 209, 418v. ; CP. ue Teeven Ih) aL. Hij die door gereldpef Peace oor hot nalaten eener dwingt tot het volvoeren eener ambtsverric en evangenisstraf van reobtmatige ambtsverrichting, wordt gestraft met g 459v.; CP. 179, a hoogste vier jaren. (Sw. 89, 92, 146v., 213v., 335v., 3 » 218, 305v. 47 veld verzet tegen 180 t 212, Hij die BEN met geweld of bedreiging De garen ee, ; Cen ambtenaar werkzaam in de rechtmatige uìtoe EE 8 lichting of o of tegen personen die hem daarbij krachtens wettelijke verp. a hai zij a Is schuldig aan wederspannignele, JN verzoek bijstand verleenen, wordt, a ‘ar en vier maanden of Bestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar
1182 WETBOEK VAN STRAFRECHT. BOEK 2, TITEL 8. ay Ber 459v., 525 ; Sv. 35v.; CP. 209, ois.) Or: 2000 Hodr
- De dwang en de wederspannigheid in de artt.
ven, worden gestraft : oe 211 en 212 omschre. 1°, met gevangenisstraf van ten hoogste vijf jaren, indi De
of de daarmede gepaard gaande feitelijkhoden santo emee. beat
gevolge hebben ; VE 2°. met gevangenisstraf van ten hoogste acht jaren en
indien zij zwaar lichamelijk letsel ten genie hebben ; (Sw. 90.) Bree ort 3°. met gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren, indien zij den
dood ten gevolge hebben. (Sw. 215, 487.)
182 214. (1) De dwang en de wederspannigheid in de artt. 211 en 212 omschreven, door twee of meer personen met vereenigde krachten ge- pleegd, worden gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zeven jaren (Sw. 460.) .
(2) De schuldige wordt gestraft :
1°. met gevangenisstraf van ten hoogste acht jaren en zes maanden, indien het door hem gepleegde misdrijf of de daarbij door hem gepleegde feitelijkheden eenig lichamelijk letsel ten gevolge hebben ;
2°. met gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren, indien zij zwaar lichamelijk letsel ten gevolge hebben ; (Sw. 90.)
3°. met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren, indien zij den dood ten gevolge hebben ; (Sw. 215, 487 ; CP. 210v., 218v.)
183 215. Met ambtenaren worden. ten aanzien der artt. 211-214 gelijk- gesteld : (Sw. 92.) 5
1°. zij die, krachtens wettelijk voorschrift, voortdurend of tijdelijk met eenigen openbaren dienst zijn belast ; 2°. de bestuurders benevens de beëedigde beambten en bedienden van spoorwegdiensten en van tramdiensten voor openbaar verkeer, waarbij het | vervoer geschiedt door stoomvermogen of andere mechanische beweeg: kracht. 8 184 216. (1) Hij die opzettelijk niet voldoet aan een bevel of eene vordering | krachtens wettelijk voorschrift gedaan door een ambtenaar met de Oe fening van eenig toezicht belast of door een ambtenaar belast met 0 bevoegd verklaard tot het opsporen of onderzoeken van strafbare Oren, alsmede hij die opzettelijk eenige handeling, door een dier abn ondernomen ter uitvoering van eenig wettelijk voorschrift, belet, helse of verijdelt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten len Jah maanden en twee weken of geldboete van ten hoogste zes honderd gu €25: (Sv. 2,41.) ° : (2) Met den in het eerste gedeelte van het vorige lid bedoe ee ee naar wordt gelijkgesteld ieder die, krachtens wettelijk voorn sf | durend of tijdelijk met eenigen openbaren dienst is belast. (Sw. raven zijn (3) Indien tijdens het plegen van het misdrijf nog geen patie i wegens verloopen, sedert eene vroegere veroordeeling van den pat net een | gelijk misdrijf onherroepelijk is geworden, kunnen de stratten derde worden verhoogd. (Sw. 92, 102, 218, 221.) ambtenaar 185 217. Hij die bij eene terechtzitting of ter plaatse waar een werkzaam in het openbaar in de rechtmatige uitoefening zijner be seerd gezag is, opschudding veroorzaakt en na het door of vanwege het vangenisstraf gegeven bevel zich niet verwijdert, wordt gestraft ney Er 4 twintig van ten hoogste drie weken of geldboete van ten hoogste 110 : gulden. (Sw. 92; Rv. 22: Sv. 254v., 259.) loop zich niet 186 218. Hij die opzettelijk bij gelegenheid van een ee voegd gets onmiddellijk verwijdert na het derde door of vanwege BS gamenscboling: gegeven bevel, wordt, als schuldig aan deelneming fash en twee weken gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier DE: € 214; CP. 91v» | of eg tecete van ten hoogste zes honderd gulden. (»W- nee v.) ago
187 219. Hij die eene bekendmaking, vanwege het bevoegd 89255
er
MIS : i NBAAR GEZ tens wettelijk voor es et scheurt, ales Sate an see openbaar ged = H neming daarvan t eschadigt aan, wederrechtelij nd n te beletten of te Hen. an, wederrechtelijk af. __N Boogste drie ond maand en be wordt gestraft a kennis- Sw. _ 220. Ti die oe ae (Sw. 102 aren of peldboate. gevan- Re letende datrhet rn of klachte doet dat ‚ 526.) van ten van ten hoogste een ja gepleegd is, wordt cen strafbaar feit 221 (1) Met geva jaars vier maanden gestraft met Beds 188 boete van ten hoog ngeuisstraf van ten ee 72v.,317; Sv ae 1°. hij di gste drie honderd oogste negen ma ee lj die opzettelijk rd guld aande cal ttelijk iemand di len. wordt n of geld. 1 e van eenig misdrijf, die schuldig is gestraft: 89 aah: deanaaporing , verbergt of hem b aan of vervoled nlt eat door ap a of aanhouding doo bor is in het Ah ee oo jn i r 4 of tij delijk met politiedic ae krachtens Cro Lee der jus ae bed ru die nadat eenig eit ; (Sw. 119 Was voortdurend ekken of de naspori ijf is gepleegd » 124, 126, 216 ; CP. 12 werpen waarop of at ae of vervolging te ers te POET ox het to hef eas Sarniesiae bee madrid gepleegd u OK, EPE at de minbtenabenlden am aakt, verbergt of Andere sporen v tens wettelijk vo er justitie of politie, h of aan het onderzoek hetzij zijn, onttrekt. (Sv teheidtg voortdurend of tijdelijk me anderen die, ashe B) Deze Gopelineca uments Ue wa ae a melde handelingen Ae niet van toepassing op hem di a te wenden van eene a t ten einde gevaar van ver a die de daarin ver- nie of in den tweeden it Ao bloedverwanten of aan eh Binge onee Bip echtgenoot (Sw eben der zijlinie en bie ih deep te ie ij die opzett lil Deep Sy. 7, 51, 145v. ; CUAUEEHOO® of mert of verij elijk eene gerechtelij phy CEs 8) ijdelt, C telijke lijks ] | jennen of hoe straft met Nee 10 | ‚221, 298 ; eldboete. van ten hoogste dri ps BT 23 Hij ke coen is honderd gulden (Sr 4 jke uitspraak of hekel ij kJemant op openbaameez fk ret bevrijding behul chikking van de vrijheid ae a cas tensrechter- 191 oogste twee jaren dre is, wordt gestraft met gevan an ae of bijzijn ope Hia poe ee at dh. zetteliik ni 2 s getuige, al EET ; 2oodanig te enk en eenige dee opgeroepen, 192 ee in oben wordt gestraft : meneer en v. 87v., 51, 5: gevangenisstraf van ten h Gas aD Cae ar Re Bw. 1009 ; gevangenisstraf va : ces : Ri Oe Je 171v., 175, 180, En Ab he 209, ie 25: Wi din eae Meene sss an Sing van een ‘A Ae eal ee en on wettig Beel tot overleg- 193 | notme diene erd wordt v sch of vervalscht ijn mee of Sarena ones Gen vergelijking met een ander waarvan ovaldeh: i t gestraft : g beweerd, of de echtheid ontkend of niet erkend word see strafzaken met ; ne Sv. 2 3 4, 236v.) e gevangenisstraf van ten hoogste negen maanden ; (Ry ve-Andere zaken ae if 952.) n met gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden Klann, Hij die, i aT ; ore ofals scktpensae van faillissement of van kenlijk onvermogen ver- 194 sae van goedöred oot van een gefailleerde, met wien hij in eenige gemcen- a Sevan ordenend, of als bestuurder of commissaris eener in Ferg of stichting ae verklaarde vennootschap; maatschappij, vereeni- | add zonder ‘geld ettelijk opgeroepen tot het geven van inlichtingen, | en inlichtinge a reden opzettelijk wegblijft, hetzij weigert de ver- | Nore tare ze geven, hetzij opzettelijk verkeerde inlichtingen | et gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en vier
1184 WETBOEK VAN STRAFREOHT, BOEK 2, TITEL 8 9 © N. maanden. (Bw. 1618v., 1653v.; K. 36y., 44, 236, . Sw. 33—108; 49—179; Ord. levensy. 97*; CP. 402v.) B08 148) 10-64, 195 227. Hij die een recht uitoefent, wetende dat hij daarvan bij B uitspraak is ontzet, wordt gestraft met pede oe ven ceanertike negen maanden of geldboete van ten hoogste zes honderd gulden Sn 35v., 475.) ees 196 228. Hij die opzettelijk onderscheidingsteekenen draagt of eene daad verricht behoorende tot een ambt dat hij niet bekleedt of waarin hi geschorst is, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste wie maanden en twee weken of geldboete van ten hoogste drie honderd gul pee! (Sw. 35v.; CP. 93, 127v., 196v., 258v.) 7 229. Hij die opzettelijk eene staatsie voert welke aan een hem niet toekomenden rang of titel verbonden is, wordt gestraft met gevangenis- straf van ten hoogste vier maanden en twee weken of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden. (Sw. 228, 507.) Cj. 230. (1) (Gew. S. 31-240.) Hij die opzettelijk in strijd met een krach- 197 tens een der artt. 35, 36 en 37 der Ind. Staatsreg. dan wel krachtens een der artt. 45, 46 en 47 van het tevoren van kracht zijnde reglement op het beleid der Regeering van Indonesié genomen besluit zonder toestemming van het bevoegd gezag binnen Indonesié of binnen een bepaald gedeelte van Indonesié waarin het verblijf hem is ontzegd, verblijft of eene hem tot verblijf aangewezen bepaalde plaats binnen Indonesié verlaat, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren. (ISR. 160.) _ (2) Indien tijdens het plegen van het misdrijf nog geen vijf jaren zijn verloopen, sedert eene vroegere veroordeeling van den schuldige wegens gelijk misdrijf onherroepelijk is geworden, kan de straf met een derde wor- den verhoogd. il 198 231. Hij die opzettelijk eenig goed aan het krachtens wettelijk voor- schrift daarop gelegd beslag of aan eene gerechtelijke sequestratie onttrekt of, wetende dat het daaraan onttrokken is, het verbergt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren, (Bw. Tae 1736v.; Rv. 299, 443v., 453, 458, 714v., 720v., 751v., 757v., 1002.) (2) Met dezelfde straf wordt gestraft hij die opzettelijk eenig ae a wettelijk voorschrift in beslag genomen goed vernielt, beschadigt 0 onbruikbaar maakt. (Rv. 459; Er. 235, 406v.) t, of den (3) De bewaarder die opzettelijk een der feiten pleegt of toelaa Be frat dader als medeplichtige ter zijde staat, wordt gestraft met gevang® van ten hoogste vijf jaren. : (4) Indien oon dezer feiten ten gevolge van onachtzaamheid dee waarders gepleegd is, wordt deze gestraft met hechtenis van Sen (Sw. een maand of geldboete van ten hoogste honderd twintig 8 52, 221, 235; Sv. 30, 153, 158, 169, 225, 231v.) door of var, 199 232. (1) Hij die opzettelijk zegels waarmede voorwerpen opheft of wege het bevoegd openbaar gezag verzegeld zijn, vexbre andere wijze beschadigt, of de door zoodanig zegel bewerkte afsluiting es twee jaren verijdelt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoog en acht maanden. 3 £ toelaat, of der (2) De bewaarder die opzettelijk het feit pleegt 0 t ovangenisstraf dader als medeplichtige ter zijde staat, wordt gestraft met 8 van ten hoogste vier jaren. heid des bewaarder} (3) Indien het feit ten gevolge van onachtzaam he opste eene maar gepleegd is, wordt deze gestraft met hechtenis van ten (Rv 652v-35"" 31, of geldboete van ten hoogste honderd twintig gulden, (SV: ht 235, 406v.; Sv. 33; CP. 249v., 256.) de bevoegd? De 200 233. Hij die opzettelijk zaken, bestemd om en of register rij tot overtuiging of bewijs te dienen, akten, besche rd worden, of paren voortdurend of tijdelijk op openbaar gezag pen van den ope?” vt aan een ambtenaar, hetzij aan een ander in het be 5 © bruikbaar pear dienst zijn ter hand gesteld, vernielt, beschadig ” an ten hoogste of wegmaakt, wordt gestraft met gevangenisstre _.
MISDR. TEGEN HET OPENBAAR GEZAG, MEINEED, 1185 EEE es jaren. (K.6, 12; Rv. 123v., 140v., 154y.; Sw, 92 5 GP. Fre 439.) ; Sw. 92, 235, 406v., 417; Sv. 30; ae
- Hij die opzettelijk brieven of andere Mf telegraafkantoor bezorgd of in een postbus Eken Kaele can ming ER ecn: opent of beschadigt, wordt gestraft ‘met Ko van ten hoogste een jaar en vier maanden. (G. : :
235, 406v., 430v.) (G. 166; ISR. 142; Sw. 62,
235, Indien de schuldige aan een der in de artt, 231-234 omschreven 202 misdrijven zich den toegang tot de plaats van het misdrijf verschaft of het goed onder zijn bereik brengt door middel van braak, verbreking of inklimming, van valsche sleutels, van een valsche order of een walech kostuum, kan de straf met ten hoogste een jaar en vier maanden gevange- nisstraf worden verhoogd. (Sw. 99v., 167v., 363, 365, 406v., 429.)
Hij die, in tijd van vrede, opzettelijk desertie van een krijgsman, 203 in dienst van den staat, uitlokt door een der in art. 55 no. 2 vermelde middelen, of bevordert op eenige in art. 56 vermelde wijze, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste negen maanden. (Sw. 124, 126, 160.)
Hij die, in tijd van vrede, opzettelijk oproer of muiterij van krijgs- 204 lieden, in dienst van den staat, uitlokt door een der in art. 55 no. 2 ver- melde middelen, of bevordert op eenige in art, 56 vermelde wijze, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zeven jaren. (Sw. 124.)
Hij die, zonder toestemming van den Gouverneur-Generaal, iemand 205 voor vreemden krijgsdienst aanwerft, wordt gestraft met gevangenis- straf van ten hoogste een jaar en vier maanden of geldboete van ten hoog- ste drie duizend gulden. (CP. 92.)
Hij die, buiten de gevallen waarin het krachtens algemeene ver- ordening veroorloofd is, zonder toestemming van den Gouverneur-Gene- raal, een Indonesiër tot het verrichten van arbeid of tot het geven van aanschouwelijke voorstellingen uit het volksleven, het een of het ander buiten Indonesië, aanwerft, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten (een zes maanden of geldboete van ten hoogste drie duizend gulden.
99-235.
(1) eu S. 18-765; 31-240.) Met gevangenisstraf van ten 206 hoogste twee jaren en acht maanden wordt gestraft: _
1°, hij die zich opzettelijk voor de vervulling van de uit art. 167 der Indische Staatsregeling voortvloeiende verplichtingen ongeschikt maakt of laat maken ; 3 :
2°. hij die een ander op diens venae opzettelijk voor de vervulling van die verplichtingen ongeschikt maakt.
(2) Tadieg hat hate geval het feit den dood ten govolge Hoolt, wordt gevangenisstraf van ten hoogste zeven Jaren opgelegd. (ore )
- Met gevangenisstraf van ie epen ane hg of geldboete van ten hoogste drie honderd gulden wordt gestratu: F
1°, hij die, met het oogmerk ae een ambtenaar te misleiden ten ende in Indonesië te wordon toegelaten, daar te reizen of zich deat ote gen, gebruik maakt van een ten name van een ander oF ea aes pas of geschrift hetwelk een reispas vervangt, voiligheidaln fe 5 ae of geschrift afgegeven overeenkomstig de wettelijke yoorsehn i eis toelating en vestiging van Nederlanders en ET als ware het geschrift voor hem zelf opgemaakt; (Sw. 9258. leidebiliet
2°, hij die in de gevallen dat voor het vervoer van vee eon sigs A a vereischt is, tot het vervoer daarvan opzettelijk gebruik ee ort voor voor een ander dier afgegeven geleidebiljet als ware dit aigeg het dier hetwelk hij vervoert.
TITEL IX. ' ay Meineed en valschheid in verklaringen. 4
- (1) Hij die in de gevallen waarin een wettelijk voorschrift Bone 207 verka ij die in de ge hisgevolgen verbindt, monde —~Sting onder eede vordert of daaraan recatsg ; %
() Opschr., gew. bij S. 31-609, luiddo tevoren : „„Meineed”".
1186 WETBOEK VAN STRAFRECHT BOEK 2, TITEL‘9; 10;:11, nn
N. ling of schriftelijk, persoonlijk of door een bijzo : js
Sw. opretislik eene siisohe verklaring onder sae flere cartoo gemachtigde, Bev pnecaiseit van ten hoogste zeven jaren. is Sestraft met
(2) Indien de valsche verklaring onder eede is afeelend ; : zaak ten nadeele van den beklaagde of ends Strate gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren. schuldige
(3) (Gew. S. 34—609.) Met den eed staat gelijk de belofte of bevestie; die krachtens algemeene verordening wordt gevorderd of voor den sen de plaats treedt. vet a
(4) Ontzetting van de in art. 35 No. 1—4 vermelde rechte uitgesproken. (Bw. T2v., 1866, 1882, 1895, 1911, or MEE ODE F. 115v.; Rv. 173, 177, 189, 204, 314, 672; Sv. 81, 139, 155, 317v., 3764. 38lv.; CP. 36lv.) df
- Ingetrokken; S. 381—240.
PITEE X. Valschheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten. (!) (Sw. 4-2°; S. 12-610, 611; 13444, 445; Inv. Sw. 6-216°.)
208 244, (Gew. S. 26—359 jo. 129.) Hij die muntspecién of munt- of bankbil- jetten namaakt of vervalscht, met het oogmerk om die muntspecién of munt- of bankbiljetten als echt en onvervalscht uit te geven of te doen uitgeven, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren.
209 245. (Gew. S. 26—359 jo. 429.) Hij die opzettelijk als echte en onver- valschte muntspecién of munt- of bankbiljetten uitgeeft muntspecién of munt- of bankbiljetten, die hij zelf heeft nagemaakt of vervalscht, of waarvan de valschheid of vervalsching hem, toen hij ze ontving, bekend was, of deze, met het oogmerk om ze als echt en onvervalscht uit te geven of te doen uitgeven, in voorraad heeft of binnen Indonesië invoert, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren. (Sw. 52, 165, 248, 252, 257, 260, 486 ; CP. 132v., 139.)
210 246. Hij die muntspecién in waarde vermindert, met het oogmerk om ze aldus in waarde verminderd uit te geven of te doen uitgeven, wordt, ae schuldig aan muntschennis, gestraft met gevangenisstraf van ten Hee twaalf jaren. (Sw. 4-2°, 35, 52, 165, 248, 252, 486; S. 12-610, 611; %- 132y.)
211 “247, (Gew. 8. 26-359 jo. 429.) Hij die opzettelijk als ongeschonden muntspecién uitgeeft muntspecién die hij zelf in waarde heeft verminder,
: ss ; f deze, me of waarvan de schennis hem, toen hij ze ontving, bekend was, 0! en, in het oogmerk om ze als ongeschonden uit te geven of te doen uitgev ae voorraad heeft of binnen maoneeid invoert, wordt gestraft met 56
: 2 9165, 248, 252, 260, genisstraf van ten hoogste twaalf jaren. (Sw. 35, 52, 169, 429, 486 ; CP. 132v.)
248, Vervallen: S. 38—593. ter = see vervalschte
213 249, (Gew. S. 26—859 jo. 429.) Hij die opzettelijk valse a Me pankbil- of geschonden muntspecién of valsche of vervalschte Ee 945 en A7 jetten uitgeeft, wordt, behoudens het bepaalde in de en twee weken gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier maan e of geldboete van ten hoogste driehonderd gulden. gender voorwerpen
214 _ 250. (Gew. S. 26-359, 429; 38-593.) Hij, die storen, zi postemd vervaardigt of voorhanden heeft, waarvan hij Weeen van munt: zijn tot het namaken, vervalschen of in waarde en of bankbiljet speciën of het namaken of vervalschen van mun ces jeren of ge wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste 26 Pa boete van ten hoogste driehonderd gulden. Srprisveen dent de
214 250 bis. (Ing. S. 38-593.) Bij veroordecling wegen”
bis _ titel omschreven misdrijven worden: Beas
: de valsche, vervalschte of geschonden mun ts peo, icant
de valsche of vervalschte munt- of bankbiljetten; tot het nam
de stoffen of voorwerpen, uit hun aard bestem
() Opschr. gewijzigd bij S. 26—359 jo. 429. P
