WETBOEK VAN KOOPHANDEL VOOR INDONESIE 1
WETBOEK VAN KOOPHANDEL VOOR INDONESIË ” Kpn bij goer van 30 April 1847, 8. No. 23.) Vreemde Oosterlingen, a. d. Ch., en op Chine 7 eed toepasselijk behoudens een veranderde seemed Bas En 94556, art. 1, B; S. 17-129 art. 1 sub 2, zie bl. 377, 379. Voor de Gowtslanden v. Java en Madoera wordt, ingevolge S. 31—168 j eral Ww in het W.rx.K. sprake i th 5 4 70. 425, overal wet, daarvan gelesen’: dein) ossislentrestdent <p aatelijk ALGENEENE BEPALING. NE. Art. 1, (Gew. S. 38-276.) Het Burgerlijk Wetboek is, voor zoo verre
“* gaarvan bij dit Wetboek niet bijzonderlijk is afgeweken, ook op de in dit Wetboek behandelde onderwerpen toepasselijk. (AB. 15; Bw. 1617, 1774, 1878 ; K. 15, 79v., 85, 119, 168a, 286, 296, 747, 754.)
Lid 2 vervallen krachtens S. 38—276. EERSTE BOEK. VAN DEN KOOPHANDEL IN HET ALGEMEEN. : EERSTE TITEL. Krachtens S. 38-276 iwg. 17 Juli 1938 is de eerste titel : van Kooplieden en van daden van koophandel (artt. 2-5 ) vervallen. | TWEEDE TITEL VAN BOEKHOUDING. (Opschrift gewijzigd bij S. 38—276.) De oude artt. 6—11 en 13 zijn ingevolge S. 1927146 deels vervangen door de nieuwe artt. 6—9, deels vervallen.
6 6, (Gew. S. 38-276.) Ieder, die cen bedrijf uitoefent, is verplicht van zijn vermogenstoestand en van alles, wat zijn bedrijf betreft, naar de eischen van zijn bedrijf aanteekening te houden op zoodanige wize, dat uit de gehouden aanteekeningen te allen tijde zijne rechten en en gen kunnen worden gekend. (K. 35, 66, 86, 96, 348; Sw. 396v.; En ‚)
Hij is verplicht alle jaren, binnen de eerste zes maanden van ia jaar, eene naar de eischen van zijn bedrijf Hes oa op te maken en eigenhandig te onderteekenen. (Bw. 1881; 00.9.) … ¢
Hij is eon de boeken a bescheiden, waarin bij HE het cerste lid aanteekening heeft gehouden, alsmede de ba en = 8 jaren, de ontvangen brieven en telegrammen Ee aoe ee (K. 35; ae brieven en telegrammen tien jaren lang annae aaa
- ’ ll. 5 H
i 7. (Gein S. 38-276.) Het staat den rechter vr ara as Nin aan diens boekhouding zoodanige bewijskracht was 1881 . K. 12, 35, eS geval zal vermeenen te behooren. (Bw- ;
‚86 ; Co. 12v., 109. p eding,
: 8. (Gew. S. 38—2 ib .) De rechter kan, 1D den loop van en haar de op verzoek of ambtshalve, aan ieder der parten © chriften, welke zij openlegging bevelen van de boeken, bescheiden, en Bebewertd teneinde ingevolge art. 6, derde lid, moeten houden, eere hij dit noodig hein inzage of een uittreksel te doen eed v =
in ver d t het t in gesch. kt igen
Hij kan ee ices ade overgelegde toten et hooren, zoowel ter terechtzitting als op de WI" Kael!
29 van het Reglement op de Rechtsvordering & ing aan zijn bevel de
Het staat den rechter vrij, uit de niet-voldoening
——— tt
B 874 BOEKHOUDING. EENIGE SOORTEN VAN VENNOOTSOHAP, me, gevolgtrekking te maken, die hem geraden zal voorkomen. (Bw. 1 19l5v. : K. 67 ; Co. 15, 17.) 888, N.x,
pn 9. Wanneer de boeken, bescheiden of geschriften zich bevinden o eene andere plaats dan die, waar de rechter voor wien de zaak digit 9 gevestigd is, kan deze den plaatselijken rechter opdragen daarvan de verlangde inzage te nemen en van zijne bevinding een proces-verbaal op te maken en over te zenden. (RO. 33 ; K. 35 ; Co. 16.) P
10, 11 en 13. Vervallen : S. 27—146.
- (Gew. S. 27-146 ; 38—276.) Men kan niemand noodzaken zijn 1 boekhouding over te leggen, dan alleen ten behoeve van hem die alserf. genaam, als belanghebbende in eene gemeenschap, als vennoot, als aan. steller van factoors of bewindvoerders, daarbij een regelregt belang heeft en eindelijk in geval van faillissement. (Bw. 573, 1082 ; K. 35, 67 ; Co. 14.)
DERDE TITEL, VAN EENIGE SOORTEN VAN VENNOOTSCHAP. () () EERSTE AFDEELING. Algemeene bepaling. (*)
Vervallen : S. 38-276. (°)
(Gew. 9. 38-276.) De in dezen titel genoemde vennootschappen 15 worden geregeerd door de overeenkomsten van partijen, door dit Wetboek en Bose bet Burgerlijk Recht. (Bw. 1618v. ; K. 1 ; Co. 18.)
TWEEDE AFDEELING. Van de vennootschappen onder eene firma en van die bij wijze van geld- schieting of EN COMMANDITE genaamd.
(Gew. S. 38-276.) De vennootschap onder cene firma is de maat- 16 schap, tot de uitoefening van een bedrijf onder eenen gemeenschappelijken naam aangegaan. (K. 19v., 22v., 26-1°, 29; Rv. 6-5°, 8-2°, 99 ; Co. 20.)
Elk der vennooten, die daarvan niet is uitgesloten, is bevoegd ten 17 name der vennootschap te handelen, gelden uit te geven en te ontvangen, on je vennootschap aan derden, en derden aan de vennootschap te ver-
inden. RT
Handelingen welke niet tot de vennootschap betrekkelijk zijn, of tot welke de vennooten volgens de overeenkomst onbevoegd zijn, worden onder deze bepaling niet begrepen. (Bw. 1632, 1636, 1639, 1642; K. 20,
26, 29, 32 ; Co. 22.) :
In vennootschappen, onder eene firma is elk der vennooten, wegens 4 de verbindtenissen der vennootschap, hoofdelijk voor het geheel aanspr4 kelijk. (Bw. 1282, 1642, 1811 ; Co. 22; Bb. 2638.) im if)
De vennootschap bij wijze van geldschieting, anders en commandite genaamd, wordt aangegaan tusschen eenen persoon, of tusschen meerdere hoofdelijk voor het geheel aansprakelijke vennooten, en eenen of meer andere personen als geldschieters.
Eene vennootschap kan alzoo te gelijker tijd zijn eene vennootschap onder eene firma, ten aanzien van de vennooten onder de firma, en eene vennootschap bij wijze van geldschieting, ten aanzien van den geldschieter:
(K. 16, 20, 22v. ; Co. 23v.) 20
- Behoudens de uitzondering, in het tweede lid van art. 30 Te komende, mag de naam van den vennoot bij wijze van geldschieting 12“ firma niet worden gebezigd. (K. 19, 21.)
0 peck, gor, S, 38—276. 4
ie voor kongsies van Chineezen : Chin. 3, 21, bl. 380, 384. van koophandel : De wet erkent drie soorten’ van vennootschappen € vennootschap onder ¢ene firma; —
de - , escbaP on ont eRe van geldschieting, anders compagnl
de naamlooze vennootschap.
, KE 1, NK. Deze vennoot mag geene di TITEL 3. 875 de vennootschap werk aad van behee: î (K. 17, 21, 32 sain zijn malls) Rea Hij draagt :) , zelfs niet uit kracht ee de zaken van be Lij 5 aagt niet verder in de schad eener volmagt, hi in de vennootschap heeft in sid e dan ten beloo gt. om es tot teruggave mt, heeft ern ae gelden, welke 91 21. De vennoot bij wij e winsten verpligt aha Nie zonder F ot bij wijze van Aje ij. (Bw. 1642v.; eerste lid of v geldschi B ay alle de sch iden het tweede lid van h chieting, die de bepalin het geb ulden en verbindtenisse: et vorig artikel ov PDOA nee z ae eel aansprakelijk. (K. 18 n van de vennoots vane, is wegens 22 ae De vennootscha mn ; Co. 28.) Sep hoofdelijk bij authentiek ppen onder ee voor bile ieke acte, zonder dat h ne firma moeten w Co 30, tegengeworpen. (Bw. 1868 et gemis eener mn. worden aangegaan oe 42 5 XX=100,) 1814, 1895, 1898; K. 1 delen kan . noo n onder 4 ;K. 1, 26, 29, 31; be registers, te Ren teen zijn verpligt de acte, i Bw. 152 binnen wiens wetende rijven, ter grifie van nn ed ps ee ee 24, 27v., 30v., 38V den venncotee is RE ace Lan . atandvealter aanidestenn ; T. XX—101; - (Ov. 82; wud acte slechts bij ui r aan de venn 101; S. 46-135 ij uittreksel i ooten onde > art. 6. An ee 28; Co. 42 Se A Eems vrij, om ee a tone en iegelijk kan de in 1.) en inschrijven. Ss ase daarvan, tg zijnen dm acte of derzelver ui a Abd 51-27, art. 7.) oste, afschrift bekomen (K 3 uittreksels 8 2 leo, 88e h10) Hee ra . (K. 38; Co. 42; en: : uittreksel bij art. 24 vermeld . 1°. den naam, v eld, mastgnhon ondiexds oe re het beroep en de 2°, de opgave Heres 19v.) woonplaats der vennooten meen, dan wel, of zij irma, met danduidin of di gel met endl ning of do ne a dd lmet aanduiding van ning rr en n; (K. 17.) n, die van de teekening der firma ae 5e. bee waarop de vennootsch ‘ . welke eet in het algemeen Ss noe pee en zal eindigen ; hd r bepaling van de r , zoodanige gedeelten der overeenkomst, 27 ee ne (K. 27v.; Co or van derden omtrent de vennooten re oud welke e inschrijvin als 4 28 en de acte of g zal moeten worden gedagtekend op d fa 28. De sennoots het uittreksel ter griffie gebragt is. kK 53 dag op overeen] 5 n zijn daarenb ; (Ky 23.) ore comatig het voorschri oven verpligt om een uittreksel der acte 29 cieel nieuwsblad. (O schrift van art. 26, te doen bekend maken inh t ae ee (Gew. 8. coy 08 ; Bw. 444, 1036 ; K. 29, 38; T. XX_102.) dördern geschied, zal ax’ oon inschrijving en de bekendmaking f daden, dna enn onder eene firma, ten aanzien van ee keeren onbepaalden™6i als algemeen voor alle zaken, als aangegaan a Riercoh omerbowd ijd, en als geenen der vennooten uitsluitende ie BE oldan wens e firma te handelen en te teekenen. en alleen tegen ee het ingeschrevene en bet bekend gemaak- Tae varkhattv ones act erden zoodanige bepalingen, welke, naar aanlei- 30 Res K. 30v.. 3 af â ., in het officieel nieuwsblad zijn vermeld. (Bw. oud de ORDe Arnialvan! o. 42; T. XX-103.) ben Overeenkomst reas vennootschap kan, het zij uit kracht ae a econ camnd re i ZIJ indien de gewezen vennoot, Wiens naam in de erfgenamen ae) Sees uitdrukkelijk toestemt, of, bij overlijden, deszelfs Ee en aangehoude aartegen verzetten, door eenen of meer personen prengen, en led welke, ten blijke daarvan, eene acte moeten uit- eo pee maken op Sierra one het officieel nieuwsblad doen 6 noe: en wijze als bij art. 23 en vol ende is bepaald straffe bij art. 29 vermeld. ded en
876 VAN EENIGE SOORTEN VAN VENNOOTSCHAP, AN
De bepaling van het eerste lid van art. 20 is niet toepasselijk, indi afgetredene, van vennoot onder eene firma, vennoot en wije wa NK, schieting is geworden. (Uw. 1651 ; K. 26; T. XX—163.) AP
- De ontbinding eener vennootschap onder eene firia, vóó re bij de overeenkomst bepaald, of door afstand of beent Bris td 3) gebragt, derzelver verlenging na verloop van het be aalde tifa j re oud gaders alle veranderingen in de oorspronkelijke eversenkoties an welke derden aangaan, geschieden mede bij authentieke acte, en ar see i ar inschrijving en bekendmaking in het officieel nieúwablad
Het nalaten daarvan heeft ten gevolge dat de ontbinding, afstand, opzegging of verandering niet tegen derden werken.
Bij verzuim van inschrijving en bekendmaking, in geval van verlenging der vennootschap, zijn de bepalingen van artikel 29 toepasselijk re l646v. ; K. 22, 26, 30 ; Co. 46 ; T. XX—103.) ae
- Bij de ontbinding der vennootschap zullen de vennooten, die het 39 regt van beheer hebben gehad, de zaken der gewezen vennootschap moe- 3 ten vereffenen in naam van dezelfde firma, ten zij bij de overeenkomst anders ware bepaald, of de gezamenlijke vennooten (die bij wijze van geldsehieting niet daaronder begrepen), hoofdelijk en bij meerderheid van stemmen, eenen anderen vereffenaar hadden benoemd. ee ee staken beschikt de raad van justitie, zoodanig als sl di KE e DE RN gd see eae zal achten.
q 3. Ke 17520, 3295731; ; Ry.°6-d°, ; T. XX—104.)
- Indicn de staat der kas van de ontbondene vennootschap ni
; 4 niet 33 toereikt om de opeischbare schulden te betalen, zullen zij, die het de vereffening belast zijn, de benoodigde penningen kunnen vorderen, welke dood Seen pee in de vennootschap, zullen
ingebragt. (K. 18, 32.
f 34, De gelden, die gedurende de vereffening uit de kas der vennootschap 34 kunnen gemist worden, zullen voorloopig worden verdeeld. (K. 33.)
- Na de vereffening en scheiding zullen, indien daaromtrent niets is 30 rage ae eee oe en dE de gescheidene a ie pee
e ende, blijven berusten onder dien vennoot, welke daartoe Be oye van stemmen, of, bij staking, door den raad van justitie a ozen wordt ; behoudens vrijen toegang tot dezelve voor de vennooten
unne regtverkrijgenden. (Bw. 108lv., 1652, 1885 ; K. 12, 56.) DERDE AFDEELING. Van de naamlooze vennootschap. () () (*)
36, (Gew. 9. 38—276.) De naamloo tschap heeft firma, 38 noch draagt den n imlooze-vennootschap heeft geene WES leent hare banathin Palle ever aa meer der vennooten, maar zij ont: 0%
et een van het voorwerp van haar bedrijf. Ep Ge nee 7—572.) Alvorens dezelve tot stand kan worden gebragt, moet Ghea aa oprigting, of een ontwerp daarvan, aan den Gouverneur” Enis of den door den Gouverneur-Generaal aangewezen gezagheb-
nt le elen ingezonden, ten einde daarop zijne bewilliging teerlangen. shy lier ee in de voorwaarden, en bij verlenging der vennoot” Boe a a 1 Reet (K. 3y., 37, 51; Rv. 99; Co.
5D, : ; Bb. 330, 5011; Z
37, (Gew. S. 37-572.) Indien de shape a ijdt met de 7 ad ootschap niet strijdt m d goede zeden of de openbare orde, en j igtige beden- 9" EMaiccenghavelsonen ‚en er overigens geene gewigtige tégen alihetzee TEE bestaat, noch ook de acte bepalingen bevat de bewilliging reken 38 tot en met art. 55 is voorgeschreven, wordt eng; 8
() Opschr. gew, S, 38—2
@®) Voor erkenning wren ning van vreemde nv. zie Bb. 330; verdrag betreft. cn Dee Soa, en dere vennoten, schen ie.
@) Cty ve »16—494, tusschen Ned. en Rus). 8, 13090 ON: ae meatech, ‘op acne ee 39 oreo UL Oe y. naam). verb:
) Al op Ne mw) . Vv. 8 gezaghebbende aangewezen de Dir. v. just. (S. 37—573.)
WETBOEK VAN KOOPHANDEL, _ Bij weigering der bewilliging, wordt de reden daarvan
bd kers, tot hun narigt, medegedeeld, ten ware het ee se wee geacht.
De bewilliging kan, als daartoe termen zijn, afhankelij worden van de eon dee dat de vennootschap zich BE tbinding, wanneer de Gouverneur- eneraal die i het aigetisedt belang. : noodig oordeelt voor Wanneer de bewilliging onvoorwaardelijk is verleend, kan de vennoot- schap niet op openbaar gezag ontbonden worden dan nadat het hoog geregtshof, in de zaak gehoord, verklaard zal hebben dat de bestuurders aan de bepalingen en voorwaarden der acte van vennootschap niet hebben voldaan. (AB. 23 ; Bw. 1335, 1653 ; K. 45, 50 ; T. XX—105.)
38 38. De acte van vennootschap moet in authentieken vorm worden ver- leden, op strafte van nietigheid. (K. 22v., 42, 48v., 52v., 56, 58; Not 1, 20v., 27; Hon. not. X.) 3 E
(Gew. S. 23-548, 594 ; 37-572.) De vennooten zijn verpligt de acte, in haar geheel, mitsgaders de verkregen bewilliging, te doen inschrijven op de daartoe bestemde openbare registers, ter griffie van den raad van | justitie binnen wiens regtsgebied de vennootschap gevestigd is, en dezelve openbaar te maken door middel van het officieel nieuwsblad. (Ov. 82, 105; K. 23: =. <6-135 art. 5%.)
Al het bovenstaande geldt ten aanzien van veranderingen in de voor- waarden, of bij verlenging der vennootschap.
De bepaling van art. 25 is ook te dezen toepasselijk. (Co. 40, 45v.: T. XX—109.)
39 39. Zoo lang de bij het vorige art. vermelde inschrijving en bekend- making niet hebben plaats gehad, zijn de bestuurders, voor hunne hande- lingen, persoonlijk en elk voor het geheel, aan derden verbonden. (K. 45, 47.) «
40 40, Het kapitaal der vennootschap wordt verdeeld in actien of aandee- len, op naam, of in blanco. ee
De vennooten of houders dier actien of aandeelen zijn niet verder aan- sprakelijk dan voor het volle beloop derzelve. (K. 42, 47, 50v. ; Co. 33v.) fl 41. Geene actien of aandeelen in blanco kunnen worden uitgegeven, ie lang derzelver volle bedrag niet in de kas der vennootschap is gestort.
w. 1977; K. 43; Rv. 6-7°. bi F
42 42, Bij de acte wordt bid op welke wijze de overdragt aen van actien of aandeelen, op naam staande ; zij kan plaats Hebe aise verklaring van den vennoot en den verkrijger aan, de bene fe inge- kend, of door eene gelijke verklaring in de boeken der a Ge a )
43 schreven en door of van wege beiden getekend. (Fr. adt niet is gestort
- Indien het vol bedrag van zoodanige actie of an Be onion a blijft de oorspronkelijke vennoot, of diens erven 0 eS Berben en. ten de storting van het verschuldigde aan de vennootsonap vr oh vitdruk-
5 ieee die bestaan, zich Ul ware de bestuurder en de commissarissen Z00 Wen gesteld, en eerst- kelijk met den nieuwen verkrijger hadden tevree 5e 833, 655, 1417 ; rae van alle verantwoordelijkheid ontslagen. (WEL ed
- 41.) vennooten
“4 44, De vennootschap wordt beheerd door cain eure loon trek- Yeo bestuurders, deelgenooten, mek
nde, met of zonder toezigt van com. , ld. (Bw. En EL mogen niet onherroops worden aangeste (
, 18l4v.; K. 17, 38, 52, ó4v.; VO. 9": Pe n ter zake
a 45. De bestuurders zijn niet verder verantwoorde ast zi zijn
van de behoorlijke uitvoering van den aan hen ache aan derden niet B der verbindtenissen van de Vege d onlijk verbonden. 9 acte of van de
Indien zij echter eene of andere der bepalingen van Cr zij jegens der- nee veranderingen in de voorwaarden overt rakelijk voor de schade,
en ieder hoofdelijk en voor het geheel aansp
EN
nr 878 VAN EENIGE SOORTEN VAN VENNOOTSCHAP, ee welke die derden daardoor hebben geleden. (Bw. 1800v. ; K. 39, 47, 55. N Co. 32.) vine AR
46, De naamlooze vennootschap moet voor eenen bepaalden tijd wor. oud den aangegaan, behoudens derzelver verlenging, telken reize, na het 0 verloopen van dien tijd. (Bw. 1646-1°; K. 38.)
- Zoodra aan de bestuurders is gebleken, dat het maatschappelijk kapitaal een verlies van vijftig ten honderd heeft ondergaan, zijn zij ver. " pligt daarvan aankondiging te doen in een daartoe ter griffie van den raad van justitie aan te leggen register, mitsgaders in het officieel nieuwsblad (S. 46125 art. 5%.) 3
Indien het verlies vijf en zeventig ten honderd beloopt, is de vennoot- schap van regtswege ontbonden, en zijn de bestuurders persoonlijk en hoofdelijk voor het geheel jegens derden verantwoordelijk voor alle ver- bindtenissen, welke zij, nadat het bestaan van die vermindering aan hen bekend was of moest bekend zijn, hebben aangegaan. (K. 39, 45, 48.)
48, Ten einde de ontbinding, in voege voorschreven, te voorkomen, 48 zal de acte bepalingen kunnen bevatten tot het oprigten eener reserve-kas, waaruit de ontbrekende penningen geheel of gedeeltelijk kunnen worden aangevuld. (K. 49.)
- Bij de acte mogen geene vaste renten worden bedongen. De uit- 49 deelingen geschieden uit de inkomsten, na aftrek van alle de uitgaven,
Er kan echter worden overeengekomen, dat die uitdeelingen niet meer dan zekere hoeveelheid zullen bedragen. (K. 48, 55.)
- (Gew. S. 37-572 ; 38—161.) De bewilliging bedoeld in art. 36 zal 60 niet worden verleend, ten zij blijke dat de eerste oprigters te zamen ten minste een vijfde van het maatschappelijk kapitaal vertegenwoordigen ; er zal voorts een termijn worden bepaald, binnen welken het overige gedeelte der actien of aandeelen zal moeten geplaatst zijn. Die termijn kan steeds door den Gouverneur-Generaal of den, door den Gouverneur-
Generaal krachtens het tweede lid van art. 36 aangewezen, gezagheb- bende (1) op verzoek der oprigters worden verlengd. (K. 36v.)
- De vennootschap zal geen aanvang kunnen nemen vóór dat ten 51 minste tien ten honderd van het gemeenschappelijk kapitaal gestort zij. (K. 41, 50.)
52, Indien de werkzaamheden der commissarissen zich blootelijk tot 52 een toezigt over de bestuurders bepalen, en zij alzoo, in geen geval, deel- nemen aan eenig beheer, kunnen zij bij de acte worden gemagtigd om de rekening en verantwoording der bestuurders, namens de vennooten, op te nemen en goed te keuren. 1
In het tegenovergesteld geval moet die opneming en goedkeuring door de vennooten, of daartoe bij de acte aangewezen personen, geschie- den, (K. 43v., 54y.) 3
- Bij vennootschappen van verzekering op bepaalde voorwerpen, 5 zal bij de acte een maximum worden bepaald, boven hetwelk, op een en hetzelfde voorwerp, niet zal mogen worden verzekerd, ten ware de ven- nooten, bij een uitdrukkelijk beding, zulks aan de beschikking der be- stuurders, met of zonder de commissarissen, hadden overgelaten. (K. 246v., 253.) 4
54, Bij de acte zal worden bepaald op welke wijze het stemregt daor de vennooten zal worden uitgeoefend. Echter zal dezelfde persoon ™* meer dan zes stemmen voor zich zelven kunnen uitbrengen, indien 2° vennootschap uit honderd of meer actien of aandeelen bestaat ; °° niet meer dan drie stemmen, indien dezelve minder beloopt. :
Geen bestuurder noch commissaris zal als gemagtigde bij de stemming optreden. (K. 44v.) 56
- De bestuurders zijn verpligt eenmaal ’s jaars aan de vennooter opgave te doen van de winsten en verliezen, door de vennootschap IP he
geloopen jaar gedaan of geleden.
@) De Dir. v. Just. is als gezaghebbende aangewezen: S, 37-915:
“K, Die opgave kan geschieden, het zij in eene alge ; .
NE zij door de toezending van eenen staat aan lensen het sone aan de vennooten aangekondigde ter visie-leggi 5 et zij door gedurende zekeren bij de acte bepaalden tijd. (K. BS” ter aaa
56 56, Eene ontbondene vennootschap wordt door de best 7D
oud effend, ten ware GE de acte eene andere manier dikes ocen schreven. (K. 32v.; Rv. 99; S. 39-571, gerechtel. v 4 pers.” bl. 895.) ereff. v. Ind. rechts-
De bepaling van art. 35 is ten dezen toepasselijk. De vierde afd.: van handelingen voor gemeene rekeni i krachtens S. 38-276. (*) =D ath, Seale VIERDE TITEL, VAN BEURZEN VAN KOOPHANDEL, MAKELAARS EN KASSIERS | EERSTE AFDEELING. Van beurzen van koophandel.
59 59, De beurs van koophandel is de zamenkomst van kooplieden, schip- pers, makelaars, kassiers en andere personen tot den koophandel in be- trekking staande. Zij heeft plaats op gezag van den Gouverneur-generaal, (Bw. 1156; K. 61; Rv. 595-3°; Co. 71; T. XX—181.)
60 60. Uit de handelingen en afspraken, ter beurze gesloten, worden opge- maakt de bepaling van den wisselkoers, de prijs der koopmanschappen, der assurantién, der zeevrachten, der kosten van vervoer te water en te lande, der binnen- en buitenlandsche obligatien, fondsen, en andere | papieren die voor bepaling van koers vatbaar zijn.
Deze onderscheidene koersen of prijzen worden volgens plaatselijke reglementen of gebruiken opgemaakt. (Bw. 389, 398, 1077, 1155, 1427; K. 1513, 262, 62lv. ; Co. 72v.)
61 61, Het uur van het aangaan en afloopen der beurs, en alles wat de goede orde aldaar betreft, wordt door den Gouverneur-generaal bij afzon- derlijke reglementen bepaald. (T: XX-183.)
TWEEDE AFDEELING. Van makelaars. (Bb. 4449.) f
62 62. (Gew. S. 06-335 ; 38-276.) Makelaars zijn door den Gouvecrnt it:
oud generaal of door de daartoe door hem bevoegd verklaarde Ct a ae aan- gestelde tusschenhandelaars. Zij maken bun bedrijf van de wer res heden, bedoeld bij art. 64, tegen genot van zeker loon of ie ops . 0) en op naam van personen, tot wie zij niet in een vaste Ee ng je ars
Alvorens tot de uitoefening van hun, beroep te wg fied ie bad moeten zij bij den raad van justitie, onder wiens ete 4 tod welk ren, den eed afleggen, dat zij de aan hen opgelegde p a Di 389 ) zullen waarnemen. (Bw. 1078 ; K. 59, 719, 681;S. 20-89, YF. v9". 63 : ae telde tusschenhandelaars 63. De handelingen van niet alzoo aange nkomst van last- oud hebben geen verder gevolg, dan hetgeen uit de ere geving voortspruit. (Bw. 389, 1155, 1792v-; K. : ; ) 7 5 kent St. Bekanede ante Tanta van vennootschap hierboven gemeld, erken de wet ook handelingen voor gemeene rekon ne, enb of meer bijzondere of 58. Deze handelingen zijn betrekkelijk to jaats omtrent zulke voor bepaalde handels-ondernemingen : 2 hebben’ P tusschen de deelgenooten werpen, en onder zoodanige voorwaarden, is overeengekomen. zijn niet onderworpen aan de Zij vereischen geene schriftelijke acte, en 7) van vennootschap voor verdere formaliteiten en bepalingen ten aanZl Beschreven. „dan tegen dengene der deel- Zij geven aan derden geene regtsvorderint ben Benooten met wien die derden gehandeld Wb toi bestuur tot het aA Sieh 00G— kidde 08 Hoofden Ta Zie voor de uitoefening dezer elle 5 bevoe Ì —232. rhe Aaa Hees PAT eet tea MS ee
nn 880 VENNOOTSCH. BEURZEN VAN KOOPHANDEL. MAKELAARS, mm
- De werkzaamheden der makelaars bestaan in het, voor hunn meesters, koopen en verkoopen van waren en koopmanschappen, schepen, N.K, openbare fondsen en andere effecten en obligatien, wisselbrieven, dr orderbriefjes en andere handelspapieren, het bezorgen van discompten, Te assurantien, bodemerijen en bevrachtingen van schepen, van gelden op beleening, of anderszins. (Bw. 1078; K. 62, 68lv.; Co. 76v. ; Zeg. 109v.
65 De aanstelling van de makelaars is algemeen, dat isin alle vakken, 6 of in de acte van aanstelling wordt uitgedrukt in welk vak of vakken zij - ? de makelaardij mogen uitoefenen. M
In het vak of de vakken waarin zij makelaars zijn, mogen zij voor eigen rekening, noch zelve, noch door tusschenkomst van anderen noch ge. meenschappelijk met anderen, noch in commissie, handel drijven, noch zich tot borg stellen voor de handelingen door hunne tusschenkomst gesloten. (K. 62, 64, 7lv.; Bw. 1468v. ; Co. 81, 85.)
De makelaars zijn gehouden, onmiddellijk na het sluiten van 66 elke handeling, dezelve in hun zakboekje op te teekenen, en vervolgens oud dagelijks in hun dagboek over te brengen, zonder witte vakken, tusschen- regels, of kantteekeningen, met duidelijke vermelding van de namen der partijen, den tijd der handeling en der levering, de hoedanigheid, de hoe- veelheid en den prijs der goederen, en alle de voorwaarden der geslotene handeling. (K. 6; Co. 84.)
De makelaars zijn verpligt aan de partijen te allen tijde, en zoodra 67 deze zulks begeeren, uittreksels uit hun boek te geven, bevattende al het- oud geen zij daarin, betrekkelijk de handeling die hen aangaat, hebben aan- geteekend. (K. 12; Zeg. 109v.)
De regter kan aan makelaars de openlegging hunner boeken in regten bevelen, ten einde de afgegevene uittreksels met de oorspronkelijke aan- teekeningen te vergelijken, en hij kan daaromtrent hunne toelichting vorderen. (Bw. 1905.)
- Indien de handeling niet geheel ontkend wordt, leveren de aan- 6% teekeningen, door den makelaar uit zijn zakboekje in zijn dagboek over- oud gebragy, bewijs op tusschen de partijen, ten aanzien van den tijd van de
handeling en dien van de levering, van de hocdanigheid en hoeveelbeid . van het goed, van den prijs waarvoor en de voorwaarden waarop de han- deling is aangegaan. (K. 66; Co. 109.) i
De makelaars moeten, indien zij daarvan door partijen niet zijn 69 ontslagen, van elke, door hunne tusschenkomst, op monster verkochte partij goederen, het monster tot den tijd der volbragte levering bewaren, voorzien van eene behoorlijke aanteekening ter herkenning van hetzelve. zi
De makelaar, die, den koop en verkoop van eenen wisselbrief of =” van een ander dergelijk verhandelbaar effect gesloten hebbende, bet- zelve aan den kooper ter hand stelt, is verantwoordelijk voor de echt- heid der zich daarop bevindende handteekening van den verkooper:
(K. 65, 100, 110—113, 178, 187, 506v.) =]
De makelaars, welke zich schuldig maken aan overtreding va eenig punt, bij deze afdeeling te hunnen opzigte voorgeschreven, zullen Of door het publiek gezag hetwelk hen heeft aangesteld, naar mate der omstandigheden, in derzelver bedieningen geschorst, of daarvan ver- vallen verklaard worden, onverminderd de bepaalde straffen, alsmede de vergoeding van kosten, schaden en interessen, waartoe zij als lastaannemers gehouden zijn. (Bw. 1801, 1803 ; K. 62, 65v., 69; Co. 87; T.XX—183:), 19
Door den staat van faillissement eens makelaars wordt hij in zijne oud bediening geschorst, en kan daarvan vervolgens door den regter worden vervallen verklaard. d
In geval van overtreding van het verbod, vervat bij het tweede lid ven artikel 65, moet een gefailleerde makelaar van zijne bediening Ont worden. (K. 62, 71; Co. 89.) 73 _ 73. Een makelaar, die van zijne bediening is vervallen verklaard, ken ae in geen geval daarin worden hersteld. (K. 7ly. ; Co. 8S.)
NE. DERDE AFDEELING, ; Van kassiers. 74, Kassiers zijn personen aan wie, tegen genot van zek B sto gelden ter bewaring en uitbetalin n zeker loon of pro. Movie 1792v., 1812; K. 6v., 59.) 8 worden toevertrouwd. (Bw. 75, Een kassier, zijne betaling opschortende of fai 15 i \ e of faillerende, wordt
rmoed het verval zijner zaken door eige e
rk (Bw. 1916.) gen schuld te hebben veroor-
VIJFDE TITEI..
VAN COMMISSIONAIRS, EXPEDITEURS, VOERLIEDEN EN VAN
SCHIPPERS, RIVIEREN EN BINNENWATEREN BEVARENDE. EERSTE AFDEELING. Jan Commissionairs, (*)
16 76. (Gew. S. 38—276.) (*) Commissionair is hij, die zijn bedrijf maakt van het sluiten van overeenkomsten op zijn eigen naam of firma, en tegen het genot van zeker loon of provisie, op order en voor rekening van een ander. (Bw. 1792v.; K. 6v., 62, 79, 85a; Co. 91.)
11 77. De commissionair is jegens dengene, met wien hij handelt, niet ge- houden den persoon op te geven, voor wiens rekening hij de handeling verrigt heeft.
Hij is, even als ware het zijne eigene zaak, regtstreeks jegens zijnen mede-contractant verbonden. (Bw. 1802; K. 78, 85a, 240, 262.)
78 78. De commissiegever heeft aren regt van vordering tegen hem, met wien de commissionair gehandeld heeft, evenmin als hij, die met den commissionair heeft gehandeld, den commissiegever kan aanspreken. (Bw. 1799.)
Bij S. 75-256 zijn de artt. 79—85 door de volgende vervangen :
10 79. Indien echter een commissionair in den naam van zijnen lastgever heeft gehandeld, worden zijne regten en verpligtingen, ook ten aanzien van derden, geregeld door de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek onder den titel van lastgeving. ,
Hij heeft het voorregt niet bij de volgende artikelen bedoeld. (Bw. 1792v., 1812; K. 80v.; Co. 92.) | , er
80 80, Een commissionair is voor de vorderingen, welke hij als zoo aug ten laste van zijnen commissiegever heeft, zoo ter zake zijner voorgcs® 4 Ni ten gelden, interesten, kosten en provisie, als voor zijne Og on 4 verbindtenissen, bevoorregt op de goederen, die de Sn oe ten verkoop, of om die tot nadere beschikking onder zich te ae Stolk toegezonden, of die hij voor dezen heeft gekocht en ontvangen, 2 6 zij zich in zijne magt bevinden.
Dit voorregt gein boven alle andere, behalve ast ae ne alee $5; a oe Burgerlijk Wetboek. (Bw. ee Denken die a; Oogstv. art. 13*; Co. 93, 95; 4. AAT "TT" ‘ 4
81 81. Indien de goederen in art. 80 bedoeld, voor rekening Mn Gan missiegever verkocht en geleverd zijn, betaalt ers vorderingen, zelven uit de opbrengst van den verkoop, het be 5 sos: ‚K. 85a; ear hem bij dat art. voorregt is toegekend. (Bw:
„ 94.) ees ft
8 5 oederen hee
2 82. Indien de commissiegever aan den oor enden zich te hou- toegezonden, met last om die tot nadere beschik ng en, of indien den of hem heeft beperkt in het vermogen ee a iet police’ aan de de last tot verkoop is vervallen, en coratgome heeft, en waarvoor vorderingen, welke de commissionair ten zijnen te a Wide spellingwijze van ,,commissionair” in het gewijzigd 29 s : . 5 gevolgd. ji - Ken commissionnait is iemand, aie op aac en slot van art. 7.6 Meld” zaken van koophandel verrigt. —
a 882 KASSIERS, COMMISSIONAIRS, EXPEDITEURS, Te en bij art. 80 voorregt is toegekend, kan de commissionair met overlego} van de noodige bewijsstukken op een eenvoudig verzoekschrift ve eine NE, den Raad van Justitie zijner woonplaats bekomen om die goederen. hetzij geheel of ten deele te verkoopen op de wijze bij het vonnis te i. palen. (Bw. 1813; K. 80v., 85a.)
De commissionair is verpligt om den commissiegever, zoowel van het verzoek om verlof, als van den krachtens het verlof plaats gehad hebben. den verkoop uiterlijk den volgenden dag, zoo er dagelijksche postverbin. ding of wel gemeenschap per telegraaf bestaat, of anders per eerstver. trekkende post kennis te geven. Berigt per telegraaf of per aangeteeken. den brief geldt voor behoorlijke kennisgeving. (Bw. 1366v.)
- Een commissionair, die voor zijnen commissiegever goederen heeft 83 gekocht en ontvangen, kan, indien laatstgemelde niet voldoet aan de vorderingen, welke de commissionair ten zijnen laste heeft, en waarvoor bij art. 80 voorregt is toegekend, door den Raad van Justitie zijner woon- plaats op gelijke wijze als in het vorig art. is bepaald, tot verkoop dezer goederen worden gemagtigd.
Het laatste lid van art. 82 is ten deze van toepassing. (K. 81, 85a.)
84, (Gew. S. 06—348.) Ingeval van faillissement van den commissie. 84 gever zijn de bepalingen, bij de artt. 56, 57 en 58 van de faillissements- verordening ten aanzien van den pandhouder of beleener gemaakt, op den commissionair en tegenover hem van toepassing.
De surséance van Bale van den commissiegever belet niet dat de commissiegever van de bevoegdheden, hem bij de artt. 81, 82 en 83 toe- gekend, gebruik make.
- De toekenning der bevoegdheden, bij de artt. 81, 82en 83 bedoeld, 856 _ laat het regt van terughouding, waar de commissionair dit krachtens art. 1812 van het Burgerlijk Wetboek heeft, onverlet. (K. 76, 79.)
85a. (Ing. S. 38-276.) Indien iemand, zonder daarvan zijn bedrijf 86a te maken, op eigen naam of firma en tegen genot van zeker loon of pro- visie, op order en voor rekening van een ander, eene overeenkomst sluit, vinden de artt. 77, 78, 80 tot en met 85, 240 en 241 overeenkomstige toepassing. (K. 6v., 76; Bw. 1792, 1794.)
TWEEDE AFDEELING. Van expediteurs.
- De expediteur is iemand, die zich met het doen vervoeren van 86 koopmanespeppen en goederen te land of te water bezig houdt.
Hij is verpligt in een dagregister onderscheidenlijk aan te teekenen den aard en de hoeveelheid der te vervoeren goederen of koopmanschap- pen, alsmede, zulks gevorderd wordende, derzelver waarde. (Bw. 1139-7, 1147, 1792v., 1812; K. 6v.,-76, 90, 95; Co. 96; Bb. 3226.) 87
- Hij moet instaan voor de behoorlijke zoo spoedig mogelijke ver- zending van de bij hem tot dat einde ontvangen koopmanschappen en goederen, met inachtneming van alle die middelen van zekerheid, welke hij tot eene goede bezorging kan bij de hand nomen. (Bw. 1244, 1367, 1800v. ; K. 88 ; Co. 97.) 88 +
88, Hij moet ook na de verzending instaan voor de beschadiging of het verlies van koopmanschappen en goederen, welke aan zijn schuld of onvoorzigtigheid kunnen worden toegeschreven. (K. 9lv.; Co. 98.) 99
Hij staat ook in voor de tusschen-expediteurs door hem gebruikt. (Bw. 1803 ; Co. 99.) 90
De vrachtbrief maakt de overeenkomst uit tusschen den afzender of expediteur en den voerman of den schipper, en behelst, behalve hetgeen tusschen partijen mogt zijn overeengekomen, zoo omtrent den tijd binne welken de vervoering moet volbragt zijn, en de schadeloosstelling inge” van vertraging, als:anderzins :
A „ de benaming en het gewigt of de maat der te vervoeren goederen, nevens derzelver merken en getallen ;
2°, den naam van dengene aan wien het goed gezonden wordt
o den naam en de woonplaats van h NE. ue het bedrag van het Vrashtléottt eee mance schipper ; 5°, de dagteekening ;
6°. de onderteekening van den afzender :
De vrachtbrief moet door den tpi , ingeschreven. (K. 86, 454v., 506 ; Co. 101v,) epen
DERDE AFDEELING.
Van voerlieden en van schippers, rivieren en binnenwateren pevarende. al 91, De voerlieden en schippers moeten instaan voor alle schaden aan
de ter vervoering overgenomene koopmanschappen of goederen o verge-
komen, uitgezonderd de zulke die uit een gebrek van het goed zelf, DA
door overmagt, of door schuld of nalatigheid van den afzender of expedi-
teur, veroorzaakt zijn. (Bw. 1139-7°, 1147, 1246, 1367, 1617; K. 87v
93, 95, 98, 342v., 533, 693 ; Co. 103; Bb. 755, 2521.) oT Kolk
92 92, De voerman of de schipper is niet ter zake van vertraging aan- sprakelijk, indien dezelve door overmagt is veroorzaakt. (Bw. 1245; K. 87; Co. 104.) i
93 93, De vervoerde koopmanschappen of goederen besteld en aangeno- men, en het vrachtloon betaald zijnde, is daardoor alle regtsvordering ter zake van beschadiging of vermindering tegen den voerman of den schipper vernietigd, indien het gebrek uiterlijk zigtbaar was.
De beschadiging of vermindering niet uiterlijk zigtbaar zijnde, kan de geregtelijke bezigtiging gedaan worden na dat de goederen zijn aan- genomen, om het even of de vracht al dan niet voldaan zij, mits die be- zigtiging gevraagd worde binnen tweemaal vier-en-twintig uren na de ontvangst, en van de eenzelvigheid der goederen blijke. (K. 485y., 746, 753 ; Co. 105.)
94 94, (Gew. S. 26-497.) Indien de aanneming der koopmanschappen of goederen wordt geweigerd, of daarover geschil valt, doet de president van den raad van justitie, of, ter plaatse waar deze niet gevestigd is, de residentierechter of bij afwezigheid, belet of ontstentenis van dezen het hoofd van het plaatselijk bestuur (>), op een eenvoudig verzoekschrift, waarop de wederpartij, zoo zij zich daar ter plaatse bevindt, zal voren gehoord, de noodige voorziening tot het opnemen Ten het goed door deskundigen, en zal hij insgelijks kunnen bevelen dat de goederen in eene behoorlijke bewaarplaats worden opgeslagen, om daaruit aan den ee of den schipper het beloop van zijn vrachtloon en onkosten Pie sen:
De raad van justitie, of de residentierechter dan wel bef me ae is plaatselijk bestuur (1), is bevoegd om, OP gelijke wa 4 a bederfe- bepaald, magtiging te verleenen tot den openbaren ver or doening van lijke waren, of van zoodanig gedeelte der goederen als to eC 106: Bb ee en kosten zal vereischt worden. (KMS gS035 5 0, Litas
; T. XX—185.) . hipper, uit hoofde van een geheel verlies, vertraging der PALEN van een schade aan koopmanschappen of goederen, verjaart me daan a met het jaar, ten aanzien van verzendingen binnen Indonesië eht n me Indonesië verloop van twee jaren, ten aanzien van pore den dag dat de naar elders, te rekenen, in het geval van vere moeten volbragt zijn, vervoering der koopmanschappen of goederen ng. van den dag dat en, in het geval van beschadiging of te late eagle En aangekomen. het goed ter plaatse van deszelfs bestemming van bedrog of ontrouw. Deze verjaring is niet toepasselijk in 86E 937, 3148; T. XX-185.) 9 (Bw. 1967; K. 86y., 91, 93; Co, 103, 1083 Bb enten mogt zijn voor” 96. Onverminderd hetgeen bij bijzondere ing ook toepasselijk op de geschreven, zijn de bepalingen van deze aidee _ -res. () S. 31—168 jo. 423: in de gvisl. v. Jav- Mad. de ass.-re k — tO
884 EXPEDITEURS. VOERLIEDEN. SCHIPPERS, ee ondernemers van openbare rijtuigen en vaartuigen. Zij zijn verpligt een register te houden van de door hen aangenomen voorwerpen. NK,
Indien dezelve bestaan in geld, goud, zilver, juweelen, paarlen, edel- gesteenten, kleinooden, effecten, coupons of andere papieren van dien aard, geldswaarde hebbende, is de afzender verpligt om de waarde daar- van op te geven, en hij kan vorderen dat daarvan aanteekening in het register worde gehouden. ;
Bij gebreke dier opgave zal, in geval van vermissing of schade, alleen tot het bewijs der waarde, naar het uiterlijk aanzien van het verzon- dene, worden toegelaten.
In geval van opgave der waarde, kan dezelve door alle bewijsmiddelen worden gestaafd, en heeft de regter zelfs de bevoegdheid om aan de opgave van den afzender, met eede gesterkt, volkomen geloof te hechten, en daarnaar de schadevergoeding te schatten en toe te wijzen. (K
g 5 IJ (K. 86, 9lv.; S. 18233 art. 9, 23; Co. 107.)
- De beurtvaart en alle andere middelen van vervoer blijven onder- 97 worpen aan de op dit stuk bestaande verordeningen en reglementen, voor zoo verre dezelve niet met de bepalingen van dezen titel strijden,
98, De bepalingen van dezen titel zijn niet toe asselijk op de regten en
paling’ ep IJK op g 99 verpligtingen tusschen den kooper en verkooper. (Bw. 1457v., 1473v., 1513.) A. WISSELBRIEVEN FN NRDERBRIEFJES.
Bij S. 35—480 zijn bekend gemaakt. de verdragen met bijbehoorende protocollen op 7 Juni 1930 te Genève gesloten
1°. tot invoering van een eenvormige wet op wisselbrieven en order- briefjes ; .
2e. aoe regeling van zekere wetsconflicten ten aanzien van wisselbrieven en orderbriefjes ;
. 3°. betreffende het zegelrecht ten aanzien van wisselbrieven en order- riefjes,
Bij do wet van 25 April 1935 (Ned. 5, No. 224) zijn de verdragen toepas- selijk verklaard op Indonesié, Suriname en Curagao, waarna de inwerking- treding voor Indonesië en Curacao op 1t Oct, 1935 heeft plaatsgevonden ; zie KB, v. 14 Sept. 1935 (N.S. 579) in bovengenoemd S.
B. CHÈQUES.
Bij S. 35—561 zijn bekend gemaakt de op 19 Maart 1931 te Genève gesio- ten verdragen met bijbehoorende protocollen
1°. tot invoering van cen eenvormige wet op chèques ;
- tot regeling van zekere wetsconflicten ten aanzien van cheques;
3°. betreffende het zegelrecht ten uanzien van chèques.
Deze verdragen zijn bij de wet van 2 Aug. 1935 (Ned. S. No. 490) op Indonesië, Suriname en Curacao toepasselijk verklaard en zijn op 29 Dec. 1935 voor Indonesië en Curacao in werking getreden ; zie KB. v. 21 Oct. 1935 (N. S. 617) in boyengenocmd S.
_ Blijkens opgave in S. 37-496 jis. 39—37, 435 nemen aan de hierboven aangeduide verdragen de hieronder vermelde landen deel: (voor gemaakt voorbehoud zie gemeld S. en de bijlagen der verdragen) A,(1.en2°.) A, 3°. B,(1®en2°.) B, 3°. Dn Vertitde landen als Danzig Dezelfde landen ale 4 er 1°,e 32 - 5 > © ON KZT Y Denemarken meld, met mma Deltechand ones in bovendien Duitschland ring van Grieken- Finland Groot-Britannië on iene land; en bovendien l'rankrijk Noord-Ierland met de Grieniand Start Qraleen " Busta, Bale ‘ - 2 e A ustralië, > rele, volgende gebieden : Japan Barbados, Basoetolan’ ralië, Bahamas, onaco echuanalan Nonaen A Barbados, Basoeto- Nederland Bermuda-eilanden inet rian land, Betchuanaland met Bovenwindsche eu. Tedenesia etn Indonesië, Britsch-Guyan® LES Bavensindaciio eil, Snriname en Britsch-Hondur Grama” Brash eats SURE, Saal Oe Ceylon, Cyprus Noorwegen _ Fidji-eilanden rij Falkland-eíl. Polen Gambië, Gibraltar
Fidji-eilanden Port NK. eel Gambië, Gibraltar Geonden ror eis re: (zonder kolo- Gilbert- en Ellis-eil. niën) epee Kenya nlën) hebde Zweden Geleen = Niet- Sovjet-Rus- Gefedereerde en Niet- Zwitserland. Staten eene en Maleische Staten Malta, Mauritius, Man- | Zwe A daatl. Nw-Guin Zwitserland. Malta, Mauritius, N f ea, Mandaatl. Nw-Guinea auru, Nieuwe Hebri- Nauru, Newfoundland den, Noord-Rhodesië Nieuwe Hebriden, fil Norfolk, | Nyassa- Noord-Rhodesié ends Oeganda eil. Norfolk, Ralestina, Papoea Nyassaland, Oeganda Se pohelien ope riten . Siert Lienne alomon-eil., Seyche Sierra Leone do ne nt bo; Beg on en Ascen- traite Settlements ion, wazilan Hod | ie ag ments dn ere » ordanië, Tenwany le Eopka. Trinidad en Tobago Trinidad on Tobago er Iersche Vrijstaat. 5 Zanzibar. Teneinde de bepalingen omtrent wisselbrieven en orderbriefjes zooveel moge- lijk in overeenstemming te brengen met de bepalingen der Nederlandsche wet van 25 Juli 1932, N.S. 32-405 is de zesde titel bij S. 34—562 jo. 35—531, iwg. 1 Jan. 1936, vervangen door den volgenden nieuwen titel, met weglating van het artikelnummer 99. ZESDE TITEL. VAN WISSELBRIEVEN EN ORDERBRIEFJES. EERSTE AFDEELING, Van de uitgifte en den vorm van den wisselbrief. 100 _ 100. De wisselbrief behelst : (K. 174, 178.) 1°. de benaming ,,wisselbrief”, opgenomen 1n den tekst zelf en uitge- drukt in de taal, waarin de titel is gesteld ; (AB. 18.) 2°. de onvoorwaardelijke opdracht tot betaling van een bepaalde som ; (K. 104v.) 2 3°. den naam van dengene, die betalen moe a (K. 102.) 4°, de aanwijzing van den vervaldag ; (K. 101, 1947. 5 . 6°: Wiele ta de plaats, waar de betaling moet geschieden ; (K. 101, 103, 126.) 5 i 6°. den naam van dengene, aan wien of aan wiens order de betaling moet worden gedaan ; (K. 102, 109a.) 1? de vermelding van de dagteekening, alsmede van de plaats, waar de wisselbrief is getrokken ; (K. 101.) ; tet ie de hand teeken tite a dengene, die den wisselbrief uitgeeft (trekker). (K. 106v. 5 101 ot. De titel, waarin ééne der vermeldingen in het voorgaan fo: aen, ontbreekt, geldt niet ae behoude onder genoemde gevallen : (K. 176, 179.) . rdt be- i widselbrietewadrvad de vervaldag niet is sangewoz°h, id schouwd als betaalbaar op zicht. nn ven Bij gebreke van een bijkondere aanwijzing word ee bod naast den naam van den betrokkene, geacht te aa en tevens de plaats van het domicilie des He See waar hij is getrokken, De wisselbrief, welke niet de plaats meth ta aangegeven naast den wordt geacht te zijn onderteskend i: de plaats, naam des trekk Bw. 1915v., 1921. i l ers. (Bw. luiden. De 102, De wisselbrief kan aan de order van ee Hij kan worden getrokken op den trekker 2e be erik Men Hij kan worden getrokken voor rekening ¥ ——
Sl 886 WISSELBRIEVEN. UITGIFTE EN VORM, ———————— TE
De trekker wordt geacht voor zijne eigene rekening te hebben getrok- N ken, indien. uit den wisselbrief of uit den adviesbrief niet blijkt, voor wiens KE, rekening zulke is geschied. (K. 183 ; Bw. 1915v., 1921.)
102 a. Wanneer de trekker op den wisselbrief de vermelding ,,waarde 102 ter incasseering”, ,,ter incasso”’, „in lastgeving”, of eenige andere vermel- : ding met zich brengend een bloote opdracht tot inning, heeft geplaatst, kan de nemer alle uit den wisselbrief voortvloeiende rechten uitoefenen, maar hij kan dezen niet anders endosseeren dan bijwege van lastgeving
Bij een zoodanigen wisselbrief kunnen de wisselschuldenaren aan den houder slechts de verweermiddelen tegenwerpen, welke aan den trekker zouden kunnen worden tegengeworpen.
De opdracht, vervat in een incasso-wisselbrief, eindigt niet door den dood of de latere onbekwaamheid van den lastgever. (K. 100, 117; Bw, 1792v., 1813.)
Een wisselbrief kan betaalbaar zijn aan de woonplaats van eenen 103 derde, hetzij in de plaats, waar de betrokkene zijn domicilie heeft, hetzij in een andere plaats. (K. 100-5°, 126, 185 ; Bw. 17v., 24.)
In eenen wisselbrief, betaalbaar op zicht of een zekeren tijd na 104 zicht, kan de trekker bepalen, dat de som rente draagt. In elken anderen wisselbrief wordt deze clausule voor niet geschreven gehouden. (Bw.
1765 ; K. 184.)
De rentevoet moet in den wisselbrief worden aangegeven. Bij gebreke hiervan wordt de renteclausule voor niet geschreven gehouden. (Bw, 1767v.)
De rente loopt te rekenen van de dagteekening van den wisselbrief, tenzij een andere dag is aangegeven,
- De wisselbrief, waarvan het bedrag voluit in letters en tevens in 106 cijfers is geschreven, geldt, in geval van verschil, ten beloope van de som,
voluit in letters geschreven.
De wisselbrief, waarvan het bedrag meermalen is geschreven, hetzij voluit in letters, hetzij in cijfers, geldt, in geval van verschil, slechts ten beloope van de kleinste som. (Bw. 1878v.; K. 186.)
Indien de wieselbrief handteekeningen bevat van personen, die 106 onbekwaam zijn zich door middel van eenen wisselbrief te verbinden, valsche handteekeningen, of handteekeningen van verdichte personen, of handteekeningen, welke, onverschillig om welke andere reden, de perso- nen, die die handteekeningen hebben geplaatst of in wier naam zulks is geschied, niet kunnen verbinden, zijn de verbintenissen der andere perso- nen, wier handteekeningen op den wisselbrief voorkomen, desniettemmn geldig. (Bw. 108, 113, 1446, 1872, 1876v. ; K. 70, 187 ; Sw. 264.)
Ieder, die zijne handteekening op eenen wisselbrief plaatst als 107 vertegenwoordiger van eenen persoon, voor wien hij niet de bevoegdheid had te handelen, is zelf krachtens den wisselbrief verbonden, en heeft, betaald hebbende, dezelfde rechten, als de beweerde vertegenwoordigde zou hebben gehad. Hetzelfde geldt ten aanzien van den vertegenwoordiger, die zijne bevoegdheid heeft overschreden. (Bw. 1797, 1806 ; K. 188.) 08
De trekker staat in voor de acceptatie en voor de betaling. } (K. 120v., 137v,; Rv. 299, 581-1 sub 7°.) 4
Hij kan zijne verplichting, voor de acceptatie in te staan, uitsluiten ; elke clausule, waarbij hij de verplichting, voor de betaling in te staan, uitsluit, wordt voor niet-geschreven gehouden. (K. 121.) es 109
109, Indien een wisselbrief, onvolledig ten tijde der uitgifte, is volledig gemaakt in strijd met de aangegane overeenkomsten, kan de niet-naleving van die overeenkomsten niet worden tegengeworpen aan den houder, tenzij deze den wisselbrief te kwader trouw heeft verkregen of hem grove schuld bij de verkrijging te wijten is. (K. 168.) ¢ 1090
109 a. De trekker is verplicht, ter keuze van den nemer, den wisselbrief te stellen betaalbaar aan den nemer zelven, of aan eenigen anderen Per, Soon, 1p beide gevallen aan order of zonder bijvoeging van order dan wel (K. tones van eene uitdrukking, als bedoeld in art. 110, tweede lid:
109 b. De trekker, of degene voor wiens rekening de wisselbrief 19 10%
WETBOEK VAN KOOPHANDEL. BOEK 1, TITEL 6. an tin aaa trokken, is verplicht zorg te dragen dat de betrok
NK. a handen hebbe het noodige fonds tot belaling hen n EN brief bij eenen derde is betaalbaar gesteld, met dien Taipan de trekker zelf in alle gevallen aan den houder en de ede oen dat persoonlijk peren blijft. (K. 102v., 127a, 1462.) endossanten
109¢ 109c. De betro oes wordt geacht, het noodige fonds in handen te hebben, indien hij bij het vervallen van den wisselbrief of op het tijdsti
aarop ingevolge het derde lid van art. 142 de houd nde w 5 5 der regres kan nemen aan den trekker eae dengene voor wiens rekening is getrokken, eene
eischbare som sc ig is, tenminste gelijkstaand 2 oe wisselbrief. (K. 127a, 146a.) aa se enewmbeloop ivan
TWEEDE AFDEELING, Van het endossement.
110 110, Elke wisselbrief, ook die welke niet uitdrukkelijk aan order luidt, kan door middel van endossement worden overgedragen.
Indien de trekker in den wisselbrief de woorden : ,,niet aan order” of een soortgelijke uitdrukking heeft opgenomen, kan het stuk slechts wor- den overgedragen in den vorm en met de gevolgen van een gewone cessie. Een op zulk een wisselbrief geplaatst endossement geldt als een gewone cessie. (Bw. 613.)
Het endossement kan worden gesteld zelfs ten voordeele van den betrok- | kene, al of niet acceptant, van den trekker, of van elken anderen wissel- schuldenaar. Deze personen kunnen den wisselbrief opnieuw endosseeren. (K. lllv., 119, 166.)
- 111, Het endossement moet onvoorwaardelijk zijn. Elke daarin opge- nomen voorwaarde wordt voor niet-geschreven gehouden. (K, 114.)
Het gedeeltelijke endossement is nietig. ;
Het endossement aan toonder geldt als endossement in blanco. (KM 1132) : :
112 112, Het endossement moet worden gesteld op den wisselbrief of op een daaraan vastgehecht blad (verlengstuk). Het moet worden ondertee- kend door den endossant. /
Het endossement kan den geéndosseerde onvermeld laten of ro uit de enkele handteckening van den endossant (endossement in blanco). In het laatste geval moet het endossement, om geldig te zijn, op 2 ace rise van den wisselbrief of op het verlengstuk worden gesteld. (K. 111",
33.) , ,
113 ps: Door het endossement worden a uit den wisselbrief voort- vloeiende rechten overgedragen. (K. 114. 3 119:
Indien het endossement in blanco is, kan de houder : (K. ce ne
1°. het blanco invullen, hetzij met zijn eigen naam, hetzij me | van een anderen persoon ;
a: den wissolbrief wederom in blanco of aan een anderen persoon endosseeren ; in te
ee den wisselbrief aan eenen derde ben ene ek ee vullen en zonder hem te endosseeren. (BW: gente t in voor de
Nd 114. Tenzij het tegendeel bedongen 18, pee , acceptatie en voor de betaling: (Rv- 299, 581-1. dat geval staat hij tegen:
Hij kan cen nieuw endossement verbieden + en doet) nietin voor den de personen, aan wie de wisselbrief er a
1 ® acceptatie en voor de betaling. (K. 11, ; dt beschouwd als
15 115. Hij, die eenen wisselbrief onder zich B blijken door een eS rechtmatige houder, indion hi) va TI if i dien het laatste endos- Ononderbroken reeks van endossementen, 25 ndossementen worden te aient in blanco is gesteld. De doorgehsalde Sn eer een endossement “len aanzien voor niet geschreven gehouden: Id, wordt de onderteeke- in blanco door een ander endossement 18 eng endossement in blanco ven dit laatste geacht den wissel brief door a
tkregen te hebben. (K. 1395.) it van den wisselbrie
Indien iemand, op welke wijze dan ook, het bezit v
—
mid 888 WISSELBRIEVEN, ENDOSSEMENT. ACCEPTATIE, a heeft verloren, is de houder, die van zijn recht doet blijken op de wij bij het voorgaande lid aangegeven, niet verplicht den wisselbrief te i. N.K geven, tenzij hij dezen te kwader trouw heeft verkregen, of hem le
schuld bij de verkrijging te wijten is. (Bw. 582, 1977; K. 167a 1675.)
Zij, die uit hoofde van den wisselbrief worden aangesproke kunnen de verweermiddelen, gegrond op hun persoonlijke verhou ding 116 tot den trekker of tot vroegere houders, niet aan den houder tegenwerpen, tenzij deze bij de verkrijging van den wisselbrief desbewust ten nadeele van den schuldenaar heeft gehandeld. (K. 102a, 118.)
Wanneer het endossement de vermelding bevat: „waarde ter ll incasseering’’, „ter incasso”’, ,,in lastgeving”’, of eenige andere vermelding d met zich brengend een bloote opdracht tot inning, kan de houder alle uit den wisselbrief voortvloeiende rechten uitoefenen, maar hij kan dezen niet anders endosseeren dan bij wege van lastgeving.
De wisselschuldenaren kunnen in dat geval aan den houder slechts de verweermiddelen tegenwerpen, welke aan den endossent zouden kunnen worden tegengeworpen.
De opdracht, vervat in een incasso-endossement, eindigt niet door den dood of door de latere onbekwaamheid van den lastgever. (K. 102a;
Bw. 1792v., 1813.)
- Wanneer een endossement de vermelding bevat: ,,waarde tot 118 zekerheid”, ,,waarde tot pand’, of eenige andere vermelding, welke inpandgeving met zich brengt, kan de houder alle uit den wisselbrief vo ortvloeiende rechten uitoefenen, maar een door hem gesteld endosse- ment geldt slechts als endossement bij wege van lastgeving. (Bw. 1150,
1152v.)
De wisselschuldenaren kunnen den houder de verweermiddelen, ge- grond op hun persoonlijke verhouding tot den endossant, niet tegenwer- pen, tenzij de houder bij de ontvangst van den wisselbrief desbewust ten nadeele van den schuldenaar heeft gehandeld. (K. 116.)
- Een endossement, gesteld na den vervaldag, heeft dezelfde gevol- 119 gen als een endossement, gesteld voor den vervaldag. Echter heeft het
endossement, gesteld na het protest van nonbetaling of na het verstrijken
van den termijn, voor het opmaken van het protest bepaald, slechts de
gevolgen eener gewone cessie. (Bw. 613.) f Behoudens tegenbewijs wordt het endossement, zonder dagteekening
geacht te zijn gesteld vóór het verstrijken van den termijn voor het opmê-
ken van het protest bepaald. (Bw. 19löv.; K. 143.)
DERDE AFDEELING. Van de acceptatie. "
_ 120. De wisselbrief kan tot den vervaldag door den houder of door Ie
iemand, die hem enkel onder zich heeft, aan den betrokkene te zijner
woonplaats ter acceptatie worden aangeboden. (K. 121, 124v-) 5 121 121. In elken wisselbrief kan de trekker, al dan niet met vaststelling
van een termijn, bepalen, dat deze ter acceptatie moet worden aangeboden.
Hij kan in den wisselbrief de aanbieding ter acceptatie verbieden, i behoudens in wisselbrieven, betaalbaar bij eenen derde, of betaalbaar In een andere plaats dan die van het domicilie des betrokkenen of betaalbaar een zekeren tijd na zicht. (K. 108, 122, 132.)
Hij kan ook bepalen, dat de aanbieding ter acceptatie niet kan plaats hebben vóór een bepaalden dag. (K. 127c.) É
Tenzij de trekker heeft verklaard, dat de wisselbrief niet vatbaar 15 voor acceptatie, kan elke endossant, al dan niet met vaststelling v8?
(K 1273) bepalen, dat hij ter acceptatie moet worden aangeboden: a . D 1 122. Wisselbrieven, betaalbaar een zekeren tijd na zicht, moeten. ter
acceptatie worden aangeboden binnen een jaar na hunne dagteekening:
(K. 132v., 143, 152.)
De trekker kan dezen termijn verkorten of verlengen.
De endossementen (lees : endossanten) kunnen deze termijnen forks
3, De betrokkene kan verzoeken,
HE : ener gedaan den dag, volgende op ann ae neede aanbieding
zich er niet op mogen beroepen, dat aan dit end ebbenden zullen ven, tenzij het verzoek in ras protest is vermeld geen gevolg is gege-
e houder is niet verplicht, den ter a i . a ‘en betrokkene af me geven. (Kl pe ote aangeboden wisselbrief
- De acceptatie wordt op den wisselbri ~ ;
i. drukt door het woord y oncol peberdlt of fk aes: aie uitge- zij wordt poe Mapes onderteekend. De enkele ee aen van den betrokkene, op de voorzijde va i ; als acceptatie. (K 127, 127) ide van den wisselbrief gesteld, geldt
Wanneer de wisselbrief betaalbaar is een zel, ij j neer hij krachtens een uitdrukkelijk beding PaaS aA TIS St of Ga aangeboden binnen een bepaalden termijn, moet de acceptatie als Ne den kening inhouden den dag, waarop zij is geschied, tenzij de houder di an de aanbieding eischt. Bij gebreke van dagteekening moet de houder dit verzuim ee een tijdig pages doen vaststellen, op straffe van Belies van zijn recht van regres op de endossanten en o i heeft bezorgd. (K. 123, 126, 143, 165.) Biden. boeket dp onde
126 125. De acceptatie is onvoorwaardelijk, maar de betrokkene kan haar | beperken tot een gedeelte van de som. (Bw. 1253v., 1390.)
Elke andere wijziging, door den acceptant met betrekking tot het in den wisselbrief vermelde aangebracht, geldt als weigering van acceptatie. De acceptant is echter gehouden overeenkomstig den inhoud zijner accep- tatie. (K. 128, 143, 150.)
126 126. Wanneer de trekker den wisselbrief op een andere plaats dan die van het domicilie des betrokkenen heeft betaalbaar gesteld, zonder eenen derde aan te wijzen, bij wien de betaling moet worden gedaan, kan de betrokkene dezen bij de acceptatie aanwijzen. Bij gebreke van zoodanige aanwijzing wordt de acceptant geacht zich verbonden te hebben zelf te betalen op de plaats van betaling. (K. 101.)
Indien de wisselbrief betaalbaar is aan het domicilie des betrokkenen, kan deze, in de acceptatie, een adres aanwijzen, in dezelfde plaats, waar de betaling moet worden gedaan. (K. 143 a.) ‘ »
127 127, Door de acceptatie verbindt de betrokkene zich, den wisselbrief op den vervaldag te betalen. (K. 164.) k
Bij gebreke van betaling heeft de houder, al ware hij de trekker, tegen den acceptant een rechtstreeksche vordering uit den wisselbrief voort- spruce, voor al hetgeen kan worden gevorderd krachtens de artt. 147 en 148. (Ry. 299, 581-1 sub 1°. a A
1274 127 AS Hij, die het noodig en in handen heeft, bijzonderlijk bestemd tot de betaling van een getrokken wisselbrief, is, Te yeu vergoeding van Kosten, schaden en interessen jee ere er, tot de acceptatie verplicht. (Bw. 1243v.; K. 109c, 127c, 146a, : :
1275 127. Belofte om ceren wisselbrief te zullen accepteren Be nieve acceptatic, maar geeft aan den trekker eene rechtsvordering | 0 ke vergoeding tegen den belover, die weigert zijne belang al nneer de
Dene schade bestaat in de kosten van pe oe ake a wisselbrief voor des trekkers eigene rekening W i
Wanneer de trekking voor rekening van eenen derde was gene: de schaden en interessen in de kosten van protest en herw1 toezegging
beloop van h kker, uit hoofde van de bekomene “© p van hetgeen de trekker, : den wisselbrief, heeft yan den belover, aan dien derde, ophehe be pia orgeschoten. (Bw. 1243v.; K. 12}, (>= ijdig kennis of
1276 127 c. De ee is verplicht aan den betrokkene AE alat: oy ies te geven van den door hem getrokken NA En weigering van
eid daarvan, gehouden tot vergoeding vit" ‘ile (Bw. 1243v.; K. 127 a.)
long Scceptatio of betaling uit dien hoofde Bev van eenen derde is getrok-
127d. Indien de wisselbrief voor rekening van ponden (E102) ken, is deze alleen daarvoor aan den acceptant ver ——t—*é
=e 890 WISSELBEIEVEN. ACCEPTATIE. AVAL, VERVALDAG, SS one ee
- Indien de betrokkene zijn op den wisselbrief gestelde acceptatie N heeft doorgehaald vóór de teruggave van den wisselbrief, wordt de accep, ic tatie geacht te zijn geweigerd. Behoudens tegenbewijs wordt de doorhalig, 28 geacht te zijn geschied vóór de teruggave van den wisselbrief. (K, 1255
Indien echter de betrokkene van zijne acceptatie schriftelijk heeft doen blijken aan den houder of aan iemand, wiens handteekening op den wissel. brief voorkomt, is hij tegenover dezen gehouden overeenkomstig den inhoud van zijne acceptatie. (K. 127, 1275.)
VIERDE AFDEELING. Van het aval.
- De betaling van eenen wisselbrief kan voor het geheel of ‘een 129 gedeelte van de wisselsom door eenen borgtocht (aval) worden verzekerd.
Deze borgtocht kan door eenen derde, of zelfs door iemand, wiens handteekening op den wisselbrief voorkomt, worden gegeven. (Bw. 1820v.;
K. 125.
- Het aval wordt op den wisselbrief of op een verlengstuk gesteld 130
Het wordt uitgedrukt door de woorden : ,,goed voor aval’’ of door een soortgelijke uitdrukking ; het wordt door den avalgever onderteekend.
De enkele none ee van den avalgever, gesteld op de voorzijde van den wisselbrief, geldt als aval, behalve wanneer de handteekening die is van den betrokkene of van den trekker. (Bw. 1824.)
Het kan ook geschieden bij een afzonderlijk geschrift of bij een brief, vermeldende de plaats, waar het is gegeven.
In het aval moet worden vermeld, voor wien het is gegeven. Bij gebreke hiervan wordt het geacht voor den trekker te zijn gegeven. (K. 203.)
- De avalgever is op dezelfde wijze verbonden als degenen, voor 131 wien het aval is gegeven. (Bw. 1280, 1282, 183ly.; Rv. 299, 581-1 sub 1°.)
Zijne verbintenis is geldig, zelfs indien, wegens een andere oorzaak dan een vormgebrek, de door hem gewaarborgde verbintenis nietig is.
(Bw. 1821.) .
Door te betalen verkrijgt de avalgever de rechten, welke krachtens den wisselbrief kunnen worden uitgeoefend tegen dengene, voor wien het aval is gegeven en tegen degenen, die tegenover dezen krachtens den wisselbrief verbonden zijn. (Bw. 1839v.; K. 115.)
VIJFDE AFDEELING. Van den vervaldag.
- Een wisselbrief kan worden getrokken : 1
op zicht ;
op een zekeren tijd na zicht ; .
op een zekeren tijd na dagteekening ;
op een bepaalden dag.
Wisselbrieven met anders bepaalde vervaldagen of in termijnen betaal- baar zijn nietig. (K. 101.) ’ . 133
- De wisselbrief, getrokken op zicht, is betaalbaar bij de aanbieding: ì Hij moet ter betaling worden aangeboden binnen een jaar na zijne dag: teekening. De trekker kan dezen termijn verkorten of verlengen. De endossanten kunnen deze termijnen verkorten.
De trekker kan voorschrijven, dat een wisselbrief niet ter betaling mag worden aangeboden vóór een bepaalden dag. In dat geval loopt de termijn van aanbieding van dien dag af. (K. 122, 136, 143°.) 134
„134, De vervaldag van eenen wisselbrief, getrokken op een zekeren tijd na zicht, wordt bepaald, hetzij door de dagteekening der acceptatie, hetzij door die van het protest, Kk
Bij gebreke van protest wordt de niet gedagteekende acceptatie ten aanzien van den acceptant geacht te zijn gedaan op den laatsten dag En den termijn, voor de aanbieding ter acceptatie voorgeschreven. (K. 122,
124, 135%, 142v.)
WETBOEK VAN KOOPHANDEL TITEL 6. 891 K. 135. De wisselbrief, getrokken op ee ie ring of ze Vecht, vervalt op den a Ke maanden na dagteeke- waarin de betaling moet worden gedaan Bi ects n dag van de maand komstigen dag vervalt een zoodanige ere, Tee gebreke van een overeen- die maand. selbrief op den laatsten dag van Bij eenen wisselbrief, getrokken op ee maand na dagteekening of na zicht, En wed maanden en een halve gerekend. rat de geheele maanden Ia de vervaldag bepaald op het begi : Februari enz.) of op het hs ain vereni nai Cee eames gitdrukkingen verstaan : de eerste de vijfti md, dan” wordt ónder’ die Onder de uitdrukkingen : ice aen Sherine ore : se i if a9? en”, Nan ééne of twee weken, maar een termijn van menne me VEE De uitdrukki } ” dui se aan. (K. 137.) ing , halve maand” duidt eenen termijn van vijftien dagen 36 136. De vervald i 4 dag, in es nala eeen betaalbaar op cen bepaalden plaats van uitgifte ‘wordt Gant ti annetd in deet Hi ning van de plaats van betalië ON jr rg tijdreke- De d SA BRT rn ols Een EEn eo ban cn ser ae 5 : ing en betaalbaar een zekeren tijd nne le an herleid OEE tre tijdroke- le Kn van betaling en de vervaldag wordt dienovereenkom- De termijnen van aanbiedin i i : § g der wisselbrieven worden berek . i i de bepalingen van het voorgaande lid. ik te Dh ene an agen gene rik beds e bewoordingen ee i worden afgeleid. (AB. 18: K. 207.) as parent hesqeiae [5 ZESDE AFDEELING. Van de betaling. 37 Fy De houder van eenen wisselbrief, betaalbaar op een bepaalden Wee A een zekeren tijd na dagteekening of na zicht, moet dezen ter se aling aanbieden, hetzij den dag, waarop bij betaalbaar is, hetzij De Gch. tae daaropvolgende werkdagen. a oe van eenen wisselbrief aan eene verrekent all ee instellingen iS ae jaan NE: on Gouvernenr iel als vr raleningskathe en aangewezen, die in CCP 10g-4°, 120, 122, 183, 185 130 at) amers worden beschouwd. (K. 100-4°, 120, 122, 199, 4) 13 > e 8 138, Buiten het geval, in art. 167b vermeld, kan de betrokkene, den webct betalende, vorderen, dat hem deze van behoorlijke kwijting a a houder voorzien, wordt uitgeleverd. … 7 janmaiten (K eae mag niet weigeren een gedeeltelijke betaling aan te DET Ie val ven - ; de betrokkene, vorderen, dat 5 gedeeltelijke betaling kan de : yen die betaling op den wisselbrief melding wordt gemaakt en er ier Wo “139, De houde Kort gegeven. (Bw. 13003 K 160) De: le ord x eae. : Hodder van eenen wisselbrief kan niet genoodzaakt WO en, 1 ve j en. . en rantw AEK en „Hij, woordelijkheid, Ent ee is deugdelijk gekweten, mits er zijner, zijds geen ee ace heeft f grove schuld aanwezig is. Hij is gehouden- de regelmati heid ate 5 peas endossementen, Maar niet de hand- tekening fee ide te onderzoeken. (Bw. 1385v.; K. 115.) Indien hij, niet bevrijdend beteald ap bende, verplicht wordt, (en ogende
— 892 WISSELBRIEVEN. VERVALDAG. BETALING. REGRES, ee Ht male te betalen, heeft hij verhaal op al degenen, die den wisselbrief 4 | kwader trouw hebben verkregen of aan wie bij de verkrijging grove schuld NK | te wijten is. (Bw. 1270, 1386, 1405-4° ; K, 1472, 167a, b, 212.)
- Een wisselbrief, waarvan de peeing is bedongen in ander geld u ‘ dan dat van de plaats van betaling, kan worden betaald in het geld 0 het land volgens zijne waarde op den vervaldag. Indien de echulleneie in gebreke is, kan de houder te zijner keuze vorderen, dat de wisselsom betaald wordt in het geld van het land volgens den koers, hetzij van den vervaldag, hetzij van den dag van betaling.
De waarde van het vreemde geld wordt bepaald volgens de gebruiken | van de plaats van betaling. De trekker kan echter voorschrijven, dat het te betalen bedrag moet worden berekend volgens een in den wisselbrief voorgeschreven koers,
Het bovenstaande is niet van toepassing, indien de trekker heeft voor-
eschreven, dat de betaling moet geschieden in een bepaald aangeduid Beld (clausule van werkelijke betaling in vreemd geld).
Indien het bedrag van den gjseelorief is pengegeren. in geld, hetwelk dezelfde benaming, maar eene verschillende waarde heeft in het land van uitgifte en in dat van betaling, wordt men vermoed het geld van de plaats van betaling te hebben bedoeld. (Bw. 1756v.; K. 60, 100-2°, 1513, 213.)
- Bij gebreke van aanbieding ter betaling van den wisselbrief bin- 14) nen den termijn, bij art. 137 vastgesteld, heeft elke schuldenaar de be- voegdheid, het bedrag te bevoegder plaatse in consignatie te geven, op kosten en onder verantwoordelijkheid van den houder. (Bw. 1280v.,
1382, 1385, 1387, 1393, 1395, 1404v., 1407v., 1409v. ; K. 127', 133, 139, 142, 146.) ZEVENDE AFDEELING. Van het recht van regres in geval van non-acceptatie of non-betaling. 142. (Gew. S. 37-590.) De houder kan zijn recht van regres op deendos- 142 i) 8 ne, gen trekker en de andere wisselschuldenaren uitoefenen : (K. 108,
9b, c, 114, 127, 131.)
Op den vervaldag : (K. 100-4°.)
indien de betaling niet heeft plaats gehad. (K. 132v., 137, 141.)
Zelfs vóór den vervaldag : on indien de acceptatie geheel of gedeeltelijk is geweigerd; (K. 120v,
2e. in geval van faillissement van den betrokkene, al of niet acceptant, en van het oogenblik af, waarop eene hem verleende surséance van beta- ling is ingegaan; (K, 143 6; F, ly., 212v., 216.)
‘ oe a eo van. niliseament van den trekker van een niet voor accep-
atie vatbaren wisselbrief, (K. 143°; F‚ lv.)
- De weigering van acceptatie of van betaling moet worden vastge- 143 steld bij authentieke acte (protest van non-acceptatie of van non-betaling).
Het protest van non-acceptatie moet worden opgemaakt binnen de termijnen, voor de aanbieding ter acceptatie vastgesteld Indien, m het | geval bij art. 123, lid 1, voorzien de eerste aanbieding heeft plaats gehad ae lasten dag van den termijn, kan het protest nog op den volgenden
worden gedaan.
Het protest van non-betaling van eenen wisselbrief, betaalbaar op €en bepaalden dag of zekeren tijd na dagteekening of na zicht, moet worden gedaan op éénen der twee werkdagen, volgende op den dag, waarop ge wisselbrief betaalbaar is. Indien het eenen wisselbrief, betaalbaar op 216 A betreft, moet het protest worden gedaan, overeenkomstig de bepaling® bij het Boeren lid vastgesteld. voor het opmaken van het protest van
on-acceptatie,
N Het protest van non-acceptatie maakt de aanbieding ter betaling e? ou prako van non-betaling overbodig. Re geval van benoeming van bewindvoerders op verzoek van den be jd
zene, al of niet acceptant, tot surséance van betaling ka: ij K. nat van regres niet uitoefenen, dan nadat de Wiadtistitewtaie aan den betrokkene is aangeboden en protest is opgemaakt, :
Indien de betrokkene, al of niet acceptant, is failliet verklaard of indien de trekker van eenen wisselbrief, welke niet vatbaar is voor acceptatie is failliet verklaard, kan de houder, voor de uitoefening van zijn recht van regres, volstaan met overlegging van het vonnis, waarbij het faillissement, is uitgesproken. (K. 120v., 125, 132v., 1430, 143d, 145, 171, 217: F. ly 212, 314) ’ . ”
34 143.a. De betaling van eenen wisselbriet moet gevraagd en het daarop volgende protest gedaan worden ter woonplaatse van den betrokkene,
Indien de wisselbrief getrokken is om in eene andere aangewezene woon- plaats of door eenen anderen aangewezen persoon, hetzij in dezelfde, hetzij in eene andere afdeeling te worden betaald, moet de betaling gevraagd en het protest opgemaakt worden ter aangewezene woonplaats of aan den aangewezen persoon.
Wanneer degene, die den wisselbrief moet betalen, geheel onbekend of niet te vinden is, moet het protest gedaan worden aan het postkantoor van de ter betaling aangewezene woonplaats, en indien aldaar geen post- kantoor is, in de Gouvernementslanden van Java en Madoera aan den assistent-resident en elders aan het hoofd van het plaatselijk bestuur. Hetzelfde moet plaats hebben, indien een wisselbrief is getrokken om in eene andere afdeeling te worden betaald dan die waar de betrokkene woont, en de woonplaats waar de betaling moet geschieden niet is aange- wezen. (Bw. 1393; K. 100-3°, 102, 126, 1435-2 sub 26, 218a ; F. 96%.)
3 143b. De protesten, zoo van non-acceptatie als van non-betaling, wor- den gedaan door eenen notaris of door eenen deurwaarder. Zij moeten vergezeld zijn van twee getuigen.
De protesten behelzen : 5
le, een letterlijk afschrift van den wisselbrief, van de acceptatie, van de endossementen, van het aval en van de adressen daarop gesteld ;
‚2e, de vermelding dat zij de acceptatie of betaling aan de „personen, of tat pp in het voorgaand art. gemeld, afgevraagd en niet bekomen
ebben ; :
8 a de vermelding van de opgegevene reden van non-acceptatie of non-
etaling ; A
4e; a aanmaning om het protest te teekenen, en de redenen van wel- gering ; :
öe, de vermelding, dat hij, notaris of peal 2 wegens die non- | Acceptatie of non-betaling heeft geprotesteerd. ,
Indien het protest eu.: ete Er joalirief betreft, volstaat, 8 Pag van het bepaalde onder 1® van het voorgaande lidteene TK 112 124v jg ike omschrijving van denyinhang dent eee en 4
„137, 155v., 159, 167a v., 218b ; Not. 1, 407.) ver- 3 143 c, De notarissen of deurwaarders zijn ree zoe rtdal te goeding van kosten, schaden en interessen, on n hetzelve naar orde ‘i ten, en hiervan melding in het afschrift te ste Fr genummerd en gewaar- €s tijds, in te schrijven in een bijzonder register, ite indien zij woon- merkt door den president van den read van } tigd is, en elders door achtig zijn binnen de afdeeling, waar die read Bek ontstentenis van dezen den residentierechter ; of bij afwezigheid, ele door den assistent- in de Gouvernementslanden van Java en tik bestuur, of op diens last Seldent en elders door het hoofd van plat zijn zij gehouden om, or een anderen europeeschen ambtenaar. van het protest aan de {ulks begeerd wordende, een of meer afscht YS ‘2 319, 3d anghebbenden te leveren. (K. 218¢; Rv. 4, derscheidenlijk van non- Noe d. Als protest van non-acceptatie, ae acceptatie of de betaling etaling geldt de door dengene, aan wien houder op den wissel brief Wordt afgevraagd, met toestemming van den rklaring, dat hij dezelve Bestelde, gedagteekende en onderteekende ve : EN
= 894 WISSELBRIEVEN. REGRES. een een weigert, tenzij de trekker heeft aangeteekend, dat hij een aut i Hans verlangt. (K. 143, 217-2°.) : hentiek pro. NK,
- De houder moet van de non-acceptatie of van de non-betali kennis geven aan zijnen endossant en aan den trekker binnen de vie ]4q: werkdagen, volgende op den dag van het protest of, indien de wisselbrief getrokken is met de clausule zonder kosten volgende op dien der ‘i bieding. Elke endossant moet binnen de twee werkdagen, volgende 65 den dag van ontvangst der kennisgeving, de door hem ontvangen Keitin. geving aan zijnen endossant mededeelen, met aanwijzing van de namen en adressen van degenen, die de voorafgaande kennisgevingen hebben gedaan, en zoo vervolgens, teruggaande tot den trekker. Deze termijnen loopen van de ontvangst der voorafgaande kennisgeving af. j
Indien overeenkomstig het voorgaande lid eene kennisgeving is gedaan aan iemand, wiens handteekening op den wisselbrief voorkomt, moet gelijke kennisgeving binnen denzelfden termijn aan diens avalgever wor- den gedaan.
Indien een endossant zijn adres niet of op onleesbare wijze heeft aan- geduid, kan worden volstaan met kennisgeving aan den voorafgaanden endossant,
‚Hij, die eene kennisgeving heeft te doen, kan zulke doen in iederen vorm, zelfs door enkele terugzending van den wisselbrief.
Hij moet bewijzen, dat hij de kennisgeving binnen den vastgestelden termijn heeft gedaan. Deze termijn wordt gehouden te zijn in acht ge- nomen, wanneer een brief, die de kennisgeving behelst, binnen den ge- noemden termijn ter post is bezorgd. (Bw. 1916.)
Hij, die de kennisgeving niet binnen den bovenvermelden termijn doet, stelt zich niet bloot aan’ verval van zijn recht; hij is, indien daartoe aan- leiding bestaat, verantwoordelijk voor de schade, door zijne nalatigheid veroorzaakt, zonder dat echter de kosten, schaden en interessen de wigsel- som kunnen te boven gaan. (Bw. 1243v. ; K. 143v., 153, 219.)
- De trekker, een endossant of een avalgever, kan, door de clausule 148 „zonder kosten’, ,,zonder protest” of een andere soortgelijke op den wis- selbrief gestelde en onderteekende clausule, den houder van het opma-
ken van een protest van non-acceptatie of van non-betaling, ter uit- ‘ oefening van zijn recht van regres, ontslaan.
Deze clausule ontslaat den houder niet van de aanbieding van den wisselbrief, binnen de voorgeschreven termijnen, noch van het doen van de kennisgevingen. Het bewijs van de nietinachtneming der termijnen moet worden geleverd door dengene, die zich ‘daarop tegenover den hou- der beroept. f :
„Is de clausule door den trekker gesteld, dan heeft zij gevolgen ten aan-
zien van allen, wier handteekeningen op den wisselbrief voorkomen ; 18 zij door een endossant of door eenen avalgever gesteld, dan heeft zi 8° volgen alleen voor dezen: Endossant of avalgever. Indien de houder, ondanks de door den trekker gestelde clausule, toch protest doet opmaken, zijn de kosten daarvan voor zijne rekening. Indien de clausule van eenen endossant of eenen avalgever afkomstig is, kunnen de kosten van het protest, indien dit is opgemaakt, op allen, wier handteekeningen op, den wisselbrief voorkomen, worden verhaald. (K 143, 143d, 147-1 sub 3%, 220) 4
- Allen, die eenen wisselbrief hebben’ getrokken, geaccepteerd, geëndosseerd, of voor aval’geteckend, zijn hoofdelijk tegenover den hoii der verbonden. Bovendien is ook de derde, voor wiens rekening, de hr brief is getrokken en die de waarde daarvoor heeft genoten, jegens de houder aansprakelijk. 7 Á
„De houder kan deze personen, zoowel ieder afzonderlijk, als gean
lijk, aanspreken, zonder verplicht te zijn de volgorde, waarin zij zich he | ben verbonden; in acht te nemen. : ese set kone toe aan ieder, wiens handteekening oP den ht voorkomt en die i ijnen re i heéfoubeteala dezen, ter voldoening aan zijnen regres \
WETBOEK VAN KOOPHANDEL, BOEK 1, TITEL 6. 895 pe
De vordering, ingesteld tegen éénen der wissels :
.K. de anderen aan te spreken, al hadden dezen zich ett ae eerst aangesprokene. (Bw. 1280v., 1283, 1292v.; K. 102v., 110 an de 127, 131, 152, 152a, 157, 165, 167, 221; F. 132; Ry 200, 581-1 sub 7°}
joo 346, De houder van nep gepotsteden witli bat gen eva , ro Bie Banden heeft. Ka snesvan'den (trekker in
Indien de wisselbrief niet is geaccepteerd, beh i : BS faillissement van den trekker, aan ane boedel tT, bij
Ingeval van acceptatie, blijft het fonds, tot het beloop van den wissel brief, aan den betrokkene, behoudens de verplichting van dezen ont jegens den houder aan zijne acceptatie te voldoen. (K. 109} v., 127a, 221a.)
47 147, De houder kan van dengene, tegen wien hij zijn recht van regres uitoefent, vorderen : 8
1¢, de som van den niet-geaccepteerden of niet betaalden wisselbrief met de rente zoo deze bedongen is, ;
2e. eene rente van zes ten honderd, te rekenen van den vervaldag ;
3e. de kosten van protest, die van de gedane kennisgevingen alsmede de andere kosten. (K. 145%.)
Zoo de uitoefening van het recht van regres vóór den vervaldag plaats heeft, wordt op de wisselsom eene korting toegepast, Deze korting wordt berekend volgens het officieele disconto (bankdisconto) geldende ter woonplaats van den houder, op den dag van de uitoefening van het recht van regres. (Bw. 1250°; K. 104, 127, 139, 142v., 148d v., 148, 161, 1524, 157, 222.)
148 148. Hij, die ter voldoening aan zijnen regresplicht den wisselbrief heeft betaald, kan van degenen, die tegenover hem regresplichtig zijn, vorderen :
le, het geheele bedrag, dat hij betaald heeft;
9e. eene rente van zes ten honderd, te rekenen van den dag der be- taling ;
ge de door hem gemaakte kosten. (Bw. 1250° ; K, 147, 151, 223.)
149 149, Elke wisselschuldenaar, tegen wien het recht van regres wordt of kan worden uitgeoefend, kan, tegen betaling ter voldoening aan zijnen regresplicht, de afgifte vorderen van den wisselbrief met het protest, alsmede een voor voldaan geteekende rekening. ‘ Fadel
Elke endossant, die ter voldoening aan zijnen regresplicht Er oe brief heeft betaald, kan zijn eo en dat van de volgende endo santen doorhalen. (K. 138, 146v., 224. : .
150-150. Bij gedeeltelijke acceptatie kan degone, gee Woe eeft zijnen regresplicht het niet geaccepteerde gedeelte shir 5 18 vermeld en betaald, vorderen, dat die-betaling op den wisselbrie ee t hem daaren- dat hem daarvan kwijting wordt gegeven. De se: van den wissel- boven uitleveren een voor eensluidend geteekend En verdere rogres- brief, alsmede het protest, om hem de uitoefening Pe Gy )
i rechten mogelijk te maken. (Bw. 1390; K, 125, Ie, kan, tenzij het
é g kan uitoefenen, an,
- leder, die een recht van regres. Ardaar middel van een tegendeel bedongen is, zich de vergoeding bezorgen (ve an degenen,
: : 4 kken op zicht op éénen v nieuwen wisselbrief (herwissel), getro Jbaar te diens woonplaats. die tegenover hem regresplichtig zijn ef betes de artt. 147 en 148 aan-
De. herwissel omvat, behalve de bedragen ti van den herwissel. gegeven, de bedragen van, provisie en ben eeciken wordt het bedrag
Indien de herwissel door den houder 16 ee vissel, getrokken van de
bepaald volgens den, koers van eenen. Zi galbaat was, op de woon- Plaats, waar de oorspronkelijke wisselbrict "Ut is getrokken door Plaats van den regresplichtige- Indien oe volgens den koers van eenen eenen endossant, wordt het bedrag bepa den trekker. van den her- Zichtwissel, getrokken van de woonploaty. tige. (K. 140, 146.)
ts _ Wisselop de woonplaats van den regresp teld : (K. 153.)
152, Na afloop van de termijnen yastgesier’ *
———————‘(‘(
Tm 896 WISSELBRIEVEN. REGRES. NN eee
voor de aanbieding van eenen wisselbrief getrokken op zicht of : tijd na zicht; (K. 122, 133v., 137.) zekeren NK
voor het opmaken van het protest van non-acceptatie of van non-be- taling; (K. 143.) :
voor de aanbieding ter betaling in geval van beding zonder kosten K. 145. i ze het recht van den houder tegen de endossanten, tegen den trek- ker, en tegen de andere wisselschuldenaren, met uitzondering van den acceptant. (K. 127.) aci
Bij gebreke van aanbieding ter acceptatie binnen den door den trek- ker voorgeschreven termijn, vervalt het recht van regres van den houder, zoowel wegens non-betaling als wegens non-acceptatie, tenzij uit de bewoordingen van den wisselbrief blijkt, dat de trekker zich slechts heeft willen bevrijden van zijne verplichting, voor de acceptatie in te staan, (K. 146, 153.) 8
Indien de bepaling van eenen termijn voor de aanbieding in een endos- gement is vervat, kan alleen de endossant daarop een beroep doen. (K. 110v., 119.
152 a, De wisselbrief van non-acceptatie of van non-betaling zijnde 15% geprotesteerd, is niettemin de trekker, al ware het protest niet intijds gedaan, tot vrijwaring gehouden, tenzij hij bewees, dat de betrokkene op den vervaldag het noodige fonds tot betaling des wisselbriefs in handen had. Indien het vereischte fonds slechts gedeeltelijk aanwezig was, is de trekker voor het ontbrekende gehouden. (K: 109bv., 127a, 143, 1462.)
Was de wisselbrief niet geaccepteerd, dan is, ingeval van niet tijdig protest, de trekker, op straffe van tot vrijwaring te zijn gehouden, ver- plicht, den houder af te staan en over te dragen de vordering op het fonds, dat de betrokkene van hem ten vervaldage heeft in handen gehad, en zulks tot het beloop van den wisselbrief ; en hij moet aan den houder, te diens koste, de noodige bewijzen verschaften om die vordering te doen gelden. Indien de trekker in staat van faillissement is verklaard, zijn de curatoren in zijnen boedel tot dezelfde verplichtingen gehouden, ten ware deze mochten verkiezen, den houder als schuldeischer, voor hbe van den wisselbrief, toe te laten. (Bw. 613; K. 109%; F.
- Wanneer de aanbieding van den wisselbrief of het opmaken van 16 het protest binnen de voorgeschreven termijnen wordt verhinderd door een onoverkomelijk beletsel (wettelijk voorschrift van eenigen Staat of ander geval van overmacht), worden deze termijnen verlengd:
De houder is verplicht, van de overmacht onverwijld aan zijnen endos- sant kennis te geven, en deze kennisgeving gedagteekend en onderteekend op den wisselbrief of op een verlengstuk te vermelden; voor het overige zijn de bepalingen van art. 144 toepasselijk. ~
Na het ophouden van de overmacht moet de houder onverwijld den wisselbrief ter acceptatie of ter betaling aanbieden en, indien daarto® aanleiding bestaat, protest doen opmaken.
Indien de overmacht meer dan dertig dagen, te rekenen van den ver valdag, aanhoudt, kan het recht van regres worden. uitgeoefend, zonder dat de aanbieding of het opmaken van protest noodig is. ;
Voor wisselbrieven, getrokken op zicht, of op zekeren tijd na zicht, loopt de termijn van dertig dagen van den dag, waarop de houder, & ware het vóór het einde van den aanbiedingstermijn, van de overmacht aan zijnen endossant heeft kennis gegeven ; voor wisselbrieven, getrokken op zekeren tijd na zicht, wordt de termijn van dertig dagen verlengd met den zichttermijn, in den wisselbrief aangegeven.
„Feiten, welke voor den houder, of voor dengene, dien hij met de 98> bieding, van den wisselbrief of met het opmaken van het protest hl van zuiver persoonlijken aard zijn, worden niet beschouwd als gev 5 van overmacht. (K. 12lv., 133v., 143, 152, 225.)
ACHTSTE AFDEELING. Van de tusschenkomst.
1, Algemeene bepalingen.
- De trekker, een endossant, of een avalgever, kan iemand aanwij- zen om, in geval van nood, te accepteeren of te betalen. (Bw. 1792v.)
Onder de hierna vastgestelde voorwaarden kan de wisselbrief worden geaccepteerd of betaald door iemand, die tusschenkomt voor eenen schul- denaar, op wien recht van regres kan worden uitgeoefend.
De interveniént kan een derde zijn, zelfs de betrokkene, of een reeds krachtens den wisselbrief verbonden persoon, behalve de acceptant. (Bw. 1354, 1382.)
De interveniënt geeft binnen den termijn van twee werkdagen van zijne tusschenkomst kennis aan dengene, voor wien hij tusschenkwam In geval van niet-inachtneming van dien termijn is hij, indien daartoe aanleiding bestaat, verantwoordelijk voor de schade, door zijne nalatig- heid veroorzaakt, zonder dat echter de kosten, schaden en interessen de wisselsom kunnen te boven gaan. (Bw. 1355v.; K. 146, 155v.)
Acceptatie bij tusschenkomst.
De acceptatie bij tusschenkomst kan plaats hebben in alle geval- len, waarin de houder van eenen voor acceptatie vatbaren wisselbrief vóór den vervaldag recht van regres kan uitoefenen. (K. 121°.)
Wanneer op den wisselbrief iemand is aangewezen om dezen, in geval van nood, ter plaatse van betaling te accepteeren of te betalen, kan de houder zijn recht tegen dengene, die de aanwijzing heeft gedaan en tegen hen, die daarna hunne handteekeningen op den wisselbrief hebben ge- plaatst niet vóór den vervaldag uitoefenen, tenzij hij den wisselbrief aan den aangewezen persoon heeft aangeboden en van diens weigering tot acceptatie protest is opgemaakt. (K. 142v., 154*.) ;
In de andere gevallen van tusschenkomst kan de houder de acceptatie bij tusschenkomst weigeren. Indien hij haar echter aanneemt, verliest hij zijn recht van regres, hetwelk hem vóór den vervaldag toekomt tegen dengene, voor wien de acceptatie is gedaan, en tegen hen, die daarna rane br ge op den wisselbrief hebben geplaatst. (K. 146,
, 1543.) k F
De acceptatie bij tusschenkomst wordt op den_wisselbrief ger meld ; zij wordt door den interveniënt onderteekend. Zij wijst aan, voor wien zij is geschied ; bij gebreke van die aanwijzing wordt zij geacht voor den trekker te zijn. geschied. (Bw. 1916v.; K. 1%, 161.) en
De acceptant bij tusschenkomst is tegenover den houder ke ae over de endossanten, die den wisselbrief hebben geéndosseerd PAREN Med ae de tusschenkomst is geschied, oP dezelfde wijze als de
rbonden. (Rv. 299, 581-1 sub 1°.
Nistespenatanadé de acceptatie 5 tusschenkomst onnen:. orang voor wien zij werd gedaan en degenen, die tegeno ver ea Be eine me van den houder, indien daartoe aanleiding er ke ss reals b Rel sone (aes Feteekende rekening macs van het protest en van een voor voldaan &
orderen. (K. 127, 146, 159.) F
ì : Pa nkomsv.
- Betaling bij tussche hebben in alle gevallen, is 158. De betaling bij tusschenkomst kan plee n vervaldag, de houder erts hetzij op den vervaldag, hetzij vóór de ka
van regres heeft. e degene, voor Wl af ling moet de geheele ae welke de6 bn
“modal haben citer op den S66, "warden opgewekt UE
143° wy het protest van non-betaling
SS
898 _ WISSELBRIEVEN. TUSSCHENKOMST. WISSELEXEMPLAREN ENz :
159, Indien de wisselbrief is geaccepteerd door interveniénten y; | domicilie ter plaatse van betaling is gevestigd, of indien personen Wier Nr domicilie in dezelfde plaats is gevestigd, zijn aangeduid om in ger nood te betalen, moet de houder den wisselbrief aan al die pees aanbieden, en, indien daartoe aanleiding bestaat, protest yan non-betaline doen opmaken uiterlijk op den dag volgende op den laatsten dag, waar, 8 dit kan geschieden. (Bw. 17v., 24.) , op
Bij gebreke van protest binnen. dien termijn zijn degene, die het nood- adres heeft gesteld of voor wien de wisselbrief is geaccepteerd, en de latere endossanten van hunne verbintenis bevrijd. (K. 143v., 145 154.)
- De houder, die weigert de betaling bij tusschenkomst aan te nemen Ì verliest zijn recht van regres op hen, die daardoor zouden zijn bevrijd. i (EK: 146, 158.) .. : he |
161, De betaling bij tusschenkomst moet worden vastgesteld door | eene kwijting, geplaatst op den wisselbrief met aanwijzing van dengene voor wien zij is gedaan, Bij gebreke van die aanwijzing wordt de betaling geacht voor den trekker te zijn gedaan. (Bw. 1915v.)
De wisselbrief en het protest, indien dit is opgemaakt, moeten worden uitgeleverd aan hem, die bij tusschenkomst betaalt. (K. 149.)
- Hij, die bij tusschenkomst betaalt, verkrijgt de rechten, uit den | wisselbrief voortvloeiende, tegen dengene, voor wien hij heeft betaald, | en tegen degenen, die tegenover dezen laatste krachtens den wisselbrief verbonden zijn. Hij mag echter den wisselbrief niet opnieuw endosseeren.
De endossanten, volgende op dengene, voor wien de betaling heeft plaats gehad, zijn bevrijd. |
Indien zich meer personen tot de betaling bij tusschenkomst aanbie- | den, heeft de voorkeur de betaling, welke het grootste aantal bevrijdingen teweegbrengt. De interveniënt, die desbewust in strijd hiermede handelt, verliest zijn recht van regres tegen hen, die anders zouden zijn bevrijd. (K. 110v., 146, 154%.)
8 NEGENDE AFDEELING, Ie:
Van wisselexemplaren, wisselafschriften en vermiste wisselbrieven.
fae l. Wisselexemplaren.
163, De wisselbrief kan in meer gelijkluidende exemplaren worden ! getrokken.
Die exemplaren moeten in den tekst zelf van den titel worden genum- merd, bij gebreke waarvan elk exemplaar wordt beschouwd als een afzon- derlijke wisselbrief. ; | ; :
3 Iedere houder van eenen wisselbrief, waarin niet is vermeld, dat deze in een enkel exemplaar getrokken is, kan op zijne kosten de levering Lr meer exemplaren vorderen, Te dien einde moet hij zich tot zijn onmiddel- lijken endossant wenden, die verplicht is zijne medewerking te verleenen om zijn eigen endossant aan te spreken, en zoo vervolgens, teruggaan tot den trekker. De endossanten zijn verplicht de endossementen: ook oP de nieuwe exemplaren aan te brengen. (K. 100, 226.): z 4{ 1 _ 164, De betaling, op één der exemplaren gedaan, bevrijdt, ook 4 ware niet bedongen, dat die betaling de kracht der andere exemplare te niet doet: Echter blijft de betrokkene verbonden. wegens elk geacceP” teerd exemplaar, dat hem niet is uitgeleverd. (K. 124.) Get eeft
De endossant, die de exemplaren aan verschillende personen ” je overgedragen, alsook de latere endossanten, zijn verbonden wegens rd Gaon a Ed handteekening dragen en die niet zijn uitgelever’-
» V., ? 7.) à ; 5 ê BS t
- Hij, die één der exemplaren ter acceptatie heeft gezonden, seed op de andere ‘exemplaren den naam van den persoon: aanwijzer, EE handen dat exemplaar zich bevindt. Deze is verplicht, dit aan den matigen ett een ander exemplaar uit te leveren. oefe
Weigert hij dit, dan kan de houder slechts zijn recht van regres Wh" nen, nadat hij door een protest heeft doen vaststellen :
kK. ie, Cire ter acceptatie gezonden exemplaar hem desgevraagd niet 18 4 ge, dat hij de acceptatie of de betalin heeft kunnen verkrijgen. (K. 120, 143, 1436, Tore an 2. Wisselafschriften, 166, Elke houder van eenen wisselbrief heef schriften te vervaardigen. sett heb echt, daarvan AAG
Het afschrift moet het oorspronkelijke nauwkeurig w de endossementen en alle andere vermeldingen, dele op Scoren Het piece aaneen, nae het afschrift ophoudt. ,
Het kan worden geéndosseerd en voor aval geteekend d
J : lfde wijze en mot dezelfde gevolgen, als het kelij HEt Kae. A a3 oorspronkelijke. (Bw. 1888v. :
1 . Het afschrift moet dengene, in wiens handen het ij stuk zich bevindt, vermelden. Deze is verplicht het odt EE Bak | À Pp ijke stuk aan den rech tmatigen houder van het afschrift uit te leveren.
Weigert hij dit, dan kan de houder zijn recht. van regres tegen hen, die bet afschrift hebben geëndosseerd of voor aval geteekend, slechts ‘uit- oefenen, nadat hij door een protest heeft doen vaststellen, dat het oor- spronkelijke stuk hem desgevraagd niet is uitgeleverd.
Indien na het laatste daarop geplaatste endossement, alvorens het afschrift is vervaardigd, het oorspronkelijke stuk de clausule draagt : „van hier af geldt het endossement slechts op de copie”, of eenige andere soortgelijke clausule, is een nadien op het oorspronkelijk stuk geplaatst endossement nietig. (Bw. 1888v.: K. 146, 166.)
- Vermiste wisselbrieven. Ta 3 167a. Degene, die een wisselbrief, waarvan hij houder was, vermist, an van den betrokkene de betaling alleen vragen tegen eene, voor den tijd van dertig jaren, te stellen zekerheid. (Bw. 1830, 1967 ; K. 115, 137, 7 139, 14352, 1676, 227a; Rv. Öllv.) _ 167 b. Degene, die cen wisselbrief, waarvan hij houder was, en welke is vervallen en, zooveel noodig geprotesteerd, vermist, kan zijne rechten alleen tegen den acceptant en tegen den trekker uitoefenen, zulks tegen sens, voor den tijd van dertig jaren, te stellen zekerheid. (Bw. 1830, 967; K. 115, 137, 139, 14302, 167a, 227); Ry. 6llv.) «| TIENDE AFDEELING. per: Te _ Van veranderingen. „rf F „168. In geval van verandering van den tokst van eenen geene i ah zij, die daarna hunne handteekeningen op den wisselbrie f ie 5 sh pena volgens den veranderden tekst verbonden ; zij, die, abad Eerd handteekeningen op den wisselbrief geplaatst hebben, a €n volgens den oorspronkelijken tekst. (K. 109, 228; Sw. i ELFDE AFDEELING. : ga Van verjaring. rigselschuld
168 a. Behoudens de bepalin het volgende art. gaat wisselsc
8 a. g van het volgend k Wet- | fete doer alle aleen schrik bij het Burgerli We 9 angewezen. (Bw. 1381; B. 22007 ; den accep-
pee: Alle rechtsvorderingen, welke uit den shalt a Garen, te reken} ertepruiten, verjaren door een tijdsverloop van den vervaldag. ten en tegen aa rechtsvorderingen man den houder tegen AE rokenen van d N trekker verjaren door een tijdsverloop van Se Ve in geval van de © dagteekenin het tijdig opgemaakte protest Ol © clausui g van het tl g ald
Deus zonder kosten, van den verv ag. tegen elkander en tegen den
trek, rechtsvorderingen van de endossonten inden te rekenen van den er verjaren door tijdsverloop van 7% ue : sl
EE: 900 WISSELBR. VERANDERING. VERJARING. ALG. BEP, ORDERBRIEFJ ES, | nn d a de endossant ter voldoening aan zijnen r lich | ag, waaro egresplic brief heeft betaald, of van den dag, waarop hij zelf in eren Nays aangesproken. ‘ ;
(Gew. S. 35—77 jo. 562.) De in het eerste lid bedoelde verjaring kan niet worden ingeroepen door den acceptant, indien of voor zoover hij fonda heeft ontvangen of zich ongerechtvaardigd zou hebben verrijkt; even- min kan de in het tweede en derde lid bedoelde verjaring worden inge- roepen door den trekker, indien of voor zoover hij geen fonds heeft bezorgd noch door den trekker of de endossanten, die zich ongerechtvaardigd zouden hebben verrijkt; alles onverminderd het bepaalde in art. 1967 van het Burgerlijk Wetboek. (K. 190c, 110v., 120v., 127, 132v., 143, 145v., 168a, 170, 229, 229k.) i
De stuiting der verjaring is slechts van kracht tegen dengene, ten 17) aanzien van wien de stuitingshandeling heeft plaats gehad. (Bw. 1979v.,
(Techs S. 35—77 jo. 662.) In afwijking van de artt. 1987 en 1988 van het Burgerlijk Wetboek loopen de verjaringen, waarvan in het vorig art. gehandeld wordt tegen de minderjarigen en tegen degenen, die onder curateele staan, alsmede tusschen echtgenooten, onverminderd het ver- haal van minderjarigen en onder curateele gestelden op hunne voogden of curators. (K. 2292.) ,
TWAALFDE AFDEELING. In Algemeene bepalingen.
- De betaling van eenen wisselbrief, waarvan de vervaldag een 111 wettelijke feestdag is, kan eerst worden gevorderd op den eerstvolgenden werkdag. Evenzoo kunnen alle andere handelingen met betrekking tot wisselbrieven, met name de aanbieding ter acceptatie en het protest, niet plaats hebben dan op eenen werkdag.
Wanneer ééne van die handelingen moet worden verricht binnen een zekeren termijn, waarvan de laatste dag een wettelijke feestdag is, wordt | deze termijn. verlengd tot den eersten werkdag, volgende op het einde van | dien termijn. De tusschenliggende feestdagen zijn begrepen in de bereke- ning van den termijn. (K. 120, 122, 131, 132v., 135, 137, 143, 144, 152v.,
- 17la, 172, 2296, 2297; Rv. 171.) 76 171a. (Gew. 35-77; 37-572; 38-161.) Als wettelijke feestdag | in den zin van deze Afdeeling wordt (lees : worden) beschouwd de Zondag, de Nieuwjaarsdag, de Christelijke tweede Paasch- en Pinksterdagen, de beide Kerstdagen, de Hemelvaartsdag en de verjaardag des Konings, alsmede zoodanige andere jaarlijks wederkeerende feestdagen als door den Directeur van Justitie zullen zijn aangewezen De aanwijzing van de data van alle in dit art. bedoelde feestdagen, uitgezonderd den Zondag, Be schiedt jaarlijks bij een vóór den aanvang van het jaar in het officie nieuwsblad op te nemen besluit, waarin indien een als feestdag aangewezen verjaardag van een lid van het Koninklijk Huis zou samenvallen Ee een Zondag, de datum van dien feestdag op den Maandag daarna *® worden gesteld. (K. 229b, bis.) zj es (2
172, In de wettelijke of bij overeenkomst vastgestelde termijnen; Te niet begrepen de dag, waarop deze termijnen beginnen te loopen. (B. ©" 1321, 1331, 135, 137, 141, 1432, 144, 152, 153, 169, 229c.) te 18)
- Geen enkele respijtdag, noch wettelijke, noch rechterlijke 18 '° | gestaan. (K. 143, 229d.) |
| DERTIENDE AFDEELING. Van orderbriefjes. , | 174, Het orderbriefje bohelst : (K. 100, 178.) on of ., pro" le. hetzij de orderclausule, hetzij de benaming ,,orderbriefje” of »P
WETBOEK VAN KOOPHANDEL, BOEK Ì, TITEL 6, 7, 901 en fC . aan order’, opgenomen in den tekst zelf en uitgedrukt i : ein de titel is gesteld ; (AB. 18.) 5 intderteal, ge. de onvoorwaardelijke belofte een bepaalde som te betalen;
ge. de aanwijzing van den vervaldag; (K. 132v., 176%.) y
ge, die van de plaats, waar de betaling moet geschieden ; (K. 103, 126.)
5e, den naam van dengene, aan wien of aan wiens order de betaling moet worden gedaan ; (K. 102, 109a.)
ge. de vermelding van de dagteekening, alsmede van de plaats, waar het orderbiljet is onderteekend ; :
ze, de handteekening van hem, die den titel uitgeeft (onderteeke- naar).
- De titel, waarin ééne der vermeldingen, in het voorgaande art, aangegeven, ontbreekt, geldt niet als orderbriefje, behoudens in de hier- onder genoemde gevallen.
Het orderbriefje, waarvan de vervaldag niet is aangewezen, wordt beschouwd als betaalbaar op zicht.
Bij gebreke van een bijzondere aanwijzing wordt de plaats van de onderteekening van den titel geacht te zijn de plaats van betalingen tevens de plaats van het domicilie van den onderteekenaar.
Het orderbriefje, dat de plaats van zijne onderteekening niet vermeldt, wordt geacht te zijn onderteekend in de plaats, aangegeven naast den naam van den onderteekenaar. (Bw. 1915v., 1921; K. 101.)
- Voor zooverre zij niet onvereenigbaar zijn met den aard van het orderbriefje, zijn daarop toepasselijk de bepalingen over wisselbrieven betreffende :
het endossement (artt. 110119) ;
den vervaldag (artt. 132—138) ;
«de betaling (artt. 137-141) ;
het recht van regres in geval van non-betaling (artt. 142-149, 161-153);
de betaling bij tusschenkomst (artt. 164, 158—162) ;
de wisselafschriften (artt. 166 en 167) ;
de vermiste wisselbrieven (art. 1674):
de veranderingen (art. 168) ;
de verjaring (artt. 1684 en 169—170) ; it 8 de feestdagen, de berekening der termijnen en het verbod van respij
agen (artt. 171, 171a, 172 en 173). A ;
Eveneens zijn op het orderbriefje toepasselijk de Vienne pete fende den wisselbrief, betaalbaar bij eenen derde of in een an 128) ie dan die van het domicilie van den betrokkene (art. A trek ing renteclausule (art. 104), de verschillen in de vermelding me DE Jan hét tot de som, welke moet worden betaald (art, 105), de Ed in art 106,
plaatsen eener handteekenin gonder de omstandigheden alt oS oP bevoegd-
die van de handteekening van eenen persoon die hand olen wisselbrief in of die zijne bevoegdheid overschrijdt (art. 107), en
in blanco (art. 109). rr ; betreffende
Eveneens zijn ey het orderbriefje toepasselijk de Pe eit bepaald bij het aval (artt. 129—131) ; indien overeenkomstig as het is gegeven, art. 130, laatste lid, het aval niet vermeldt, ele van het order-
Roede het geacht voor rekening van den onderteeke
riefje te zijn gegeven. AAA wijze ver
i 177. De lerak van een orderbriefje ORE ed 299, 581-1 bonden als de acceptant van eenen wisselbrief. (BK. ’
bub 2°.) 2 zicht moeten ter teeke-
De orderbriefjes, betaalbaar zekeren wijds rden aangeboden binnen |
Ning voor „gezien”’ aan den onderteekenaar nétermij n loopt van de dag-
den bij ort 159 aatgestelden termijn. De zicht gar op het order,
jeekening van het visum, hetwelk door degen van dezen zijn eert riefje moet worden geplaatst. De Weise 5 test (art. 124), en
Plaatsen, moet worden vastgesteld door Se sbar
agteekening de zichttermijn begint te OOP” —
é a 902 ORDEBBRIEFJES. CHEQUES. UITGIFTE EN VORM, / | EE ee | Teneinde de bepalingen omtrent chéques alsmede promessen en quitantië | aan toonder zooveel mogelijk in overeenstemming te brengen met de bepalingen NE der wet van 17 Nov. 1933, NS. 33—613, is de 7E titel verva volgenden nieuwen titel bij 8. 35-77-jo. 562, iwg. 1 Jan, 193. <7 den ZEVENDE TITEL. VAN CHÈQUES, EN Hee One EN QUITANTIEN i EERSTE AFDEELING, | Van de uitgifte en den vorm van de cheyuv.
178, De chèque behelst : (K. 100, 174.) | : 1°. de benaming »»chéque”, opgenomen in den tekst zelf en uitgedrukt 1); in de taal, waarin de titel is gesteld ; (AB. 18.)
2°. de onvoorwaardelijke opdracht tot betaling van een bepaalde som:
3°. den naam van dengene, die betalen moet (betrokkene) ; 4 aie. aanwijzing van de plaats, waar de betaling moet geschieden ;
§ J
5°. de vermelding van de dagteekening, alsmede van de plaats, waar de . chèque is getrokken ; (K. 179*,) @ 5.
6°. de handteekening van dengene, die de chèque uitgeeft (trekker).
179, De titel, waarin ééne der vermeldingen in het voorgaande art, li pa bietje ones geldt niet als chèque, behoudens in de hieronder genoemde gevallen.
Bij gebreke van een bijzondere aanwijzing, wordt de plaats, aangegeven naast den naam van den betrokkene, geacht te zijn de plaats van betaling. Indien meerdere plaatsen zijn aangegeven naast den naam van den betrok- kene, is de chèque betaalbaar op de eerstaangegeven plaats.
Bij gebreke van die aanwijzingen of van iedere andere aanwijzing, is ue chéque id in de plaats, waar het hoofdkantoor van den betrok-
ene is gevestigd.
De chèque, welke niet de plaats aanwijst, waar zij is getrokken, wordt
eee = ay ines in de plaats, aangegeven naast den naam es trekkers. (K. 101, 175.)
- De chéque moet worden getrokken op eenen bankier, die fonds iB onder zich heeft ter beschikking van den trekker, en krachtens een uit- drukkelijke of stilzwijgende overeenkomst, volgens welke de trekker het recht heeft per chèque over dat fonds te beschikken. In geval van niet- ie 0a eee porate blijft de titel echter als chèque geldig.
: VG , 229a, bis.) |
- De chèque kan niet worden geaccepteerd. Eene vermelding van ‘i (K. 1200) op de chéque gesteld, wordt voor niet geschreven gehouden.
Vv
. 5 5 El
182, De chèque kan betaalbaar worden gesteld : +
aan een met name genoemden persoon, met of zonder uitdrukkelijke clausule : „aan order” ;(K. 1831, 191.)
gan een met name genoemden persoon, met de clausule: „niet aan order”, of een: soortgelijke clausule ; /
au onde
e chèque, betaalbaa: den persoo?, met de vermelding: „of aan toonder” of eon anerieelice uitdrukking geldt als chéque aan toonder, :
Dechéque zonder vermelding van den nemer geldt als chèque aan toonder. 4 aa De chèque kan aan de order van den trekker luiden. De ‘ kk chéque kan worden getrokken voor rekening van eenen dente a ereen wordt geacht voor zijn eigene rekening te hebben get ening 5 in. een of uit den adviesbrief niet blijkt, voor wiens rek® De chèque kan op den trekker zelf getrokken worden. (K. 102.) ,
7 ‘ ooP vB ‘ 183 a. Wanne Beken PN 1834 incasseering ” er de trekk : OEK ] JR met zich b » „ster inc ker op d » TITEL de nemer rengend EL , yin Ì 4 chèque a. kan deze ral de ape astgering 0 ae 903 Bij een zo 5 ers overd eS voortvl t tot oi Senlga s 5 ‚„waard. houde odanig ragen d oeiend in ndere et sou Sen oan de ge chèque 5 am: bij ae rehire heeft zo vermelding, cunn eermi e ev uitoe aats ) DE) en word rmidd n de an | efen t, k latere rde del Ae 5 nde chiaeschtldan AAE hi 1173, 200 ckvaamid in een i orpen. erpen, Sia denaren hi ie 184. Een: 10, el vaLAen Hoen Kp, Ban de den ee in y ec, aris T 185 Bee geho de chèqu gever. (Bw eindigt ni iel 85. D uden. (I e opg „ 1792 et doo hetzij in oe atresia genomen rentecl Pehl Bis roi of pla i e ec seKeeel 186 oe plaats. (Be waar awe zijn a ausule word ie ile is, chèque, Iv. 24 nie kene zin e woonplaats t voor niet voluit is geschreven waarvan. ee 03.) omicili vane ' in het b e heef enen d _ De che piers ven oe in = edrag v t, hetzij i erde, in letter que, waarv hreven. val van ve oluit in | ij in een 1 van de i hetzij in oi n het bed rschil, ten ee en te 87 187 einste ijfers el rag me eloo vens i ie 2 Indi som. , geldt, i ermalen i pe van d in kwaam dien. de che (Bw. 1878 in geval = en is gesobre esom, teekeni zijn zich d èque ha v.; K.1 an verschi ven, hetzij alens wall ar hand midd andtekeningen b il, slechts ae Polat ha , welke, teekeni an een evat an beloo aber eehe oho nele an personen Me re erbinden ebben cena welke ae ichte ate = Se onbe- Seia „gin d tot Roni phen, Ohne hand- 188 ea Pp de in de verbintenis wier Se de et dea . led e voork sen der zulks i sonen, die die woordi er, die zij rkomen ander is geschi ne handles is ie zijne handteekeni ‚ desnietiomin geldig oe tee nal dsealfle 1 Ean EE chèqu het id 108, . s -* 3 . 18 bevo Hetzelfd rechten, al de ee hij niet de plaatst als v 9 sens de souk ban de Spee ee Neti oe boron deze © AAE overs aanzien e yerteg: d eeft, be te verpli ekker s5 chreden van den v zen woordi ij taald heb 190 190a, bon ichtin svaat in 2 (Bw. 1 vertegenw F4 6 zou h Là 196. Ini SE my voor ge Uae poreligets Fa hese nee 2 S815] ee geor michael Elke cla a) va Cte Md e chèque, 1.) geschreven oale, waarbij hij tral de Rohe amr vera nyolledig ten t gebonden ‚U los, ij o e 7 Vd oe 190 doe deaiauclek ioe reno nl i val 1 : Ww ven, é i sib belie a sey lor farce ag der erplicht er, of de . (K. 109.) verkregen of b n den houde = SE poling dg voor wins ey sh grove sould 10 18 =r eenen oe in hand dat het noodi ening de chòque i 190. De tr erde is en van den ige fonds to quo is getrok hebb b. De Bekker ove betaalbaar en betrokkene ot betaling 0 d 7 aan an indi etrokken: reenkomsti gesteld, BEA zelfs Pts Ep digi engen, en hij bij e wordt g art. 189- (IK. inderd de verpli e iso 8 ten e voor wi ny de gran het allied OR 190b.) erplich- » 2174, minste lens leeanieee van de ge fonds in h , » 221 gelijk g is get chèque aa anden te a.) staande deo een 0 . oden trekker of Te a loop van de snare so a 5 person chéqu ras Arme ei re of zone ii Ta ae | end. r ui 3 gestel ossement tdrukkelijke al d aan een met nam: word ausule : e gen rden overged e; „aan ord 5 oemden Tg ragen- ers kan door —
Me 904 CHEQUES, UITGIFTE. VORM. OVERDRACHT,
De chèque, die betaalbaar is gesteld aan een met name en persoon met de clausule : ,,niet aan order’’, of een soortgelijke dae Nx, kan slechts worden overgedragen in den vorm en met de gevolgen van een gewone cessie. Ben op zulk een chèque geplaatst endossement geldt als een gewone cessie. (Bw. 613.)
Het endossement kan worden gesteld zelfs ten voordeele van den trekker of van iederen anderen chèqueschuldenaar. Deze personen kunnen de chèque opnieuw endosseeren. (K. 110v., 192v.)
- Het endossement moet onvoorwaardelijk zijn. Elke daarin Opge- 1
de wordt voor niet geschreven gehouden: % nomen voorwaarde g g en
Het gedeeltelijke endossement is nietig.
Eveneens is nietig het endossement vanden betrokkene. (K.. 178-3°, 2022.)
Het endossement aan toonder geldt als endossement in blanco. (K. 111.)
Het endossement aan den betrokkene geldt slechts als kwijting, behou- dens wanneer de betrokkene meer kantoren heeft en wanneer het endosse- ment is gesteld ten voordeele van een ander kantoor dan dat, waarop de chèque is getrokken. (K. 193.)
- Het endossement moet gesteld worden op de chèque of op een 19 vastgehecht blad (verlengstuk). Het moet worden ondertcekend door den endossant. |
Het endossement kan den geéndosseerde onvermeld laten, of bestaan | uit de enkele handteekening van den endossant (endossement in blanco). | In het laatste geval moet het endossement om geldig te zijn, op de rug- zijde van de chèque of op het verlengstuk worden gesteld. (K. 112, 203°.)
- Door het endossement worden alle uit de chèque voortvloeiende 191 rechten overgedragen. (K. 195.)
Indien het endossement in blanco is, kan de houder :
1°. het blanco invullen, hetzij met zijn eigen naam, hetzij met den naam van een anderen persoon ;
2°. de chèque wederom in blanco of aan een anderen persoon endos- seeren ;
3°. de chèque aan eenen derde overgeven, zonder het blanco in te vullen, en zonder haar te endosseeren. (Bw. 612v.; K. 113.)
195, Tenzij het tegendeel bedongen is, staat de endossant in voor de 195 betaling. (Rv. 299%, 581-1 sub 7°.)
Hij kan een nieuw endossement verbieden ; in dat geval staat hij tegen- over de personen, aan wie de chéque later is geéndosseerd, niet in voor de betaling. (K. 114.) ;
Hij, die een door endossement overdraagbare chéque onder zich 196 heeft, wordt beschouwd als de rechtmatige hóuder, indien hij van zijn | recht doet blijken door een ononderbroken reeks van endossementen, zelfs indien het laatste endossement in blanco is gesteld. De doorgehaalde endossementen worden te dien aanzien voor niet geschreven gehouden. Wanneer een endossement in blanco door een ander endossement 18 g¢- | volgd, wordt de onderteekenuar van dit laatste geacht, de chèque door | het endossement in blanco verkregen te hebben. (Bw. 1977; K. Mö» | 191?, 198, 212, 2974.) 191 |
Een op eene chèque aan toonder voorkomend endossement maakt den endossant verantwoordelijk overeenkomstig de bepalingen betref fende het recht van regres ; het maakt overigens den titel niet tot eene
- chéque aan order. (K. 182, 191, 195, 217v.) 198
Indien iemand, op welke wijze dan ook, het bezit van de oheaye heeft verloren, is de houder, in wiens handen de chéque zich bevindt, pe verplicht de chèque af te geven, tenzij hij deze te kwader trouw heen verkregen, of hem grove schuld bij de verkrijging te wijten is en ZU r onverschillig of het betreft eene chèque aan toonder, dan wel een v0° . endossement vatbare chéque, ten aanzien van welke de houder op de VS
in art. 196 voorzien van zijn recht doet blijken. (Bw. 582; K. 115°, 182, 191, 212, 297 a.) 199Zij, die uit hoofde van de chéque worden aangesproken, kane’
= knmi ‚ TITEL 7 : Ei 905 „de verweermiddelen, gegrond NB trekker of tot vroegere action tel persoonlijke verhoudin deze bij de verkrijging van de che an den houder tegenw g tot den gchuldenaar heeft gehandeld. (K. 1 she desbewust ten Re tenzij 200 200. Wanneer het endossement 2 vermeldi a Oe incasseering”’, „ter incasso”, „i vermelding bevat: met zich brengend een bloot in lastgeving”’ of eenige a „waarde ter g I ote opdracht tot inni ge andere vermeldin de chéque voortvloeiende rechten ui nning, kan de houd 8, anders endosseeren dan bij weg n uitoefenen, maar hij ka mile a De chéqueschuldenaren fae Pa FE n deze niet verweermiddel at geval a antie a ee welke aan den a wete de De opdracht, vervat er een i en Kunnen good of door de late n incasso-endossement, eindigt ni ts K. 117, 183a Tt onbekwaamheid van den eves niet door den 201 De Het endossement rast rebtastrds . (Bw. 1792v., verklaring, of na het id otest of de daarmed + gesteld, heeft alechte d gander aanbiedingstermiin Er Behoudens pt mee eener gewone cessie. (Bw 613 aoe gea te zijn En ijs, wordt het endossement zond . 613.) klaringen, of „ber het arnt re protest of de daarmede saliiksteand ey s: ri B e ver- termijn. (Bw. 1915v. ; K. 119, 217¥., on re het voorgaande lid Hndanden DERDE AFDEELING. } 202 202. De betaling van de nats ee aval. en een gedeelte daarvan ddor deer voor haar geheele bedrag als eze borgtocht kan do rgtocht (aval) worden verzekerd. zelfs door i or eenen derde, beh ge oor iemand, wiens handteekeni eb Ee betrokkene, of ar geven „Br. 1820v.; K. 129 heli pace voorkomt, worden . Het aval wordt o : shit , v. „Eet wordt uitgedrukt ae: sent Ss op een verlengstuk gesteld. D gelijke uitdrukking ; het wordt d anneer oe Baer
- © enkele naren oor den avalgever onderteekend. i a af chique; geldtraleravalyb a avalgever, gesteld op de voorzijde A trekker. (Bw. 1824.) ‚ behalve wanneer de handteekening die is an ook : sae ; vermeldende de gehen bij een afzonderlijk geschrift of bij een brief, Ne het aval EEE dan heteen ee ee . De aval : ekKer zijn gegeven. \t- ; +) het aval is g ¢- es is op dezelfde wijze verbonden als degene, voor wien Diime.werbthcnin ts (Bw. 1280, 1282, 1831v- ; Rv. 299%, 681-1 sub 1°.) een vormgebrek de pre geldig, zelfs indien, wegens een andere oorzaak dan Door teshetalin Serrie er pees ig nietig Hee: de que kunn | e avalgever de rechten, welke rachtens de gegeven en eae uitgeoefend tegen dengene, voor wien het aval is Onden zijn. (Bw 1830: Sik kee ae dezen krachtens de chéque ver- v.; K. 131.) 2 VierDeE AFDEELING. : 205. De chè van de aanbieding en van de betaling. el wordt ne ne en op zicht. Elke vermelding van het tegen- e che ; geschreven gehouden. datum vant 5 apse betaling wordt aangeboden voor den dag, vermeld als 206 en gifte, is betaalbaar op den dag van do aanbieding: (K- 206, betaling a ee hen uitgegeven of betaalbaar in Indonesië, moet ter Ar De boven eS oden worden binnen den tijd van zeventig dagen. elan begint te loopen van den dag, GP de chèque uitgifte vermeld. (K. 133’, 137, 209, 217, 226, 2291.) nn
GS 906 CHEQUES. ENDOSSEMENT. AVAL. BETALING, KRUISING, re
De dag van uitgifte van een chéque, getrokken tuss plaatsen met Serschillende tijdrekening, wordt herleid tot dente Nx komstigen dag van de tijdrekening van de plaats van betaling. (K. 1362 |)
De aanbieding aan eene verrekeningskamer geldt als aanbiedi ) ter betaling (K. 217-3°.) ME %
Door den Gouverneur-Generaal zullen de instellingen worden aan
a anes ° 4 o* gewe. zen, die in den zin van dezen titel als verrekeningskamers worden beschouwd. (K. 1372.)
- De herroeping van de chéque is slechts van kracht na het einde van den termijn van aanbieding. 2
Indien geene herroeping plaats heeft, kan de betrokkene zelfs na het einde van dien termijn betalen. (K. 206.)
Noch de dood van den trekker, noch zijn na de uitgifte Opkomende gj onbekwaamheid zijn van invloed op de gevolgen van de chèque. (Bw. 1792, 1813; K. 1173, 183a%, 187, 200°.)
Buiten het geval, in art. 227a vermeld, kan de betrokkene de 211 chèque betalende, vorderen, dat hem deze, van behoorlijke kwijting van den houder voorzien, wordt uitgeleverd.
De houder mag niet weigeren een gedeeltelijke betaling aan te nemen.
In geval van gedeeltelijke betaling kan de betrokkene vorderen, dat van die betaling op de chèque melding wordt gemaakt en dat hem daarvoor kwijting wordt gegeven. (Bw. 1390 ; K. 138.)
- De betrokkene, die een door endossement overdraagbare chèque li betaalt, is gehouden de regelmatigheid van de reeks van endossementen, maar niet de handteekening der endossanten te onderzoeken. (K. 139°, 196 ; Bw. 1385v., 1405-1°.)
Indien hij, niet bevrijdend betaald hebbende, verplicht wordt, ten tweede male te betalen, heeft hij verhaal op al degenen, die de chèque te kwader trouw hebben verkregen of aan wie bij de verkrijging grove schuld te wijten is. (Bw. 1386v. ; K. 139‘, 198, 209, 227a.)
- Eene chèque, waarvan de betaling is bedongen in ander geld 2 dan dat van de plaats van betaling, kan binnen den termijn van aan- bieding worden betaald in het geld van het land volgens zijne waarde op den dag van betaling. Indien de betaling niet heeft plaats gehad bijde aanbieding, kan de houder te zijner keuzo vorderen, dat de chèquesom voldaan wordt in het geld van het land volgens den koers, hetzij van den dag van aanbieding, hetzij van den dag van betaling. :
De waarde van het vreemde geld wordt bepaald volgens de gebruiken van de plaats van betaling. De trekker kan echter voorschrijven, dat het te betalen bedrag moet worden berekend volgens een in de chéquevoor- geschreven koers. (AB. 18.)
Het bovenstaande is niet van toepassing, indien de trekker heeft voor- geschreven, dat de betaling moet geschieden in een bepaald aangeduid geld (clausule van werkelijke betaling in vreemd geld).
Indien het bedrag van de chéque is aangegeven in geld: hetwelk dezelfde benaming maar een verschillende waarde heeft in het land van uitgifte en in dat van betaling, wordt men vermoed het geld van de plaats gan betaling te hebben bedoeld. (Bw. 1756v., 1915v.; K. 60, 140, 178-2%)
VIJFDE AFDEELING. Van de gekruiste chèque en van de verrekeningschèque. ai
- De trekker of de houder van eene chéque kan deze kruisen met de in het volgende art. genoemde gevolgen. fe
De kruising geschiedt door het plaatsen van twee evenwijdige lijnen OP de voorzijde van de chèque. Zij kan algemeen zijn of bijzonder. Kele
De kruising is algemeen, indien zij tusschen de twee lijnen geenen lik Sanwijzing bevat, of wel de vermelding : ,,bankier’’ of een soortge a woord ; ZIJ 18 bijzonder, indien de naam van eenen bankier voorkomt tu | schen de twee lijnen. / |
cs WETBOEK VAN KOOPHANDEL, BOEK |, TITEL 7 HE De algemeene kruising kan worden veranderd in een bij SE galbnonor, krin, in nit werden grande ae algemene e ao : sing of van den : pankier wordt geacht niet te zijn geschied. (K 5 180, ie ne MARR were cheque niet alkenen Kei door den’ betrek cae fae betaald aan eenen bankier of aan eenen cliënt aoe dee etrokkene. Eene chèque met bijzondere kruising kan door d R worden betaald aan den aangewezen bankier of, inie dien erg ee is, slechts aan een zijner cliénten. Echter kan de aangegeven banki ae chèque ter incassecring aan een anderen bankier overdragen. tities Een bankier meg, een gekruiste chèque slechts in ontvangst nemen van een van zijne C iënten of van een anderen bankier. Hij mag haar niet net eid ee § van mont personen dan deze. ene chèque, welke meer dan één bijzondere kruising dr: den betrokkene slechts worden betaald, indien er mie beh ant gen ed ia zijn, waarvan de ééne strekt tot inning door eene verrekenings- samer. De betrokkene of de bankier, die de bovenstaande bepali i naleeft, is verantwoordelijk voor de schade tot bel oe bodice F van de cheque. (K. 180 ada, bis.) oop van het bedrag . De trekker, a smede de houder van eene chèque, kan verbieden sf dae ihe = apres. eke” oe op de voorzijde in schuinsche t t elden : „in rekening te brengen”’, of selijke ui TREE Ring opite miele? gen’’, of een soortgelijke uit- Fe haben apt chéque den betrokkene slechts aanleiding geven e rekening- i iki i ede als betel! ae g-courant, giro of schuldvergelijking). De boeking De doorhaling van de vermelding : ,,in rekening te brengen’ wordt geacht niet te zijn geschied. i. De betrokkene, die de bovenstaande bepalingen niet naleeft, is verant- a voor de schade tot beloop van het bedrag van de chéque. (Bw. 1338v.; K. 211-213, 218a.) ZESDE AFDEELING. Ar Van het recht van regres in geval van non-betaling. i ak De houder kan zijn recht van regres uitoefenen op de endossanten, cee trekker en de andere chéqueschuldenaren, indien de chéque, tijdig aie he niet wordt betaald en indien de weigering van betaling wordt ze hetzij door een authenticke akte (protest) ; (K. 2185.) 4 gesch hetzij door eene verklaring van den betrokkene, gedagteckens of ik, pees as chèque onder vermelding van den dag van aanbieding ; 3e hetzij doors ae verrekenings- en gedagteekende verklaring van, oR ni Be waarbij vastgesteld wordt, dat de chéque tijdig aangeboden en a BIT is. (K. 142v., 2081, 227v.) tof een daar: med a. Indien de non-betaling van de chèque door era d té ekker, al e gelijkstaande verklaring is vastgesteld, is niettemin © À ; Ware het protest niet in tij xf di + protest gelijkstaande ver- kla protest niet in tijds gedaan of de met p + hij bewees Ting niet in tijds afge, tot vrijwaring gehouden, ter) il : dat de betrokk a ite ding het noodig fonds tot bere” ling v okkene op den dag der aanbieding ‘achte fonds slechts gedaan de chèque in handen hed, Indien hot vereischte A gepouden: is elijk aanwezig was, is de trekker voor het ont En eljkstaande verkl geval van niet tijdig protest of niet tijdige met Pr te Ae gehouden, verplign eae ce trekker, op straffe van tot vrijwarnt ordering op het fo bocht, den houder af te staan en Over te dragen Co Ve Ting heeft in onds, dat qd 7 dag der aanbieding Hee hand e betrokkene van hem op den 6885. on hij moet aan den en gehad, en zulks tot het beloop van de chèque ; € ——
908 mmm emmen 8 QUES. KRUISING. REGRES pa ea pone aia de noodige b + ee . Indi ewIjJze oe de curatoren fines bose ie aoe alle en om die habaaloc deze mochten leas tot dezelfde alteren is vordering N Bw. 613 a om chéque, etal nee houder PRE haa x, 218. Het protest n. (K. 152a, 180, eischer, voor . prot S a, 180, er, voor eg ndien de aanbiedin a den termijn van ae e verklaring m : eae protest of de 5 ue eeen op den NRS: g moet worden 9 werkda e gelijk t sten dag § 218 a. De pewcorsen gedaan. Ke 1 vaarde verklaring op ‚den termijn gend protest ged g van eene chè » 206.) p den eerstvol. 178-4°.) gedaan worden ter me Pa gevraagd en h on Indien d j plaatse va n het daar of door end sheave getrokken is om in n den mann Gi 218 andere afdeeling Ae oa palfaare oen, sets aangewezen . rel t opgemaakt ap apes RE gn a en persoon er aan etalin : ij in een Wariteenid : gewezene woonpl g gevraagd en h te vinde egene, die de che plaats of aan den et nis, m que aan- ter betaling ee ere pel anaes geheel onbekend of ouvern oonplaa rden aan et of niet aD ental gnome en re ee indien aldaar ee van de plaats hebben, indie Eeklose beet en a eee verge betaald Aan ai chéque is Bondage bestuur are A B e : le en om i : e + earnest se incon a sing 18 bel protec ey Fee eit je ezen. plaats LIE eenen. ae van non-betalin ieee ee cod protest Behaal 3 der. Zij aston i gedaan door eene ; ais eandletterlijic ntact gezeld zijn van tw n notaris 218 ea en van de ae rift van de oh ee getuigen. in As vermelding ane daarop retin Hf van de endossement 3° Woprgeand art Zij de betalin a ingen, van en, vermelding. gemeld, af g aan de perso 4°. de aa ung van de gevraagd en niet b nen, of ter plaatse gering ; nneming om opgegeven ekomen heb Ë aD is 6 het protest t Ridenaan nonehatall ben ; we d de Wweamelatn e teekenen, en de 7 taling, jd ing heeft ge g, dat hij, notari edenen van wei- h ndien het eee cere ris of deurwaarde ken ec vermiste ché DE ae jke omschrij vi van h que bet Not. 1, 20v pela van den net voorgaande ee volstaat, in plaats ean 218 c. De oud der chéque. n zoo nauwkeuri goeding van notarissen of d Sue. (1480, 217-15, 287 9 an kos curwa x drin vs gren ee mannohades en gen zijn verplicht, op st ff eae Oa se ing in het afschrift. er ver. 218 Ww. aarmerkt doo e schrijven in 5 schrift te mak van het protest Se de onachtig zijn bi den president, ee bijzonder re ay en hetzelve, naar ae r den renidentiorec! de ese den. raad = ae enommerd en een ds Go of bij ae aar die raad justitie, indien zij resident en elde eet ee gevestigd is, on olde door een and rs door het hoofd van Java en Mad et of ontstentenis von zulks be eren Euro ofd van plaatselij oera door den assistent; bela: geerd word peeschen amb elijk best ssi8 pepeneenendan ends een of m tenaar. Ook ein aii of op diens last es Dehonde everen. (K. view afschriften v ijn zij gehouden OM» da ossant en aa moet van de 480; Rv. 4, 8.) het protest ga de ohne het Seles beelen hea, -betaling kennis, 5 219 e getrokken i e daarmed e vier werkd geven aan zijnen is met de claus 1 gelijkstaande ae volgende op den ; ule zonder Ten aring en, indien de , volgende op dien der
Ke HANDEL. B zt „ BO NE. ce Fike ‘endossant EK 1, TITEL 7, je dag van ontvangst page binnen d 909 geving aan zijnen end er kennisgevin twee werkd namen en adressen van d ossant meded ng, de do agen, vol hebben gedaan, en zo egenen, di edeelen, met or hem rende termijnen loopen v o vervolgens e de vooraf aanwijzin angen Indien overeenk ane ontvangat „teruggaan nende kmi : = a Eronia” baits voorgaantie Hd ee te perk Deze ing binnen d ening op d eene kenni isgevin © Indien een end enzelfden ‘anh e chèque v ennisgeving i g af. duid, k ndossant zij ijn aan di oorkomt, moet g is gedaan pi hie apr ge je of pubes Be ape os re - e ‘ a) . tees eae kennisgeving h cena) aan Goose pert aande door enkele te g heeft ted voorafgaanden Hij moet i rugzendin e doen, kan gaanden termijn oe qodand. Bae hi ae cay od be doen in iederen. vor men, wann - Deze termii sgeving bi m, den tarmijn ter po brief, die den wordt bane 2 den vastgestel Hij, die de k post is bezorgd nnisgeving behel n te zijn in ach den sel zich niet moe He nga, (Bee ete ebi caldenbanoein eiding best oot aan ve en den bo ee woelen sea age zijn a bores teeminid 220 som kunnen mige qe end eld lbonen dekker 0. De trekk ven gaan. (B sten, schade nrs, zijne nalatighei : : heid „zonder dk ee een endos WwW 1243v. ; K Thr interessen de che gestelde en be „„zonder sant, of een eal » 217v.) A protest of aeg en Dea ‚of een aaa Be kan door de cl recht n daarm lausule, de soortgelijk ausule van reer ede gelijkstaa’ n houder van h IKO opde chè © hier ee nde verklaring ter lia van EER nnen de v ntslaat den h ening van zij gevin oorgeschr ouder niet ete ee ena bewij 8 Abin tae ed AEN van de ch dque _Is de cla oor dengene, die zi inachtneming d oen van de kenni zien va usule door d , ale zich daaro ing der termijnen a 8- a Set ca wier fn ier gold eg houder a] cena en alle ossant of d eningen op d gevolgen te : de doo en voor de oor eenen Athy chèque voork n aan: r den t; zen endos avalgever gesteld omen ; 18 zi vasts rekke sant of av ramet dan heeft zij 1 See ee Ho pn Bant of e rvan voor zij een aarmede elijks gering van betalin d ‘ t van de enen avalge Ine rekening. Tadie y taande verklarin; A 8, 08 opge op Baan ve a aml vn 21 Ba verk Te ien f verklaring, indi i et protest of 221, verhaala, (K. nae de vert art acre u van dien aard delijk fina, ie uit Horen 217-2°, 219.) DG i voorkomen lens 8 den h van een } Pace de oe den tend Wok, zijn, zijn hoof- De ho jegens den ed is getrokken, en di en is ook de derde, vod! neben r kan deze sabe aansprakelijk e de waarde daarvoor heeft erb, » ZO 5 onen, EN Ee ponden, es ae verplicht 4 HOOT jeder afzonderlijk, als gezamenlij etz, ht te ijn de vol gezamenlijk (nares recht kon has volgorde, waart zij zich hebben en di oe ; 5 we at Ed eerst eren deep esteld tegen Eion de zijnen TegresD oe heeft be a 2e „Sangesprok spreken, al hadden ac cnèquesohuldenaren; bos niet 221, - 132; Rv. x (Bw. 1280v. hts later verbonden dan de Dietse neo AE 581-1 sub 7°.) 4 292v. ; K. 146, 183a, 217, geen Reval en dm eene chèque, waarvan de no -betalin and eeni e gelijkstaan Nees n g door ee OPE fonds de verklaring 5 vastgesteld, heeft ì : onds, dat de petrokkene van den Yee ia Ss
Ss 910 OHE QUES. REGRES. EXEMPLAREN. VERMISSING, Bij faillissement van den trekker behooren die penni 5 boedel. (K. 146a, 190a v.; F. 19.) Penmingen aan diens Ny 222. De houder kan van dengene, tegen wien hij zijn | uitoefent, vorderen : hij zijn recht van regres 9) 1°. de som van de niet betaalde chèque ; i 2°. eene rente van zes ten honderd, te rekenen van den dag der aanbie ing ; : 3°. de kosten van protest of van de daarmede gelijkstaande verklar; die van de gedane kennisgevingen, alsmede de andere kosten. (Bw is eae ? AN . 250%: K. 147, 217, 2185.) j : 223. Hij, die ter voldoening aan zijnen regresplicht de cha betaald, kan van degenen, die tegenover hem Re en en Tah 2 1°. het geheele bedrag, dat hij betaald heeft ; es ne 2°. eene rente van zes ten honderd, te rekenen van den dag der betaling: 3°. de door hem gemaakte kosten. (Bw. 1250°; K. 148° 217, Bae 224, Elke chéqueschuldenaar, tegen wien het recht van regres wordt PN of kan worden. uitgeoefend, kan, tegen betaling ter voldoening aan zijnen regresplicht, de afgifte vorderen van de chèque met het protest, of de Amands gelijkstaande verklaring, alsmede een voor voldaan geteckende rekening. Elke endossant, die ter voldoening aan zijnen regresplicht, de chèqu heef ie an jn Ee en dat van de polteita ee aanten oorhalen. (K. ‚217, » 227. ; 225. Wanneer de aanbieding van de chèque, het opmaken van het 2% protest, of de daarmede gelijkstaande verklaring, binnen de voorgeschre- ven termijnen wordt verhinderd door een onoverkomelijk beletsel (wette: Hk yuprenbil t gan eigen Staat of ander geval van overmacht), worden eze termijnen verlengd. De houder is verplicht van de overmacht onverwijld aan zijnen endos- sant kennis te geven, en deze kennisgeving, gedagteekend en onderteekend op de chèque of op een verlengstuk te vermelden ; voor het overige zijn de bepalingen van art. 219 toepasselijk. Na panden van de overmacht moet de houder onverwijld de chèque ter beta ng aanbieden, en, indien daartoe aanleiding bestaat, de weigering vous doen vaststellen door protest of een daarmede gelijkstaande g. adie de overmacht meer dan vijftien dagen aanhoudt, te rekenen Diodings ae master de houder, lien het vóór het einde van dey aan- , eo ij ns Sy kan het recht crit Sa ke CCR SOT ae a a zn de verkade obd AP maken van protest of de daarmede gelijkstaande U ijn: Feiten, welke voor den houder of v ze; di ij ie- , oor dengene, dien } t de aanbie ding van de chéque of met het opmaken Eaalhob Protect ofida daarmede Ae veiean de verklaring belastte, van zuiver persoonlijken aard zijn, Wor en niet beschouwd als gevallen van overmacht. (K. 153, 205v., 217, 218.) ZEVENDE AFDEELING. ° Van chèque-exemplaren en vermiste chèques. aii __ 226. Behoudens de chèques aan toonder, kan elke chèque, uitgegeven eee ene betpalbaan in een ander land of in een overzeesch gebied an ; in een nalfdatovercesson eren of mele Diigpgsven, en. betaalbeanin ee hetzelfde land, in meer gelijkluidend pee CROZEEONG. die vetrokken: Wanneer Say chéque in meer Sone Eede exen” ak gemaa wordt herbouwd al ct shone ke OS 178, 182, 206v.). ouwd als een afzonderlijke chèque. (& ~~’ 227. De betalin ee . g op één der exempl ij k al ware DI d 8 e plaren gedaan, bevrijdt, ook a1 W bedongen, dat die betaling de kracht der andere exemplaren. te niet doet:
pr st WETBOEK VAN KOOPHANDEL. BOEK 1, TITEL 7. 911 _————— OO ”:C— ; i x laren aa i De endossant, die de exemp aan verschillende pers ,
NK. overgedragen, alsook de latere endossanten, zijn verbon den DE AM
exemplaren, Cow aa handteekening dragen en die niet zijn uitgeleverd. „164, 191, 224. eer a. Degene, die eene chèque, waarvan hij houder was, vermist, kan
2216 van den betrokkene de betaling alleen vragen tegen eene, voor den tijd van dertig jaren, eee zekerheid. (Bw. 1830, 1967; K. 167a, 196, 198, 212; Rv. 6llv.) H
at 227 b. Degene, die eene chèque, waarvan hij houder was, en welke is
ú vervallen en, zooveel noodig, geprotesteerd, vermist, kan zijne rechten alleen tegen den trekker uitoefenen, zulks tegen eene, voor den tijd van dertig jaren, te stellen zekerheid. (Bw. 1830, 1967; K. 167b, 217, 218b ; Rv. 6llv.)
ACHTSTE AFDEELING, Van veranderingen. 228 228. In geval van verandering van den tekst van eene chèque zijn zij, die daarna hunne handteekeningen op de chèque geplaatst hebben, vol- j x P gens den veranderden tekst verbonden ; zij, die daarvoor hunne hand- teekeningen op de chèque geplaatst hebben, zijn verbonden volgens den oorsnronkelijken tekst. (K. 168 ; Sw. 264.) NEGENDE AFDEELING. Van verjaring. -
2984 2288. Behoudens de bepalingen van het volgende art. gaat schuld uit
eene chèque te niet door alle middelen van schuldbevrijding, bij het Bur- dae | B gerlijk Wetboek aangewezen. (Bw. 1381 ; K. 168a.)
229 229. De regresvorderingen van den houder tegen de endossanten, den trekker en de andere chéqueschuldenaren, verjaren door een tijdsverloop van zes maanden, te rékenen van het einde van den termijn vanaanbieding-
De regresvorderingen van de verschillende chéqueschuldenaren i elkander, die gehouden zijn tot de betaling van eene chèque, verjaren ve een tijdsverloop van zes maanden, te rekenen van den dag, eau et chéqueschuldenaar ter voldoening aan zijnen regresplicht de Evita ee betaald, of van den dag, waarop hij zelf in rechte is aangespro an de:
De in het eerste en tweede lid bedoelde verjaring kan Hen Me heeft ay. roepen door den trekker, indien of voor zoover hij gn on REE. zorgd noch door den trekker of de endossanten, die zie edn art.1467 digd ee hebben verrijkt ; alles re het bepaaide if
9: van het Burgerlijk Wetboek. (K. 169, 229%. 5
2 1} etboe ? A
“a 18229 a, De stuiting der verjaring is slechts van se gee BY, ee van wien de stuitingshandeling heeft plaats 6
v., 1982.) lijk Wetboek In afwijking van de artt. 1987 en 1988 Ee se Pe laworls tegen oopen dé verjaringen, waarvan in het vorig artike” ge Io staan, alsmede de minderjarigen, en tegen degenen, die onder curatee il derjarigen en tusschen échtgenooten, onverminderd het verhaal ia (KK. 170, 229k-) Onder curateele gestelden op hunne voogden Of ct : ; TIENDE AFDEELING. ingen.
229, 22 opdie Algemecne bene oorafgaande Afdeelingen van
bie 9 a, bis. Met bankiers, genoemd in de v of instellingen, die in hun in titel worden gelijk gesteld alle pe redelijke ve hikking van ande- ee aamheid regelmatig gelden ter onm!
2295 3 „londen, (K. 74v., 180, 214v-) ne chéque kunnen niet plaats hebb b. De aanbieding en het protest van €£ En
een dan op eenen werkdag: “n. door de wet gesteld voor 1e vers meer de laatste dag van den termijn: ot name voor de aanbie-
*rrichten van handelingen nopens de chèque, ™
a
912 OHBQUES. : 3 = ERPAPI ding en voor het o = : pmaken van het verklaring, een wettelijke fear = nee te een daarmede gelijk dn volgende op het einde harde velo verlengd den NK nde ieestda ij 5 ien termijn. en tj ne cries tne van den tere ee et (Gew. S. 38-161.) Als wettelijke £ mijn. (K, ze Afdeeling worden b e feestdag in den zi Calle twee ae Er ie Nieuwjaarsdag van 209) | Hemelvaartsdag en de verjaardag d erdagen, de beide Kerstdagen, de bis jaarlijks wederkeerende f ag des Konings, alsmed cagen, de 7 tdagen als d ede zoodanige zullen zijn aangewezen De | gen als door den Directeur ge andere bedoelde feestdagen, uit © aanwijzing van de data v Hr fe 6 gen, derd den Z van alle in dit vóór den aanvan gezonaera aen ondac, gesch : in dit art. Á g van het ag, geschiedt jaa “ besluit, waarin indien Ee ies het smtenn wienwablicl ae bij een Rot cg seer ete ien feestdag op den Maandag d n met een Zondag,ded n 229 c. In de termii ag daarna kan worden gesteld eN c. In de termijnen, bij de voorafg gesteld. (K. 17la, 229; voorzie lis niet beet afgaande Afdeelingen van d » £29).) pe rd ae eee Se Beta . Geen enkele boi ’ , 227a v., 229.) t as pijtdag, noch jike oegestaan. (K. 173.) wettelijke, noch rechterlijke, is 9994 ELFDE AFDEELING 229 e ee quitantién en promessen aan toonder eninet n en promessen aan toond owe: sub Ei oorspronkelijke uitgifte EEN (Ic. 290) Ri ea 8 229 f. De oors i Seas nn 3 pronkelijke uit ; eenen derde betaalbaar, is j gever van quitantién aan to ze » i 0: ’ aprakelijk gedurende t Ee Ee iederen houder voor de BR “aa a onder bearepen" (Is 108) Sp ceca i ella 98 niet daar. blijft Bae verantwoordelikheid van d DE echter voortduren, tenzij hij b n den oorspronkelijken uitgever 229 vore art. bepaalden tijd, fonds eg tyne dat hij, gedurende den by het 2 mn pees, op wien hetzelve is En beloope van het uitgegeven papier bij TE i rspronkelijke uitgever is Begeven, beelt gebed, ve me 5 oordelijkhei d, verlicht a op straffe van voortduring van zijne van if ering op het fonds .dat de piloudenalitoiateaniensover jp drags vat em ten vervaldage heeft i entrar op wien het papier is afgegeven né ieee papier ; en heen gehad, en zulks ten beloope van oors ante Ln verschaffen om di aan den houder, te diens koste, de Re uitgever in staat a Ne Si te doen gelden. Indien de deze aoe zijnen boedel tot dezelfd aillissement is verklaard, zijn de 2 ln en verkiezen, den houd te verplichtingen gehouden, ten ware 929 h. Bene” toe te laten (Bw. 6 Ae gerscher, ten beloope van het 8 - (Bw. 613 ; Ix. 17a, 229k: voormeld pa = den oorspronkelijken uit ms a, 217a, 229k; B. 1, 13.) aah 2 dacentdas pier in betaling heeft gever, blijft een ieder die het 2 jegens dae de dag der uitgifte Ree re den id TE 299 i, De rende het van hem heeft aronder begrepen, aansprak) |? vorderen Binst eener promesse aan toond igen. (E … 146, 217, 229.) gai papier heeft in bet Sf tijd van zes dagen na a a grate vol oer et ; ESL aling gen „©, v den dag, 0 welken hij dat the tb wanbetaling, PE die dag niet een gerekend, a hij rekking aanbieden: aa ace gelijken termijn daarna, de promes*¢ ee, a alles op verbeurte Ten die hem dezelve heeft in betaling : I a zijn recht tegen den zijn verhaal tegen denzelven doch onver: „ Aindien bij de prome: genen die de promesse heef eoke dens in ed messe de dag is uit eeft geteekend. dk g e termijn van zes d itgedrukt op welken dezelve betaalbaar ao a betaaldag. (K. 162 SORBED eerst te loopen daags na den uitge j. Indien de laatste da DN sati g van eenigen termijn, waaromtrent in dez? Gil
<< te ee | , EL 7, 8 x Dass 913 | ling; eenige bepaling voork .
NK. Afdeeun. 5. orkomt, invalt ' in den zin van art. 229), bis, blijft d It op eenen wettelijk | voortduren, tot en „met den schie ee: en eren wettelijke feestdag is. (K. 171.) ropvolgenden dag, w me heid
999k 229 k. Alle rechtsvordering tegen de in d ‚ welke geen
B 95 o Ki e
grs ep oe ee deze Afdeling vermelde uit
maanden, te r albe var men verjaart door tijd Uu gever
De in het vorig lid bedoelde ag der oorspronkelijke ett dein
den uitgever, indien of voor verjaring kan niet worden in den uitgever of door hen ‘te bai hij geen fonds heeft b geroepen door papier in betaling hebben ; ie: buiten det oëripronktijkan uitgeest = ben gegeven, vo 1K6 ijken uitgeve
Fouden hebben verri def ermal ‚ voor zoover ze zich on gever het
het Burgerlijk Wetho k alles onverminderd het bepaalde pile: ied
Op de in dit art - thd Mage van toepast We genoemde verjaringen is het tweede li | passing. (K. 169, 170°, 229.) eede lid van art.229a |
ACHTSTE TITEL. VAN RECLAME OF TER UG ERIN PALLISSEMENT. () EEK eS Wee 230 230, In geval roer
A ende goed PA |
koopa niet ten volle is eneen ” noes Hak es en geleverd, en de
end ooper, geregtigd om die goederen t verkoopdag engen
gende bepalingen. (Bw. 574 erug te vorderen, onder de vol-
vrm: Ke 08, 281, 238v iede ll44y., 1266v., 1459, 1478
| BL (dew. 8. 38-276) Tot Rens 516) staal wordt vereischt dat de goeden van het regt van terugvor- Het ee, a ij zijn geleverd en anten eee en
wijs daarvan > JR
099 ee e verminderd. Hos Er 580) Tegel oee Mi
‚ Roerende ON Os oa ae a en hen are i Ses nt enn e iet zij te land, het zij t g gevorderd, indien dezelve nog onderweg zijn i inden Gnder den che ae water, of indien dezelve zich nog in natura be- =m bezit AE eerde, of onder eenen derde die de goederen voor erde ge 5 nen den kn deze terugvordering slechts worden gedaan bin- Cider den ge failleerde see te rekenen van den dag waarop de goederen
33 Ms K, T8v., 86v a 5 EN den ld Pe. (Bw. 1145, „ “3. Indie Eee Qe ; T. XX—280.) (* is de reckobpe Nios de kooppenningen gedeeltelijk heeft voldaan, ontvangen Hanin erugvordering van het geheel, verpligt om de reeds
4 vi 236.) gen aan den boedel terug te geven. (Bw. 1266v.; K.
» In worden eee verkochte goederen slechte gedeeltelijk in den boedel
35 onding td srecwoliodt de teruggave naar evenredigheid en in ver-
boedel De verkooper, Pe rine het geheel. (KE); Jicht d
f des gefaillee d ijne goederen terug ontvangt, is verp. en OE Dog verschuldi rden schadeloos te houden voor al het reeds betaalde Srogse, en al ene wegens regten, vracht, commissie, verzekering, avarij-
36 gewend, (Bw Ten verder tot het behoud der koopmanschappen js aan-
zend, (Bw. 1139-4" K, 76, 86v. OUT PiP ander 690 ; Co. 579.) (@) Pedccepteerd e kooper bij eenen wisselbrief of ander handelspapier heeft eeft er g Sain oe het volle bedrag der verkochte en geleverde goederen,
Bijaldien de erug vordering plaats. (*) he DO acceptatie slechts voor een gedeelte van de verschuldigde (@) Richt, gew, bij S, 3821 ee Dkr ae en ard. 230241 (roerende) goederen”
DD _
ae 914 © TOONDERPAPIER. RECLAME OF TERUGVORDERING, TTT TE kooppenningen is geschied, kan de terugvordering plaats heb , ten Eenes wan den boedel des gefailleerden worde oN ee nn ae Nx hetgeen van denzelven, ten gevolge der acceptatie, mogt kunnen pee derd worden. (Bw. 1413-1°, 1415; K. 120v., 125, 174v., 178, 188v., 29e v‚ 230, 233, 238, 244.) ”
Indien de teruggevorderde goederen door eenen derde, te goeder trouw, zijn in beleening genomen, behoudt de verkooper zijn regt van 5 terugvordering, maar is, daarentegen, verpligt aan den geldschieter te voldoen het bedrag van het daarop geschoten geld, met de verschuldigde interessen en kosten, (Bw. 582, 1150v. ; K. 232, 241, 247; Co, 577.) (8)
De terugvordering der goederen vervalt, indien dezelve, gedurende DN de reis, op facturen en op cognossementen of vrachtbrieven te goeder ~~ trouw door eenen derde zijn gekocht.
Niettemin is de oorspronkelijke verkooper, in dat geval, bevoegd den koopprijs, zoo lang dezelve nog niet is gekweten, tot het beloop zijner inschuld, bij den kooper in te vorderen, en hij is bevoorregt op die pennin- gen, zonder dat dezelve met den boedel van den gefailleerde mogen worden | vermengd. |
De bepalingen van het vorige lid zijn ook toepasselijk op het geval dat de goederen, na zich in het bezit van.den gefailleerde, of van iemand van zijnentwege, te hebben bevonden, door koop en levering te goeder trouw, de eigendom van eenen derde zijn geworden. (Bw. 1381, 1402; K. 90,
232, 507v.; F. 4lv.; Co. 578:) (2) i i
239, De bewindvoerders in eenen gefailleerden boedel hebben het ver- 2% mogen om de teruggevorderde goederen. voor den boedel te. behouden, mits aan den verkooper voldoende den koopprijs, welken deze van den gefailleerde had bedongen. (F. 60; Co. 582; T. XX—283.) (8). |
- Zoo lang in commissie gegeven roerende goederen zich nog in % natura bevinden onder den gefailleerden commissionair, of onder eenen derde die dezelve voor laatstgenoemden bezit of bewaart, kunnen dezelve | door den commiasie-gever worden teruggevorderd, onder gehoudenheid als bij art. 235 is uitgedrukt. (8)
Hetzelfde regt van terugvordering heeft plaats ten’ aanzien van den | koopprijs van in commissie gegeven, en door den commissionair verkochte | en geleverde goederen, voor zoover de koopprijs niet vóór diens faillisse- ment mogt zijn gekweten, al ware het dat de commissionair eenig voor- deel had berekend als waarborg voor den kooper, of voor het zoogenaamd | del credere. (K. 76v., 246v. ; Co. 581.) nn
- In geval de in commissie gegeven goederen door eenen derde te 7 hen ihe zijn in beleening genomen, gelden de voorschriften van art.
A nh d 4 i
- Indien in eenen gefailleerden boedel worden gevonden nog niet % vervallen, of vervallen en nog niet betaalde wisselbrieven, handels- en ander papier, aan den gefailleerde ter hand gesteld, alleenlijk met last | om dezelve in te vorderen en het beloop daarvan ter beschikking van den zender te houden, of om daaruit-bepaaldelijk aangewezen betalingen teton oP LSD eD y 8 dekken
© doen ; of, indien zij bijzonderlijk bestemd waren om daarmede te de a wisselbrieven, op den gefailleerde getrokken en door dezen geaccepteerd, of biljetten aan zijne woonplaats betaalbaar, kunnen die wisselbriev sn» dat handels- en ander papier, worden teruggevorderd, zoo lang deze die zich in natura bevinden onder den gefailleerde, of onder eenen derde 565 dezelve voor dezen bezit of bewaart ; alles echter behoudens het regt ¥ 3 den boedel om daartegen zekerheid te vragen voor hetgeen van genen "4 ten gevolge der acceptatien van den gefailleerde, mogt kunnen gevon z worden. “(K. 100v., 102a, 109c, 117, 127, 146a, 174v., 178v., 229 T+ 23lv., 236 ; Co. 583.) ne umer
243, Ook buiten het geval van bestemming of acceptatie, bij Beel vorige art. vermeld, kunnen de aan den gefailleerde overgemaakte wì
a) Zie noot K, 230. ; |
ais WETBOEK VAN KOOPHAN 915 brieven, of het handels- of ander papier, w NE. gen of ander op eene rekening-courant Steet ee al-ware ger overmaking, of daarna, voor geenerlei ao fr ‘8 de zender, ten tijde pe nak zij genes, daaronder niet Ee ee welke op dé overmaking gevalien ij 6 onkost dij zijn, (K. 100v., 174v., 178v., 229 v.: 244, 245. Vervallen: S. 38-276. (!) : NEGENDE TITEL, VAN ASSURANTIE OF VERZEKERING IN HET ALGEMEEN “6 «246. Assurantie of verzekering is eene overeenk bis 8 zekeraar zich aan den verzekerde, tegen genot e omst, bij welke de ver- denzelven schadeloos te stellen wegens e ede premie;verbindt om verwacht voordeel, welke dezelve, nia oat ys schade, of gemis van nen lijden. (Bw. 1774 ; K. 60, 249, 252, 269, 286 Pe TOR zoude kun- 47 24], De verzekeringen kunnen, onder anderen, t ) de gevaren van brand; (K. 287v.) , ten onderwerp hebben : de 5 > . © emit de & oe Manias van den landbouw te velde hj leven van één of méér personen ; (K. 302v.) de kaken der zee, en die der slavernij ; (K. 592v.) KK. ea ve van vervoer te lande, en op rivieren en binnenwateren, Van de tw Be oy, pe onp On Ee a) nn boek gehandeld. (AB. 23 ; sa leo ans verseldaringen! wadto uf van Kebe bia ia en waarover Zoo In dit als in het tweede boek hera: Aa wordt gehandeld, zijn toepasselijk de bepalingen bij de 249 249, Vo 1 oa vervat. (IX. 256, 259, 275, 283.) Gel kn ee je ade of verlies uit eenig gebrek, eigen bederf, of uit den tens Gera atuur van de verzekerde zaak zelve, onmiddellijk voortsprui- drukkelik z verzekeraar nimmer gehouden, ten ware ook daarvoor uit- %0 250 th tee verzekerd. (K. 276, 294, 637 ; Co. 352.) wien en hij, die voor zich zelven heeft laten verzekeren, of hij, voor geen Ad door eenen ander is verzekerd, ten tijde der verzekering schadeld g in het verzekerd voorwerp heeft, is de verzekeraar niet tot mm Sigclelopenteliing gehouden: (Bw, 1224) 1246; Ik. 257, 264v., 266, 268, 281.) Rat det e verkeerde of onwaarachtige opgave, of alle verzwijging van aan dien verzekerde bekende omstandigheden, hoezeer te goeder trouw ocr: zijde hebbende plaats gehad, welke van dien aard zin dat de ten, indi omst niet, of niet onder dezelfde voorwaarden, zoude zijn geslo- dragen ien de verzekeraar van den waren staat der zaak had kennis ge- 306” sd maakt de verzekering nietig. (Bw. 1320v., 1328 ; K. 269v., 280v., 25: ’ 593 597 au 2 252. Uit v., 603v.; Sw. 381; Co. 348.) : mag geen gezonderd de gevallen bij de wettelijke bepalingen omschreven, veele tweede verzekering gedaan worden, voor denzelfden tijd en waarde zelfde gevaar, op voorwerpen welke reeds voor derzelver volle EL verzekerd zijn, en zulks op straffe van nietigheid der tweede ver- Sering. (K. 253v., 256-1°, 266, 271v, 971v,, 280, 609v.; Co. 349.) () Der ent k le vervallen - f . ] van faillissement, worden Eenden “ti Eeeh ien nbetaalde Koopmans in Yan ggevorderd, overeenkomstig de voorschriften a 5 art, a Bungonitie Wetboek, a Set, inachtneming der bepalinge P pen ma zi oe ter ugvordering vas yan dit manschappen vervalt, indien dezer zinentwe het bezit van den oorspronkelijken kool EMG bc ane Zin Bekocht aera Leben beyondens ‘door enen. derde te 80° er LT u ‚nzelven afgeleverd. ‚k de ooreptoy echter de koopprijs nog niet door dien derde peur fees a voor zigh ni kelijke verkooper de gelden, tot aan heb peloop ZO van zestig dagen na wonderen, mits de vordering geschiede binnen den ti f oorspronkelijke levering. DE _
a 916 RECLAME OF TERUGVORDERING. ASSURANTIE. TS
- Verzekering, welke het beloop van de waarde of het wezenlijk belang te boven gaat, is alleen geldig tot het beloop van hetzelve, 4 Nk,
Indien de volle waarde van het voorwerp niet is verzekerd, is de ver- zekeraar, in geval van schade, slechts verbonden in evenredigheid van het verzekerd tot het niet verzekerd gedeelte.
Het staat echter aan partijen vrij uitdrukkelijk te bedingen dat, onaan- | gezien de meerdere waarde van het verzekerd voorwerp, de aan hetzelve overgekomen schade, tot het vol beloop der verzekerde som, zal worden vergoed. (K. 268, 289, 677; Co. 357v.)
254, Afstand, bij het aangaan der verzekering of gedurende derzelver EN loop, gedaan van hetgeen bij de wettelijke bepalingen tot het wezen dee si overeenkomst wordt vereischt, of van hetgeen uitdrukkelijk is verboden, is nietig. (AB. 23 ; Bw. 1335v. ; K. 249, 253, 256, 263, 287, 296, 299, 304, 306, 624v., 634, 637, 640v., 657, 659v., 688v., 695; Co. 360.)
De verzekering moet schriftelijk worden aangegaan bij eene acte, 955 welke den naam van polis draagt. (K. 256; Co. 332.) :
Alle polissen, met uitzondering van die der levensverzekeringen, 9 moeten uitdrukken :
1°. den dag waarop de verzekering is gesloten ;
2°. den naam van dengene die de verzekering voor eigen rekening of voor die van eenen derde sluit;
3°. eene genoegzaam duidelijke omschrijving van het verzekerde voor- werp ;
4°. het bedrag der som waarvoor verzekerd wordt ;
5°. de gevaren welke de verzekeraar voor zijne rekening neemt;
6°. den tijd op welken het gevaar voor rekening van den verzekeraar begint te loopen, en eindigt;
7°. de premie van verzekering, en a
8°. in het algemeen, alle omstandigheden welker kennis van wezenlijk belang voor den verzekeraar kan zijn, en alle andere tusschen de partijen gemaakte bedingen.
De polis moet door elken verzekeraar worden onderteekend. (K. 247,
Eu ae 258, 264v., 287, 296, 299, 302, 304, 592, 596, 624v., 686, 710;
. 332,
- De overeenkomst van verzekering bestaat zoodra dezelve is ge 2 sloten ; de wederzijdsche regten en verpligtingen van den verzekeraar en van den verzekerde nemen van dat oogenblik hunnen aanvang, zelfs p vóór dat de polis is onderteekend, ‘
Het sluiten der overeenkomst brengt de verpligting van den verzekeraar 3 mede om de polis, binnen den bepaalden tijd, te teekenen en aan den ver ‘ zekerde uit te leveren. (K. 255, 259v., 681-1°; Co. 332.) 958
- Om van het sluiten dier overeenkomst te doen blijken, wordt be- wijs bij geschrifte vereischt ; echter zullen ook alle andere bewijsmiddelen worden toegelaten, indien er een begin van schriftelijk bewijs aanwezig 18.
Niettemin kunnen de bijzondere bedingen en voorwaarden, indien over dezelve geschil ontstaat, in den tusschentijd van het sluiten van de over eenkomst en de uitlevering van de polis, bewezen worden door alle bewijs- middelen (*); met dien verstande echter, dat van de vereischten, wel p uitdrukkelijke vermelding bij de polis, op straffe van nietigheid, in son verzekeringen door de wettelijke bepalingen gevorderd wordt, schriften} moet blijken, (Bw. 1902 ; K. 68, 255, 262, 302, 603, 606, 615, 618, 681-1". od
- Indien de verzekering onmiddellijk wordt gesloten tusschen den verzekerde, of die daartoe last of bevoegdheid heeft, en den verzekeren moet de polig binnen 24 uren na de aanbieding door laatstgemelden ye den onderteekend en uitgeleverd, ten ware bij de wettelijke bepaling, in eenig bijzonder geval, een langer termijn bepaald zij. (K. 260, gal „ „260. Indien de verzekering door tusschenkomst van eenen make ae mm Assurantie gesloten is, moet de geteekende polis, binnen acht dag
{ Krachtens S, 38—276 hier vervallen : in zaken vy. koophandel toegelated-
je EK 1, TITEL 9 : i 917 KD pet sluiten van de overeenkom (8. "561, Bij nalatigheid, in st, worden uit at psald, is de verzekeraar, oa rae bij de ae (K. 64, 684.) gebouden tot vergoeding van de 8 raed ten behoeve la artt. be- kunnen ontstaan. (K. 681.) schade welke uit dat en verzekerde zp 262 Hy die, van eenen ander orde at verzuim zoude van verze ering, dezelve v es der ontvange verzekeraar te zijn op apne “ine eigen en ae het laten doen preke van die opgav n hem opgegeven v oudt, wordt verstaa ring had Cree a Bir? a ge vcore since aarden, en, bij Be ten uitvoeren, of soe ee oten, ter plaatse alwaar hi denk de verzeke- plaatse. (K. 60, 264: T XX plaats niet is aanged IJ aen last had moe- 23 _ 263. By verkoop an ef geduid, te zijner woon- werpen, loopt de v : ndoms-overgan eigenaar, zelfs eats p hep ten voordeele EEn * verzekerde voor- men na dat het a We agt, voor zoo verre schade ree r of nieuwen verkrijgers is gekomen ; lee ten bate of schade des rise treft, opgeko- Ty Ak Seeorouked ; alles ten zij het tegendeel t oopers of nieuwen Indien, ten tijde En a paneuna oe NER eee oe denyomzk erase ‘ n . kooper of nieuwe eigenaar sabes of van den eigendomsover ed af cnr verzekerde kt il de verzekering over te EE qe oudt, blij ; elang i n, en 584, jeje pe verzekering, in zoo sin het verzekerde voorwerp be 264 264. Verz hid 321.) ‚in zijn voordeel loopen. (Bw. die van an niet alleen v H « ienBnanef dec protien gestae demi Ee LE oak froor den belanghebb nen bijzonderen last, het zij ne: Soper’ lingen ghebbende, en zulks met i ; A zelfs buiten weten van 265 265. ende 1792v.; K. ot in Andenne volgende bepa- ind : ering ten beh 4 , , 4 "cn ele anergy wake 266. n van den belangh chte eener astgeving, Fe A rc RR zonder reer de,~DiRa heeft. (K. 256, 264.) werp door de gedaan, is nietig, indien Ba uiten. weten van. den De verzekerd en belanghebbende of do Voor OOR hetzelfde voor- weten. ges vóór het tijdstip waar he eenen derde op zijnen last, was 333 a ae verzekering. (B op hij ken deeg de, buiten zijn 0 267 Puce, 852.) g. (Bw. 1357; K. 252, 264, 264, 277v., 281, : ien bij d : voor rekenin ij de polis geene melding i 3 N ning van P g is gemaakt dat de verzekerin 268 a Sook ACR lente. heee ea ee a8 de verzekerde peaant 5 » De verzekeri 0 . . 5, ly.) an oa, Sue Sang Shan tot voorwerp hebben alle belang, hetwelk 269 enn, (K. 247, 350 dd onderhevig, en bij de wet niet is uit- deere, verzekertnuioede . 1 schade, tegen knn a hogen hot sluiten ope vereenkomst bestond ekerd 18, reeds op het tijdstip van het sluiten | ie onder last heeft d. ond, is nietig, indien de verzekerde, of hij die met | gna gedragen. (B oen verzekeren, van het aanwezen der schade heeft 270 ae 5 Co. 366 ve 1328; K. 246, 261, 281v., 306, 597v., 604, 606; e r bes ded kennis eae vermoeden dat men van het aanwezen dier schade ine eden, oor ent indien de regter, met in achtneming der omstan- verloopen, Sat d at er, sedert het aanwezen der schade, z00 veel tijds de 0 geval van ewa. verzekerde daarvan had kunnen kennis dragen. dezeiver TREES el, staat het den regter vrij om aan verzekerden en T overeenk ers den eed op te leggen dat zij, ten tijde van het sluiten Gedragen omst, van het aanwezen der gchade geene kennis hebben ndien as mare die eed door de es … wordt opged 1916 dezelve in all partij aan hare wederpartij WO opg ragen, -3°, 1929v., 1 en gevalle door den regter worden opg® egd. (Bw. … 1940v.; K. 282, 597v.; Co. 366.) DD
nn. 918 ASSURANTIE OF VERZEKERING IN HET ALGEMEEN, EE aa
- De verzekeraar kan altijd hetgeen hij verzekerd heef: laten verzekeren. (K. 252, 279 ; Co. 432.) eelt wederom NK ;
272, Indien de verzekerde den verzekeraar, bij eene geregtelii 27 ging, van zijne verpligtingen voor het toekomende intalant eine ope 212 belang voor denzelfden tijd en hetzelfde gevaar andermaal dae de zekeren. vra
In dat geval moet, op straffe van nietigheid, in de nieuwe polis word melding gemaakt, zoo wel van de vroegere verzekering, als van de er ed telijke opzegging. (K. 279v., 28lv.; Co. 359.) eh
- Indien de waarde der verzekerde voorwerpen niet d ij in de polis is uitgedrukt, kan dezelve door alle bewijsmiddelen oren " gestaafd. (Bw. 1866; K. 256, 295, 621v.; Co. 339.)
274, Indien die waarde in de polis is uitgedrukt, heeft de regter niette. min de bevoegdheid om aan den verzekerde de nadere regbraakiiging zkt der uitgedrukte waarde op te leggen, voor zoo verre door den verzekeraar redenen worden aangevoerd, waaruit gegrond vermoeden wegens het bovenmatige der opgave geboren wordt.
De verzekeraar heeft in allen gevalle het vermogen om de bovenmatig- hd De er ety in regten te bewijzen. (Bw. 1922; K. 253,
Indien ‘echter het verzekerd voorwerp vooref is gewaardeerd door 215 deskundigen, bij partijen daartoe bestemd, en, des gevorderd, door den regter beëedigd, kan de verzekeraar niet daartegen opkomen, ten zij in geval van bedrog ; alles behoudens de bijzondere uitzonderingen bij de re bepalingen gemaakt. (Bw. 1328, 1449; K. 282, 295, 619;
Geene verliezen of schade, door eigen schuld van eenen verzekerde 278 veroorzaakt, komen ten laste van den verzekeraar. Hij vermag zelfs de premie te behouden of te vorderen, indien hij reeds begonnen was eenig gevaar te loopen. (K. 249, 282, 290, 294, 307, 637, 693 ; Co. 352.)
Indien verscheiden verzekeringen, te goeder trouw, ten aanzien 277 van hetzelfde voorwerp zijn aangegaan, en bij de eerste de volle waarde zi hig ee houdt dezelve alléén stand, en de volgende verzekeraars
gen.
Indien bij de eerste verzekering de volle waarde niet is verzekerd, zijn ge vores Sites aar celijk voor de meerdere ven Me
8 waarop de volgende verzekeringen zijn gesloten. (4. 252; Co. 359.)
Bijaldien op ééne en dezelfde polis, door onderscheiden verze- 218 keraars, al ware het op onderscheiden dagen, meer dan de waarde ver- zekerd is, dragen zij allen te zamen, naa- evenredigheid van de som voor make Glee hebben, alleen de juiste verzekerde waarde. pe wonen nnen nan daan noen TE 277, 280; Co. 358.) aL ae
De verzekerde mag. i ij tt. 3
8, in de gevallen bij de twee voorgaande artt. vrien ee eerie niet vernietigen om daardoor de latere elen de verzekerde de eerste verzekeraars ontslaat, wordt hij 86 soe er getline en en in dezelfde orde, in hunne plaats als ver
Indien hij zich laat herverzekeren, treden de herverzekeraars in de- rde orde in zijne plaats op. (K. 27lv.) 980 indien, ae wordt als geene ongeoorloofde overeenkomst beschouwd, Eenden verzekering van een voorwerp voor deszelfs volle waard®, ee langhebbende hetzelve_ vervolgens, geheel of gedeeltelijk, laat ver opeen onder de uitdrukkelijke bepaling, dat hij zijn regt tegen de ver:
a Ene alleen zal kunnen doen gelden, indien, en voor zoo verre, by
There oe de vroegere niet zal kunnen verhalen. <otig-
geval van Zoodanige overeenkomst moeten, op straffe van niet ;
WETBOEK VAN KO dt BE ‘ aes 919 KK. peid, de vroeger gesloten overeenk A NA on zullen de bepalingen van art. O77 en 21 duidelijk worden zijn. (K. 252.) n 278 insgelijks daa omschreven» 981 981. In alle gevallen in welke de ove Top toepasselijk het geheel of ten deele vervalt, of nieti reenkomst van verzekeri goeder trouw hebbe gehandeld, m g wordt, en mits di ring voor het zij voor het geheel, het zij mee de verzekeraar de nea verzekerde te gevaar heeft geloopen. (K. 250 r zoodanig gedeelte Eer terug geven, §3v., 652v., 662.) v., 266v., 269, 272, 276, 603, € hij geen vg) 282. Bijaldien de nietighei ‚ 276, 603, 615, 618 a arog of heler ay ag van de overeenkomst, uit h de premie, onverminder ad erzekerde ontstaat geni oofde van list, den zijn. (Bw. 1328 de openbare regtsvord » geniet de verzekeraar 13 _ 283 Behouden As 1453; K. 270, 653 ; Sw epi zoo daartoe gron- DN goortivdn wedt es bepalingen ten Sel) en naarstigheid “oe Led a de vereekards. Geenl gt! deze of gene of te verminderen, en hij e stellen, ten einde de schad om alle vlijt ’ Ee te voork aan den verzekeraar pdrel dadelijk na derzelver ROER ï geven ; all ontstaan, daa: ee osteo nb zoo pe Ain. vergoeding van : oor den verzekerd ayer wt at nnn se , gevoegd bij de geled ekeraar, al ware het ci Pine. 1 gingen, of de ane het beloop der ae te a 24-284. huik K. 249, 294, 654, 718 ee ngen vruchteloos zijn ge- . rzekeraar, die di aa t na e sch pry 9 treedt in alle de ayn wel een verzekerd voorwerp be- voor Taos derden mogt hebben; en d e verzekerde, ter zake van die benaebleft (B welke het regt van den bedien. dn paket ee . (Bw. 1354, 136 ; egen die erden mogt er a. pate ero we mie K. 290, 637, 656, 693.) g . De wederkeeri 2 den do rige verzekerings- f 5 tghad naar do eglamen va enen gegen en oare, Ho ke 289 nende zicht a in het Wuatate lid asselijk. (K , ijzonder ook op deze maatschappij (K. 15, 53, 308 ; S. 70-64, art. 10, * bl. 861.) to VAN i TIENDE TITEL. WAARA IEEE TEGEN DE GEVAREN VAN BRAND D TEGEN DIE AARAAN DE VOORTBRENGSELEN Yr DEN LANDBOUW TE G ZIJN, EN VAN LEVENSVERZEKERING. Errste AFDEELING 2 Van + : OT Wast. De: bana ted tegen de gevaren van brand. meld, uit Rennes moet, behalve de yereischten bij artikel 256 ver- , de liggi ; . a derzslver eee der verzekerde vaste goederen ; . den aard’ ; : zulks invloed. den het gebruik der belendende gebouwen, voor 200 verre 4° de EN de verzekering kan hebben ; : 5°, de liggin e der verzekerde goederen ; Tyerende rae AG en belending der gebouwen en plaatsen, waar verzekerde de Keo det zich bevinden, zijn geborgen of opgeslagen. (Bw. 288 Bs Ry. 101)” 254, 256-3°, 258, 263, 272, 993, 300, 302, 6247» y Bi a ‘ y fs dat dennen, ekering van gebouwde eigendommen. wordt bedongen, qatzelve, nite i aan het perceel overgekomen, zal worden vergoed, of dat bebouwd ne iten Poors der verzekerde SOF, zal worden weder- et eld. * eerste geval wordt de schade opgemaakt door de vergelijking ———~S
920 VERZEKERIN Se a ee der waarde van het 6 a perceel vóór de dadelijk na den br: 8 ramp, met hetgeen h a geld voldaan. and, waard is, en de schade wordt ale zerblijvende NK het tweede geval is d in gereed herstel verpligt. De B aikerar 0 =e tot de wederopbouwi door hem te betalen penningen, bi eeft het regt om toe te zi ing of het te bepalen tijd, werkelijk ee eth innen eenen, des noods doo os dat de wal Nada idenivorsskerda: opid 8 ao worden besteed ; en ie en regter, om, zoo daartoe gron dan p de vordering van den verzekera n de regter anda. voldoende zekerheid teehee 289, De verzekering kan ged id te stellen, zekofdd goederen. gedaan worden voor de volle waarde d ngeval van beding va . er ver- 289 bedongen dat de caben pena bouwing, wordt door den y zoeen zullen worden eesedì wederopbouw vereischt doa ij dat beding zal e ht . 2 en ver- kostentmopen tes chter de verzekering nimm Poy "290. Voor pee 218,288, gamer drie vierden dier die AH da verrébectotcon gen verzekeraar zijn alle verliezen e door of eenig ander ral overkomen door brand ol a of schelmerij van eigene bedi ‚eigen vuur, onachtzaa  aakt ren Hoaeokigeusannd edienden, buren, vijanden, roov: mheid, schuld bedabhtret , op welke wijze de brand ook ‚ roovers, en alle ande- 1367, 1565 Ka bee of odd wens ey: Met schade, door nde 2 si 637.) a kh ls een gevol : oorzaakt, wordt gelijk : die ee Rua er pind wordt fd Me Oe As. welke 29] of vermindering van het e naburige gebouwen, als daar zij B middelen tot stuitin et verzekerde voorwerp, door aar zijn bederf tuiting of tot blusschi P, door het water en ande vermissen van iets van h ussching van den brand gebrui " gedurende de beanabl etzelve door dieverij f ge ruikt, of het Saran verij, of op eenige andere wijze veroorzaakt wordt d ussching of beredding; alsmede d Ze, verzekerde, op | oor de geheele of gedeeltelijk 6 schade welke van den ontatanen brand te stuiten. (ISK 13 dan einde den yoprtehns ‚ Met schade, d en, (ISR. 133 ; Ontei * gesteld die welke Decent veroorzaakt, zal roagelike 4 dh ijk 2 gen van eenen stoomketel oor ontploffing van buskruid, d epen en al had dan ook die el, door het inslaan van den blikse: oor het sprin- tengevolge geh ontploffing, dat sprin iksem, of dergelijke, 293 Tenses ad. pringen, of dat inslaan, geen brand 5 een verzekerd 2 Essrdoon ‚aan em eene andere bestemming verkrijgt 293 verzekeraar, indien zulk randgevaar wordt bloot d JE in het geheel niet £ ks vóór de verzekering ar an zoodat de eae houdt des eine pprosreide voorwaarden 5 He ee 5 . De verzek verp igting op. (K. 28 2 oude hebben ver der schade, j zekeraar is ontala : ; 7-2°, 638, 652v.) tigheid eenden ew uet dat de brand ge verpligting tot voldoening 2 249, 276, 283 “500 erzekerde zelven An schuld of al = ¢ By en op akt is. (Bw. 1366; K. % uis, pakhui roerende a eee rpg a aie 8 n eed aa ijsmiddelen bij ’ 4 Bs goes once ane 8 sn mE van den brand, hebbe end naar de waarde welke di tide 296. Indien bij de a behed: (Bw. 1940v.) e goederen, ten IJ maakt, worden de SES 1 deswege geene bijzondere bedi sen ge 296
- of huisraad, en stofferi gen van : roerende Goelen ei glee enn van den eersten titel des twee Cools deceive bile ‘wierde
- Indien rde (Bw Blaue aaoteen van het Burgerlijk , bij eene onderzetti .; K. 356-5°, etting tusschen den schuldenaar en zijnen get |
WETBOEK VAN KOOPHANDEL 1, trv. 10, BE, 2, mir, 1. 921 UK. gchuldeiacher, is bedongen dat, i NK. See verzekeren nae ee ger van schade aan het tot het beloop der inschuld en der wWergekouien, de assurantie- venen de onderzetting sullen treden, is'd erschuldigde renten, in d penningen, e mvend, barok de ae al Z verzekeraar, aan wien a, pees van thecairen schuldeischer te verrek gde schadevergoeding m at beding is 5 08-542 art. 14*.) ekenen, (Bw. 613, 1162. ; K. 268, 343; 99g _ 298. Het beding, bij het vorige cer ik alae indien, en voor zoo verre, de h a vermeld, heeft geen gevol gerangschikt geweest, indien d Ypotheoaire, sohuldelacher:h tig hare , e schade niet was EES & zoude zijn TWEEDE AFDEELING ee aan Van verzekering tegen de ' im gevaren waaraan de voorth: dbouw te velde onderhevig zij rengselen van den 999 _ 299, Behalve de vereischt De Me uitdrukken : en bij art. 266 vermeld, moet de polis 1°, de liggin ; ha verzekerd ging en belending der landerijen welker voortbrengselen zijn 9°. derzelver gebruik. (B d E . (Bw. 1186-4° ; 287-1° en 2°; Rv. nat). BBA ICA AY, 204, 2002007272 300 300, De verzekering kan | „Ei gebreke van ehehe gesloten. oenen (Bw. 1597.) re st e a zonder het ontstaan Tea de ae ot berekend hoeveel de vruchten genot zouden zijn waard ramp, ten tijde van derzelver inoogstin f verzekeraar betaalt als ee en derzelver waarde na de ramp. De adevergoeding het verschil. (K. 278v.. 288.) DERDE AFDEELING. 2 302. (Gew. S Van levensverzekering. een daarbij RS 8 abl Het leven van iemand kan ten behoeve van duur van dat Dank ephende verzekerd, worden, hetzij voor den ganschen 308 oe 304- 4°) zij voor een tijd by de overeenkomst te bepalen. » De bel : 3 Py afte Ae eta cane kan de verzekering sluiten, zelfs buiten kennis 304. De polis an dene wiens leven wordt verzekerd. °, den da : 2 d g waarop de verzekering is esloten ; 3°. ae ea den verzekerde 4 : 4°, den tijd van den persoon wiens leven is verzekerd ; tage ; aarop het gevaar voor den verzekeraar begint te loopen, el d , oy 6°. de oe ae is verzekerd ; 305. De be ie der verzekering. (K. 254, 256, 208, 302, 308.) 308 verzekering ee van de som en de bepaling der voorwaarden van de 306, Indien ae geheel aan het goedvinden der partijen. (Bw. 1780.) van het sluite e persoon, wiens Jeven verzekerd is, OP het oogenblik komst, al had d der verzekering reeds was overleden, vervalt de overeen- 407 En; ten zij e verzekerde van het overlijden geene kennis kunnen dra- gh 22 andere were bedongen ts 779; K. 26lv., 269, 260) 408 berooft, of is hij, die zijn leven heeft laten verzokeren zich van het leven 308, Ona et den dood wordt gestraft, vervalt de verzekering. (K. 276.) tines, tech deze afdeeling zijn niet begrepen weduwenfondsen, ton- gelijke Dern appijen van onderlinge Jevensverzekering, &> andere der- eene inlage vy komsten op levens- en gterftekansen gegrond, paart 286; 8, 1-04 crt 10m BL. 8 bijdrage, of beide, gevorderd wordt. (% Zie d $ rt. ’ ° 861 ) 5 * Verord. e regelingen betreffende het gevensverzekeringbedrijf achter de Fail.
SS 922 VERZEKERING. ALGEMEENE BEP, ZEESOHEPEN EN HUNNE LADING TET ——
TWEEDE BOEK. NE VAN DE REGTEN EN VERPLIGTINGEN UIT SCHEEPVAART VOORT. SPRUITENDE.
Ingevolge S. 33—47 jis 38—I en 2, iwg. 1 April 1938, zijn de Je en ge titel van het tweede boek vervangen door de hieronderstaande artt. 309—340f teneinde de bepalingen zooveel mogelijk in overeenstemming te brengen met | de wetten van 22 Dec. 1924 (N.S. No. 573) en 10 Juni 1926 (N.S. No. 171).
Algemeene bepaling.
- Schepen zijn alle vaartuigen, hoe ook genaamd en van welken 309 aard ook. |
- Tenzij iets anders is bepaald of overeengekomen, wordt het schip ge- acht het scheepstoebehooren te omvatten.
Onder scheepstoebehooren worden alle zaken verstaan, welke, niet een deel van het schip uitmakende, bestemd zijn blijvend met het schip | te worden gebruikt. (Bw, 510, 513v.; K. 310v., 314, 593, 602, 748v.;
F. 34; Rv. 532, 568; Tbs. 1, 3.) | EERSTE TITEL. Van zeeschepen en hunne lading.
- Zeeschepen zijn alle schepen welke worden gebruikt tot de vaart 310 ter zee of daartoe bestemd zijn. (Zeebr. 2 ; Schepenord. 2.)
In den eersten tot en met den vierden titel van dit boek worden onder schepen uitsluitend verstaan zeeschepen. (K. 748v.) Ct,
Indonesische schepen zijn schepen welke als zoodanig worden 31 aangemerkt door den Algemeenen Maatregel van Bestuur betreffende de Zeebrieven en Scheepspassen. (K. 310%, 312, 319, 748; Tbs. 21, 23; S. | 34—78 jis 35-89, 505, 37-629, 630.) |
Een schip, dat hier te lande is of wordt gebouwd, wordt als een 312 Indonesisch schip beschouwd, totdat de bouwer het heeft opgeleverd aan hem, voor wiens rekening het is of wordt gebouwd, of wel het voor en de vaart heeft gebracht. (K. 310%, 311, 314, 319 ; Tbs.
; Zeebr, 2. |
- De geheele of gedeeltelijke overdracht van een aandeel in het 313 schip, waardoor dit zou ophouden een Indonesisch schip te zijn, vereischt de toestemming van alle mede-eigenaars. (Zeebr. 2.)
Indien de eigenaar van een aandeel in een schip het Nederlandsch onder- daanschap verliest of ophoudt ingezetene van het Koninkrijk te zijn, | of indien anders dan door overdracht de eigendom van een aandeel in een schip geheel of gedeeltelijk overgaat op iemand, die niet is Neder- | landsch onderdaan of niet is ingezetene van het Koninkrijk, en dienten- gevolge het schip zou ophouden een Indonesisch schip te zijn, heeft ieder der mede-eigenaars gedurende zes maanden het recht van den raad van Justitie van de plaats, waar het schip in het scheepsregister is ingeschre- ven, een bevel tot openbaren verkoop van dat aandeel te vragen. Het bevel wordt gegeven na verhoor of behoorlijke oproeping van alle Jeden der reederij. Deze oproeping geschiedt bij aangeteekenden brief door den griffier. Het aandeel mag alleen worden toegewezen aan een gegadig-
, de, door wiens verkrijging het schip weder voldoet aan de vereischten,
voor een Indonesisch schip gesteld. Het schip wordt alsdan geacht ae hoedanigheid van Indonesisch schip niet te hebben verloren. (K. 311, Cf. 314, 319, 324, 334; Nedsch. 13v.; Ned. onderd. 2; Ths. 21, 23.) 314
314, Indonesische schepen, metende ten minste twintig kubieke meters bruto-inhoud kunnen worden teboekgesteld in een scheepsregister ore eenkomstig de voorschriften, welke bij een afzonderlijke ordonnantie ee len worden gegeven. (K. 749; Ths., S, 33-48 jis. 38—1, 2* achter Wv.k.
In deze ordonnantie wordt mede geregeld de wijze van eigendom” | overgang en levering van in het scheepsregister teboekgestelde schep® |
|
