ORDONNANTIE OP HET RECHT VAN OVERSCHRIJVING
ESS ORDONN. OP HET REGED v
jo. 79-192; ee ol. 815 noot 3.)
De ommegaande regters (1) zullen : ters der acten voor gezien teekenen. Boe onderzoek, de regis.
43 a. (Ung. S. 98-303.) Afgescheiden. ‘ El )verschr. la.) zicht, bedoeld in de beide voorgaande an onafhankelijk van hef tac. inspecteurs van fnanciën bevoegd en ver yn. ue inspecteurs en adjunct te onderzoeken en na te zien. (R- v. Oy. Dis t de gerechtelijke acten
44, Jaarlijks zal een authentiek afschrift v h j seerde’ koopbrieven of overdracten, door de at of register der CE denten, aan de algemeene rekenkamer ee enten of assistent-resi. 8, 1843-10 ; 79192; 01-325 art. 1.) Senden. (Overschr. 1;
Aan de fiskaals bij de raden van justiti + aanvrage, visie worden gegeven van de heat one tijde, op hunne hy potheekbrieven, in de geheele uitgestrektheid EE ee ten einde bij bevinding van overtredingen ambtshalve eae EE te kunnen doen, of door den jaksa te laten doen a ee
Buitenwerkinggesteld: S. 49—282* bl. 830.
De tegenwoordige ordonnantie zal van kracht zijn, van en met d eersten Julij, nu aanstaande, (d.i. 1834) en voor zoo ver die o bellige huiten-bezitting niet tijdig wordt ontvangen, met den A iS maand, volgende op die, waarin zij aldaar zal zijn bekend geworden.
Ordonnantie op het recht van overschrijving. : | (Ord. van 25 Juni 1924.) S. 24-291. (i.w.g. 1 Aug. 1924.) 5 + (Toelichting in Bb. 10657.)
Tijdel. beperking der toepassing dezer ord. bij reorganisatie v. vennoot: schappen en verenigingen, S. 46—115* onder opschrift Zegelverord. Consid. Dat Hij, de bepalingen op het recht van overschrijving willende
herzien en in eene afzonderlijke regeling vastleggen.
Art. 1, (Gew. S. 36—629, 693; 38=1, 2; 49-48.) (1) Onder den naam van recht van overschrijving wordt eene belasting geheven van :
1°. alle overeenkomsten tot overdracht van binnen Indonesië gelegen of gevestigde onroerende zaken ;
2°. de akten van teboekstelling en van overdracht van schepen ;
3°. alle overgangen bij erfenis of legaat van onroerende zaken of van te boekgestelde schepen, nagelaten door personen, die binnen Indonesië hunne laatste woonplaats hadden. 3 taan’ die
(2) Onder onroerende zaken worden in deze ordonnantie ee att et onroerende goederen en zakelijke rechten — wat deze Ae e fe Ke uitzondering van het recht van grondrente en dat van ae einde Aanzien waarvan in geval van overdracht de levering © ba ea a schiedt door het opmaken van een akte op de vl A lid der Indische ordeningen bepaald, de gronden ingevolge art. 51 zeven Se i‘ bezien Staatsregeling aan Indonesiërs in eigendom afgestaan, a 5 ate begrepen. anderen dan Indonesiërs worden overgedragen, de schopen schepen _ (8) Onder schepen worden in deze ord. ven Saer die volgens mM aanbouw en aandeelen in schepen of EIS 1933 No. 48) kunnen de Regeling van de teboekstelling van lee rechten op teboekgestelde Worden teboekgesteld, alsmede de en ce in zoodanige schepen of Schepen of schepen in aanbouw en aandee ah + recht van hypotheek. Schepen in aanbouw, met uitzondering Eea overlijden wordt,
la. (Ing. S. 49—48.) De verklaring voli overlijden in alle opzichten
voor de toepassing dezer ord., met wer El dientengevolge geheven en gelijkgesteld, behoudens teruggave van he 482, 485, 486 on 487 van het met de boete in de gevallen by de arts a klaring wordt als de dag Burgerl. Wetb. voorzien. De dagtekening sE ht van het i] houwd. t overdrac
- (1) (dem 8 56-692, 693.) Onder ord i
Van onroerende zaken worden mede veran
1124 ORDONN. OP HET RECHT VAN OVERSCHRIJVING. mmm ne
a. onteigening ten algemeenen nutte; (KvOv. 7 al. 1-4“)
b. toewijzing bij executie; (RvOv. 7 al. 1-5°.)
2 Oe in maat- of vennootschappen en in vereenigingen ; (RvOv.
d. scheidingen, niet begrepen onder letter e, f of g van dit art., indien en voor zoover daarbij onroerende zaken worden toegedeeld aan hem die krachtens overeenkomst tot overdracht mederechthebbende op die zaken geworden is of aan zijne erfgenamen of rechtverkrijgenden ten- ware de verkrijgers ook uit anderen hoofde medegerechtigd zijn of hurnie medegerechtigdheid is ontstaan krachtens overeenkomst tot overdracht, door den eenigen rechthebbende of al de rechthebbenden te zamen van het geheel der zaken aan gezamenlijke verkrijgers; (RvOv. 7 al. 1.7 °)
e. scheidingen, niet vallende onder letter f van dit art., indien en voor zoover daarbij onroerende zaken, gemeen krachtens een maat- of vennoot- schap niet behoorende tot die, welker kapitaal geheel of ten deele in aandeelen is verdeeld, worden toegedeeld aan een ander dan een dergenen die tijdens den inbreng of andere eigendomsverkrijging lid der maat. of vennootschap waren, of hunne erfgenamen of rechtverkrijgenden ten ware de verkrijger ook uit anderen hoofde dan krachtens overeen: komst tot overdracht medegerechtigd is; (RvOv. 7 al. 1-7°.)
/. scheidingen indien en voor zoover daarbij onroerende zaken, gemeen krachtens een voor 1 Mei 1924 plaats gehad hebbenden inbreng in een maat- of vennootschap, niet behoorende tot die, welker kapitaal geheel of ten deele in aandeelen is verdeeld, worden toegedeeld aan een ander dan den inbrenger, diens erfgenamen of rechtverkrijgenden, ten ware de verkrijger ook uit anderen hoofde dan krachtens overeenkomst tot over- dracht medegerechtigd is ; (RvOv. 7 al. 1-7°.)
g. scheidingen, waarbij onroerende zaken behoord hebbende tot een maat- of vennootschap, welker kapitaal geheel of ten deele in aandeelen is verdeeld, of cen vereeniging, worden verdeeld, voorzoover niet zaken welke zijn ingebracht, worden toegedeeld aan den inbrenger, diens erf- gengmen of rechtverkrijgenden ; de akten waarbij wordt verklaard, dat cate pice personen de eenige rechthebbenden zijn op de onroerende or n, welke tot een zoodanige maat- of vennootschap of vereeniging
ponds worden met scheidingen gelijk gesteld. ee ua cidingen indien en voor zoover daarbij onroerende zaken worden seceeld aan een deelgenoot, ten aanzien van wien niet voldoende is pesecrorne dat hij in de zaak medegerechtigd is ; +. vestiging, wijziging en afstand van de zakelijk Ik 7 waz : ke rechten, welke sagerolge het 2de lid van het vorig art. onder onroerende zaken zijn te (2) Waar in dit art. over rechtverkrij . U jgenden wordt gesproken, worden gearonder verstaan legatarissen en rechtverkrijgenden onder algemeenen 3. (Gew. S. 38—1, 2 ) Ond . » 2. er akten van tebockstelli hepen wor- a te telling van schep Sham oe akten van vestiging van de zakelijke rechten, 4, (1) De wis ar es lid 3 onder Schepen zijn te verstaan. i aetna Teen zoeten waarbij onroerende zaken of schepen of gemerkt als soheidin om t ete tes aan mede-eigenaren, worden aan- ep overgedragen hen schen dengene die overdraagt en hem aan Ae Mabe overeenkomsten krachtens welke een aandeel in onroerende treden of in ed, » welke aan meer dan één persoon toebehooren, bij uit- ee el a van een der gerechtigden verblijft aan mede-cigenareD, os ngemerkt als voorwaardelijke scheidingen tusschen dengene Ô aot of overlijdt en hem aan wien het aandeel verblijft. ; oe i Bepaling blijft ten aanzien van zaken staande ten name van oval eon Vennootschap of cen vereeniging b iten t sing, zoolang de zaken tot de maat. of y. Ee eenen behoo- rene je de ennootschap of de vereeniging blijven be ; gepast wanneer die zaken het persoonlijk eigendom van
nn ORDONN. OP HET RECH en T VAN OVE = a ORG 1125 SS een of meer der leden van de maat. of
worden. El vennootschap of der vereeniging
- (1) (Gew. S. 38-1, 2; 49-48) Onder J
legaat van onroerende zaken of van toboek ay ee bij erfenis of
verstaan de overgangen van de Teln gestelde schepen worden niet a8) (Toate a die zaken. an vruchtgebruik of gebruik y oeg. S. 36692, 693; gew. 39-7 9.
zaken en teboekgestelde schepen 5E NG : Hatt) De onroerende
bestemd tot het vermogen eoner stichting, welk A of op andere wijze
geroepen wordt, worden voor de Feel van h eras ney En ving beschouwd door de stichting bij legaat te zi Aen A en
- (1) De belasting bedraagt vijf ten honderd be oy er wezen in het volgend art. a eg Pee
(2) Het recht wordt verminderd tot twe
) C een
aanzien van inbreng, welke in binnen tret en en
ie of we of vereenigingen, welker kapitaal call of dn
ee He a i is verdeeld, als storting op zoodanige aandeelen plaats
. (Zeg. 39.
| eaoraiaigaed he 693 ; 881, 2.) (1) Het recht van overschrijving | 1°. in geval van verkoop over den koopprijs vermeerderd met de
asten welke de kooper op zich neemt, ten ware de verkoopwaarde der verkochte zaak hooger mocht zijn, in welk geval het recht verschuldigd
) s over de verkoopwaarde; (+)
2°. in geval van ruiling :
@. indien een toegift is bedongen, over het bedrag dier toegift vermeer- derd met de verkoopwaarde van de zaak die wordt afgestaan door hem die de toegift doet, ten ware de verkoopwaarde van de aan hem afgestane zaak hooger mocht zijn, in welk geval het recht verschuldigd is over de verkoopwaarde van de laatste zaak;
b. indien geen toegift is bedongen, over de verkoopwaarde van een
| det afgestane zaken, bij verschil in verkoopwaarde over het hoogste | edrag ;
3°. in geval van schenking, over de verkoopwaarde der geschonken zaak;
4°. in geval van onteigening ten algemecnen nutte, over de door de
onteigenende partij te betalen schadeloosstelling ; nd d
5° in geval van toewijzing bij executie, over den koopprijs yee
met de lasten welke de kooper op zich neemt, tenware ge ees i der toegewezen zaak hooger mocht zijn, in welk geval het recht verschul- digd is over de verkoopwaarde ; . 4
6°, in geval van Hent in maat- of vennootschappen of in verceni-
' 7 ‘neebrachte zaken; aftrek van het gingen, over de verkoopwaarde der inge htied blijft heeft aandecl waarvoor de inbrenger in die zaken medegerechtiga DU) niet plaats ; ;
) ; tes verdeelde zaken 7°. in geval van scheiding, over de cd Keath aftrek in de gevallen in art. 2 onder de letters edi ns rechtsvoorganger in
Plaats van het aandeel van den verkrijger © kr “sing van dit aandeel fe verdeelde zaken, voor zoover wegens de verstjging
et recht van overschrijving is geheven; f recht-
rfrenamen of rec worden de verdeelde zaken aan meer dan (Gan wordt de aftrek Verkrijzenden van dien rechtsvoorganger "0e redigheid van de waarde Voor iedere toedeeling slechts toegepast in € ze _ overschr.recht moet
@) ii Bb. 12175 is bepaald hoe perekening Tl, met recht V. opst. Beseaieden voor grond, door het gvt. in ee y. d. overschr. ee afgestaan, De verkoopwaarde moet steeds wrkoopwaarde de We if . Naar gebracht worden. Als regel is de den a.d. Lande te betalea koop &rond onder Indonesiërs vermeerderd en betaalde afkoopsom MA Prijs. Ben voor bebouwingen of ban ; vorden afgetrokken. Zie ook Bb. 8546.
1126 ORDONN. OP HET RECHT VAN OVERSCHRIJVING. TTET van het toegedeelde ;
onder rechtsvoorganger wordt in dit art. verstaan degene tot wiens erfgenamen of rechtverkrijgenden de verkrijger behoort; onder recht. verkrijgenden worden verstaan legatarissen en rechtverkrijgenden onder algemeenen titel ;
8°. in alle andere gevallen over de verkeoymwvaarde der zaken.
(2) Voor zoover de te belasten zaken niet voor overdracht vatbaar zijn treedt de geldswaarde van het genot der zaak voor de verkoopwaarde in de plaats. _ i
(3) Het bedrag van den koopprijs met. de lasten en het bedrag van de bij ruiling bedongen toegift, betaald voor zaken, welke zijn belast met een recht van grondrente, wordt ter berekening van het verschuldigde recht vermeerderd met het twintigvoud van het gemiddeld jaarlijksche bedrag dier grondrente. Is de grondrente voor een minder aantal jaren dan twintig verschuldigd, dan komt voor het twintigvoud in de plaats een veelvoud, gelijk aan het aantal geheele jaren, over welke de grond- rente nog verschuldigd is. ;
(4) By de bepaling der verkoopwaarde eener onroerende zaak blijft een daarop gevestigd recht van grondrente buiten aanmerking.
(5) By de bepaling der verkoopwaarde eener onroerende zaak worden mede in aanmerking genomen alle gebouwen, beplantingen en bezaaiingen en al hetgeen door aard of bestem ming deel der onroerende zaak uitmaakt, zoolang niet voldoende is aangetoond, dat een en ander aan den ver- vreemder of een derde blijft toebehooren of wel reeds vroeger eigendom van den verkrijger was.
(6) De verkoopwaarde wordt bij den inbreng van zaken in een maat- of vennootschap geacht niet lager te zijn dan de waarde waarop die zaken eventueel tusschen partijen. voor de regeling van hunne onderlinge verhouding. zijn geschat.
(7) De verkoopwaarde wordt bij overgangen, als in artikel 1, lid 1 onder 3€ genoemd, bepaald zonder in aanmerking te nemen de op de zaken gevestigde zakelijke rechten van vruchtgebruik, gebruik en be woning en grondrente.
Lid 8—13 vervallen krachtens S. 36-692, 693.
- (1) (Gew. 8. 28-395 ; 29-117 ; 36-692, 693; 38-1, 2.) Van het recht van overschrijving zijn vrijgesteld : (to)
1°. de akten yan voorloopige teboekstelling van schepen in aanbouw alsmede de akten van teboekstelling van nieuw gebouwde schepen, indier voldoende is aangetoond, dat het schip voor het eerst in de vaart is gebracht op een tijdstip niet langer dan zes maanden aan het verlijden der akte voorafgaande ; proeftochten blijven bij de beoordeeling op welk tijdstip het schip voor het eerst in de vaart is gebracht buiten aanmerking ;
op buitenslands gebouwde schepen die hier te lande worden teboekge- steld ten name van hem voor wiens rekening ze werden gebouwd of van diens erfgenamen, legatarissen of rechtverkrijgenden onder algemeenen titel, is de vrijstelling toepasselijk, onafhankelijk van het tijdstip, waarop F het schip voor het eerst in de vaart is gebracht:
2° en 3° : vervallen krachtens S. 38—] Oo ee x
4°. de akten van overdracht van schepen betreffende scheidingen, andere dan die in gelijksoortige gevallen als ten aanzien van onroerende zaken onder de letters d, e, f, g en h van art. 2 zijn omschreven ; |
5°. terugnemingen — of voor zoover betreft schepen de akten van over dracht als gevolg van terugnemingen — uit krachte van het recht van wederinkoop binnen den bedongen termijn, uiterlijk binnen vijf Jarsy, }
6°, schenkingen — of voor zoover betreft schepen de akten van over F Le | , Siri ne yap play Koninklijke machtiging bepaald, x ) Veit van (ee: S. 15-34 § 16144; 28-395 jo, 29-117; 36-092, 695:
van ($) zegelrecht en van legesgelden zijn :
nn ORDONN. OP He ae T RECHT Van N OVERSCHRIJVIN TING, 1127 dracht als gevolg van schenkingen — bij h on van de aanste . — 9 Auwelijk i | een dea nstaande echtgenooten aan a ijksche voorwaarden door 7°. overeenkomsten tot overdracht v en anderen gedaan ; zaken op het Land of voorzoover al zaken aan of overgangen vi stelling en van overdracht ten name - * Schepen, de akten va m apna ame van het Lan. n teboek- . overeenkomsten tot overdracht om nj er sehepen de akten van teboekstelling en uae — of voor zoover betreft zoodanige overeenkomsten — door het an overdracht tials gevolg van van gewesten met eigen geldmiddelen VER van gewesten of gedeelten ; i 3 . ten o f gedeelten van gewesten onderling: usschen zoodanige gewes- Nl 9 . overeenkomsten tot overdracht om niet vitmakende van het gebied van een zelf een i nde bestuur aan gewesten of gedeelten van gewest andschap door het Zelf- 10°. alle andere overeenkomsten tot ed £ en, schepen alle andere akten van teboekstellin a getett name van gewesten of gedeelten ec Me ar 5 } van gewesten met eigen geldmi or zoover de overeenkomsten k genen middelen r { an en akten betreffen zaken, welke uitslui tend bestemd zijn voor den openbaren dienst of voor een n: at eeu: van den Gouverncur-Generaal t a ae Adel : aal ten le Se. Verb tere eave algemeenen nutte strekkend doel ; 12°, (Toegev. S. 25—471.) vestigi ge es: .) vestigingen van de in art. 1 i lijk Besluit van 18 Juli Y FV Aone, 5 uli 1916 N r Ri wey 916 No. 3 (Ind. S. 1918 No, 21) bedoelde zakelijke Oy (4 . = ‘ 2 2 : 5 , Bee ree S, ee jo. 29-117 „gew. 36—692, 693.) De bepalingen van eee en oh voorgaande lid, voor zoover die betrekking hebben op gn oe i. gedeelten van gewesten met eigen geldmiddelen, zijn mede van oep ee op provinciën en zelfstandige gemeenschappen, als bedoeld in art. 121 van de Ind. Staatsregeling, Indonesische gemeenten of water- schappen. ee ij overeenkomsten tot overdracht van onroerende zaken en van schepen Ke name van de Regeering van Indonesië; 8 oN ereenkomsten tot overdracht om niet van onroerende zaken door die J egeering van provinciën, zelfstandige gemeenschappen als bedoeld in art. 121 van de Indisehe Stantsregeling, gebiedsdelen met eigen geld” middelen, Indonesische gemeenten of waterschappen, dan wel tusschen die instellingen onderling: c. ulle andere overeenkomsten tot overdracht van onroerende zaken ten name van de in letter b genoemde instellingen voor zoover die zaken uitsluitend bestemd zijn voor den openbaren dienst of voor een naar het oordeel van den Gouverneur-Generaal ten algemeenen nutte strekkend doel. In de wevuilen. door den Gouverneur-Generaal aangewezen, zullen „de landmeterskennissen. vereischt voor de overschrijving der in de vorige alinea bedoelde soederen, door de daartoe bevoegde personen kunnen word en afweveven ersae bverschrijving kunnen geschieden, zonden over- legging van het bewijs, dat de yerscluldigde verponding iS lt (Voen. S. 27—247,) Indien dein de eerste alinen bedoelde overeen OP ESIE betrekking ebben np gedeelten van onroerende zaken, die daor splitsing en Wine, We zullen de landmeterskennissen, n die zaken moeten worden afgescheiden, Zit 1 vereisc Staley fo gedeelten, door de daartoe bevoorde ischt voor de overschrijving van die Bedeen eene jennen geschieden Dersouen kunnen worden afgegeven en de Ov De loor de autoriteit, na overlegring van het bewijs van aanzuivering van Ee bepaalde even- belast met de bijhouding der kokieren van de eneen gedeelten zal gelig aandeel in de verponding, dat op de at % omen te rusten ing der in het 1 5 i ; chrijving der 5 ry oe De landmeterskennissen, vereischt voors nk vrij van zegel, eerste lid van art. 1 bedoelde goederen. Nara Gouvernements-landmeters alsmede kosteloos, waar de verrichtingen oar van activitcitstraktement, SHE opgedragen aan landsdionaren in neve BAER ders tegon voldoening van het vastges overschr., zegel en legesgelden voet: 5. 23632: Vrijstelling van recht landschap met gebiedsdeel tot oor overeenk. tusschen zelfbestuur Van tend van het gebied van Ere om niet van onr. goed., deel Ul andschap, verschrij- ph g ,,het recht v. 0 B Noot op het bovenstaande 13) Bij 5. BB pase i ing” hier uitgelicht, Zie RvOv. 8 ten ©:
1128 ORDONN. OP HET RECHT VAN OVERSCHRIJVING.
a 9. Het recht is niet verschuldigd in geval de overeenkomst tot over-
dracht is ontbonden of nietig verklaard, indien zulks voor het verstrijken
van den in art. 10 voor de betaling van het recht vastgestelden termijn is
geschied of binnen dien termijn de rechtsvordering tot ontbinding of
vernietiging bij den rechter is aanhangig gemaakt.
- (Gew. S. 36—692, 693 ; 4948.) De betaling van het recht van over- schrijving moet geschieden :
a. voor overeenkomsten tot overdracht van binnen Indonesië gelegen
of gevestigde onroerende zaken binnen zes maanden te rekenen van de
dagteekening der deswege opgemaakte akte, of zoo deze akte ontbreekt
of niet gedagteekend is te rekenen van den dag der aangifte ter verkrijging
van een landmeterskennis, met dien verstande, dat de betaling in ieder
geval uiterlijk moet hebben plaats gehad binnen zes maanden na den dag,
waarop de verkrijger uit krachte van de overeenkomst tot overdracht in
het bezit der onroerende zaak is getreden ;
indien de overeenkomst van een opschortende voorwaarde afhangt of
aan een nadere bekrachtiging of goedkeuring is onderworpen, begint de
termijn niet te loopen alvorens de opschortende voorwaarde is vervuld of
de nadere bekrachtiging of goedkeuring is verkregen ;
heeft de eigendomsovergang plaats uit krachte van een vonnis, dan begint de termijn niet te loopen alvorens het vonnis in kracht van gewijsde
is gegaan ;
ingeval van verkrijging krachtens een vonnis, als bedoeld in het tweede
lid van het eenig art. van de wet van 7 Nov. 1910 (1.8. 1911 No, 38),
wordt de termijn tot twaalf maanden verlengd ;
b. voor akten van teboekstelling en van overdracht van schepen vóór het verlijden van die akten:
6, voor overgangen bij erfenis of legaat van onroerende zaken of te boek- gestelde schepen binnen zes maanden te rekenen van het overlijden van
den erflater ;
„ingeval onroerende zaken en teboekgestelde schepen op andere wijze dan
bij uitersten wil bestemd zijn tot het vermogen eener stichting, vangt de
termijn aan met de dagteekening der deswege opgemaakte akte of, zoo deze akte niet gedagteekend is, van den dag, waarop aan de akte geheel of gedeeltelijk uitvoering is gegeven.
- (Gew, S. 36—692, 693.) Wanneer de belasting niet binnen den vast- gestelden termijn wordt voldaan, is eene boete gelijk aan het tweevoud van het recht verschuldigd.
12, (1) (Gew. 8. 27-122 ; 36—692, 693.) De inspecteur van Financiën, door wien de in art. 14 bedoelde machtiging tot storting moet worden afge- geven, kan den in art. 10 gestelden termijn verlengen, indien daartoe naar zijn oordeel tijdig vóór het verstrijken van dien termijn door belangheb- bende het verzoek wordt gedaan,
(2) In geval van verlenging van den termijn is interest verschuldigd van het bedrag van het recht, berekend tegen een half ten honderd voor iedere maand — een gedeelte van een maand voor een volle gerekend — van den r dag, waarop de betaling volgens art. 10 had moeten geschieden en tot dien, waarop zij plaats heeft.
- (Gew. S. 36-692, 693 ; 881, 2; 49-48.) (1) Voor de betaling van het recht zijn — ook al mocht daaromtrent door partijen anders zijn overeengekomen, of de erflater anders hebben beschikt — aansprakelijk : |
a. bij overeenkomsten tot overdracht van binnen Indonesië gelegen of Bevestigde onroerende zaken, de verkrijgers ;
b bij akten van teboekstelling en van overdracht van schepen, degenen te wier name de teboekstelling of overschrijving plaats vindt ; i
c. bij overgangen bij erfenis of legaat van onroerende zaken of teboek- gestelde schepen, de verkrijgers. : ;
(2) Mede zijn aansprakelijk zij, die bij een overeenkomst de verplichting op zich genomen hebben het recht te voldoen. ;
(3) Bij gezamenlijke verkrijging en bij ruiling rust de in het eerste lid
| | eN | ORDONN, OP HET R | en ee eregelde aansprakelijkheid deli | gestelde personen. : hoofdelijk op ieder van de aansprake | (4) De in dit art. geregelde aans kelken: hek aa boeten prakelijkheid strekt zi : : ich mede uit tot 14. ie S. 36692, 693 ; 38—] 2) (1) D : lijk gestelde personen zijn verplicht alc © voor het recht kas te storten, eene en ti ee Bons het verschuldigde bij'e eae teur van Financién, binnen wieng me 4 Storie vragen bij den inspec- dan wel het schip is of zal worden teboek : ; pnroerend goed gelegen. is (2) Zij zijn verplicht daarby op te ie ; recht moet worden berekend, en de ge ce © grondslagen, waarover het opmaking der machtiging tot stort oe te verstrekken, die voor de (3) De inspecteur van Financién ig bevoe di ius ken, welke aan den overschrij vingsambtenaar mes ve vragen van de stuk (4) Indien door onjuistheid of onvolledigheid ce vorden overgelegd. bedoelde opgaven en gegevens eene raat ae a ge Oe bedrag wordt afgegeven dan inderdaad er ae: ee eene latere bijvordering van recht plats Hoer gd is en dientengevolge aansprakelijk gestelde personen eene boete ver B ae ae goor hee recht roe ie het te weinig betaalde recht. dd pe
- (Gew. 5S. 36692, 693; 38—I, 2. igi j i ae aanduiding van den bie an: *, aanduiding van de zaak die aan de recht igt; | 3°. aanduiding van den titel, krachtens welker Ree: | stelling of overschrijving geschieden moet : : dn 4°. opgave van het aan recht en boete te betalen bedrag ;
a opgave van het tijdstip, waarop uiterlijk de betaling moet geschieden; ae fe den ontvanger van ’s Lands kas, bij wien de storting
7°. Vervallen krachtens S. 36—692, 693.
Vervallen : S. 36-692, 693.
(Gew, S. 36—692, 693.) (1) De notarissen zijn verplicht opgave te doen van de door hen verleden akten, opgemaakt tot bewijs van overeen- komsten tot overdracht van onroerende zaken als bedoeld in art. 1.
_(2) De notarissen en andere ambtenaren, aangewezen tot het waarmer- ken van onderhandsche akten en van de handteekening of den vinger- Afdruk ‚n onderhandsche geschriften, zijn verplicht opgave te doen van de door hen als zoodanig geboekte akten en geschriften, welke bewijs opleve- Ten van de in het eerste lid bedoelde overeenkomsten. : a De personen ingevolge art. 13 der overschrij vingsordonnantie (S. 3d No. 27) bevoegd tot het afgeven van landmeterskennissen, zijn ver- Plicht opgave te doen van de door hen overeenkomstig dat art. ontvangen ien. de door hen ge ) De vendumeesters zijn verplicht opgave te doen van de door ner 8 houden openbare Veron, ain Abe zaken als bedoeld in art. 1, (5) De opgave betreffendo de akten, geschriften of Gee f ene kalendermaand zijn verleden, geboekt of ontvangen, ah eo é ende de in dat tijdvak gehouden openbare verkoopingen , oes t OLE eenkomstig door den hoofdinspecteur van Financiën vast te ste ee Schriften, wordt op verbeurte cener boete van tien gulden voor Ig nde Yerzuimde opgave binnen de eerste tien dagen van COELO er gaand gezonden aan den inspecteur van De binnen wiens » die tot de opgave verplicht is, standplaats nee”. f i (8) Ingeval de en kalendermaand geen en der Sitten zijn verleden, geboekt of ontvangen, Weale verklaring aan dd nd i era, a oP vee tener boats we oe ne ee Ter verzuim. btenaren bes) Het zesde lid fe miet van toepassing ten banden ve a doeld in het tweede lid van dit art., andere dan no’
1130 ORDONN. OP HET RECHT VAN OVERSCHRIJVING.
17a. (4ng. S. 49—48.) (1) De ambtenaren van de burgerlijke Standen zijn verplicht opgave te doen van de sterfgevallen, waarvan in een kalendermaand bij hen aangifte is gedaan.
(2) De opgave geschiedt overeenkomstig door de Hoofdinspecteur van Financiën vast te stellen voorschriften en wordt binnen de eerste tien dagen van de daarop volgende maand gezonden aan de Inspecteur van Financiën, binnen wiens ressort zij standplaats hebben,
(3) Ingeval in de afgelopen kalendermaand geen sterfgevallen zijn aangegeven, wordt daaromtrent op een der voor toezending bestemde dagen een schriftelijke verklaring aan de in het tweede lid bedoelde inspecteur gezonden.
18, (Gew. S. 36692, 693 ; 38—I, 2.) (1) Geen akte van in- of overschrij- ving van onroerende zaken en geen akte van teboekstelling, overdracht of overgang van schepen zal door de daarmede belaste autori teiten worden verleden, noch zal ten verzoeke van belanghebbenden op zoodanige akte eenige aanteckening van eene plaats gehad hebbende overeenkomst tot overdracht van onroerende zaken worden gesteld, voordat is overgelegd het bewijs, dat het recht en de boete, daaronder begrepen die voor even- tueele vroegere overgangen, zijn gekweten of wel eene verklaring van den betrokken inspecteur van Financiën, dat recht van overschrijving noch boete verschuldigd is,
(2) De ambtenaar, die eene akte van in- of overschrijving van onroe- rende zaken dan wel eene akte van teboekstelling, overdracht of overgang van schepen verlijdt of ten verzoeke van belanghebbenden op zoodanige akte eenige aanteekening van cene plaats gehad hebbende overeenkomst tot overdracht van onroerende zaken stelt, zonder dat hem een bewijs of verklaring als bedoeld in het eerste lid is overgelegd, is, voor de betaling van het recht en de boete aansprakelijk.
(3) Het recht, de boeten en de kosten van invordering, zijn, zoo de in- of overschrijving ten name van den verkrijger is verzuimd op de zaken, die aan de rechtshetling ten grondslag liggen, verhaalbaar en worden bij voor- rang boven alle andere schuld vorderingen — met uitzondering alleen van die, gedekt door hypotheek, op die zaken gevestigd vóór het tijdstip, waarop de termijn voor de betaling vastgesteld, ingaat — uit de opbrengst gekweten.
19, (Gew. S. 27-122 ; 36—692, 693.) (1) Indien de verkoopwaarde van de zaken, die aan de rechtshefling ten grondslag liggen, hooger schijnt dan het bedrag, dat door den belastingplichtige als grondslag voor de bereke- ning van het recht is opgegeven, is de inspecteur van Financiën bevoegd eene waardeering door deskundigen te vorderen.
(2) Deze vordering wordt ingesteld tegen dengene, die voor het recht aansprakelijk is gesteld. Zij geschiedt bij verzoekschrift in te dienen aan den residentierechter, binnen wiens rechtsgebied de onroerende goederen geheel of gedeeltelijk gelegen zijn of, wanneer de waardeering schepen betreft, de akte is of zal worden verleden, ten einde zich omtrent de keuze van drie deskundigen te verstaan of, bij gebreke daarvan, deze door den rechter ambtshalve te hooren benoemen, t
(3) Het verzoekschrift moet bovendien inhouden naam en woonplaats van dengene, tegen wien do vordering wordt ingesteld, vermelding vk de som, waarop de inspecteur de zaak waardeert, en het bedrag, hetw voor recht en boete verschuldigd wordt geacht. De residentierech et ) bepaalt den dag en het uur, waarop de zaak voor het residentiegerecht = ened dienen, en doet partijen oproepen ten einde alsdan te verschijnen. Bij Se oproeping van dengene, tegen wien de vordering wordt ingesteld, wor hem tevens een afschrift van het verzoekschrift uitgereikt. ie k
(4) Bij het vonnis, op het in het tweede en derde lid bedoelde yerzoe’ ) schrift gewezen, worden tevens de dag en het uur der ecdsaflegging van ga deskundigen bepaald. Voorts worden de volgende regelen in acht geno
a. Voor zooveel betreft de wijze van oproeping der deskundigen boe afleggen van den eed ; de vervanging van hem, die zijne benoeming |
en ORDONN, OP HET R ï ECHT Van OVE RSCHRIJVIN, ISVING, 1131 aanneemt of ten bepaalden | van den residentierechter dage niet verschijnt benev | : om eene ver 5 ens de bevoegd! i tespreken tegen hem, di oordeeling tot sc} led Z g , die na eedsaflegg; Schadevergoeding uit | art. 964 van het Reglement ends Re ng de opdracht niet uitv t Suit | 6. De deskundigen leggen ten b echtsvordering toegepast age hunne taak naar beste weten » epaalden rechtsdage den ee Fa ; ; eten zullen volyc en eed af, dat z ce. De residentierechter bepaalt bij ft voeren. d y aflegging op te nemen beslissing, HE vers het proces-verbaal der eeds- voor zoover deze tegenwoordig zijn, d er deskundigen en der partijen | en wanneer de deskundigen tot ln den dag en het uur wade termijn binnen welken zij het Bed ing Zullen overgaan, benevens den | van het residentiegerecht zullen ae ge hunner bevinding ter griffie | ting tegenwoordig zijn en bij die gele aah eae kunnen by de schat- | nige voordrachten en vorderingen Ge ae aan de deskundigen zocda- | pronessverbaalarpiele melding: genial zij goedvinden, waarvan in het d, Indien de deskundigen het proces-verb Lh : | binnen den gestelden termijn indi i Te „umer bevinding niet | é jn indienen, is het bepaalde bij g van oe 968 van het Reglement op de Rethtsverderi aes ko rs | é. De vacatiën der deskundigen v en VOED yi. | proces-verbaal door den feaidant erat ia bee + ie i ne ees | kan op hun verzoek een bevelschrift van tent tveeis = ke chia | Ch an laste van de partij, die de schatting Vee tee ’ eN he oe . ae proces-verbaal van de bevinding der deskundigen moet behoor- | jk gedagteekend, onderteekend en met redenen bekleed zijn. Het meldt de verschillende aan de zaak toegek: erk i ier Bes d ak toegekende verkoopwaarden zonder bn van ieders persoonlijk gevoelen. Aone de deskundigen het eens zijn, wordt hunne schatting — in- | me a ; a ge voelen verschillen, een derde gedeelte van het gezamenlijk a er schattingen — voor de verkoopwaarde gehouden. k (7) en het bedrag, waarmede de aldus aan de zaak toegekende ver- rate aarde den opgegeven grondslag voor het recht overtreft, zal het | hef dn orden ingevorderd; daarentegen wordt teruggegeven het recht e A d over het bedrag, waarmede de opgegeven grondslag de vastgestelde bee ‘oopwaarde te boven gaat, voorzoover dit recht meer beloopt dan volgens de in deze ordonnantie aangewezen grondslagen zou verschul- | digd zijn. kt (8) Indien de vastgestelde verkoopwaarde het door den belastingplich- ige opgegeven bedrag met meer dan een achtste daarvan overtreft, is eene boete gelijk aan het tweevoud van het te weinig betaalde recht ver- schuldigd. In dat geval komen de kosten der waardeering te zijnen laste, anders ten laste van het Land. ' . ; (9) De in het achtste lid bedoelde boete komt, ingeval tevens ingevolge et laatste lid van art, 14 boete verschuldigd is, in mindering van deze boete. _ (10) Eene boete gelijk aan het bedrag van het te weinig betaalde recht is verschuldigd, ingeval na de indiening van het verzoekschrift de opgege- ven grondslag voor de berekening van het recht wordt verhoogd, onver- Schillig of de verhooging meer of minder dan een achtsto van het opgege- ven bedrag beloopt. 4 19a. ( Ing. S. 36—692, 693.) (1) Belanghebbenden kunnen de verkoop- fee der aan de rechtsheffing onderworpen zaken op hunne kosten door CSkundigen doen vaststellen. : (2) De verdering’ kesohiede bi verzoekschrift binnen een maand na de da \ 58 ie 14 afgegeven machtiging tot gteekening van de overeenkomstig art. en ede lid van het Storting in te dienen aan den residentierechter bij het seen Vorige artikel aangewezen, en ten einde als daarin is omseor Jding van de (3) Het verzoekschrift moet bovendien jnhouden vermelding hter 80m), w d waardeeren. De residentierechte ha: waarop belanghebbenden het goe ¥ identiegerecht zal epaali, den dag en het uur, waarop de zaak voor a ae diene 5 : ten einde aladan te verschijnen. T en, en «loet belanghebbenden oproepen”, an Financiën aan evens beveelt hij de oproeping van den apen
1132 ORDONN. OP HET RECHT VAN OVERSCHRIJVING. TE wien een afschrift van het verzoekschritt wordt uitgereikt.
(4) Het vierde, vijfde en zesde lid van art. 19 zijn hierbij van toepassing
(5) De waarde, volgens de schatting der deskundigen aan de zaak toe te kennen, strekt ten grondslag voor de berekening van het recht, tenzij in deze ordonnantie een grondslag mocht zijn aangewezen, welke tot de heffing van een hooger recht leidt. d
(6) Het gebruik maken van de bevoegdheid, bij dit artikel toegekend, ontheft belanghebbenden niet van de verplichting om het recht overeen- komstig de afgegeven machtiging tot storting te voldoen.
- (Gew. S. 36—692, 693 ; 38—1, 2.) Het recht kan op machtiging van den Hoofdinspecteur van Financiën worden teruggegeven :
a. ingeval van scheiding van onroerende zaken en schepen, belast op grond dat niet voldoende werd aangetoond dat de deelgenoot, aan wion de toedeeling plaats had, in de zaak medegerechtigd was, zoo alsnog ten genoege van den Hoofdinspecteur van Financiën die deelgerechtigdheid wordt aangetoond ;
b. ingeval en voorzoover de verkoopwaarde eener onroerende zaak aan de rechtsheffing ten grondslag strekt en bij de bepaling dier verkoopwaarde de gebouwen, beplantingen en bezaaiingen en al hetgeen door aard of bestemming deel der onroerende zaak uitmaakt zijn in aanmerking geno- men, zoo alsnog ten genoege van den Hoofdinspecteur van Financiën wordt aangetoond dat een en ander aan den vervreemder of een derde
blijft toebehooren of reeds vroeger eigendom van den verkrijger was ;
c. Vervallen : S. 36—692, 693, overg. bep. S. 36—692 art. 8.
d. ingeval van teboekstelling van schepen, belast op grond dat niet voldoende werd aangetoond, dat het schip voor het eerst in de vaart is gebracht op een tijdstip niet langer dan zes maanden aan het verlijden der akte voorafgaande, zoo dit alsnog ten genoege van den Hoofdinspec- teur van Financiën wordt aangetoond.
20a. (Ing. S. 36—692, 693.) (1) De belasting, de interessen wegens genoten uitstel van betaling, de boeten, de ten laste van belanghebbende komende kosten van waardeering krachtens deze ordonnantie verschul- digd. alsmede de kosten van vervolging worden ingevorderd door middel van dwangschriften.
- (2) De dwangschriften dragen aan het hoofd de woorden ,,In Naam des Konings” en bevatten eene genoegzame aanduiding van de gronden, waar- op de vordering steunt. (S. 91—188.)
(3) Zij worden uitgevaardigd door een inspecteur van Financiën, hoofd eener inspectie, en ten uitvoer gelegd op dezelfde wijze als de dwangschrif- ten, uitgegeven krachtens het Koninklijk besluit van 3 Juli 1879 No. 27 (LS. No. 267) zooals het luidt ingevolge den bij Koninklijk besluit van 9 Mei 1916 No. 21 (IS. 1917 No. 171) algemeen bekend gemaakten tekst en sedert nader is of zal worden gewijzigd.
20 b. (Ing. S. 36-692, 693.) (1) Tegen de dwangschriften kan verzet worden gedaan bij een exploit beteekend aan den inspecteur, door wien | het dwangschrift is uitgevaardigd. : i
(2) Het exploit houdt in dagvaarding van het Land voor den Raad van Justitie, binnen wiens rechtsgebied de in het eerste lid bedvelde inspecteur standplaats heeft, alsmede de vordering om het dwangschrift geheel of gedeeltelijk buiten werking te stellen. :
(3) Het verzet is ontvankelijk totdat het dwangschrift is ten uitvoer gelegd en stuit de tenuitvoerlegging. Het eerste lid van art. 84 van bet Reglement op de Rechtsvordering vindt overeenkomstige toepassing. „20e. (Ing. S. 36—692, 693.) (1) Terugvordering van betaalde rechten,
interessen, boeten en kosten heeft plaats bij dagvaarding van het Land voor den Raad van Justitie, binnen wiens rechtsgebied de inspecteur van Financién, door wien de in art. 14 bedoelde machtiging tot storting 1° afgegeven, standplaats heeft. 1
(2) Het exploit van dagvaarding wordt aan den in het eerste lid bedoel
den inspecteur beteekend. |
| Es | REOHT V. OVERSC ; HR, OVERSOHRISVINGSTARIEF. Hee (3) De gedingen overeenkomstie di i oes lg clit en het wv gemaakt worden naar de civiele et voorgaande : 5 21. ee 8, 36692, 69 3.) (1) De hee oereckt. art. aanbangig evoegd op grond van dwaline Ispecteur van Finanejan ; Bink te verlenen son mae verschoonbaar verzuim Be Slome is (2) De in deze ord i vy deze ordonnanti Ek: © ordonnantie gestelde boeten zijn nict renee ie recht aan den hoofdinspecteur van Finance Zijn niet verschuldigd, indien, ewezen ambtena; : ancién of aan een d en g nbtenaar overtuigend wordt aaneut aartoe door hem aan- rere bee n deling of verschoonbaar Pr dat de overtreding eim het tweede lid geno ase ¥ | verschuldigde boete vast, ye conde gezaghebbende stelt in dat zeval d Bomal ‘ el tot geen hooger bedr 5 e epalingen der ordonnantie zou verschuldigd zi ne oan volgens de bepalen, dat terzake van de overtreding geen hek ae Is mede bevoegd te 22, (1) (Gew. S. 36692, 693 ; 38-1, 2.) Br is vorige ne worden. 1°. voor de invordering van het recht aii de Heeg : aanvrage van eene machtigi ; „ingeval van verzuimde : Ì ging tot storting of verzuimde betali ingevolge die machtiging te storten bedrag, na derti an “taling van het dendeg, waarop het recht overeenkomstig art, 10 Godeteugeet le he ie de bijvordering van de te weinig geheven rechten edn yt jaren te rekenen van den dag, waarop de machtigi Ere opgemaakt ; 5 i achtiging tot storting is 3°. voor het benoemen van deskundi undigen overeenkomstig het ce j van art. 19, datos Ë if be eerste lid | tot storting E ne te rekenen van den dag, waarop de machtiging Ì 4°. voor de invordering + : g van het recht, de boete en de kosten van waar- anne, verschuldigd ingevolge het zevende en achtste lid ren 9. nite a pice = rekenen van den dag, waarop het verslag der deskundigen is ie voor de invordering van de boete, verschuldigd ingevolge het laatste 2 van art. 14, na dertig jaren te rekenen van den dag waarop de machti- ging tot storting is opgemaakt ; 94 6°. voor de terugvordering van betaalde rechten en boeten na vijl jaren rekenen van den dag waarop het recht op teruggave is ontstaan” (2) Is de vordering afhankelijk van een voorwaarde, dan begint de verjaringstermijn eerst te loopen van den dag, waarop de voorwaarde is | vervuld, b (3) Ingeval van verlenging overeenkomstig art. 12 van den termijn van etaling, wordt de verjaringstermijn met den tijd van het uitstel verlengd. 23. Vervallen: S. 86—692, 693. : 7 24, (Gew. S. 36-692, 693; 381,2.) Afgescheiden en onafhankelijk van het toezicht uitgeoefend overeenkomstig de bepalingen der „Over: schrijvingsordonnantie’’ (S. 1834 No. 27) en van de Regeling van de tebook- stelling van schepen (S. 1933 No. 48) zijn de inspecteurs en adjunct-inspec- a van Financién, alsmede de door het hoofd eener inspectie van Manciën daartoe aangewezen ambtenaren van den dienst der bglesinee? Beene de ingevolge die ordonnanties verleden akten te onderzoeken en € zien. (Overschr. 43 a.) 4 in: : 24 a. (Ing. S. 86—692, 693.) In deze ordonnantie worden onder inne hay van Financiën mede verstaan en aan wie het De ter eener inspectie van Financiën is opgedragen: ; r 25. Deze ordonnantie kan worden aangehaald als OnE Ee eae van overschrijving.” 2 1 Aug. 1924 6. Deze ord. treedt in werking met ingang Vv: li 5 betreffende het Root dat tijdstip vervallen alle bestaande bepalingen 16 van overschrijving. 7 komsten tot oye blijven echter van kracht ten aanzien Tb Tenis or leant yen oe van onroerende zaken en Oe herbe plaats gehad vóór erende zaken of van schepen, ai we F schrij ving, vat tijdstip, zoomede ten aanzien van akten van 1D- TE elke vóór dat tijdstip zijn verleden.
