REGL OP HET HOUDEN DER REGISTERS VAN DEN BURGERLIJKEN STAND VOOR DE CHINEEZEN
764 REGL. BURGEEL. STAND VOOR DE OHINEEZEN,
REGL. OP HET HOUDEN DER BEGISTERS VAN DEN
BURGERLIJKEN STAND VOOR DE CHINEEZEN.
(Ord. v. 29 Mrt 1917.) S. 17-130 jo. 19-81. (iwg. 1 Mei 1919.) @ EERSTE AFDEELING, Van de registers van den burgerlijken stand in het algemeen.
Art. 1. (Gew. S. 24-558.) (1). Er bestaan in Indonesië voor de Chines. zen registers voor de inschrijving van geboorten, van toestemmingen tot B Eh van huwelijken en echtscheidingen, en van overlijden,
in. 22,
(2) (Gew. S. 07-205 art. 3* jo. 19—816.) Tenzij de Gouverneur-Generaal anders bepaalt, worden deze registers gehouden op de plaatsen, waar een ambtenaar van den burgerlijken stand voor de Europeesche bevolking bescheiden is, door dezen ambtenaar, en op andere door den Gouverneur- Generaal aan te wijzen plaatsen door den aldaar het hoogst in rang zijnden Europeeschen bestuursambtenaar, wiens ressort als ambtenaar van den burgerlijken stand voor de Chineezen door den Gouverneur-Generaal wordt bepaald. (Bw. 4; BS. 1.)
- (1) De hoofden van gewestelijk bestuur (?) zullen bij besluit de beamb- ten aanwijzen, welke bij tijdelijke ontstentenis of opkomende verhindering van de bij het vorige art. aangeduide ambtenaren, als buitengewone amb- tenaren van den burgerlijken stand zullen optreden.
(2) De ontstentenis of de oorzaak der verhindering zal in elke akte, vere door ee aldus aangewezen ambtenaar wordt opgemaakt, bepaal-
elijk vermeld worden.
(3) Met opzicht tot de plaatsen, waar, ten gevolge van ontstentenis van geschikt personeel, geen buitengewoon ambtenaar aangesteld is kunnen worden, ig een der andereambtenaren van den burgerlijken stand in het- zelfde gewest, die daartoe door het hoofd van gewestelijk bestuur (*) bij besluit zal worden aangewezen, bevoegd om, bij tijdelijke ontstentenis of” verhindering van den ambtenaar, die op zoodanige plaats de functiën van ambtenaar van den burgerlijken stand uitoefent, de akten te verlijden, die anders zouden behooren tot het ressort van laatstbedoelden ambtenaar, me ibpasetiog van de inschrijving van door tusschenpersonen ops?
aakte akten. ne Hb eae we as of de oorzaak der verhindering in zijn®
ing maken. (BS, 2,
- (1) Wanneer eene geboorte of een sterfgeval heeft plaats gehad oP een afstand van meer dan tien palen van het gebouw, waar de akten van den burgerlijken stand worden opgemaakt, zal de aangifte van geboorte, mits daarbij geene erkenning plaats heeft, ‘of van overlijden, kunnen wor: den gedaan aan personen, die daartoe door de hoofden van gewestelijk bestuur (2) in het ressort van iederen ambtenaar van den burgerlijken Oek op de plaatsen, waar dit door hen noodig wordt geoordeeld, bij beslui zullen worden aangewezen. Deze personen heeten tusschenpersonen den burgerlijken stand. (BS. Chin, 60.)
(2) De hoofden van gewestelijk bestuur (2) zullen bij besluit eveneens. a uals mogelijk is — de personen aanwijzen, die, bij tijdelijke on sneek van de tusschenpersonen van den burgerlijken § Te
() Voor uitvoeringsbe: i veedles Ba
a it palingen zie S, 18-30; 19—81, ten fweer™s 58, $28; 24-955 ; 26-108, 437, 672; 27-18, 94; 28-231, 243; Dar
buaschern 2153; 34-673; 35—3 ; voor toekenning v. beloon) y761.
@) sehersonen v.d. BS. voor Chin., S. 18-31. Modellen, Bb: Mad-
Ie pies 10; 39288 en 38—370 jo. 264 : in de gvtsl. Y: SE,
en j Zie biert eengen. de residenten. Voor de Vorstenl. zie
REGL. BURGERL. STAND VOOR DE CHINEEZEN. 765
4, De ambtenaren of tusschenpersonen van den burgerlijken stand zijn pevoegd, teneinde eene standvastige schrijfwijze der Chineesche namen in Latijnsche karakters te verzekeren, des noodig, vóór de opmaking eener akte, van aangevers of partijen de vertooning te verlangen van hunne toelatingskaarten dan wel akte van vestiging in Indonesië, of van hunne aanslagbiljetten in eenige directe belasting of andere daartoe geschikte bescheiden. (BS. Chin. 11.)
5, (1) De gewone ambtenaren van den burgerlijken stand, voorzoover zij als zoodanig door den Gouverneur-Generaal met afwijking van het bepaalde bij art. 1, alinea 2, zijn aangewezen, de buitengewone ambtenaren yan den burgerlijken stand, voorzoover zij niet tevens met gelijke functie zijn belast ten aanzien van de Europeesche bevolking, zoomede de tus- schenpersonen zijn verplicht, alvorens hunne betrekking te aanvaarden, in handen van het hoofd van gewestelijk bestuur (2) of van een door dezen daartoe aangewezen ambtenaar op de wijze hunner godsdienstige gezind- heid den navolgenden eed of belofte af te leggen :
„Ik zweer (beloof) dat ik de betrekking van......... eerlijk en vlijtig zal vervullen, en dat ik de wettelijke voorschriften, den burgerlijken stand betreffende, met de meeste nauwgezetheid zal opvolgen”. (S. 20—69* bl. 389.)
(2) Van de eedsaflegging wordt proces-verbaal opgemaakt.
- (1) (Gew. S. 07-205 art. 3% jo. 19-816.) De hoofden van gewestelijk bestaur (4) zullen afschriften van de in de voorgaande artt. genoemde besluiten en processen-verbaal van beëediging, alsmede de handteeke- ningen der gewone en buitengewone ambtenaren, en der tusschenpersonen met uitzondering van de handteekeningen der gewone en buitengewone ambtenaren, die tevens zijn gewone of buitengewone ambtenaren van den burgerlijken stand voor de Europeesche bevolking, doen toekomen aan den ambtenaar van het openbaar ministerie bij den raad van justitie ten einde ter griffie van dat college te worden nedergelegd en bewaard. (BS. 4.)
(2) Afschriften van de in art. 3 genoemde besluiten en van de processen- verbaal van beéediging van de gewone en buitengewone tusschenpersonen alsmede hunne handteekeningen zullen eveneens worden gezonden aan den gewonen ambtenaar van den burgerlijken stand. De toezending van de afschriften der processen-verbaal van beéediging en van de handteekenin- gen heeft geen plaats, wanneer de beéediging is geschied door of de hand- teekening is gesteld in tegenwoordigheid van hem, die de functiën van
ambtenaar van den burgerlijken stand uitoefent, jn deze of in eene andere
hoedanigheid. den burger- 7, Waar in deze afdeeling wordt gesproken van akten yan cee ete lijken stand of van akten zonder nadere aanduiding, oy lement alleen verstaan de akten, welke volgens de bepalingen van di aa door de ambtenaren van den burgerlijken stand worden Eijken stand 8. Er worden vier afzonderlijke registers van eng bare: estou te weten : (BS. 6.) de uit °, een register van geboorten bestaande ul”: 5 a, een hoofdregister: bestomd tot inschrijving van alle boen tand pe aangifte is gedaan aan den een den burger zonder dat daarbij erkenning plaats heeft genac + hen- b. een bijregister, bestemd tot inschrijving van ale EE einge Personef van den burgerlijken stand ingezonden akten von volge art. 3 gedane aangiften van geboorte ; ; behalve 6, een bijregister, bestemd tot inschrijving van alle orig vaneen hen ee welke bij de aangifte der geboorte Gilg) Gave welijk geschieden ; men aarbij d. een bijregister, bestemd tot inschrijving van eke ny af tevens erkenning plaats heeft, en van alle andere re ; n het register van geboorten moeten worden 178° if =_
(®) Zie noot art. 2.
766 REGL. BURGERL. STAND VOOR DE OHINEEZEN
2°. een register van toestemmingen tot het h 5 inschrijving van zoodanige toestemmingen tot huwelijken ig Pestemd tot grootouders, voogden of weeskamers voor den AAR door ouders gerlijken stand worden gegeven ; T van den bur. 3°, een register van huwelijken en echtscheiding ving van alle huwelijken met de daarbij gedane ae tot inschrij. echtscheidingen, alsmede van de akten van ontbindin dee en van alle rechterlijk vonnis na scheiding van tafel en bed ; 5 des huwelijks bij 4°, een Rice ti van ee bestaande uit : a. een hoofdregister, bestemd tot inschrijving va gearyen de aangifte is gedaan aan den aoe sales ha stand ; ijken b. een bijregister, bestemd tot inschrijving van all pen van den burgerlijken stand nn akten door de et Be Od ï gans dlg van overlijden ; ange: " register, bestemd tot inschrijving van all i ea genen in ie menten re overlijden rBhiri Poesia ga B le registers van ijk i e tot het huwelijk tablad: ree gn voestemmingen (0) zij aul : B len dubbel worden gehouden. (BS. 1.) nn mand en vi k i i 4 i art. 8 vermeld onder ed 3, en. Een kend iet eenen rukte blanco akten volgens door den Di gaon ie teur van Justiti stellen modellen, welke blanco akten door “ae biede den a ’ 4 e ambtenaren van d - gerliiken used Me Ten van dit te (3) (Gew. 8. 32-539.) De toezendin fe 4 g der registers Vn amerika sand geschiedt, jaarlijks door de) habe 10 LATE mit badge annae van de in het eerste lid van art. leverden rs, tenzij evengenoemde bestuurshoofden eeh ee en aangewezen ambtenaren met de in die bepaling ae eae zijn belast, als wanneer de toezending recht- (4) De toezendi rs TE ates ae heeft plaats op zoodanig tijdstip, dat de registers den. burgerlijken meri van het nieuwe jaar door de ambtenaren van B 8 unnen worden ontvangen. (BS. Chin. 35. (5) De toezending tusschenti en deraiide iy ARS ne en ijds _van vervolgregisters geschiedt op 10. (Gew 8. EE pa lid is bepaald. doorlopend genummerd 0221.) (1) Het eerste en het laatste blad der tersplaatsc Naer dl registers moeten door den residentierechter en Ree Seperabtenser van den burgerlijken stand gevestigd Bladenldoon hates paged gewaarmerkt worden, terwijl alle overige al) Indien aldaar peterson geparateerd ee ‘unctié; & ntierechter bescheiden is, dan wel €? rechten tor ER si den burgerlijken stand en “te van residentie- den de in het eerste lid De gtr: ambtenaar worden vervuld, geschie: Hoofd van gewestelijk best edoelde waarmerking en parafeering door het ambtenaar van aijn B (£) dan wel door een door dezen aan te wife) len dienen, niet de EN die in het ressort waarvoor de registers 20° Tangen ba en of bullen Doerak oefent. . 8.) ey n van den burgerlijken stand worden in het Nederlandsch e De akter i schreven, zonder Renn achten elkander in de registers worden inge a n eenig wit vak tusschen beide mag worden oper etgeen bij 4 aald, tusschen mae sE making der akte daarin mocht worden doors Sie op den kant geschreven, zal moeten word (@) Zie noot art. 2
REGL. BURGERL, STAND VOOR DE OHINEEZEN, 767
oedgekeurd, en, evenals de akte zelve, geteekend worden ; zullende niets bij verkorting of met cijfers mogen worden uitgedrukt.
(3) Na de voltooiing der akte mag daarin geenerhande verandering
jaats hebben, dan ten gevolge van cen daartoe strekkend vonnis hetwelk kracht van gewijsde heeft bekomen. (BS. 9.)
13, De ambtenaren van, den burgerlijken stand zullen in de door hen op te maken akten, hetzij in derzelver lichaam, hetzij bij wijze van kant- teekening of inlassching, niets mogen vermelden buiten hetgeen door de verschijnende partijen, overeenkomstig de wet, moet worden verklaard.
BS. 10.) 5
( 14. (1) (Aang. S. 32-539.) Bij de akten van den burgerlijken stand zullen worden uitgedrukt het jaar, de maand en de dag harer inschrijving, mitsgaders de geslachtsnamen, de eigennamen, de ouderdom, het beroep en de woonplaats, zoowel der verschijnende partijen als der getuigen. Bij de huwelijksacten zal bovendien worden vermeld de dag der week, Sc uur, waarop de huwelijksvoltrekking heeft plaats gehad. : (2) (Gew. S. 37-595, twtr. 1-1-239.) In de akten van den burgerlijken stand worden steeds de geslachtsnamen geplaatst voor de eigennamen. De geslachtsnamen worden door eene komma van de eigennamen afge- scheiden.
- (1) In alle gevallen, waarin de belanghebbende partijen niet ver- plicht zijn in persoon te verschijnen, zullen zij zich mogen laten vertegen- woordigen door eenen gemachtigde, bepaaldelijk tot die verrichting bij authentieke akte aangesteld.
(2) De machtiging zal evenwel bij onderhandsche, op ongezegeld papier geschrevene, akte kunnen geschieden, wanneer de woning des lastgevers meer dan tien palen verwijderd is van de plaats, waar de naastbij wonende notaris gevestigd is; doch zal in dat geval de volmacht door een Euro- peeschen beambte voor gezien moeten zijn geteekend. (BS. 12.)
(3) Vertegenwoordiging als in het eerste lid bedoeld is niet toegelaten bij verschijning voor tusschenpersonen. d
- (1) (Gew. S. 07-205 art: 3* jo. 19-816 ; 3242.) De getuigen van welke men bij de akten van den burgerlijken stand gebruik maakt, zullen daartoe door de belanghebbenden, en wel bij voorkeur uit de Euro- peesche of de Chineesche bevolking, worden gekozen ; dezelve moeten zijn ingezetenen van Indonesië, en den vollen ouderdom van een en twintig jaren bereikt hebben. ;
(2) Ook nabestaanden zullen als getuigen worden toegelaten.
(8) Indien de getuigen tot de Indonesische of daarmede gel gestelde bevolking: behooren en den ambtenaar van den burgerlijken stand niet bekend zijn, zal deze kunnen vorderen, dat derzelver bevoegdheid be- Ni worde door de verklaring van va, der wijk, of het
oofd van het dorp, waarin zij wonen. (BS. 13.
- (1) De ne Varde burgerlijken stand zullen ean a ver- Schijnende partijen, mitsgaders aan de getuigen, de akten voorlezen, en daarin vermelden, dat aan die formaliteit is voldaan. 4 even
(2) Wanneer een of meer der verschijnende partijen of der ge sign de Nederlandsche taal niet verstaan, zal hun eene vertolking ee 4 door den ambtenaar van den burgerlijken stand worden MOE asa: en, indien. die ambtenaar daartoe niet in staat is, zal de woorhout Wile anal een tolk geschieden, Van het vervullen dier formaliteit zal insgelij
ng worden gemaakt. i
(3) Iedere AR moet door den ambtenaar van den banger bet ee de verschijnende partijen, de getuigen en indien van een TeakandliWans in het vorig lid gebruik is gemaakt, door dezen worden ge Dk EEE heer de eene of andere der partijen of der getuigen of de ee RET
en teekenen, moet van de oorzaak des beletsels in de
worden gemaakt. (BS. 14. ip i 18, Bi Eat yan a Indonesisch of ander schip in eene plaa
768 REGL. BURGERL. STAND VOOR DE CHINEEZEN
van Indonesië waar zich een havenmeester of ander da, beambte bevindt, is deze verplicht aan den scheepska je Besteld voerder af te vragen, of hij eenige opzendingen of sete 3 of Gezag. den burgerlijken stand te doen heeft en, dit het geval zijnd etrekkelijk dat daaraan worde voldaan. (BS. 16.) a Unde, te 2Orgen 19. (1) De registers zullen door den ambtenaar van den bh je stand op het einde van icder jaar worden afgesloten. Urgerlijken (2) Een der dubbelen van de registers welke in dubbel w gehouden zal, op Java en Madoera binnen ééne maand daar orden aan- buitenbezittingen binnen twee maanden daarna, door tussch ak de het hoofd van gewestelijk bestuur (), tegen afgifte van e EOV bewijs van ontvangst, ter bewaring worden overgebracht ter schriftelijk den raad van justitie, terwijl het andere dubbel ten ketan ao pene cost of burgerlijken stand onder diens bewaring val bli (3) Op die plaatsen, waar de griffie van di dustiti kantoor van den ambtenaar ed rh pn Ea A et gebouw bevinden, zullen de overeenkomstig het vorig lid t wie Dae ingekomen registers, dadelijk na de opmaking van 4 edn griffie en 5 et proces-verbaal bedoeld bij art. 48, worden overgebracht naar eene andere, buiten i t Spas door het hoofd van gewestelijk bestuur () aan te wijzen eae 20, () De registers van toestemmi ij gelijke wijze ters riffie a d = aia ngen tot het huwelijk zullen op 1 8 en raad van justitie worden overgebracht (2) Wanneer zij evenwel toestemmin behel ij : op het tijdstip d 8 8 igen behelzen tot huwelijken welke pe 3 i ace overbrenging nog niet zijn voltrokken, zullen deze ven okee tot en oi em Kier lijken os bea re) g van die huwelijken doch i ae gi worden aangehouden dan één jaar na derealied nie 21, Wanneer bij het cinde van het j i i i nee) t jaar in een te! ki Tock tt et j r ig register geene akten ding =A aR yar fia zoodanig register niettemin, met vermel- sle van ig! a) worden afgesloten en opgezonden, in voege 22, (1) Behoud rgaande artikelen is bepaald. (BS. 19.) desregibtech = sear de voorschriften van de drie vorige artt., mogen denkvekonaksé n burgerlijken stand zonder rechterlijk bevel niet wor: (2) Wanneer de rechter d i al r de verplaatsing der loopende registers gelast, zal de ambtenaar van den burgerlijken stand, na do betekening van be 28. (1) (Ge a aeg vdalljk vervolg-registers aan te vragen. (BS. 20.) stand de aangevraa de, i 1.) Nadat de ambtenaar van den burgerij vervolgregisters ho ae ingevolge art. 10 gewaarmerkte en geparafeerde plaatsing is gelast Ontvangen, zal hij de registers, waarvan de ver: afsluiting Zie he pen, met vermelding der reden, waarom die het rechterlijk bevel rade bnn onser (2) De vi i ‘i Behold en zullen steeds in alle opzichten worden be- te maken, en zal Rates de registers, waarvan zij het vervolg zin, uit schieden, alsof er sl a de afsluiting aan het eind: ~sn het jaar 6% Wea slechts één register bestond. (BS. 21.) ‘ afgeloopen, z aise dd waarin de registers hebben moeten diene”, 2 in de artt. 10 en 20 ezelve worden overgebracht in de bewaarp 25. (1) (dew. 8. 80-981) Ien ner d registers geene genoe 21.) Indien het te voorzien is, dat de loopen! oo at loom ane genoegzame ruimte aanbieden om de akten, die gedurend? Eene denise schrijvende Ee ambien rag el rate ia reac ins vero e geparafeerd. omstig art. 10 zullen worden gewearmerk
(@) Zie noot art. 2.
REGL. BURGERL, STAND VOOR DE OHINEEZEN 769
- tweede lid van art. 23 i . lili ate al 3 is ook op deze vervolgregisters van toe-
De volmac: hten en andere stukken, welke bij gerlijken san len worden, zullen mn cate registers, welke ter griffie van den raad van justiti or ries es 24.) ‘ an justitie moeten worden over-
(1) Ben ieder is bevoegd om zich doo; i van den burgerlijken stand uittreksels uit oe ae ee manic alsmede afschriften der volmachten en andere stukken elk eld, 5 akten zijn gehecht. De uittreksels zullen, wanneer zij met dan Seike 5 overeenstemmen, geloof verdienen tot op het oogenblik, dat d. oral a heid daarvan, hetzij langs den weg van strafvordering, hetzij © 5 dati : bij de wettelijke bepalingen op de burgerlijke rechtavordering an ale. ven, zal zijn beweerd. De legalisatie der handteekening van den rn d : der registers van den burgerlijken stand op door hem als zoodani ie gegeven stukken geschiedt, indien zij vereischt of door belatighebbenden verlangd wordt door den president van den raad van justitie of door den rechter die dezen vervangt.
(2) In de gewesten buiten Java en Madoera, binnen welke geen raad van justitie gevestigd is, kan de legalisatie geschieden door het hoofd van het gewestelijk bestuur. (Krachtens S. 38-370 jo. 264 door den resident; BS. 26.)
Bij S. 37-595, iwg. 1 Jan. 1939, zijn achter het tweede lid van art. 27 ingevoegd een nieuw derde, vierde en vijfde lid, luidende :
(3) Van de akten van geboorten worden door de bewaarders slechts uittreksels overeenkomstig het volgende lid afgegeven, tenzij de aan. vrager uitdrukkelijk een uittreksel uit het register verzoekt, gelijk bedoeld in het laatste lid van art. 28.
(4) Het uittreksel, bedoeld in het vorige lid, vermeldt: jaar en dag der geboorte, alsmede de plaats, waar zij is geschied, kunne, geslachtsnaam en eigennamen, alsmede geslachtsnaam en eigennamen van vader en moeder ; een en ander zooals het blijkt uit de akte of uit latere kantmel- dingen. Het uittreksel moet vermelden, dat het overeenstemt met den toestand op het oogenblik van de afgifte.
(5) In elk uittreksel, in welken vorm ook af te geven, geschiedt de vermelding van geslachtsnaam en eigennamen Op dezelfde wijze als zij in het register zelf heeft plaats gehad.
Bij 8. 33-327 jo. 338 is aan art. 27 het volgende lid als 3° lid toege- voegd; deze alinea zal wel miet beschouwd moeten worden als vervangen door het nieuwe 3° lid hierboven, doch als vernummerd tot 6¢ lid:
(6) De ten behoeve van den openbaren dienst afgegeven afschriften van en uittreksels uit de volmachten en andere aan de akten gehechte stukken, zijn vrij van zegel.
- (1) Wanneer op den kant van eene reeds ingeschrevene akte moet worden melding gemaakt van eene andere akte, tot den burgerlijken stand betrekkelijk, wordt zulks gedaan door den ambtenaar van den burger- lijken stand in de loopende of in de to zijnen kantore bewaard ordende registers, en door den griffier van den raad van justitie 1p diesimelke cer griffie zijn overgebracht. ‘ iit Deze aanteekeningen worden door den a en stand of door den griffier onderteeken
8, waarop zij zijn gesteld. dee SE “ate aan het
e zorg voor de eenvormige inschrijving 18 Ope’ Ee: openbaar ministerie bij den raad van justitie, aan hetwelk de ambtenaar van den burgerlijken stand of de griffier van den raad van paste ce Ji ava en Madoera binnen tien dagen na de aanteekening, en In de buiten- bezittingen zoodra mogelijk, daarvan een woordelijk, afschrift zendt.
(4) (Gew. S. 37-595.) Geene uittreksels uit de registers TAL den burger ijken stand mogen worden afgegeven, tenzij daarbij worden gevoege fanteekeningen, welke zich op den kant van de akte bevinden ; alles
ambtenaar van den burger- d met vermelding van den
770 REGL. BURGERL. STAND VOOR DE CHINEEZEN
behoudens het bepaalde in het vierde lid van het vori 29, (1) Men kan, zoowel door getuigen als door beets ¢) (BS, 26. dat registers van den burgerlijken stand nooit hebben bestaa en, bewijzen, zijn geraakt, of wel dat eene ingeschrevene akte daaraan 0, of verloren (2) In geval van vervalsching, verandering, verscheurin ontbreekt, of verdonkering eener akte van den burgerlijken stand. i Ter tiging waardoor van het misdrijf blijkt, de kracht hebben, welke a be Vonnis, in strafzaken, ten aanzien van burgerlijke rechtsgedingen be Sewijsden gerlijk Wetboek is toegekend. (BS. 27.) ie » bij het Bur. 30, De akten van den burgerlijken stand en de aanteekeni in de registers moeten geschieden, zull 3 v rin eenn welke Es Ae ec “ae eden, zullen kosteloos worden ingeschreven, 31. (Gew. S. 23-345; 32-539; 33-327, 338; 37-595 ; 9 Voor de uitgifte van uittreksels uit de registers es men ( stand is verschuldigd een recht van / 4.50. urgerlijken 8 (2) Ee ag uit de registers van den burgerlijken stand worden osteloos uitgereikt : Ei ten behoeve van den openbaren dienst ; . aan onvermogenden, mits van het onv ij klaring, in de buitengewesten van het peen de eo Be Java en Madoera van den assistent-resident, of van een door ne kj hee afgere BS eee Vee aan te wijzen Europeeschen ae het onvermogen op de stukken melding is gemaakt. (B f Zeg. 31, 11-61°,) : moe 32, (1) (Gew. S. 24-558; 32-539.) Te Djak _ 4. 998; « 39.) 4 jakarta, Meester- i Tangerang, Buitenzorg, Cheribon, Semarang, re ir Baden. Sofi Een Serene, Medan, Pontianak en Makassar wordt oensdag en Donderdag, overal elders iederen Woensd moins kalen : » 2 sdag van ke 3 4 Hotelketen re ki ous gelegenheid gegeven tot koste- 2) (Toeg. 8. 32-539.) Voor elke huwelij 3 SR Gee care i royale iy elijksyoltrekking op een dag of uur died € ijksvoltrekking bestemd, is een bedrag verschul- igd overeenkomstig het hieronder volgende tarief voor eene huwelijksvoltrekking ol red op een Z op een Are ia op iederen iet i Erk voltrekking wel kosteloos asia a je be pie stemd f 10.—, iedt, doch op een uur daarvoor niet be- 33, (1) (G ie plore ON) Voor elke huwelijksvoltrekking buiten het boven hetgeen ingev en den burgerlijken stand opgemaakt worden,» van f 25,— verschuldigel het vorige art. gevorderd kan worden, een bedrag (2) (Gew, S ) ‘ Rostawan oles Sarre ae evenwel door-eene verklaring van het van zoodanige ne (8) of van een door dezen voor het afgeven het onvermogen van mas aan te wijzen Europeeschen ambtenaar Vr By Le eSL GRE ee ene von lid bedoelde lijken stand opeen n het gebouw, waar de akten van den burger „33. (Ing. 8 en ney eveneens kosteloos. (BS. 330.) dan wel diens vervan ‚) (1) De ambtenaar van den burgerlijken stend, ment (S. 1921 No ZN brengt op den voet van het Algemeen Reisreg'e- commissiereizen is b ay en wel overeenkomstig hetgeen aldaar “on noodig daaronder De id, de kosten in rekening (dag- en tafelgeld 20° hij zich voor een pamela. welke hem vergoed moeten worden, inode zeer VOOR voltrekking moet verwijderen. van het gebon!»
() Slotzins: (2) Setsinenede toegevoegd ; iwtr. S. 31-595 op 1-1-1999. . 423: in de gvtsl. v. Java Mad. „den ass109 666
*) Vervangen 37-364, 39—269, door Reis-ord. S. 34—211, 212, Reisbesl. S
REGL. BURGERL. STAND VOOR DE OHINEEZEN 771
gar de akten van den burgerlijken stand opgemaakt worden, m i Verstande echter, dat de vergoeding is wrsctieligd; ongeacht ‘op sne afstand van bedoeld. gebouw de huwelijksvoltrekking plaats vindt.
(2) De in het vorige lid bedoelde kosten komen ten laste van partijen die, indien zulks van haar gevorderd wordt, tot vooruitbetaling daarvan verplicht zijn. di:
(3) Indien evenwel op de wijze in het tweede lid van art, 33 bepaald van het onvermogen van partijen blijkt, komen de kosten ten laste van bet Land.
33 b. (Ing. S. 32-539.) (1) Bij weigering of verzuim van voldoening der ingevolge het vorige art. aan de ambtenaren van den burgerlijken stand verschuldigde gelden, of wel op het verlangen van partijen, van wie zij worden gevorderd, onderwerpt de ambtenaar van den burgerlijken stand zijne rekening ter begrooting aan den residentierechter.
(2) Indien de persoon van den ambtenaar van den burgerlijken stand en van de residentierechter dezelfde is, wordt de rekening ter begrooting overgelegd aan den president van den raad van justitie,
(3) De rechter stelt onder de rekening zijne begrooting en een bevel- schrift van tenuitvoerlegging.
(4) Dit bevelschrift kan op de minuut tenuitvoer worden gelegd.
(5)- Ingeval de kosten komen ten laste van het Land, geschiedt de inzen- ding en verdere behandeling der reisrekening van den ambtenaar van den burgerlijken stand op den voet van het Algemeen Reisreglement (S. 1921 No. 422). (Zie thans S. 34211, 212 ; 36666, 37-364, 39-269.)
33 c. (Ing. S. 32639 ; gew. 33-327, 338.) (1) Ingeval van een huwelijks- voltrekking ingevolge het bepaalde bij de artt. 32 en 33 rechten zijn ver- schuldigd, wordt het bedrag daarvan in ’s Lands kas gestort.
(2) De ambtenaar van den burgerlijken stand zal niet tot de voltrekking van het huwelijk overgaan, voordat aan hem is overgelegd het bewijs dat het recht is gekweten, welk bewijs door hem aan de betrekkelijke huwe- lijksacte wordt gehecht. q
(3) De ambtenaar van den burgerlijken stand, die tot de voltrekking van het huwelijk overgaat, voordat het verschuldigde recht is gekweten, is voor de betaling daarvan aansprakelijk.
TWEEDE AFDEELING. Van de akten der tusschenpersonen van den burgerlijken stand,
34, Van de ingevolge art. 3 gedane aangiften worden door de tusschen- personen van den Hei ken stand akten opgemaakt Goon bet neg overeenkomstig de ter zijde aangegeven bestemming, van de open vakken van daartoe dienende gedrukte formulieren, Echter mogen door hen geene akten worden opgemaakt, die hen zelven, hunne vrouwen, inne on of hunne kinderen betreffen. (BS. 5;S. 18-31) bij dit
- (1) De in het vorige art, bedoelde formulieren waarvoor bij dl reglement modellen zijn vastgesteld, moeten van een dood ed zijn voorzien, en tot boeken inhoudende honderd stuks zijn Oet Voorts moet aan elk formulier zijn verbonden een gedrukt blanco he i zn gedane aangifte overeenkomstig de bij dit reglement gevoegde made Det welk bewijs hetzelfde nommer moet dragen als het formulier, nen IJ oe
ehoort, en door den tusschenpersoon, na de opmaking der akte, bat worden ingevuld, onderteekend en aan den aangever of een der aange afgegeven. personen koste-
(2) De boeken met formulieren worden aan de tusschen bt pared van loos verstrekt door tusschenkomst, van de betrokken nnee f hebben den burgerlijken stand, nadat deze elk formulier van hun paraat
oorzien. (BS. Chin. 9, 46. jeren i
36, (1) ie crags dace zijn verplicht de formulieren in Toe van hun nommer voor invulling aan te wenden, en. de satin bestaat — lieren aangeteekend per post of — indien geene postverbinding
772 REGL. BURGERL. STAND VOOR DE OHINEEZEN.
wijze, door het hoofd van gewestelijk bestuur te be oO en maa den ambtenaar van den burgerlijken stand, Palen, toe te
(2) Die toezending heeft op Java en Madoera eens per week plats een door het hoofd van gewestelijk bestuur te bepalen dag. op
(3) Buiten Java en Madoera geschiedt zij op zoodanige tijden als do, het hoofd van gewestelijk bestuur zal worden bepaald. (Cf. noot art, 2 ) jor
37, De formulieren worden door de tusschenpersonen ingevuld ? het Nederlandsch of in het Maleisch met Latijnsche karakters, (BS. Chin. 4. 5
- A In het in te vullen gedeelte der formulieren mogen geen witte vakken worden opengelaten. : re
(2) Het tweede lid van art. 12 is toepasselijk.
(3) Na de voltooiing der akten mag daarin geenerhande verandering plaats hebben. ,
39, (1) De tusschenpersonen zullen in de door hen in te vullen vakken der formulieren of bij wijze van kantteekening niets mogen vermelden buiten hetgeen die vakken volgens de aangegevene bestemming moeten inhouden. <
(2) Het tweede lid van art. 14 is toepasselijk.
Vervallen : S. 87-595, iwtr. 1 Jan. 1939. (*)
(Gew. S. 87-595.) De akten zullen door de tusschenpersonen en de aangevers worden onderteekend. (*)
42, Voor de opmaking van de akten en bewijzen van gedane aangifte, in deze afdeeling bedoeld, zijn door belanghebbenden geene kosten ver- schuldigd. (BS. Chin. 30; S. 18-31.)
43, (1) De tusschenpersonen zijn verplicht tijdig nieuwe boeken met formulieren aan te vragen, zoodat zij steeds van een voldoend aantal dier formulieren zijn voorzien.
(2) Ook zonder zoodanige aanvrage zal de ambtenaar van den burger- lijken stand nieuwe boeken met formulieren aan de tusschenpersonen toe- zenden, wanneer hij dit noodig oordeelt.
44, (1) De door de tuaschenpersonen ingevolge art. 36 aan den ambte- naar van den burgerlijken stand toegezondene akten worden door dezen onmiddellijk na de ontvangst in volgorde der ontvangene nommers in het daartoe bestemde register in het Nederlandsch ingeschreven.
(2) De aldus door den ambtenaar van den burgerlijken stand opge maakte akten worden alleen door hem geteekend.
DERDE AFDEELING. Van de aansprakelijkheid der ambtenaren en andere bewaarders en der tusschenpersonen van den burgerlijken stand.
„45, De ambtenaar van den burgerlijken stand en andere bewaarders zijn, ieder voor zooveel hem aangaat, voor het richtig houden en bende der registers, de tusschenpersonen van den burgerlijken stand voor E richtig en in volgorde van haar nommer opmaken en behoorlijk opzenden hunner akten aansprakelijk. Elke verandering, elke vervalsching in & akten, elke inschrijving door de ambtenaren van den burgerlijken a op een los blad, mitsgaders alle overtreding, tegen de voorschr! ften be d t reglement begaan, kunnen aan de partijen grond opleveren om ot de Benoemde personen schadevergoeding te eischen. (BS. 28 ; Sw. j
58a.) Alinea 2 ingetr. bij S. 19-356. i en
- De door de hoofden van gewestelijk bestuur (#) daartoe aan bel
() Art, 40 luidde: Art 16 ae gritos
i . 16 geldt eveneens ten aanzien van sten
Ee men bij de door de tusschenpersonen op te maken ge lid
ae maakt, en deze hebben dezelfde bevoegdheid als in het Seokend:
(C) rt jean den ambtenaar van den burgerlijken stand ie bog aar”
gevers en a ee, akten zullen door de tusschenpersonen, A)WZie moos arts worden geteekend.
REGL. BURGERL. STAND VOOR DE OHINEEZEN, 773
ambtenaren bij het binnenlandsch bestuur zullen, op Java en Madoera minstens eenmaal in de drie maanden en elders op de door die hoofden te bepalen tijden, zich door de in hun ressort bescheidene tusschenpersonen van den burgerlijken stand doen voorleggen de boeken met formulieren bedoeld in art. 35, en in het deswege in duplo op te maken proces-verbaal vermelden de nommers en data der reeds opgemaakte, nog niet opgezon- dene, akten, het nommer van het eerstvolgende oningevulde formulier en den staat, waarin zich die boeken bevinden. Het eene exemplaar van dit proces-verbaal zal door hen aan den ambtenaar van den burgerlijken stand en het andere aan den officier van justitie bij den betrokken raad van justitie worden toegezonden.
47, Wanneer aan de door een ambtenaar van den burgerlijken stand ingevolge art. 36 ontvangene akten een of meer nommers ontbreken, wanneer die akten niet in volgorde van haar nommer zijn opgemaakt, wanneer zij niet op de voorgeschrevene wijze zijn opgezonden of wanneer de akten op zoodanigen tijd door hem zijn ontvangen dat zij blijkbaar niet op den in genoemd art. bepaalden tijd zijn verzonden, zal hij hiervan onmiddellijk proces-verbaal opmaken, dat hij zal doen toekomen aan den officier van justitie bij den betrokken raad van justitie.
- (1) Het openbaar ministerie bij de raden van justitie is verplicht, de ter griffie overgebrachte registers en de daaraan gehechte stukken te onderzoeken, en van deszelfs bevinding, binnen de eerste zes maanden van elk jaar, proces-verbaal op te maken. Het is bevoegd om inzage te nemen van de dubbelen, welke niet ter griffie berusten, doch zonder dezelve te mogen verplaatsen of doen verplaatsen.
(2) Dit onderzoek betreft niet de al of niet nakoming der voorschriften van art. 36.
(3) Geauthentiseerde afschriften der in dit en in de beide vorige artt. bedoelde processen-verbaal worden binnen acht dagen na de opmaking, door de verbalisanten ingezonden aan den procureur-generaal bij het hooggerechtshof. (BS. 29.)
- De griffiers van de raden van justitie zijn verplicht van elke schul- digverklaring van een tusschenpersoon aan een misdrijf of overtreding met betrekking tot de akten, bedoeld in de vorige afdeeling, schriftelijk kennis te geven aan het hoofd van gewestelijk bestuur. (Zie noot art. 2.)
VIERDE AFDEELING. Van de akten van geboorten.
- (1) (Gew, S. 37—595.) De aangifte van geboorte zal uiterlijk op den derden dg na dien der Eelen REE en daarmede gelijkgestelde dagen niet medegerekend, (*) moeten worden gedaan : (BS. 37.) re
a. aan den ambtenaar van den burgerlijken stand van de p aaa oes geboorte, wanneer de geboorte heeft plaats gehad op een afstand van tien palen of minder dan tien palen van het kantoor van dien Ambtenaar, ie
b. aan den ambtenaar van den burgerlijken stand van de plaats st geboorte of aan een der tusschenpersonen in diens ressort, waeren gorie heeft plaats gehad op een afstand van meer dan tien palen
edoeld kantoor,
(2) Met den Zondag worden ten deze gelijkgesteld de Boeg de naar ouden stijl berekende Chineesche Nieuwjaarsdag, voorts
en i el- telijke tweede Paasch- en Pinksterdagen, de beide Kerstdagen, doen vaartsdag, de dagen ee het Chineesche feest range ee zele maan (Tsap Go Meh), het Gravenfeest (Tsbing pine) 7 ijo Ko) vallen, feest (Po Tsoen) en het feest voor de zielen zonder familie ( oe racine en de feoreds de verjaardag des Konings, de geboortedag van Won
ende October, (BS, Chin. 73. i i
(3) Wanneer & plaats der Boat door de zee is gescheiden of meer TT
twee (*) Ingaande 1 Jan. 1939 hier vervallen „in tegenwoordigheid van Getuigen”, e
774 REGL. BURGERL. STAND VOOR DE OHINEEZEN,
dan tien palen is verwijderd zoowel van het kantoor van den inh
lid bedoelden ambtenaar van den burgerlijken stand als yan ace Eerste waar een der tusschenpersonen in diens ressort gevestigd is, zal deg laats, ook later kunnen geschieden. 4 Aangifte
- Wanneer bij verstoring van de gemeenschap tusschen de pl geboorte en, in het sub a in het vorige art. vermelde goval het Le der van den ambtenaar van den burgerlijken stand, of, in het SED ‘antoor art. vermelde geval, de standplaats van den naastbij wonenden ta persoon, de aangifte binnen den in dat art. gestelden. termijn nna ambtenaar of dien tusschenpersoon onmogelijk is, wordt die termijn ien kend te loopen van het oogenblik dat de gemeenschap hersteld is LGE
52, (1) De ambtenaar of de tusschenpersoon zal van de hem ed: fae ook al is de daarvoor gestelde termijn verstreken, ms ake
(2) (Gew. S. 7-895.) Indien echter na de geboorte twee m; i verloopen. zal de aangifte, onverschillig of Benin al of niet mS id termijn is vastgesteld, slechts kunnen geschieden met machtiging van ie openbaar ministerie bij den raad van justitie. (*)
(3) De ambtenaar of de tusschenpersoon is bevoegd om, alvorens tot de opmaking der akte over te gaan, zich ter plaatse der geboorte te bege- ven, en te vorderen, dat het kind aan hem worde vertoond. (BS. 37.) 4
- (Gew. S. 26-513.) (1) De aangifte der geboorte van een kind zal door den vader moeten worden gedaan of, bij gebreke of verhindering van dien, door de geneesheeren, heelmeesters, vroedmeesters, vroedvrouwen of andere personen, welke bij de bevalling zijn tegenwoordig geweest, of wel, wanneer de moeder buiten hare woning bevallen is, door den persoon te wiens huize het kind is geboren.
(2) Indien de bevalling heeft plaats gehad in een gasthuis of in een gevangenis, zal de aangifte, bij gebreke van den vader, of bij diens verhin- dering, gedaan worden door het hoofd of door een der bedienden van zoodanig gesticht. (BS. 39.)
54, De door den ambtenaar van den burgerlijken stand op te maken akte van geboorte zal vermelden : (BS. 40.)
li fe de maand, den dag, het uur en de plaats der geboorte ; wold estven het kind, en de eigennamen, welke aan hetzelve zullen
5 ; “ies ae Pec chtenamen, de eigennamen, het beroep en de woonplaats
° = aen Nt Be geen Se de ston den ouder
) d mplaats des aangevers. EE anneer et kind buiten echt hebb is, mag de naam des ps aes veld ts en ambtenaar of tusschenpersoon op te maken akte Won Benkdcht: oie hij het kind, hetzij in persoon, hetzij door : Fe ines de > ne daartoe bij authentieke akte aangesteld, er al Kane states bo ee Cee ise door een tusschenpersoon
ge en. 41. Ge sp) 8-356.) De aangifte van een natuurlijk kind, hinde 5 einen On ot de Indonesische of daarmede gelijkgestelde bev deb van 29 Maart 1917 (8. OS een ede ee an dor ord se persoon niet mogen word Be eevee iE cing ARE van d Burgerliken'stew delen len aangenomen, en door een am nar podenig al coroner ts dan, wanneer de moeder ongehuwd 18,7 ti, inn 8 tot vader heeft, en de aangifte door dezen, met 8 g van het kind, geschiedt.
2 ze) lwidde : Indien echter do aangifte plaats heeft 2 verleng al of niet con mene de geboorte, wordt, onverschillig of voor de Tir. S. 37595 sage Se is vastgesteld, geene akte opgemaakt. (2) In art, 54, 4° gf i en i - 54, 4° stond: de angevers getuigen. Zwér. wijziging 1 iors pale
der
REGL. BURGERL, STAND VOOR DE OHINEEZEN. 775
(2) Deze aangifte kan op elken leeftijd van het kind gedaan worden, doch dezelve pains ites repeals in strijd met het bepaalde bij de artt. 282, eerste lid, 283 en ‚ eerste lid, van ij oek (BS. 42.) het Burgerlijk
- (1) De ambtenaren van den burgerlijken stand zijn verplicht om van elke, door hen in de registers ingeschrevene, aangifte van geboorte van natuurlijke kinderen en van elke erkenning binnen vier en twinti gren mededeeling te doen aan de weeskamer, binnen welker gebied zij gevestigd zijn, zoomede om in gevallen van erkenning op te geven of de vader of de moeder, die de erkenning gedaan heeft, al dan niet minder- jarig is, en of de door den vader gedane erkenning al dan niet vóór het overlijden van de moeder heeft plaats gehad.
(2) Indien de aangifte of erkenning ter kennis van den ambtenaar komt op een Zondag of een der in het tweede lid van art. 50 daarmede gelijk- gestelde dagen of op den daaraan voorafgaanden dag, kan de mededeeling geschieden uiterlijk in den loop van den eerstvolgenden werkdag. (BS. 42a.)
- (1) Wanneer een kind gedurende eene zeereis geboren wordt aan boord van een in Indonesië te huis behoorend schip, moet de akte van geboorte, binnen vier en twintig uren, door den kapitein of gezagvoerder in het dagregister van het schip worden ingeschreven, in tegenwoordigheid van den vader, wanneer deze aan boord is, en van twee getuigen zich op het schip bevindende. t
(2) Deze inschrijving zal geschieden volgens zoodanig formulier als door den havenmeester of anderen daartoe gestelden ambtenaar, tegelijk met de monsterrol, aan den scheepskapitein of gezagvoerder zal worden ter hand gesteld. (BS. 46.)
- (1) In de eerste haven, welke het schip zal aandoen, wanneer die binnen Indonesié gelegen is, zal de scheepskapitein of gezagvoerder ver- plicht zijn twee uittreksels uit het dagregister van het schip, bevattende aanteekening der geboorte, aan het hoofd van plaatselijk bestuur te over- handigen. (S. 81—168 : in de gutsl: v. Jav. Mad. den ass.-Tes.)
(2) (Gew. S. 24—558.) Deze ambtenaar zal van den dag dier terhand- stelling melding maken aan den voet dier uittreksels en, na dezelve te hebben gelegaliseerd, het eene in zijn archief bewaren en het andere ter inschrijving in de registers toezenden aan den ambtenaar van den burger- lijken stand der woonplaats van den vader, of van de moeder, indien de vader onbekend is. (BS. 47.) s rand
(8) (Loeg. S. 37-595, iwtr. 1-1-1939.) Indien de vader, of, die onbe or zijnde, de moeder geene bekende woonplaats heeft, zal het tweede uitt an sel worden toegezonden aan den ambtenaar van den burgerlijken stand te Djakarta, die hetzelve op de loopende geboorteregisters zal gf:
- (1) Wanneer het vaartuig is ingeloopen hetzij in eene Nederlan eae haven, hetzij in eene haven van eene der overzeesche bezittingen ( nee het rijk buiten Indonesié, zullen de hierboven vermelde lide = worden toegezonden, in het eerste geval aun het departement ele aos zeese Rijksdelen, en in het laatste geval aan het hoofd der Nederlands regeering in de overzeesche bezitting. (*) De: ‘i
(2) Tata het vaartuig in eene Seide haven is ingeloopen, ga de toezending aan den consul, in die haven of in de naastbij gelegene pis Bevestigd. = 5
(3) Dien onverminderd blijft de scheepskapitein of daten ee den, bij de terugkomst van het vaartuig binnen Loe 48 ) zooals bij het eerste lid van het vorige art. is bepaald. ( dors die ingezete-
- (Gew, S. 24-558.) Wanneer op.ecne zeerels, uit ouders we raat Den zijn van Indonesië, een kind geboren is aan boord van landsch schip, hetwelk daarna eene Indonesische are aan ken van wege den Gouverncur-Generaal cen tweede, door pe EEN ast gelegaliscerd afschrift van het, ingevolge art. 36 van hen OT Burgerlijk Wetboek, aan hem toegezonden uittreksel uit het dagreg
lecatthan: resp. het overzeese rijksdeel.
776 REGL. BURGERL. STAND VOOR DE OHIN: EEZEN
van het schip, ter inschrij ving i : naar van den borgertakert Bind = registers, toegezonde of van de moeder, indien de v d er woonplaats van d n aan den a; 62. (Gew. S. 24-558.) (1) ep diege is. (BS 49) vader dea ren is aan boord van een Ind eles ind gedu nde ‘ voerd ndonesisch vaartui rende eene he Ee engaboorte so eel of esi Ooster zoowel denn Paap alkamiebilict oor den vader, indien deze zi sterlingen zij gezag. of geval is, door d ze zich aan bi In, zal d eerste plaats welke het ‚door den gezagvoerde oord bevindt en plaats niet m ‘ vaartuig in Indonesié r gedaan wo ten ambtenaar er ais der en pb he de ambtenaar, anders a! ijken stand, geschi et kantoo eze , hem of di) edt de aangi T van e (2) De lmniidsers of aan een tusschen ngifte aan d a ontvangen, of -van den burgerlijken persoon in zij Seen gifte akte ete de door den ene die de sanuifts. eas beret de akte Lp en) zal een eR Sere de gedane me ambtehaar van den burg oorte, ter inschrijving d uit zijne registers, van de moeder, indi urgerlijken stand de g doen tockomen Te, (3) (Toeg. 8. rey vader onbekend NG be van den Soler ot scons wansarts oy at iat In de gevallen voorzi ge J ar gegeven 4 rzien bij h 63. (1) (Gew. 8. 24-558 voorschriften wane, ae geledene schipbreuk zal d .) Indien eene bevalling x welke door de sehipbaeske ea, op de crate 1 os heeft na eene ena 6 naar de in art 62 Eh a wordt Eeten Mos See Pat: usschenpersoo ; aakte onderscheid worden gedaan 8 (Ge ee lid aaa tet “ae urgerlijken ank bevoegden ambte- w. S. x ig art. i 6 VRG herondekt (1) Indien eh d toepasselijke oe ligt, zal de aan me hetwelkin sen oren wordt aan boord den ree Aas Zoouanige Wiboeriekdart reodehyan yades oegden am n naar de i ar ter plaatse tenzij e isle de a En gemaakte cndeebnidig aangifte elkeneen jkheid mocht besta an den burgerlijken stand artt. 58, 59 n, in welk geval staan om het schip tot het d tt A SC 60 is bi gehandeld zal ot het doen der Beed ter plaatse epee al worden in voege bij de narensienitus ar de in art. 50 Ee rote re en eee acer bevoegde ontvangen en wee daartoe aan, urgerlijken stand zullen dan done Le te maken gezocht wordende, ook do aangift een reed sche schepen voorv van geboorten, aan bi ek 64 e van Indonesië li oorvallende, terwijl deze i oord van andere este, beer Leen. ; terwijl deze in een haven of OP dale in de artt. 59 ae 838.) Do uittreksels ui na de (Gew. 9. 37—595 ot en met 64, zijn Is uit de scheepadagresisie® Syne na ei esr vrij van zegel. naar van den burge deszelfs iboortoaktil pning van een natuurlijk kind, opmaken (t) en gerlijken stand geschi , ten overstaan van den ambte: bij art. 281 eee ern zal deze daarvan eene in oe { zig: S. Oe Wetb sae het voorgeschreven® 5 . 278 -) Inge ä Both a pore a a Wetboek eecine van het misdrijf omschreven rkenning van een ki anderszins doo echt een ‘veroordeelend vonni en kj r ee peesche of Ind kind is komen n vonnis de valschheid van een daarvan binn, Ose Bt Rate te staan, is de griffier van de Euro: bekomen, en één maand, die het vonnis heef licht lijk „een afschrift , nadat het k eeft gewezen, verb i tend ania toe te zenden aan ress van gewijsde zal hebben waarbij de 8 ene de geboo ta ambtenaar van den burger: ee erkenning heeft rane is ingeschreven eD in geval i plaats gehad is verleden voor eener. ja van twee
@ zr getuigen” de 1 Jan. 1989 4 hier vervallen : in tegenwoordighe
REGL. BURGERL. STAND VOOR DE CHINEEZEN, 777
anderen ambtenaar van den burgerlijken stand, ook aan dezen. Van de rechterlijke uitspraak voorzoover zij op de erkenning betrekking heeft houden zij aanteekening op den kant van de geboorte-akte en van de akte waarbij de erkenning heeft plaats gehad.
- (1) Indien eene wettiging van een natuurlijk kind heeft plaats gehad, hetzij door opvolgend huwelijk van de ouders, hetzij door brieven van wettiging, verleend krachtens art. 274 of 275 van het Burgerlijk Wet- boek, zal op verzoek van belanghebbenden van die wettiging melding worden gemaakt op den kant van de geboorte-akte.
(2) Het besluit, waarbij brieven van wettiging zijn verleend, zal wor- den overgeschreven in de loopende registers van huwelijk en echtschei- ding van de woonplaats van dengene, op wiens verzoek de brieven werden verleend, en de datum en het nommer dier inschrijving in de in het eerste lid bedoelde kantmelding aangeteekend. (BS. 53a.)
VIJFDE AFDEELING.
Van de akten van toestemming tot het huwelijk, van huwelijk, van echt- scheiding en van ontbinding des huwelijks na de scheiding van tafel en bed.
- (1) De akte van toestemming van de ouders, van de grootouders, of van de voogden en de weeskamer, door den ambtenaar van den bur- gerlijken stand opgemaakt, moet volgens de orde harer dagteekening in het register van toestemmingen tot het huwelijk worden ingeschreven.
(2) Onverminderd de vereischten in het algemeen door dit reglement aan den inhoud van akten van den burgerlijken stand gesteld, zal de akte van toestemming bevatten :
1°. de geslachtsnamen, de eigennamen, den ouderdom, het beroep en de woonplaats der aanstaande echtgenooten; _ :
2°. de hoedanigheid, waarin de verschijnende partijen hare toestemming geven. 5
(3) De ambtenaar is bevoegd te vorderen dat de identiteit der verschi. nende personen verklaard worde door twee hem bekende getuigen. Hij zal van deze verklaring in de akte melding maken, (BS. 59a.) —
68, Nadat bij den ambtenaar van den burgerlijken stand zal zijn afge- legd de verklaring der partijen, waarvan bij art. 80 van het Burgerlijk Wetboek gesproken wordt, zal hij in naam der wet verklaren, dat dezelve door den echt aan elkander verbonden zijn, en daarvan dadelijk in het daartoe bestemde register ceno akte opmaken. (BS. 60.)
- De huwelijksakte zal vermelden : (BS. 61.) vast
1°. de geslachtsnamen, de eigennamen, den ouderdom, de geboorte: plaats, het beroep en de woonplaats der echtgenooten, en, yee zij te voren gehuwd waren, de geslachtsnamen en eigennamen van de Yr0e- gere echtgenooten ; A HEA
2°. hunnen staat van meerderjarigheid of minderjarigheid ; Rt
3°. de geslachtsnamen en eigennamen, het beroep en dew oonD, hunner ouders; je 4, oF eee van de ouders,
en en de weeskamer B _ A of wel het verlof van den rechter, in de gevallen waarin hetzelve gevor erd wordt ; 5 a ee de tusschenspraak van den rechter, 200 die heeft plaats gehad;
- de verleende dispensatiën,
7°. de verklaring der partijen om elkander tot oen rak en de uitspraak van hunneechtvereeniging door den are ate teert
- de erkenning van natuurlijke kinderen, zoon ie he u
9°. de geslachtsnamen, de cigennamen, den ouderdo bloedverwant- en de woonplaats der getuigen, mitsgaders de graden van Hen mochten eae of aanhuwelijking, welke tusschen hen en de partij
estaan;
yan de grootouders of van de voog-
718 REGL. BURGERL. STAND VOOR DE CHINEEZEN,
10°, de toestemming voor officieren en militairen van tot het aangaan van een huwelijk vereischt. 4
(Toeg. S. 28-546.) Indien het betreft een huwelijk tusschen Person, die met elkander hertrouwen, nadat hun vorig huwelijk is ontbonda” zal de huwelijksacte mede vermelden den dag en de plaats der voltrekt’ king van dat vorig huwelijk. — : 5
70, Wanneer een huwelijk bij gevolmachtigde, of wel in een bijzond huis voltrokken wordt, zal van die omstandigheid uitdrukkelijk melding in de akte worden gemaakt. (BS. 62.) _ 6
- (Gew. S. 24-458.) De overschrijving van de akten van huwelijk buiten ’s lands, overeenkomstig de bepalingen van art. 83 van het Burger. lijk Wetboek aangegaan, zal in de loopende registers van de Woonplaats der echtgenooten plaats hebben. (BS. 63.)- . :
72, (1) De akte van inschrijving eener echtscheiding en die eener ont. binding des huwelijks na de scheiding van tafel en bed zal bevatten: (BS. 64; S. 46-24 artt. 2, 3,* bl. 682.)
1°. de geslachtsnamen, de eigennamen, hct beroep en de woonplaats der echtgenooten, met vermelding wie hunner de inschrijving vordert;
2°. de vermelding van het vonnis, waarbij de echtscheiding of de ont. binding des huwelijks na de scheiding van tafel en bed is uitgesproken, van hetwelk een afschrift aan het register zal blijven gehecht;
3°. de vermelding van het getuigschrift van den griffier, strekkende tot bawijs dat tegen het vonnis door geen wettig middel kan worden opgekomen.
(2) De akte zal volgens hare dagteekening, in het huwelijksregister worden ingeschreven, en zal daarenboven de partij, die de echtscheiding of de ontbinding des huwelijks na de scheiding van tafel en bed heeft verkregen, verplicht zijn te zorgen, en de andere bevoegd zijn te vorderen, dat daarvan aanteekening worde gedaan op den kant der huwelijksakte
minderen Tang
ZESDE AFDEELING. Van de akten van overlijden.
- (Gew. S. 23-458.) (1) De aangifte van overlijden zal uiterlijk op den derden dag na het sterfgeval, Zondagen en daarmede gelijkgestelde dagen niet medegerekend, worden gedaan :
a. aan den ambtenaar van den burgerlijken stand van de plaats, alwaar de persoon overleden is, wanneer dit overlijden heeft plaats gehad op ecn An van tien of minder dan tien palen van het kantoor van dien amb:
naar ;
- aan den ambtenaar van den burgerlijken stand van de plaats, ola de persoon overleden is, of aan een der tusschen personen in diens ressor» wanneer het overlijden heeft plaats gehad op cen afstand van meer dag tien palen van bedoeld kantoor. :
(Gew, S. 37-595.) Genoemde ambtenaar of tusschenpersoon zal ee verklaring van den aangever de akte van overlijden opmaken: Tot is santi 8 bevoegd wie van het overlijden uit eigen wetenschap a
gt.
Het tweede lid van art, 50 van dit Reglement is toepasselijk. +
(2) Wanneer de plaats van het Reathsaval door de ee is gescheld meer dan tien palen is verwijderd zoowel van het kantoor gaa om rn het eerste lid bedoelden ambtenaar van den burgerlijken stand ‘ed is, at plaats, waar een der tusschenpersonen in diens ressort gevestig' et zal de aangifte ook later, mits uiterlijk op den zestigsten dag nâ Beroe) kunnen geschieden. rs zijn
- (Gew. S, 24-558.) Indien het blijkt, dat de overledene elders and Woonplaats heeft gehad, zal de ambtenaar van den burgerlijke? ;
() In de Ze alinea van art. 73 U vy, twee oa De! weede volzin is toegev. Ka en Prio oe
REGL. BURGERL. STAND VOOR DE CHINEEZEN. 779
je de aangifte heeft ontvangen of aan wien de door den t
EEn opgemaakte akte is toegezonden, een uittreksel hae houdende de akte van overlijden, doen toekomen aan dien van de laatst- bekende woonplaats van den overledene, ten einde insgelijks in de regis- ters aldaar te worden ingeschreven.
Aa. (Ing. S. 23458 ; gew. 26—6513 ; 37-595.) Tot aangifte van over- lijden zijn onverminderd de bij dit Reglement aan anderen daartoe opge- legde verplichting en den bij het eerste lid van art. 73 gestelden eisch van bevoegdheid (*) gehouden :
a. alle meerderjarige inwonende leden van het gezin, waartoe de over- ledene behoorde ;
b. bij gebreke of verhindering van personen als onder a bedoeld de geneesheer die den dood constateerde ;
c. bij gebreke of verhindering van personen als onder a en b bedoeld de meerderjarige bedienden van den overledene en de meerderjarige medebewoners van het huis waarin of van het erf waarop hij woonde;
d. ingeval het overlijden plaats greep in cen hotel, pension of derge- lijke inrichting, is de bestuurder dier inrichting mede tot aangifte verplicht;
e. bij gebreke of verhindering van personen onder a, b, c en d genoemd, is tot de aangifte verplicht degene, die de maatregelen tot begraving trof.
- (1) De door de ambtenaren van den burgerlijken stand op te maken akten van overlijden zullen bevatten: (BS. 67.)
1°. den geslachtsnaam, de eigennamen, den ouderdom, het beroep en de woonplaats van den overledene, mitsgaders den dag en het uur des overlijdens ;
2°, den geslachtsnaam en de eigennamen, van den anderen echtgenoot, indien de overledene getrouwd, (*) of getrouwd geweest was en, indien de overledene meermalen was getrouwd, geslachtsnamen en eigennamen van de andere echtgenooten ;
3°. den geslachtsnaam, de eigennamen, den ouderdom, het beroep en de woonplaats van den aangever. (*)
(2) De akten van overlijden zullen daarenboven bevatten, voorzooverre men zulks kan te weten komen, de geslachtsnamen, de eigennamen, het beroep en de woonplaats der ouders van den overledene, mitegaders deszelfs geboorteplaats. B:
- (1) De ambtenaar of de tusschenpersoon van den burgerl:ken stand zal geene akte van overlijden van een kind, dat nog geen drie volle dagen heeft geleefd, mogen opmaken, dan voor zooverre aan hem zal zijn gebleken, dat van de geboorte van het kind eene akte is opgemaakt.
(2) (Gew. §. 37-595.) Indien dit niet blijkt, zal de tusschenpersoon, aan wien de aangifte wordt gedaan, den aangever (Oren den ambtenaar van den burgerlijken stand om aan dezen de een te doen, en zal de ambtenaar van den burgerlijken stand, Gee 2 aangifte wordt gedaan, niet vermogen. uit te drukken, dat het Sten leden is, maar alleen dat hetzelve als levenloos is aangegeven. De rifel naar van den burgerlijken stand kan in een 7 6 Sei d ie. omtrent de deugdelijkheid. der aangifte, vorderen dat 0) worde vertoond. Hij zal daarenboven de verklaring vit den an Ü ontvangen opzichtelijk de geslachtsnamen, eigennamen: | Aen de woonplaats van de ouders van het kind, met aanduiden ee bl en de maand, waarin, en den dag en het uur, waarop het kind is ter gebracht. hen 5 () In art, 74a is, ingevoegd, ingaande 1 Jan, 1939: „en den doo
evoegdheid”. ; - wee sae Te (1) 2° stond hier de slotzinsnede »
Sub 3° it » tevoren ,,der aangevers, 0 ann een ei ng ten ean IJD road aa ved”
r. wijzigi: WE “39,
@) In an 98 2) Biaietaen aangever” ipv. „de aang. are
aangever” ipv. „der getuigen”. Juwtr. wijziging 1-1- B
dan wel weduwnaar of
780 REGL. BURGERL. STAND VOOR DE CHINEEZEN
(3) De akte zal, overeenkomstig h worden ingeschreven, zonder cee peices pens in de sterfregi of het kind levend dan wel dood is ter Skerne. zal zijn ban 77. (1) Binnen den afstand van tien pale gekomen. (BS. 68.) bn ambtenaar van den burgerlijken stand of Là 4 van het kantoor v persoon is evestigd, mag ge den plaats, waar ee: sniden rs g gd, mag geene begravin, n tus vrij van zegel en kosteloos, af te geven in i fsa zonder het roc naar en in het tweede geval door den tus: sail geval door den me se al ae noodig achten, van het pyauipden euler eren dezen: a 4 uiten het geval dat een on penned zijn toegelaten of bevolen, zal es alee tase door de vollen el schenpersoon van den burgerlijken stand conden ne Ee ue hy cro Pe na het overlijden. (BS 6) vroeger worden ve : eg. 8. 18-356.) Overtreding van het lid van dit art., begaan door ee et voorschrift van het tweed wordt gestraft met een geldboete van t van den burgerlijken st " feit wordt beschouwd als Byariesiing eet honderd gulden DE 78. (1) Wanneer in ce eae 69; Sw. 557, 557a.) » Dit dan tien palen verwijderd is zoowel v graying moet geschieden pm van den burgerlijken stand als van mn ar kantoor van den En Be See | eee oe 7 ig uren na het if rlof, doc niet vro + held alerts aa Shag pie en niet anders dan in po he stellight kroelen. Bnn en (*) het lijk zal zijn vertoond, mogen bareck: re 2) pubes geval bedoeld bij het vorige lid k i Ae ee geschieden door denzelfd an. dp pata) howe a ee le begraving tegenwoordig is en persoon, die als getuige (!) bi den ambtenaar Eend landen omstandigheid in de de aal 4 op te maken akte zal ma oe OA zal worden a oon burgerlijk of militair gasthui ‘ai een Hedera Nested laate gehad r begraving is opgenomen, is h s, dan wel een lijk in zulk een gesticht een der dienstdoende geneesh et hoofd of de bestuurder dan wel (?) daarvanibinneniviecien a of officieren van gezondheid verplicht, naar een bepaald formulier. ae uren eene schriftelijke aangifte ingericht teldoenh walko’anibtenaachy: n den ambtenaar van den burgerlijken stand op het registe ar die aangifte dadelijk i gister zal teekene lijk zal overschrijven alleen het bepaalde bij art. 26 n en met het stuk zal handelen overeenkomstig st sÔ In een zoodanig geval i an ea verklaring noo dig BS sang tot begraving of eene daartoe . anneer 7 hen dood aanwezig zijn, “of eenen of aanduidingen van eenen geweldigen om dien te veren 4 Et aN omstandigheden bestaan, die reden geven nadat, het lijk g erechtelijk de begraving niet mogen geschieden, dan pe Bij het verhaal der a md de even de geslachtsnamen iu ne zollersecoreslenogeids worden OPE Pp a het beroep en de - le eigennamen, de ouderdom, de 89 rte ats (2) (Geo. S375 Rati van den overledene. (S. 16-812) a opgemaakt, is ve ee ambtenaar, die het verbaal van gchouwiné erscheiding, bevoegd. erplicht, ($) aan den naar de in art. 73 gemaakt cation stand, Pr oren of tusschenpersoon van den bur macht zal worden om de akte van Grerijden op doen van al hetgeen t. 74 is ten deze Eene op te maken. . (BS. 73.)
a,
() In art. Of) ie eae (1)_sto 5
Heek, nd Wy i
wijziging gereken „dezelfde Ekeren gebnigen seen velo”; in tid, 2 SG
@) In art 79 (1) ston nen, die ais getuigen”. 242 Jut pee art. 81 (1) verv en „sbenevens’”, Iutr. wijzigin 118%
n_persoo’ allen inpaande 1 Jan. 1939 eergereld van cont sa vergere
al > n 8 boven”, als medegetuige”. In art. 82 (1) vervallen:
REGL. BURGERL. STAND VOOR DE CHINEEZEN. 781
g2. (1) De griffier bij de rechtbank of, indien de tenuitvoerlegging ni in zijne tegenwoordigheid heeft plaats gehad, de door de Bitar leden of op wier bevel de tenuitvoerlegging is geschied, daartoe aangewezen ambtenaar of beambte is verplicht, (1) binnen vier en twintig uren na het tenuitvoerleggen van een doodvonnis aan den, naar de in art, 73 gemaakte onderscheiding, bevoegden ambtenaar of tusschenpersoon van den burgerlijken stand op de plaats, alwaar het vonnis is tenuitvoergelegd van het overlijden aangifte te doen, en alle aanduidingen op te geven, welke vereischt worden om de akte overeenkomstig art. 75 of art. 34 te kunnen opmaken.
(2) Wanneer een sterfgeval heeft plaats gehad in gevangenissen of andere gestichten van dien aard, zijn de cipiers of gezagvoerders tot eene gelijke aangifte verplicht.
(3) Indien de terechtstelling of het sterfgeval in dit artikel bedoeld, heeft plaats gehad op een Zondag of een der in het tweede lid van art. 50 van dit reglement daarmede gelijkgestelde dagen of op den daaraan voorafgaanden dag kan de aangifte geschieden uiterlijk in den loop van den eerstvolgenden werkdag.
(4) Art. 75 is hier mede van toepassing. (BS. 74.)
In geval van eenen geweldigen dood, van het ter dood brengen van eenen veroordeelde, of van het overlijden in gevangenissen, zal van die omstandigheden door den ambtenaar of tusschenpersoon in de akte geene melding worden gemaakt. (BS. 75.)
(1) Wanneer een sterfgeval gedurende eene zeereis heeft plaats gehad, aan boord van een in Indonesië te huis behoorend schip, moet de akte van overlijden binnen vier en twintig uren door den kapitein of gezagvoerder in het dagregister van het schip worden ingeschreven, in tegenwoordigheid van twee getuigen zich aan boord van het schip bevindende. À
(2) Op deze inschrijving is toepasselijk het tweede lid van art. 58. (BS. 76.
Ten aanzien der bij het vorig art. bedoelde sterfgevallen zullen worden opgevolgd de voorschriften, welke bij de artt. 59 en 60 ten aan- zien der akten van geboorte zijn gegeven, met dien verstande, dat het aldaar bepaalde met opzicht tot de woonplaats der ouders van het kind zal worden toegepast op de woonplaats van den overledene. ee 71)
(Gew. S. 24-558.) Indien op eene zeereis een ingezetene van indo- nesië is overleden aan boord van een Nederlandsch schip, hetwelk daarna een haven van Indonesië aandoet, wordt gehandeld OEE art. 61 met dien verstande, dat het aldaar bedoelde tweede et i zal worden toegezonden aan den aS Me ne burgerlijken stan van de woonplaats van den overledene. ‚18. A
(Gew. 5. 24—558.) Indien cen sterfgeval gedurende een kr heeft plaats gehad aan boord van een Indonesisch ee zoowel de gezagvoerder als de officieren Indonesiërs of vreem en eN lingen zijn, zal de aangifte van het overlijden geschieden oH Ee plaats welke het vaartuig in Indonesië zal aandoen. Taren gen Be niet meer dan tien palen verwijderd ligt van het kantoor ee, eeu naar yan den burgerlijken stand, geschiedt de aangifte Gen t. (BS. 79.) naar, anders aan hem of aan een tusschenpersoon 1 zijn Tee pohipbreuk
(Gew. S. 24—558.) (1) Indien een sterfgeval na de Re, heeft plaats gehad, zal de aangifte van overlijden op © gE welke door de gokt worden gedaan aan den naar de in art. is ay voegden ambtenaar of tusschenpersoon van den borer Des
(2) Art. 74 is in de bij dit en het vorige art. Neon
Passing. (BS. 80. 89. Fale hoeren (1) Indien een sterfgeval plaats heeft aan boord
en
() Zie noot 3 vorige bl.
782 REGL. BURGERL. STAND VOOR DE CHINEEZEN,
van een Indonesisch schip, hetwelk in een haven of op eene reede Indonesië ligt, zal de aangifte van zoodanig sterfgeval daar ter plane aan den wal moeten geschieden aan den naar de in art, 73 gemaakte onderscheiding bevoegden ambtenaar of tusschenpersoon van den rae gerlijken stand, tenzij er geen mogelijkheid mocht bestaan om het schi tot het doen der aangifte te verlaten, in welk geval gehandeld za] worden zooals bij de artt. 84 en 85 is bepaald. 5
(2) De ter plaatse, naar de in art. 73 gemaakte onderscheiding, be- voegde ambtenaren en tusschenpersonen van den burgerlijken stand zullen voorts verplicht zijn om, daartoe aangezocht wordende, ook de aangiften te ontvangen en akten op te maken van sterfgevallen, aan boord van andere dan Indonesische schepen voorvallende, terwijl deze in eene haven of op eene reede van Indonesië liggen. (BS, 81.)
89a, (Ing. S. 33-327 jo. 338.) De uittreksels uit de scheepsdagregis- ters, bedoeld in de artt. 85 tot en met 89, zijn vrij van zegel.
(Gew. S. 24—558.) De uit Nederland van regeeringswege aan den Gouverneur-Generaal toegezonden afschriften van overlijdensakten van aan boord van Nederlandsche schepen of in Nederland overleden ingezete- nen van Indonesië zullen vanwege den Gouverneur-Generaal, ter inschrij- ving in de loopende registers, worden toegezonden aan den ambtenaar van den burgerlijken stand der laatste woonplaats van den overledene. (BS. 82.)
(1) De bij het laatste lid van art. 360 van het Burgerlijk Wetboek voorgeschrevene kennisgeving geschiedt binnen vier en twintig uren na de aangifte van het overlijden of, indien de aangifte aan een tusschen- persoon is gedaan, na de inschrijving van de door dezen opgemaakte akte in het sterfregister, en eveneens binnen vier en twintig uren na de voltrekking van het tweede en volgend huwelijk.
(2) Indien de aangifte ter kennis van den ambtenaar komt of de vol- trekking van het huwelijk plaats heeft op een Zondag of een der daarmede ingevolge het bepaalde bij het tweede lid van art. 50 van dit reglement gelijkgestelde dagen of op den daaraan voorafgaanden dag, kan de ken- nisgeving geschieden uiterlijk in den loop van den eerstvolgenden werk- dag. (BS. 83.)
- De inschrij ving in de gewone registers van den burgerlijken stand, van het overlijden van krijgslieden, die op marsch, te velde, in den slag, bij het over,zee reizen van troepen, of in ’s Lands dienst buiten Indo- nesië zijn gestorven, geschiedt overeenkomstig de afzonderlijke, daar- omtrent reeds bestaande, of later uit te vaardigen bepalingen. (BS. 84.)
92a. (Ing. S. 46—136.) Wanneer het bewezen is, dat registers van overlijden nooit hebben bestaan, dat die zijn verloren geraakt, dat een ingeschreven acte daaraan ontbreekt, of dat bijzondere omstandigheden de inschrijving der acte van overlijden hebben verhinderd, zal dat over: lijden zoowel door getuigen als door bescheiden kunnen worden bewezen.
ZEVENDE AFDEELING. Van eigennaamsverandering.
- (Gew. S, 24-558.) Niemand kan van eigennaam veranderen of Seen bij de zijne voegen zonder DE van den-Raad vel (Bw. 1 NOR woonplaats, op daartoe gedaan verzoek te verleen ae (Gew. 8. 26-558.) Indien de Raad de verandering of bijvoesing 4 eigennaam toestaat zal de uitspraak worden ter hand ges den Sen ander van den burgerlijken stand van de geboorteplaats er ee er, welke ambtenaar dezelve in de loopende registers zal insC 12)
aarvan aanteekening doen op den kant der geboorteakte. (Bw. Set wha fest y ‘
() Zie ook noot Bw. 6v,
REGL. BURGERL. STAND VOOR DE CHINEEZEN. 783
ACHTSTE AFDEELING.
Van de verbetering der akten van den burgerlijken stand en van hare aan- vulling.
95, (Gew. S. 24-558.) Indien geen registers hebben bestaan, of regis- ters zijn verloren geraakt, vervalscht, veranderd, verscheurd, vernietigd verdonkerd of verminkt, indien akten daaraan ontbreken, of indien in de ingeschreven akten dwalingen, uitlatingen of andere misslagen hebben plaats gehad, zal zulks grond opleveren tot aanvulling of tot verbetering der registers. (Bw. 13.)
- (1) Het verzoek daartoe zal alleen kunnen worden ingeleverd bij den raad van justitie, binnen wiens rechtsgebied de registers zijn of hadden behooren te worden gehouden, dewelke, behoudens hooger beroep, en, wanneer daartoe gronden zijn, na verhoor van de belanghebbende par- tijen, deswege zal uitspraak doen,
(2) (Gew. S. 18356.) Bij gebreke van aanwezige belanghebbenden zijn de officieren van justitie bevoegd, ambtshalve de opneming van ont- brekende of de aanvulling dan wel verbetering van onvolledige of onjuiste aangiften van overlijden in de registers van den burgerlijken stand te verzoeken. (Bw. 14.)
Deze uitspraak zal alleen geldig zijn tusschen de partijen welke dezelve hebben verzocht, of te dier gelegenheid zijn opgeroepen. (Bw. 15.)
Alle uitspraken tot verbetering of tot aanvulling van akten, welke in kracht van gewijsde zijn gegaan, zullen: door den ambtenaar van den burgerlijken stand, dadelijk na derzelver vertoon, in de loopende registers worden. ingeschreven en zal, ingeval van’ verbetering, daarvan worden melding gemaakt op den kant der verbeterde akte, overeenkomstig de bepalingen van dit reglement. (Bw. 16.)
Slotbepalingen.
- (Gew. S. 18-356.) Overtreding van de voorschriften van de artt. 77 en 78 van dit reglement, gedaan door bijzondere personen, wordt ge- straft met eene geldboete van ten hoogste honderd gulden. Deze feiten worden beschouwd als overtredingen, Kk:
99 a, (Ing. S. 24-558.) Kinderen, die verkeeren in. het geval bedoeld bij art. 18 van de bepalingen betreffende het burgerlijk en handelsrecht van de Chineezen (S. 1917 no. 129 laatstelijk gewijzigd bij S. 1924 no, 557), zullen niet als buiten echt geboren worden beschouwd. De Wghhlenger van den burgerlijken stand zal de omstandigheid dat de vader een. bied als het zijne aangeeft als voldoend bewijs aannemen dat deze het openly) als het zijne behandelt, i . Aa
- (Gew. S. 24-558.) De Gouverneur-Generaal is bevoegd Le i palen dat in gedeelten van Indonesié geen aangifte behoeft i En Hen Say yan geboorten en sterfgevallen, die hebben plaats gehad 0
paalde groepen van Chineezen, x
101, (Gew. 8. 24—558.) Indien van een geboorte of ogv) en aangifte is gedaan ingovolge het vorige att., dan wel ands : oo EA of het overlijden heeft plaats gehad in een gedeelte van ae a ae het reglement op het houden der registers von den burgerlijken à and nog niet toepasselijk was, terwijl onderscheidenlijk de ou ler ze kind of de overledene hun woonplaats hadden in een geeen drf reglement reeda toepasselijk was, wordt ten aanzXa ene do, 608 pasa van de artt. 95 en volgende de akte van geboorte of de ake Se te ontbreken aan het gehen van de plaats w of het overlijden hebben plaats genac. a
- Dit healen sed jn werking op een door den G.-G. te bepale! tijdstip. (S. 19-81 : J Mei ’19.)
SSS
784 REGISTERS GEMENGDE HUWELIJKEN,
Registers v. d. burgerlijken stand voor GEMENGDE HUWELIJKEN. (Ord. v. 4 Juni 1904.) S. 04—279,
Art. 1. (1) (Gew. 8. 18-769 jo. 19-81; 07-205 art. 3* jo. 19-818 Het door de ambtenaren van den burgerlijken stand voor de Europeesche bevolking, krachtens het bepaalde by art. 6, alinea 5, van de Tegelin, op de zoogenaamde gemengde huwelijken (S. 1898 No. 158 in verband met S. 1901 No. 348, 1902 No. 311 en 1918 No. 30) aan te houden register za] dubbel worden gehouden. en
Bij S. 82-539, iwg. 1-1-1933, zijn leden 2—5 toegevoegd :
(2) Het zal van landswege kosteloos aan de ambtenaren van den burger. lijken stand worden verstrekt, _
(3) De toezending van het register aan de ambtenaren van den burger- lijken stand geschiedt jaarlijks door de hoofden van gewestelijk bestuur ®& door tusschenkomst van de in het eerste lid van art. 2 bedoelde resi- dentierechters, tenzij evengenoemde bestuurshoofden zelve dan wel door hen aangewezen ambtenaren met de in die bepaling vermelde werkzaam- heden zijn belast, in welk geval de toezending rechtstreeks geschiedt.
(4) De toezending heeft plaats op zoodanig tijdstip, dat de registers vóór den eersten Januari van het nieuwe jaar door de ambtenaren van den burgerlijken stand kunnen worden ontvangen.
(5) De toezending tusschentijds van een vervolgregister geschiedt op dezelfde wijze als in het derde lid is bepaald.
- (Gew. S. 05—344 ; 25-666 ; 30—221.) Het eerste en het laatste blad der doorloopend genummerde registers moeten door den residentierechter ter plaatse, waar de ambtenaar van den burgerlijken stand gevestigd is, met zijne handteekening gewaarmerkt worden, terwijl alle overige bladen door hem moeten worden geparafeerd.
Indien aldaar geen residentierechter bescheiden is, dan wel de functiën van ambtenaar van den burgerlijken stand en die van residentierechter ter plaatse door denzelfden ambtenaar worden vervuld, geschieden de in het eerste lid bedoelde waarmerking en parafeering door het Hoofd van gewestelijk bestuur (1) dan wel door een door dezen aan te wijzen ambte- naar van zijn bureau, die in het ressort, waarvoor de registers zullen dienen, niet de functién van ambtenaar of buitengewoon ambtenaar van den burgerlijken stand uitoefent.
- De akten van inschrijving worden opgemaakt volgens het aan deze ordonnantie gehecht model, en door den ambtenaar van den burgerlijken ze Naval are
e huwelijksakten worden aan het register gehecht.
- (Gew. 8. 18—769 jo. 1981.) Wannser pe vrouw, op wie vóór het sluiten van een gemengd huwelijk het voor Europeanen vastgestelde familierecht toepasselijk was, na de ontbinding van dat huwelijk de be art. 4 van het Kon, besl. van 29 Dec. 1896 No. 25 (I. S. 1898 No. 1 8 pore voor het betrokken Hoofd van plaatselijk gees Pa
gd, wordt daarvan door deze overheid kennis gegeven. aen van den burgerlijken stand, die het huwelijk heeft voltrokken en, in art. 1 bedoelde register heeft ingeschreven, ten einde NEA aha ring aanteekening te doen op den kant der huwelijksakte of de le inschrijving. revere B eae aanteekening geschiedt door den griffier van den raad van justi e betrekkelijke ter griffie overgebrachte registers.
Zorg voor de eenvormige inschrij ving is opgedragen aan het openbeat
() S. 25433 jo. 39—28 y. Jay 2 . 39288 en 38—370 jo. 264, bl. 227233: in de gvtsl: Vays «, Mad. en in de buitengew. de residenten Voor re en
- pe () Zie uoot art. 1, derde lid.
OS, 31-168 jo. 423 : in de gvtsl. v. Jay. Mad. den betrokken assret.
REGISTERS GEMENGDE HUWELIJKEN. b 785
ministerie bij den raad van justitie ae , &: Soa stand of de griffier van ee de ambtenaar van den “doer binnen tien dagen na de aanteekenin an justitie, op Java en zoodra mogelijk, daarvan een woordelijk afi Ee nin de buitenbezittingen Geens engere uit het in art, 1 been oe even, tenzij daarbij wordt : cd kant der akte bevindt. gevoegd de aantekening, IM 5, De akten van inschrijving worden achter el onee: zonder dat eenig wit vak Bachar mee der in het register 7 Ë mag worden open- e ca hp oe bij de opmaking der akten van inschrijvi orda oorgehaald, tusschen beide of op di chrijving daarin mocht worden goe dgekeurd en geteckend, atts en kant geschreven, moet a fe rs mogen worden vitgearakt: ’ le niets bij verkorting of met He ged akten mag daarin geenerhande verandering pl ‚d olge vi en ha pres heeft De le deamceistsb kendra hetwelikract anvulling en verbetering van het regi a oe voor registers van den pe net geschieden op a ” gende van het Burgerlijk Wetboek en art, 84 ae eend rs Ea op ga burgerlijke rechtsvordering, ( ent volun nasrepiies . Het register wordt door d , oping einde ie ieder EER van ANDREA gend e maand Januari daaraanvol : hot open gewestelijk pete. De vise iti ee pi: 2 5 gifte van een schriftelijk bewijs van ontvan t "t eben eee t ter griffie van den raad van justitie, terwijl het Er aaiiel tea aa van den ambtenaar van den burgerlijken tae ee En 87, al blijven beren ijken stand onder diens bewa- » Wanneer bij het ei jaari i ten’ bf ibpesel a) 4 einde van het jaar in het register geene akten moch- died onstantighetd 2 para’ dat register niettemin, met yermelding van art. is bepaald. , afgesloten en opgezonden invoege als bij het vorige 8. Behoudens de voo! i rschrift i i ii a een beyel Set Te eae Wir pee 8. 3253 tsi opistoelgelst a Wanneer de rechter de verplaatsing van het loopende pce ee mee = ambtenaar van den burgerlijken stand, na de betee- te vragen. (BS. 20) , verplicht zijn onmiddellijk een vervolgregister aan . ( Gew. 221 ; like A CaN ee 221 ; 32-639.) Nadat de ambtenaar van den burger- toerde scare aangevraagde, ingevolge art, 2 gewaarmerkte en gepara- Een rvolgregister heeft ontvangen, zal hij het register, waarvan de vn a en arn oen a het zechterlijk ee pings oe jaars is geschied, en daarna onverwijld aan “a et vervolgregister wordt steeds in alle opzichten beschouwd één geheel t te maken met hi i i 4 ah a et register, waarvan het een vervolg is. Het wordt dus bestond, Rete ae van het jaar afgesloten, alsof er slechte één register kes oe zaak, waarin het register heeft moeten dienen, is afge- cope eg oe orn ee mae (Gee. §. 30-221 ; 32-539.) Indien h pa geenen geene genoegzame ruimte nanbiedt om de akten, die gedu- aoe hopen jaar nog te verwachten zijn, in teschrij ven, 18 de amb ee eo burgerlijken stand verplicht in tijds een vervolgregister san berk Sl en) at overeenkomstig art. 2 zel worden gewaarmerkt en ge
et te voorzien is, dat het loo-
ET
l\ »,; () Zie noot art. 1, derde lid.
786 REGISTERS GEMENGDE HUWELIJKEN,
Het tweede lid van art. 9 is ook op dit vervolgregister van toepas (BS. 23.) ala 12. (Gew. S. 05-344.) Een ieder is bevoegd, zich door de bewaard, der registers uittreksels daaruit te doen afgeven. re De uittreksels zullen, wanneer zij met de registers overeenstemmen door den president van den raad van justitie of door den rechter, die ioe vervangt, zijn gelegaliseerd, geloof verdienen tot op het oogenblik, dat a valschheid daarvan, hetzij langs den weg van strafvordering, hetzij op a wijze bij de wettelijke bepalingen op de burgerlijke rechtsvordering voorge.
schreven, zal zijn beweerd.
(Gew. 8. 25—666.) In de gewesten buiten Java en Madoera, binnen welke geen raad van justitie is, kan de legalisatie geschieden door het hoofd van gewestelijk bestuur. (Bw. 1868v., 1888 ; BS. 25 ; krachtens S. 38-370 jo. 264 van 1 Juli 1938 af door den resident.) d
13, Men kan zoowel door getuigen, als door bescheiden bewijzen, dat een register nooit heeft bestaan of verloren is geraakt, of wel dat eene inge- schrevene akte daaraan ontbreekt.
Ingeval van vervalsching, verandering, verscheuring, vernietiging of verdonkering eener akte, heeft het vonnis, waardoor van het misdrijf blijkt, de kracht, welke aan gewijsden in strafzaken, ten aanzien van bur- gerlijke rechtsgedingen, bij het Burgerlijk Wetboek is toegekend. (Bw. 1918, 1921v.; BS. 27.)
De ambtenaar van den burgerlijken stand en andere bewaarders zijn, ieder voor zooveel hem aangaat, aansprakelijk voor het richtig hou- den en bewaren der registers. Elke verandering, elke vervalsching in de akten, elke inschrijving op een los blad, mitsgaders alle overtreding tegen de voorschriften van deze ordonnantie begaan, kunnen aan de partijen grond opleveren om tegen die ambtenaren of bewaarders schadevergoeding te eischen. (BS. 28 ; Bw. 1919.) Al. 2 en 3 zijn vervallen ingevolge Inv. Sw.
Het openbaar ministerie bij de raden van justitie is verplicht de ter griffie overgebrachte registers en de daaraan gehechte stukken te onder- zoeken, en van deszelfs bevinding binnen de eerste zes maanden van elk jaar proces-verbaal op te maken. Het openbaar ministerie is bevoegd inzage te nemen van de dubbelen, welke niet ter griffie berusten, doch zonder dezelve te mogen verplaatsen of doen verplaatsen.
Ingeval van overtreding of misdrijf zal het openbaar ministerie de daaraan schuldigen ambtshalve vervolgen.
Een geauthentiseerd afschrift van het bo vengemeld proces-verbaal van bevinding wordt door het openbaar ministerie binnen acht dagen na de opmaking, ingezonden aan den procureur-generaal bij het hooggerechtshof.
Op de plaatsen, waar de griffie van den raad van justitie en het kantoor van den ambtenaar’ van den burgerlijken stand zich in hetzelfde gebouw bevinden, zullen de, overeenkomstig art. 6, te dier griffie ingekomer registers, dadelijk na de opmaking van het proces-verbaal bij het wx at, bedoeld, worden overgebracht naar eene andere, buiten dat gebou BS het hoofd van gewestelijk bestuur aan te wijzen bewaarplaats. ( 17 30; zie noot op art. 1, derde lid.) in SDR ring der huwelijksakten en het stellen der an eer (Bs Mi e in het register moeten geschieden, hebben kostelooë P:
(Gew. 8. 32-539 ; 33-327, 338.) Voor de uitgifte van uittreksels U le genen 8, persebuldiga een recht van f 3. den koste re . . 5 i ie loos uitgereil © sisters van den burgerlijken stand words a, ten behoeve van den o i penbaren dienst ; tS ci an onvermogenden, mits van het onvermogen. blijkt door ee a „5 in de buitengewesten van het hoofd van plaatselijk ear de In eee en Madoera van den regent, indien de onvermogence Rt mee Ss, en van den assistent-resident, indien hij tot odanige esiérs behoort, of van een door hen voor het afgeven van 200
ik
INSCHRIJVING GEBOORTEN, STERFGEVALLEN IN REGISTERS B.S 787
erklaringen aan te wijzen ambtenaar van het onv p len melding is gemaakt. semogenio pide: sink
18a. Ing. S. 32-589 ; vervallen S. 33327 jo, 338.
- De registers, die vóór de inwerkingtreding dezer ord. tot inschrijving der akten van gemengd huwelijk zijn aangehouden, moeten na de inwer- kingtreding door den ambtenaar van den burgerlijken stand onverwijla worden afgesloten.
Deze registers worden vervolgens met de daarbij behoorende huwelijks- akten overgebracht naar de griffie van den raad van justitie op de wijze als bepaald bij art. 6, alinea 2.
Het bepaalde bij het laatste lid van art. 5 zal mede van toepassing zijn ten aanzien van de in het vorige art. bedoelde registers, zulks evenwel met dien verstande, dat de verbeteringen en aanvullingen dier registers zich zullen moeten bepalen tot werkelijk bestaande inschrij vingen en aan- teekeningen, en alzoo geenszins zullen mogen worden uitgestrekt tot de aanvulling van ontbrekende akten. (BS. 36.)
Deze ordonnantie treedt in werking op 1 Juli 1904,
Regeling betreffende de inschrijving in de registers van ‘den burgerlijken stand van geboorten en sterfgevallen.
(Ord. v. 9 Dec. 1946.) S. 46137 (ing. 18 Dec. 1946.) (Toelichting Bb. No. 15074.)
Consid. Dat Hij, overwegende dat het noodzakelijk is een regeling te treffen betreffende de inschrijving in de registers van den burgerlijken stand van geboorten en sterfgevallen, waarvan als gevolg van bijzondere omstandigheden niet of niet meer uit de genoemde registers blijkt.
N.B! Krachtens S. 49—451* bl. 694v, zijn art.1 lid 2 en artt. 2, 3, 4 en 5 dezer ord. vervallen en is art. 1 lid 3 gewijzigd, ingaande 25 Dec. 1949.
Art. 1, (1) Een geboorte, welke plaats vond of zal vinden tusschen 10 Mei 1940 en een nader door den Gouv.-Gen. te bepalen tijdstip en welke tengevolge van feitelijke omstandigheden niet op een wettelijk voorgeschreven wijze in een register van den burgerlijken stand is of kan worden ingeschreven kan, mits de moeder na 10 Mei 1940 binnen Indo- nesié werkelijk verblijf heeft gehad, te allen tijde worden ingeschreven in de registers van geboorten, gehouden door den ambtenaar van den burgerlijken stand te Djakarta, dan wel door dien op eenige andere, door den Directeur van Justitie aan te wijzen plaats. 5
(2) Een overlijden, hetwelk plaats vond of zal vinden tusschen. 10 Mei 1940 en een nader door den Gouy.-Gen. te bepalen tijdstip en hetwelk tengevolge van feitelijke omstandigheden niet op een elders weet voorgeschreven wijze in een register van den burgerlijken band, is o kan worden ingeschreven, kan mits de overledene na 10 Mei 1940 binnen Indonesië werkelijk verblijf heeft gehad, te allen tijde worden mngeea in de registers van overlijden, gehouden door den ambtenaar TERS en Purgerlijien stand te Djakarta, dan wel dere oe op eenige andere. door
len Directeur van Justitie aan te wijzen plaats. … zal A
(3) De inschrijving van een geboorte of een overlijden, als in de Taen leden bedoeld, kan geschieden op aangifte van een ieder of gates ae
(3) (Gew. 8. 49—451.) De inschrijving van een geboorte, se ape eerste lid bedoeld, kan geschieden op aangifte van een jeder 0} ER ae
- (1) De op grond van art. 1 op te maken acten van over Lal met inachtneming van het bepaalde, in de navolgende eek ae de gegevens bevatten, zene in Ee Kr le op het houden der registers van den er) ak ra
(2) De acte zal denk van Srauliden zoo nauwkeurig mogelijk aanduiden.
788 _ INSOHRIJVING GEBOORTEN. STERFGEVALLEN IN REGISTERS Bg,
- Indien dag en uur van overlijden niet vaststaan, zal de q el JS en sema kien de vermelding van het tijdstip, waarop 5 de staat, dat de persoon, van wiens overlijden de acte wordt opgemaakt overleden was. Dit tijdstip wordt zoo vroeg mogelijk gesteld. t,
- (1) Indien den ambtenaar van den burgerlijken stand niet blijkt. dat het lijk van den persoon, wien de aangifte betreft, is gezien, cad hij niet tot inschrijving over dan na daartoe gemachtigd te zijn door den rechter te Djakarta, die de gewone dagelijksche rechter is voor de kennis. neming van burgerlijke rechtsvorderingen. De Directeur van Justitie kan één of meer andere rechters aanwijzen om van bepaalde verzoeken of groepen van verzoeken kennis te nemen.
(2) Het verzoek, strekkende tot verkrijging van de in het vorige lid bedoelde machtiging, kan zoowel door den ambtenaar van den burger. liken stand als door den aangever gedaan worden. Het verzoek, hetwelk meer dan één persoon zal kunnen betreffen, wordt schriftelijk gedaan, Terzake van stukken, opgemaakt ter voldoening aan de bepalingen van dit art. zijn geen zegelrecht of leges verschuldigd.
- (1) De rechter beslist op het verzoek, bedoeld in het vorige art. na het openbaar ministerie gehoord te hebben, bij met redenen omkleede beschikking. De beschikking wordt openbaar gemaakt door de plaats van een uittreksel daarvan in het officieel nieuwsblad. oe ae
(2) De beschikking vermeldt, behoudens overeenkomstige toepassing van de leden 2 en 3 van art. 2 plaats, dag en uur van overlijden.
(3) De rechter is bevoegd, alvorens op het verzoek te beslissen, ambts- halve alle zoodanige inlichtingen in te winnen, personen op te roepen en te hooren, alsmede openbare aankondigingen en bekendmakingen te doen, als hij noo of wenschelijk oordeelt.
(4) De rechter is bevoegd om, indien hem nieuwe gegevens verstrekt worden, op een afwijzende beschikking terug te komen.
Indien de inschrijving van een overlijden krachtens rechterlijke machtiging geschiedt, vermeldt de daarvan op te maken acte de be- so) 5
(1) Registers van den burgerlijken stand, gehouden krachtens een verordening van het militaire gezag, zullen, zoodra die verordening ophoudt te gelden, worden afgesloten. Van deze registers zal een der dubbelen onder bewaring worden gesteld van den gewonen ambtenaar van den burgerlijken stand ter plaatse, waar de registers werden gehouden, terwijl het andere dier dubbelen zal worden overgebracht ter griffie van den rechter, die voor de plaats, waar de registers werden gehouden, de gewone dagelijksche rechter is voor de kennisneming van burgerlijke rechtsvorderingen.
(2) Registers, bedoeld in lid 1, gelden als gewone registers van oe Burgen Stand, en worden op gelijke wijze aangevuld en ve A e ambtenaar van den burgerlijken stand heeft met betrekking tot deZ registers gelijke bevoegdheden en plichten als met betrekking tot
gewone registers.
(3) Acten, behoorende tot de registers, bedoeld in lid 1, alsmede authentieke afsohriften van en uittreksels uit deze aoten hebben gelijke bewijskracht als acten, behoorende tot de gewone registers van ©” burgerlijken stand, en de authentieke afschriften van en uittreksels uit laatstbedoelde registers. : ; on (Ene ord. v. 13 Sept. 1945, S. 1945 No. 131, wordt ingerold, papi a Bepaald dat een geboorte of overlijden, dat tussen 7 Def. of oan ere snes hed plaats gevonden, waarvan geen aangifte was 9} schreven
a ngifte geen acte was opgemaakt op de wettelijk voor G. bane alsnog kon worden aangegeven tot op een nader door den A
n tijdstip, moetende de geboorte-aangifte geschieden ter plaatse Gil ens 1941 de moeder haar woonplaate had.) de op
- eze ord. treedt in werking met ingang van den dag, volgen
dien harer afkondiging. (Afgek. 17 Dec. 1946.)
